Palle Vermaas 13 januari 2026, 11:00

Van 'restjesrek' tot AI-buffet: deze oplossingen pakken voedselverspilling in de horeca aan

De Sustainable Development Goals van de Verenigde Naties zijn ambitieus, ook als het om voedselverspilling gaat. Daarvoor moet onder meer de horeca nog flink aan de bak, ziet horecadeskundige Palle Vermaas. Hij schetst vier oplossingen om verspilling in de sector tegen te gaan.

GettyImages-2243810989 (1) Buffetten zijn één van de grootste verspillers in hotels en op evenementen. | Credits: Getty Images

Er is net een groot evenement afgelopen. In de keuken staan meer dan honderd complete gerechten klaar om weggegooid te worden, simpelweg omdat ze niet zijn uitgeserveerd. ‘Altijd rekening houden met tien procent no-show’, zegt een collega alsof het vanzelfsprekend is.

Dagelijks zie ik hoeveel goed eten moeiteloos in de prullenbak belandt in de horeca. Wat eerst voelde als een lokaal probleem, bleek voor mij het begin van een groter inzicht: deze verspilling is geen uitzondering, maar ingebakken in het systeem.

Voedselverspilling in Nederland

In Nederland verspillen we 2,2 miljard kilo voedsel per jaar. Dat ontstaat al veel eerder in de keten dan veel mensen denken. In Europa gaat bijvoorbeeld ongeveer 29 procent van alle geproduceerde voeding verloren tijdens teelt en verwerking.

Dat verlies komt door cosmetische afkeuring, overproductie en voorspellingsfouten, maar ook door snij- en verwerkingsverliezen in fabrieken. Deze verspilling blijft grotendeels onzichtbaar omdat het zich afspeelt in pakhuizen en sorteercentra, ver buiten het zicht van de consument.

Toch gaat het ook bij huishoudens mis. In Nederlandse huishoudens verdwijnt jaarlijks 33,4 kilo eetbaar voedsel per persoon in de prullenbak, ter waarde van ongeveer 138 euro. Hoewel bewustwording is toegenomen, stagneert de daling al jaren. Twijfel over houdbaarheid, impulsaankopen en te grote verpakkingen blijven hardnekkige oorzaken.

In Nederland verspillen we 2,2 miljard kilo voedsel per jaar. Dat is niet alleen zonde – er hadden immers monden mee gevuld kunnen worden – maar heeft ook een significante milieu-impact. Eén derde van de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen komt voort uit voedselsystemen. Bovendien worden veel land en water gebruikt voor de productie. Wordt dat voedsel niet geconsumeerd, dan zijn uitstoot en verbruik in feite nutteloos.

De stille verspilling in de horeca

Tussen 2015 en 2030 willen we de voedselverspilling halveren, luidt Sustainable Development Goal 12.3. Daarvoor moet verspilling in elke fase van de keten worden aangepast. Oók in de horeca. In 2023 ging in Nederland 55,4 miljoen kilo voedsel verloren, goed voor 647 miljoen euro aan waarde.

Uit mijn eigen werkervaring herken ik de oorzaken meteen. Keukens moeten continu anticiperen op onzekere gastenaantallen en werken onder strikte voedselveiligheidsregels, waardoor hergebruik nauwelijks mogelijk is. Buffetten worden standaard te ruim aangevuld om teleurgestelde gasten te voorkomen, en bij grote menuvoorbereidingen wordt vaak meer ingekocht en bereid dan uiteindelijk wordt uitgeserveerd.

Oplossingen die werken (en al bewezen zijn)

Omdat bewustwordingscampagnes nauwelijks nog tot extra daling leiden, verschuift de aandacht steeds meer naar oplossingen die het systeem veranderen in plaats van het gedrag. Kijk naar supermarkten, die hun verspilling met 35 procent lieten dalen sinds 2018. Dankzij digitale voorraadsystemen, efficiënter schapbeheer en dynamische prijsmechanismen is de verspilling daar gedaald tot 0,89 procent van het inkoopvolume.

Daar kan ook de horeca van leren. Dit zijn vier oplossingen die in binnen- en buitenland laten zien dat ze voedselverspilling echt kunnen terugdringen.

1. Het Restjesrek: verspilling verminderen zonder extra handelingen voor personeel

In de horeca ontstaat verspilling vaak simpelweg omdat er geen tijd is om iets te doen met overschotten. Een ‘Restjesrek’ speelt daarop in. Dat is een gekoelde kast waarin medewerkers aan het einde van de dag overgebleven producten kunnen neerzetten. Die worden vervolgens zichtbaar voor buurtbewoners via een app of zijn vrij toegankelijk voor mensen in de omgeving. Een Restjesrek is de voor horeca ontworpen variant van een zogenoemde community fridge, een publiek toegankelijke koelkast waarin voedsel wordt gedeeld of herverdeeld.

