Redacteur Maaike
Maaike Kooijman
12 januari 2026, 15:00

Het AI-dilemma: Met groene stroom en een nuttig doel voor restwarmte worden datacenters duurzamer

Dankzij AI draaien datacenters wereldwijd overuren. Nieuwe datacenters worden in rap tempo bijgebouwd. En die hoeven niet vervuilend te zijn. Deze maatregelen zorgen voor duurzame datacenters.

Datacenter AI energie efficiëntie gebruik | Credits: Getty Images

Kunstmatige intelligentie vroeg in 2025 zo’n 23 gigawatt aan vermogen, wat in de buurt komt van de stroomvoorziening van een land als Groot-Brittannië. Dat is veel. Maar hoe erg is het?

Daarvoor maakt het natuurlijk nogal uit of je energie put uit hernieuwbare bronnen, zoals zon en wind, of uit fossiele brandstoffen.

Het goede nieuws: vrijwel alle datacenters in Nederland hebben contracten voor groene stroom, blijkt uit onderzoek van de Dutch Data Centre Association (DDA). Dat betekent niet dat ze dag en nacht groene stroom (kunnen) gebruiken. Toch zegt 81 procent van de datacenters te verwachten in 2030 volledig op hernieuwbare elektriciteit te draaien.

Het AI-dilemma: een vloek of zegen voor het klimaat?

In deze artikelenreeks onderzoekt Change Inc. de invloed van AI op milieu en klimaat, zowel positief als negatief. We proberen een antwoord te vinden op de vraag: is AI een vloek of een zegen voor de duurzaamheidstransitie?

Eerder verschenen in deze reeks:

Dat klinkt positief, maar AI maakt de druk op de energietransitie daarmee nog hoger. ‘Het energieverbruik an sich is niet de grootste uitdaging’, stelt Andrew van der Haar, adviseur energie & duurzaamheid bij DDA. Als voormalig datacenter-eigenaar weet hij: ‘De vraag is vooral of we genoeg groene energie naar datacenters kunnen transporteren.’

Als er te weinig wind of zon is, óf als er congestieproblemen zijn, gaan nu bijvoorbeeld de noodstroomaggregaten van datacenters aan. Die werken meestal op gas of diesel. Om hernieuwbare energie ook op momenten zonder zon en wind te gebruiken, is een goede batterij-infrastructuur onmisbaar.

Datacenters op kernenergie

Een andere bron van stroom is kernenergie. Rolls-Royce is al bezig met de bouw van kleine modulaire kernreactoren (SMR’s) voor AI-datacenters in onder meer Groot-Brittannië en Tsjechië. ULC-Energy, een in Amsterdam gevestigde ontwikkelaar van kernenergieprojecten, wil deze SMR’s ook gebruiken voor Nederlandse datacenters.

Hoewel bij de opwekking van kernenergie geen CO2 vrijkomt, zijn er wel zorgen over het radioactieve afval dat overblijft. Bovendien is de grondstof voor kernenergie, uranium, niet onuitputtelijk.

Goed om te weten is dat vrijwel alle datacenters in Nederland een energiebesparingsplicht hebben. Dat houdt in dat ze alle energiebesparende maatregelen met een terugverdientijd van vijf jaar of minder moeten uitvoeren en daarover moeten rapporteren. Ook moeten Europese datacenters elk jaar rapporteren over hun energie-efficiëntie.

Energieverbruik binnen en buiten Nederland

Maar met groene energie in Nederland is de kous nog niet af. Omdat er veel energie in het trainen van taalmodellen gaat zitten, is een belangrijke vraag waar dat gebeurt – en met welke energie. Nederland doet het misschien goed, maar de Verenigde Staten zijn marktleider als het gaat om nieuwe AI-modellen. Daar zijn datacenters vaak aangesloten op stroomnetten die veel gebruikmaken van fossiele energie.

Het trainen van GPT3 in de VS veroorzaakte zo maar liefst 502 ton CO2-uitstoot, gelijk aan ruim 4.000 retourtjes Amsterdam-Londen met het vliegtuig. En Google stootte in 2024 51 procent meer broeikasgassen uit dan in 2019, vooral door het bijbouwen en gebruiken van datacenters. In 2024 leek van het uitstootniveau van Googles datacenters overigens wel te stabiliseren, mede door het gebruik van hernieuwbare energie.

