Wilke Wittebrood
18 november 2025, 16:16

China’s greep op kritieke grondstoffen bedreigt de wereldwijde energiezekerheid

China controleert de grondstoffen voor de energietransitie en zet daarmee de energiezekerheid wereldwijd onder druk, waarschuwt het Internationaal Energieagentschap. Het land is niet bang om deze troefkaart uit te spelen, terwijl Europa worstelt met een antwoord op de Chinese dominantie.

GettyImages-184086483 (1) China voerde in april exportrestricties in op zeven van de zeventien kritieke aardmetalen en de permanente magneten die ervan gemaakt worden. | Credits: Getty Images

Koper, lithium, nikkel, kobalt, grafiet. Het zijn mineralen die essentieel zijn voor de productie van zonnepanelen, windturbines, elektriciteitskabels en batterijen. Ze zijn daarmee cruciaal voor de energietransitie. Het zijn ook grondstoffen waarvan de toeleveringsketen in hoge mate wordt beheerst door één land.

China is de dominante raffinaderij voor 19 van de 20 strategische energiegerelateerde mineralen, met een marktaandeel van gemiddeld ongeveer 70 procent. Enige uitzondering is nikkel, waarvan Indonesië de grootste leverancier is. Die afhankelijkheid vormt een groot risico voor de wereldwijde energiezekerheid. Daarvoor waarschuwt het Internationaal Energieagentschap (IEA) in de woensdag verschenen World Energy Outlook 2025.

De Chinese dominantie beperkt zich niet tot kritieke grondstoffen alleen. China is goed voor meer dan 80 procent van de productie van zonnepanelen en heeft minstens 85 procent van de mondiale productiecapaciteit van batterijen in handen – bij anodes is dat zelfs 95 procent.

Komt er ergens een kink in de kabel, dan kan dat volgens het IEA wereldwijd tot ‘aanzienlijke tekorten’ leiden. Dat geldt zeker voor batterijen; de fabrikanten buiten China kunnen de vraag tot 2035 bij lange na niet dekken.

‘Tijdperk van elektriciteit’

Volgens Fatih Birol, directeur van het IEA, is er de afgelopen decennia geen moment geweest dat de spanning in de energiesector bij ‘zoveel brandstoffen en technologieën tegelijk’ opliep. Die spanning is het gevolg van een verschuiving in ons energiesysteem: van olie en gas naar elektriciteit, wat betekent dat de risico’s veel breder worden.

Ergens is dat goed nieuws, want volgens Birol markeert dit een belangrijk keerpunt in de energietransitie. ‘Het tijdperk van elektriciteit is definitief aangebroken.’

Ten dele althans, want de investeringen in het opwekken en het vervoeren van al die elektriciteit gaan bij lange na niet gelijk op. Sinds 2015 is het bedrag dat naar de elektriciteitsproductie vloeit met 70 procent gestegen, tot 1.000 miljard dollar per jaar. De uitgaven voor het aanleggen en uitbreiden van netwerken hobbelen daar met een jaartotaal van 400 miljard dollar achteraan.

Het gevolg? Landen die met netcongestie kampen, waaronder Nederland.

Europa is zich van die disbalans bewust. Tegen 2030 moeten hernieuwbare energiebronnen minstens 42,5 procent van de energiemix uitmaken. Om dat doel te bereiken, wordt de zogeheten ‘grensoverschrijdende transmissiecapaciteit’ – de verbindingen in het hoogspanningsnetwerk tussen landen – met 64 gigawatt uitgebreid, zodat tekorten en overschotten sneller en makkelijker kunnen worden uitgewisseld.

Datacenters en chips

Naast de energietransitie, feitelijk een grootschalige elektrificatie, jaagt ook de snelle opkomst van AI de stroomvraag aan. Specifieker: de datacenters die al die rekenkracht moeten leveren. Die zijn vooral te vinden in de Verenigde Staten, China en de Europese Unie.

Dat blijft voorlopig zo, want deze regio’s nemen 85 procent van de capaciteit die de komende tien jaar wordt bijgebouwd voor hun rekening. Wat nog meer druk legt op de al overbelaste netwerken: in delen van de Verenigde Staten slurpen datacenters nu al meer dan 10 procent van de beschikbare stroom op.

De spanningen in het systeem maken ook andere industrieën kwetsbaar. Tot de kritieke materialen behoren silicium, dat wordt gebruikt in chips voor computers, smartphones en auto’s, en gallium, een sleutelmineraal voor de halfgeleiderproductie. Ook die ketens staan grotendeels onder Chinese controle. En het land is niet bang om zijn monopoliepositie uit te spelen, bleek het afgelopen jaar.