Tijdens Community Fridge Pilot Project werd in Canada in korte tijd meer dan duizend kilo voedsel herverdeeld dat anders verloren was gegaan. Het systeem kon eenvoudig worden geïntegreerd in het bestaande werkproces, zonder extra handelingen voor personeel.

2. Smart Buffet AI: technologie die eindelijk grip geeft op buffetten

Buffetten zijn één van de grootste verspillers in hotels en op evenementen. Keukens vullen liever te veel bij dan te weinig, uit angst om gasten teleur te stellen. AI-systemen als Winnow, die realtime volgen hoeveel gasten opscheppen, doorbreken dit patroon.

Hotelketens als Accor, Hilton Scandinavië en Radisson Blu testten deze technologie op tientallen locaties. Bij het Marriott Hotel in Londen werd in zes maanden liefst 67 procent minder voedsel verspild dankzij het gebruik van Winnow.

Deze technologie stuurt niet alleen bij op voorspellingen, maar geeft de keuken ook direct meldingen om kleinere porties te bereiden of te stoppen met aanvullen. Zo wordt verspilling verminderd zonder dat de gastbeleving eronder lijdt.

3. De Mismatch Market: waarde geven aan producten die buiten het standaardplaatje vallen

In het openbare debat gaat weinig aandacht uit naar de enorme stroom producten die wordt afgekeurd om esthetische redenen. Een tomaat kan perfect smaken en toch worden vernietigd omdat hij te klein is voor een retailverpakking. Internationale initiatieven laten zien dat een digitale marktplaats dit probleem kan doorbreken.

Platforms als Oddbox (VK) en Imperfect Foods (VS) redden gezamenlijk meer dan 80.000 ton voedsel per jaar door imperfecte producten rechtstreeks te verkopen aan consumenten en horeca. Ook in Nederland experimenteren telers steeds vaker met vergelijkbare B2B-modellen waarin ‘buitencategorie’-groenten direct aan restaurants worden aangeboden.

Telers reduceren hun verspilling zo met 10 tot 25 procent, terwijl restaurants tegen lagere kosten kunnen inkopen. Het model werkt omdat horeca veel minder strenge esthetische eisen heeft dan supermarkten: een logische mismatch die jarenlang onbenut bleef.

4. Slimme THT-labels: twijfel wegnemen met kleuren

Zowel bij consumenten als in de horeca zorgt twijfel over de staat van een product voor voedselverspilling. Tijd-temperatuurindicatoren (TTI’s), houdbaarheidsstickers die verkleuren op basis van temperatuur en tijd, helpen die twijfel weg te nemen door visueel te laten zien hoelang een product nog veilig en kwalitatief is.

In Scandinavië worden deze slimme labels al op grote schaal gebruikt, onder andere via Keep-it Technologies. Uit casestudies blijkt dat producten met een tijd-temperatuurindicator tot 20 procent minder vaak onnodig worden weggegooid, vooral in het geval van verse vis en zuivel.

Voedselverspilling bestrijden vraagt geen bewustwording, maar ontwerp

Wat alle succesvolle initiatieven duidelijk maken, is dat voedselverspilling het gevolg is van systemen die het verkeerde gedrag logisch maken. Pas wanneer de omgeving zó wordt ingericht dat verspilling onhandig, onnodig of financieel onaantrekkelijk wordt, ontstaan blijvende resultaten.

Als Nederland de doelstelling van 50 procent reductie in 2030 serieus wil benaderen, moet de focus verschuiven van bewustwording naar slimme, schaalbare systeeminnovaties. De technologie bestaat, nu de implementatie nog.

Palle Vermaas studeert Leisure & event management aan Hogeschool Inholland. De afgelopen tien jaar heeft hij in verschillende horecagelegenheden in Amsterdam gewerkt, onder andere als (bar)manager.

 Lees ook:

Nieuwsupdate: Uitkoopregeling boeren had drie keer meer stikstof kunnen schelen en grootste walstroomproject in Rotterdam