Energieverbruik en CO2-uitstoot datacenters Google

Onder meer door groene energie steeg de CO2-uitstoot van Googles datacenters in 2024 niet mee met het energieverbruik. | Credits: Google 2025 Environmental Report

Bedrijven als OpenAI, Microsoft, en Meta en Alphabet investeren honderden miljarden dollars in enorme datacenters in de VS. Daarvoor wordt niet alleen de sluiting van fossiele energiecentrales uitgesteld; in sommige gevallen worden er zelfs gascentrales bijgebouwd. In Pennsylvania wordt gewerkt aan de grootste gascentrale voor het land om datacenters van stroom te voorzien.

Zodra het model is getraind, kan het naar Europa worden gestuurd, waar gebruikers er lokaal op kunnen werken. In Nederland betekent dat: grotendeels op groene energie. Maar ook Europese landen als Polen en Duitsland overwegen inmiddels het verbranden van steenkool voor energie voor AI.

Koelen met een gesloten watersysteem

Er zijn niet alleen zorgen rondom het energieverbruik van AI, maar ook rondom het water dat datacenters gebruiken om servers te koelen. AI zou evenveel water verbruiken als alle mensen wereldwijd uit flessen drinken.

Ook veel Nederlandse datacenters gebruiken op warme dagen drinkwater om de lucht – en daarmee apparatuur – te koelen. Dat water verdampt en gaat daarmee in principe ‘verloren’. Maar het kan ook anders, vertelt Cara Mascini, chief sustainability officer bij Switch Datacenters. Ze is ervan overtuigd dat AI duurzaam kan, onder meer door in datacenters gebruik te maken van een gesloten watersysteem. Dat is vergelijkbaar met het koelsysteem van een auto.

‘Als we een datacenter bouwen, leggen we een buizensysteem onder de vloer dat eenmalig wordt gevuld met water en slechts af en toe bijgevuld moet worden’, legt Mascini uit. ‘Koud water uit grote watertanks wordt opgesplitst naar kleine buisjes die over de servers heen lopen. Het water vangt de warmte op.’ De warmte kan vervolgens uit dat water worden teruggewonnen en als restwarmte worden gebruikt; daarover later meer.

Regenwater en immersiekoeling

Zo’n gesloten systeem is wel een hele investering voor datacenters die nu gebruikmaken van een ander systeem, zegt Van der Haar. In dat geval zijn er ook andere manieren om water te besparen. ‘De hyperschaler in Middenmeer vangt bijvoorbeeld regenwater op zijn daken op. Dat hergebruiken ze voor het koelen van de datacenters van Microsoft.’ Om de filters niet te verstoppen moet dat regenwater wel eerst behandeld worden.

Een andere optie is immersiekoeling. Daarbij worden servers ondergedompeld in een bad met niet-geleidende koelvloeistof. Van der Haar legt uit: ‘De warmte wordt met de vloeistof afgevoerd. Ook daar kan de warmte goed worden afgevangen. Immersiekoeling bespaart niet alleen water, maar ook veel energie ten opzichte van bijvoorbeeld luchtkoeling.’ Het is een ‘veelbelovende techniek’, aldus Van der Haar, al wordt er nog niet zo veel gebruik van gemaakt.

Datacenters die dicht bij zee staan, kunnen ook koelen met zout water, zoals Google al doet in een datacenter in Finland. Dat water moet dan wel eerst ontzilt worden. Bijkomend voordeel: datacenters aan de kust kunnen gemakkelijker gebruikmaken van energie uit wind op zee.

Restwarmte van datacenters hergebruiken

Als het over datacenters gaat, gaat het ook vaak over ‘restwarmte’. De warmte die servers produceren kan worden afgevangen en worden gebruikt om bijvoorbeeld omliggende gebouwen te verwarmen. Om restwarmte efficiënt te gebruiken, moeten datacenters wel dicht in de buurt van woonwijken of bedrijventerreinen staan.

In Duitsland is het voor datacenters al verplicht om warmte af te vangen en aan de omgeving te leveren. In Nederland investeert meer dan de helft van de datacenters actief in deze ontwikkeling. ‘Het teruggeven van restwarmte is iets waar we sterk op inzetten’, zegt ook Cara Mascini van Switch Datacenters.

