Jeroen de Boer
26 augustus 2025, 09:50

Hoe effectiever bosbeheer kan helpen bij het bestrijden van branden

Een Europese zomer vol bosbranden maakt duidelijk dat effectiever bosbeheer cruciaal is om risico’s beter te beheersen. Anders omgaan met bos- en landschapsbeer geldt daarbij als een belangrijke kans.

biodivers bos Een biodivers bos met loof- en naaldbomen is beter bestand tegen bosbranden. | Credits: Getty Images

De zomer van 2025 is er eentje van records, alleen niet van het soort waar je blij van wordt. Door zomerse bosbranden in onder meer Spanje, Portugal en Frankrijk is er sinds de start van het jaar tot 19 augustus in Europa al gebied van bijna 1 miljoen hectare geraakt door natuurbranden. De vraag wat er te doen valt tegen bosbranden, is daardoor actueler dan ooit.

Uit gegevens van het European Forest Fires Management System blijkt dat er dit jaar in de periode tot en met 19 augustus in totaal 967.026 hectare is geraakt door bosbranden in de Europese Unie. Hiermee is 2025 een opvallende uitschieter: gemiddeld werd er in de afgelopen decennia in de periode tot en met augustus een areaal van 224.011 hectare geraakt door bosbranden.

 

Sinds begin dit jaar zijn er in de EU al 1.784 bosbranden gesignaleerd, die naar schatting een CO2-uitstoot van ruim 38 miljoen ton hebben veroorzaakt. Dat is grofweg een derde van de jaarlijkse uitstoot van Nederland.

Bosbranden beperken: geef het vuur minder brandstof

Op basis van de Europese cijfers van 2025 kun je overigens niet concluderen dat er een steeds groter gebied door bosbranden wordt getroffen. Op wereldschaal is de afgelopen twintig jaar juist sprake van een afvlakking van de omvang van het door bosbranden getroffen gebied, blijkt uit een recente analyse van drie Amerikaanse onderzoekers. Daar staat tegenover dat de intensiteit van branden is toegenomen, met vaker extreme bosbranden die lastig te blussen zijn.

Bij bosbranden zijn drie elementen van belang: warme temperaturen, zuurstof en brandstof in de vorm van biologisch materiaal zoals hout. Alleen op de aanwezigheid van brandstof kan de mens direct invloed uitoefenen, want niet elke soort hout brandt even makkelijk.

Voor Spanje geldt bijvoorbeeld dat er op het platteland gebieden zijn die vroeger werden gecultiveerd voor de landbouw, maar die inmiddels zijn verlaten, zodat er geen specifiek beheer is van het soort vegetatie. Dat vergroot het risico op de groei van gewassen die makkelijk branden.

Daarom wordt er nu gekeken hoe dergelijke gebieden onderdeel kunnen worden van een biodiverse, circulaire economie met actief bosbeheer, zo meldt Phys.org. Dan kan er ook gelet worden op een vorm van natuurbeheer die de risico’s van uitdijende bosbranden beperkt.

Biodiversiteit: grotere rol voor loofhout en anders omgaan met naaldbomen

Ook volgens Nederlandse experts ligt hier de sleutel. Eerder deze maand gaf de Wageningse hoogleraar Guido van der Werf tegenover de Volkskrant aan dat beter landschapsbeheer cruciaal is.

Bekend is bijvoorbeeld dat naaldbossen die veel voor de houtproductie worden benut, makkelijker branden. ‘Wissel naaldbomen af met loofbomen en een brand kan zich minder snel uitbreiden’, aldus Van der Werf.

Dit hoeft volgens sommige experts overigens niet te betekenen dat je in een gebied als de Veluwe moet gaan streven naar zo min mogelijk naaldbos. Boskenner Gerrit Jan Spek zegt tegen Trouw dat er ook andere manieren zijn om het brandgevaar van naaldhout te beperken: ‘Door naaldbomen tot brandstof te verklaren, maken ze er een simplistisch verhaal van. Die bomen kun je gerust laten staan als je er klimop tegenop laat groeien. Klimop is een plant die van nature voorkomt in Nederland en die heel waardevol is voor insecten. Dan is het brandgevaar bezworen met behoud van bomen.’

Kortom, slimmer omgaan met de biodiversiteit van bossen als onderdeel van het landschapsbeheer van rurale gebieden, kan bijdragen aan het verminderen van de ernst van bosbranden.

