Tien jaar na het afsluiten van de Klimaatakkoorden van Parijs is de oogst van de klimaattop COP30 in Brazilië vrij mager. Het doel om de opwarming van de aarde beperkt te houden tot 1,5 graden Celsius is uit zicht, terwijl de Verenigde Staten zich onder president Donald Trump vrijwel helemaal hebben teruggetrokken uit de internationale klimaatdiplomatie.
Toch zijn er op een aantal vlakken wel stapjes vooruit gezet, al is de kloof tussen ambities en concrete invulling van beleid nog altijd groot. Change Inc. benoemt vier belangrijke thema’s waarover beslissingen zijn genomen tijdens en rond COP30. Plus: drie cruciale onderwerpen waarbij internationale verdeeldheid vooruitgang afremt.
Wat wel werd besloten tijdens COP30
#1 Financiering van klimaatadaptatie in arme landen
Tijdens de klimaatconferentie van 2021 in Glasgow zijn landen overeengekomen dat rijke landen financiering moeten regelen voor arme landen om beter om te kunnen gaan met de gevolgen van de temperatuurstijging op aarde. In 2025 zou het jaarlijkse bedrag voor klimaatadaptatie op 40 miljard dollar moeten liggen.
Uit een eerder dit jaar verschenen VN-rapport bleek dat er in 2023 nog maar 26 miljard dollar was opgebracht door rijkere landen, terwijl er inmiddels een noodzaak zou zijn om de financiering voor klimaatadaptatie op te schroeven naar 310 miljard dollar in 2035.
Tijdens COP30 hebben opkomende economieën een stevige lobby gevoerd om de ambitie voor de financiering van klimaatadaptatie door rijke landen op te schroeven. In de uiteindelijke slottekst van COP30 heeft dat geleid tot een voorzichtig compromis.
Afgesproken is dat er wordt ingezet op een verdrievoudiging van de financiering voor klimaatadaptatie in 2035, vergeleken met het basisjaar 2025. Het beoogde financieringsniveau van het basisjaar (oorspronkelijk 40 miljard dollar) is echter niet benoemd. In theorie komt de nieuwe ambitie uit op 120 miljard dollar aan financiering in 2035, maar er lijkt dus speelruimte om een beetje te schuiven met het startpunt van de verdriedubbeling.
Een andere subtiliteit betreft de herkomst van de financiering. Eerder is gesuggereerd dat geld voor klimaatadaptatie uit de overheidsbudgetten van rijke landen moet komen. In de eindtekst van COP30 is ook dat niet expliciet bevestigd. Landen kunnen dus ook naar private investeringen kijken voor het halen van de beoogde bedragen.
#2 Brede financiering van klimaatmaatregelen in landen met opkomende economieën
Tijdens de klimaattop van 2024 in Baku is voor bredere financiering van klimaatmaatregelen een bedrag van 1.300 miljard dollar genoemd als streefcijfer voor 2035. Dat zou een mix van publieke en private financiering moeten zijn.
Concreet is in 2024 afgesproken om tot 2035 naar ten minste 300 miljard dollar te komen voor klimaatactie in arme landen. Daarvoor mag gekeken worden naar nationale budgetten voor klimaatfinanciering van rijke landen, multilaterale leningen van ontwikkelingsbanken en andere, deels private financieringsbronnen. Naar schatting kan hiermee vrij eenvoudig zo’n 200 miljard dollar worden afgedekt, waarmee de additionele financieringsopgave nog maar zo’n 100 miljard dollar omvat.
Het doel van 300 miljard dollar aan financiering voor klimaatactie in landen met opkomende economieën is tijdens COP30 niet aangepast. Over de meer uitdagende ambitie van 1.300 miljard dollar financiering is de slottekst van COP30 nogal vrijblijvend. Er wordt een oproep gedaan aan rijke landen om hun inspanningen op te voeren, zonder verdere concrete invulling.
#3 Internationaal fonds tegen ontbossing
Voorafgaand aan COP30 had Brazilië al een succesje geboekt met de aankondiging van een internationaal fonds tegen ontbossing, de Tropical Forest Forever Facility (TFFF). Dit fonds heeft een beoogd budget van 125 miljard dollar voor bosbehoud. Dat geld moet uit een combinatie van publieke en private middelen bestaan.
Het doel is 25 miljard dollar op te halen bij landen en filantropische instellingen en 100 miljard aan te trekken via obligatieleningen van beleggers. Sinds de aankondiging van het bossenfonds begin november zegden Noorwegen, Brazilië, Portugal, Frankrijk, Nederland en Duitsland bij elkaar 6,6 miljard dollar toe.