Samen met de gemeente Diemen doet Switch bijvoorbeeld onderzoek naar het opzetten van een lokaal warmtenet met restwarmte van het datacenter. In zo’n geval komt er een warmtewisselaar tussen het gesloten watersysteem van het datacenter en het gesloten warmtenet. De hoeveelheid warmte van het datacenter is voldoende om de hele wijk Diemen Zuid, en mogelijk ook het bedrijventerrein in de buurt van warmte te voorzien.

Diemen hoopt het warmtenet in 2027 gerealiseerd te hebben. Mascini: ‘Dan kunnen we daadwerkelijk zeggen: als je thuis je AI Agent gebruikt, ben je misschien wel je eigen huis aan het verwarmen.’ Van der Haar: ‘We zouden met de huidige datacenters in Nederland al één miljoen huishoudens kunnen voorzien van warmte.’

Laagwaardige warmte gebruiken

Dat klinkt gemakkelijker dan het is. De warmte uit datacenters valt in de categorie ‘laagwaardige warmte’. Het water dat Switch uit zijn datacenter in Diemen kan winnen, is bijvoorbeeld tussen de 30 en 35 graden Celsius. ‘Dat is nog niet de temperatuur die je nodig hebt om gebouwen of bijvoorbeeld een zwembad mee te verwarmen’, aldus Mascini. ‘Maar het is al een grote stap vooruit ten opzichte van de gemiddelde temperatuur van het water in Nederland. Dat betekent dat je een veel kleinere warmtepomp nodig hebt om het water op te waarderen.’

AI is hiervoor bovendien een interessante. Omdat AI energie-intensief is, produceren de servers ook meer warmte. Dat betekent dat ze lastiger te koelen zijn, maar maakt ze ook gemakkelijker te gebruiken voor restwarmte.

Mascini: ‘Als je heel veel klanten hebt die voornamelijk AI gebruiken, gaat de temperatuur van het water al snel richting de 55 tot 60 graden Celsius. Dat zit heel dicht bij wat er nodig is voor warmtenetten (voor warm kraanwater moet een warmtenet boven de 60 graden zijn, tenzij elk huis een warmtepomp heeft, red.). Toch moet er altijd een stap zitten tussen het datacenter en het warmtenet, om de temperatuur consistent te houden.’

Veel bedrijven willen liefst inzetten op zowel AI als duurzaamheid. Hoe doen ze dat? In het laatste artikel van deze reeks spreken we bedrijven over hun overwegingen en ervaringen.

Dit artikel is tot stand gekomen zonder gebruik van AI.

Lees ook:

Duurzame daadkracht verankeren in het hart van je onderneming: dit doen bedrijven in 7 sectoren al