Uitkoopregeling boeren had 3 keer meer stikstofreductie kunnen opleveren De uitkoopregeling voor piekbelastersonder de boeren had drie keer meer stikstofreductie kunnen opleveren en 1,5 miljard euro goedkoper kunnen zijn. Dat blijkt uit onderzoek van Omroep Gelderland, NRC en Follow the Money.Het ministerie gaf 1,8 miljard euro uit om 723 bedrijven uit te kopen, goed voor 8 procent stikstofreductie. Met een gerichtere aanpak had dezelfde winst voor 330 miljoen euro behaald kunnen worden, door alleen de grootste piekbelasters uit te kopen. Het vasthouden aan vrijwilligheid maakte de regeling duur en weinig effectief.Lees ook: Jan Willem Erisman doet al veertig jaar onderzoek naar stikstof, 'en nog heb ik het huidige probleem niet opgelost’ Rotterdam bouwt grootste walstroomproject ter wereld Op de Rotterdamse Tweede Maasvlakte start de bouw van het grootste walstroomproject ter wereld, meldt het AD. Langs acht kilometer kade komen 35 aansluitpunten, zodat zeeschepen hun dieselgeneratoren kunnen uitschakelen tijdens laden en lossen.Het project wordt uitgevoerd door technologieconcern ABB en is een project van Rotterdam Shore Power (RSP), een samenwerking tussen het Havenbedrijf Rotterdam en Eneco. In 2028 moet het systeem operationeel zijn en de uitstoot en geluidsoverlast in de haven fors verminderen.Vanaf 2030 moeten jaarlijks tussen de 5.000 en 6.000 zeeschepen aan de stekker gaan. Dat leidt tot een vermindering van de CO2-uitstoot met zo’n 96.000 ton per jaar. Gas vaker vangnet voor schommelende productie zon- en windenergie Elektriciteitscentrales hebben vorig jaar meer gas ingezet om schommelingen in zon- en windenergie op te vangen. Dat blijkt uit cijfers van Gasunie, meldt NOS. Het gastransport steeg met bijna 4 miljard kubieke meter naar 63,4 miljard kuub.Volgens Jeroen Zanting, directeur bij Gasunie Transport Services, weerspiegelt dit juist een positieve ontwikkeling: de stroomsector verduurzaamt snel, waardoor gas steeds vaker fungeert als flexibel vangnet. Tegelijk daalt het totale gasgebruik al jaren en komt inmiddels meer dan de helft van de Nederlandse stroom uit hernieuwbare bronnen.Lees ook: Weggegooide wind- en zonne-energie groeit harder dan opgewekte groene stroomChinese EV-makers kunnen Europese strafheffingen ontlopen De Europese Commissie heeft nieuwe richtlijnen vastgesteld waarmee Chinese fabrikanten van elektrische auto’s Europese strafheffingen kunnen vermijden. Producenten mogen voorstellen doen voor minimumprijzen die het effect van Chinese staatssteun neutraliseren, meldt Bloomberg.Bij goedkeuring vervallen de extra importtarieven. Sinds oktober gelden heffingen tot 35,3 procent bovenop de standaard invoerheffing van 10 procent. De maatregel moet Europese autofabrikanten beschermen, terwijl Chinese merken hun toegang tot de EU-markt behouden. China reageerde eerder met tegenheffingen op Europese producten.Lees ook: De autorace tussen China en Europa is nog allesbehalve beslist: ‘Wie de batterij beheerst, beheerst de auto’Nieuw filter houdt 99 procent microplastics uit waswater tegen Duitse onderzoekers hebben een innovatieve filtertechniek ontwikkeld die 99 procent van de microplastics uit wasmachinewater verwijdert, schrijft BNR. Bij elke wasbeurt laten vooral synthetische stoffen als polyester en nylon microscopisch kleine plasticdeeltjes los.Die deeltjes komen via het riool in natuur en landbouwgrond terecht en belanden uiteindelijk in voedsel en zelfs in het menselijk lichaam. Het nieuwe filter kan deze belangrijke bron van microplasticvervuiling vrijwel volledig blokkeren, aldus de onderzoekers.Lees ook: Microplastics in je hart en op je bord: is de opmars van de onzichtbare indringer nog te stoppen?Energiebedrijven waarschuwen: invoedingstarief maakt stroom duurder Brancheorganisaties Holland Solar, NedZero, Energie-Nederland en Energie Samen roepen de Autoriteit Consument en Markt op af te zien van een invoedingstarief voor elektriciteitsproducenten. Volgens onderzoek in opdracht van Energie-Nederland leidt een belastingheffing bij energieproducenten tot hogere totale kosten, zonder voordeel voor de eindgebruiker.Het zogeheten invoedingstarief is een heffing waarbij producenten betalen voor het gebruik van het stroomnet wanneer zij elektriciteit invoeden – dat wil zeggen: opgewekte stroom, bijvoorbeeld uit zon, wind of centrales, op het elektriciteitsnet zetten – zodat de kosten voor uitbreiding en verzwaring van het net eerlijker worden verdeeld.De ACM wil grote producenten laten meebetalen aan de snel oplopende netkosten, die kunnen stijgen tot 25 miljard euro per jaar. De sector vreest juist minder investeringen en hogere risico’s voor de energietransitie.Lees ook: ACM-topman Martijn Snoep: 'We staan echt niet met een knuppel te wachten tot iemand de klimaatregels overtreedt' Ook in de media:Ebusco haalt ‘batterijbaas’ binnen: redder in nood of nieuw risico? (De Belegger) Fiscaal beleid en zero-emissiezones zetten bedrijfswagenmarkt op zijn kop (ING) Nederlandse ondernemers rekenen op strenge EU-regels voor circulair textiel (De Telegraaf) Topdrukte bij biologische plantenopkwekers door faillissement marktleider (de Volkskrant) Trumps Groenland-dreigementen zorgen voor onrust bij arctische onderzoekers (Trouw)