#4 Klimaatbeleid en handelsbarrières: één keer per jaar overleg
Tijdens de klimaatconferentie in Brazilië kreeg de EU het zwaar te verduren over de invoering van een grensbelasting voor producten met een veel hogere CO2-voetafdruk dan duurzamere varianten die binnen de EU worden geproduceerd. De Europese Unie wil hiermee Europese industriële producenten beschermen tegen dumping van goedkope CO2-intensieve import.
Onder druk van landen als India en China is tijdens COP30 afgesproken dat er een jaarlijkse dialoog komt, waarbij onder meer wordt gesproken over klimaatbeleid dat zorgt voor beperking van de internationale handel.

Protest bij COP30 in Belém tegen oliewinning. | Credits: Getty Images
3 hete hangijzers die niet zijn aangepakt
#1 Opwarming van de aarde beperken tot maximaal 1,5 °C
Rond COP30 verschenen diverse rapporten over de laatste stand van zaken rondom de mondiale uitstoot van broeikasgassen en de implicaties daarvan voor de opwarming van de aarde. In Parijs werd afgesproken de temperatuurstijging op aarde te beperken tot 1,5 of 2 graden Celsius.
De onderstaande grafiek laat de recente ontwikkeling van de mondiale uitstoot van het belangrijkste broeikasgas CO2 zien, plus schattingen voor het budget om binnen 1,5 graad en 2 graden opwarming te blijven.
Je ziet dat de jaarlijkse uitstoot van CO2 recent vrij stabiel is gebleven, op iets meer dan 40 miljard ton. Voor de prognoses van restantbudgetten is van belang dat die zijn verbonden aan kansberekeningen. Een hoger restantbudget gaat gepaard met een lagere kans dat de beoogde beperking van de temperatuurstijging op aarde wordt gehaald, en omgekeerd.
In de grafiek wordt gerekend met budgetten die gekoppeld zijn aan een kans van 67 procent voor het halen van het bijbehorende opwarmingscenario. Om binnen de 1,5 graad opwarming te blijven resteert er dan vanaf 2025 nog 80 miljard ton CO2-uitstoot. Met het huidige jaarlijkse uitstootniveau ben je daar in 2027 doorheen. Zet je de slagingskans op 50 procent, dan wordt het restantbudget voor het 1,5 graad-scenario iets ruimer: 130 miljard ton CO2. Dat is met de huidige jaarlijkse uitstoot alsnog in iets meer dan drie jaar verbruikt.
In de slottekst van COP30 staat niet dat het scenario van maximaal 1,5 graad opwarming zeer onrealistisch is geworden. Wel is voor het eerst een passage opgenomen die erkent dat er een risico is dat de gemiddelde temperatuur op aarde voor langere tijd boven de 1,5 graad Celsius kan uitkomen.
De slotverklaring doet een oproep om een eventuele ‘overshoot‘ zo beperkt mogelijk te houden. In het verlengde daarvan volgt de aansporing dat landen hun nationale bijdragen (nationally determined contributions of NDC’s) zo moeten opstellen of aanpassen dat het doel van maximaal 1,5 graad opwarming binnen bereik blijft.
#2 Nationale bijdragen voor behalen klimaatdoelen van Parijs
Landen die zich hebben gecommitteerd aan de Klimaatakkoorden van Parijs, is dit jaar gevraagd om hun nationale klimaatdoelen te actualiseren. 113 landen deden dat ook. Uit een VN-rapport van 10 november blijkt dat de totale mondiale emissies van broeikasgassen tot 2035 kunnen dalen met 12 procent als landen aangekondigd beleid ook uitvoeren.
Die daling blijft ver achter bij de benodigde vermindering om binnen de 1,5 graad opwarming te blijven. Dan moet de uitstoot van broeikasgassen met 60 procent omlaag ten opzichte van het jaar 2019.
#3 Fossiele brandstoffen: de olifant in de kamer
Doorslaggevend voor elke poging om de uitstoot van broeikasgassen omlaag te brengen is een sterke vermindering van het gebruik van fossiele brandstoffen. Het verbranden van kolen, gas en olie is goed voor een CO2-uitstoot van zo’n 38 miljard ton per jaar. Dat is veruit het grootste deel van de totale uitstoot van broeikasgassen.
Tijdens COP30 hebben flink wat landen een poging gedaan om een routekaart voor de afbouw van het gebruik van fossiele brandstoffen op de agenda te krijgen. Dat is onder druk van de fossiele lobby (denk aan landen als oliegrootmacht Saudi-Arabië) buiten de officiële slotverklaring gehouden.
De troostprijs is hier dat Colombia en Nederland bij de afsluiting van COP30 het voortouw hebben genomen voor het organiseren van een aparte conferentie. Daar wil een groep welwillende landen toch serieus werk maken van het begin van het einde van het fossiele tijdperk.