De Duurzame Daadkracht-scans van We are Robin zijn via Change Inc. al door meer dan honderd bedrijven ingevuld. Dat leverde een aantal opvallende inzichten op.Er is een duidelijke beweging zichtbaar: organisaties zijn volop bezig hun duurzaamheidsambities om te zetten in concreet beleid, gedrag en resultaten. Duurzame daadkracht staat voor het vermogen om visie, eigenaarschap en leervermogen te verbinden, zodat duurzaamheid niet blijft hangen in plannen, maar onderdeel wordt van het dagelijks werk. Kortom: het gaat niet om wat je wílt bereiken, maar om hoe je het élke dag waarmaakt. De vijf pijlers van Duurzame Daadkracht De gratis quickscan van trainingsbureau We are Robin is gebaseerd op vijf pijlers die de Duurzame Daadkracht van een organisatie bepalen: 1. Eigenaarschap in de lijn Duurzaamheid hoort niet op een eiland, maar in de reguliere operatie. Leidinggevenden nemen verantwoordelijkheid voor duurzaamheidsdoelen. Teams hebben duidelijk mandaat en accountability ligt in de business, niet alleen bij de sustainability manager. Dit vormt de ruggengraat voor echte voortgang. 2. Concreet gedrag op de werkvloer Ambities tellen pas als ze zichtbaar zijn in dagelijks handelen: van duurzame keuzes in projecten tot bewuster gedrag van medewerkers. Organisaties met duurzame daadkracht laten gedrag zien dat de strategie ondersteunt, niet slechts intenties op papier. 3. Effectieve sustainability & Green Teams Deze teams zijn aanjagers die business en duurzaamheid verbinden. Ze brengen richting, energie en praktische toepasbaarheid. Wanneer ze goed gepositioneerd zijn, ontstaat organisatiebrede versnelling. 4. Integratie in besluitvorming & processen Duurzaamheid wordt standaard meegewogen in investeringen, inkoop, productontwikkeling, HR, leiderschap en operationele planning. Pas dan verschuift duurzaamheid van project naar professionaliteit. 5. Cyclus van continu leren & verbeteren Organisaties die meten, reflecteren, experimenteren en bijsturen, bouwen aan een vliegwiel van verduurzaming. Fouten worden brandstof; elke cyclus versterkt het vermogen om duurzaam te handelen.Hoe de pijlers van Duurzame Daadkracht zichtbaar worden in sectorenUit de eerste resultaten blijkt dat in veel organisaties de sustainability manager en Green Teams goed zijn aangesloten op de business. Pilots draaien volop; er wordt geëxperimenteerd, geleerd en fouten maken mag. Maar er is ook een duidelijke blinde vlek: rollen, ondersteuning en eigenaarschap zijn vaak slecht belegd. Training, coaching en begeleiding blijven achter, terwijl de kansen om te versnellen letterlijk voor het oprapen liggen.De mate waarin de pijlers van Duurzame Daadkracht zijn geïntegreerd, blijken per sector te verschillen. Dat hebben we hieronder voor 7 sectoren weergegeven, verdeeld in drie niveaus:1. Bouw & Infra: actie op alle vijf pijlersHet meest in het oog springt de Bouw & Infra-sector. Deze sector scoort op alle vijf pijlers van Duurzame Daadkracht boven het gemiddelde. Dat betekent: heldere governance, duidelijke rollen, ingebedde besluitvorming én een cultuur waarin leren en ontwikkelen de norm is.Verbetering is mogelijk, vooral in betere ketensamenwerking, maar de basis is robuust en breed gedragen. De sector stuurt aantoonbaar op alle vijf aspecten van duurzame daadkracht.2. Finance, Agrifood, Advies: strategisch sterk, maar onderontwikkeld in skillsIn deze verschillende sectoren is duurzaamheid stevig verankerd in besluitvorming.• In Finance als risicofactor • In Agrifood als compliance- en ketenvraagstuk • In de Adviessector businesspropositie.Wat nog ontbreekt, is voldoende investering in mensen: training, praktische kennis, leiderschap en samenwerking bij complexe dilemma’s. Hierdoor voelen afdelingen zoals inkoop en sales regelmatig spanning tussen impact en euro’s, zonder voldoende steun of kaders.3. Publieke Overheid, Retail/Horeca, Maakindustrie: motivatie hoog, borging laagHier komt duurzame energie vooral van onderop: gemotiveerde professionals en actieve Green Teams. Maar de formele borging blijft achter. De business-as-usual verandert nauwelijks mee, wat leidt tot frustratie en uitputting bij sustainability professionals. Wat nog nodig is: versterking van verandermanagement, leiderschap en governance. Doe mee: versterk de inzichten en versnel de transitie We Are Robin verzamelt de komende periode meer scans via www.duurzamedaadkracht.nl om sectorpatronen verder te verfijnen, vooral in agrifood, bouw & infra, retail en maakindustrie. Elke extra scan scherpt het inzicht in waar organisaties duurzame daadkracht wél en níet weten te verzilveren.Gebruik de gratis scanBinnen enkele minuten heb je een helder beeld van waar jouw organisatie staat en waar je direct kunt versnellen. Een praktische basis voor gesprek, richting en resultaat.Vul de scan in duurzamedaadkracht.nl. Dit artikel is gemaakt door in samenwerking met onze partner We Are Robin. Change Inc. werkt met partners die de klimaattransitie aanjagen. Zij kunnen cases presenteren waar anderen zich aan kunnen optrekken en zijn eerlijk over de uitdagingen. Niet één bedrijf is al 100 procent duurzaam, maar veel zijn onderweg. Dankzij ons partnermodel zijn onze artikelen gratis toegankelijk voor iedereen. Benieuwd naar hoe wij werken? Klik hier.