Lees ook:

Kleur van auto's heeft invloed op hitte in steden: in Nederland wint zwart het van wit

Door klimaatverandering is er steeds meer aandacht voor hitteproblemen in steden, omdat die relatief gezien meer last kunnen krijgen van stijgende temperaturen dan rurale gebieden. Dit heeft mede te maken met het 'urban heat island'-effect, waarbij gebouwen en infrastructuur warmte sterker vasthouden. Ook het wagenpark is daarbij een factor om rekening mee te houden.Onderzoekers van de universiteit van Lissabon hebben gekeken naar de verschillen tussen het effect van zwarte en witte auto's op de omgevingstemperatuur. Bekend is dat zwart lichtstraling in hoge mate absorbeert en ook relatief veel warmte uitstraalt.Uit het Portugese onderzoek bleek dat auto's van verschillende kleuren die buiten geparkeerd stonden en meer dan vijf uur blootgesteld waren aan daglicht, grote verschillen lieten zien wat betreft het temperatuureffect, zo bericht New Scientist.Zwarte auto's zorgden voor een stijging van de nabije omgevingstemperatuur met gemiddeld 3,8 graden Celsius, bij metingen op zonnige dagen met dagtemperaturen van 36 graden Celsius in Portugal. Het effect van witte auto's op de nabije omgevingstemperatuur was veel kleiner. Populaire autokleuren: zwart boven wit in Nederland In dit kader is het interessant om te kijken naar trends in de kleursamenstelling van wagenparken. Databureau Jato voor de auto-industrie signaleerde deze maand dat in grote Europese markten zoals Duitsland, Frankrijk, het VK, Italië, Spanje de meeste nieuwe auto's wordt verkocht in de kleuren grijs (ruim 27 procent), wit (22 procent) en zwart (18 procent). Kleuren als blauw (12 procent) en rood (7,4 procent) zijn minder populair.Nederland volgt dit patroon deels, met eveneens grijs als populairste kleur, maar ons land wijkt enigszins af wat betreft de populariteit van zwart en wit.Cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) met een vergelijking tussen de kleursamenstelling van het Nederlandse wagenpark tussen 2000 en 2022 laten een veel sterkere opmars zien van de populariteit van zwart, vergeleken met wit.!function(){"use strict";window.addEventListener("message",function(a){if(void 0!==a.data["datawrapper-height"]){var e=document.querySelectorAll("iframe");for(var t in a.data["datawrapper-height"])for(var r,i=0;r=e[i];i++)if(r.contentWindow===a.source){var d=a.data["datawrapper-height"][t]+"px";r.style.height=d}}})}();!function(){"use strict";window.addEventListener("message",function(a){if(void 0!==a.data["datawrapper-height"]){var e=document.querySelectorAll("iframe");for(var t in a.data["datawrapper-height"])for(var r,i=0;r=e[i];i++)if(r.contentWindow===a.source){var d=a.data["datawrapper-height"][t]+"px";r.style.height=d}}})}();Zwart stond in 2022 met ruim 2,1 miljoen auto's op de tweede plaats, achter grijs, de onbetwiste nummer één. Wit bezette de vierde plek met net geen 1,2 miljoen auto's, achter blauw dat in Nederland de derde plaats inneemt.Vergelijk je dat met begin deze eeuw dan waren respectievelijk wit en zwart destijds terug te vinden op plaats vijf en zes. Zowel in absolute aantallen als relatief heeft zwart als autokleur in Nederland de afgelopen twee decennia een sterkere opmars gemaakt dan wit.Hoe dit alles uitpakt voor het effect van autokleuren op de warmte in Nederlandse steden, is lastig te zeggen. Dat hangt onder meer af van de variatie binnen het toonaangevende grijze spectrum, van donker tot licht. Verder is in stadscentra waarschijnlijk ook het parkeerbeleid van belang (autoluwe binnensteden, aanwezigheid van parkeergarages). Maar wie weet wordt de kleur van auto's op den duur een factor waar gemeenten op gaan letten bij lokaal klimaatbeleid. Lees ook:Zo ziet de stad van de toekomst eruit: 'Er zijn geen argumenten tégen meer groen' Hoe duurzame, drijvende woningen de woningnood in Nederland kunnen oplossen Opmerkelijk: 'Zwetende verf' bespaart energie voor koeling gebouwen