Auto-industrie in de problemen

In een reactie op de Amerikaanse importheffingen voerde China in april exportrestricties in op zeven van de zeventien kritieke aardmetalen – in de lijst van het IEA (zie grafiek) terug te vinden als rare earth’s – en de permanente magneten die ervan gemaakt worden. Gevolg: in het tweede kwartaal van 2025 daalde de export van deze aardmagneten met 75 procent.

Terwijl de auto-industrie die nodig heeft voor de productie van elektrische en benzineauto’s, en de defensie-industrie voor het maken van tanks, raketten, radarsystemen en drones.

 

China is de belangrijkste leverancier van 19 van de 20 kritieke grondstoffen. Ook prijsschommelingen, handelsrestricties en afhankelijkheid van bijproducten zette de aanvoer onder druk. Bron: IEA

China is de belangrijkste leverancier van 19 van de 20 kritieke grondstoffen. Ook prijsschommelingen, handelsrestricties en afhankelijkheid van bijproducten zette de aanvoer onder druk. Bron: IEA

Het leidde ertoe dat veel fabrikanten in Amerika en Europa de productie terugschroefden of zelfs tijdelijk stillegden. En toen moest de volgende klap nog komen: vorige maand werden niet alleen de zeventien mineralen zelf, maar ook de toegang tot de technologie om ze te raffineren aan banden gelegd, al heeft China die maatregelen inmiddels deels teruggedraaid.

Regeringen en bedrijven moeten hun weg zien te vinden in deze nieuwe werkelijkheid, aldus IEA-directeur Fatih Birol. ‘De risico’s van marktconcentratie zijn geen theoretische zorg meer; ze zijn een harde realiteit geworden.’

Samenwerken, maar niet met China

De oplossing is even simpel als complex: de afhankelijkheid van China afbouwen. Dat doet de Europese Unie niet alleen, maar in samenwerking met de G7, een groep van zeven economische grootmachten, waaronder de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en Canada. Ook lidstaten Duitsland, Frankrijk en Italië maken deel uit van de club.

Met de Critical Minerals Production Alliance sleutelen ze aan maatregelen om ‘manipulatie’ van de markt door China tegen te gaan. Een van de voorstellen is volgens Reuters een prijsplafond om eigen productie te stimuleren, want in de praktijk zijn kritieke aardmetalen uit China spotgoedkoop.

Binnen de eigen grenzen moet de Critical Raw Materials Act, die sinds mei 2024 van kracht is, Europa helpen voor haar grondstoffen minder afhankelijk van het buitenland te worden. Tegen 2030 moet 10 procent van het jaarlijkse verbruik uit Europese mijnen komen, en een kwart uit recycling.

Lichtpunt is alvast de eerste Europese magneetfabriek die in september officieel zijn deuren opende in Estland. Die kan jaarlijks permanente magneten produceren voor een miljoen elektrische auto’s.

Dit artikel verscheen oorspronkelijk op MT/Sprout.

Lees ook:

Onderzoek onder jongeren wijst uit: betrek ze actiever bij duurzame initiatieven

Een hoopvolle generatie die graag de mouwen wil opstropen om bij te dragen aan een duurzamere wereld, maar die de daarvoor benodigde vaardigheden ontbeert. Of nog ontbeert? Dat laatste zou een betere formulering zijn, want die groene vaardigheden kunnen jongeren natuurlijk nog aanleren. En daarbij kunnen ze alle hulp gebruiken, benadrukt Pieter van den Herik, Sustainable business developer bij Capgemini.Het Capgemini Research Institute deed dit jaar uitgebreid onderzoek onder 5.100 jongeren wereldwijd naar hun perspectieven met betrekking tot klimaatverandering en hun interesse in groene vaardigheden en groene banen. Dat toont aan dat minder dan de helft van de jongeren wereldwijd (44 procent) gelooft over de nodige groene vaardigheden te beschikken om succesvol te zijn in de huidige arbeidsmarkt. Tegelijk is een meerderheid (71 procent) ervan overtuigd dat ze een sterke stem moeten hebben in het milieubeleid en de milieuwetgeving. Vaardigheden ontwikkelen ‘Het zou goed zijn als overheden en bedrijven jongeren actiever bij hun duurzaamheidsinitiatieven betrekken’, meent Van den Herik. ‘Door jongeren mee te laten praten. Door ze inspraak te geven bij het ontwikkelen van duurzaamheidsstrategieën. Door ze in staat te stellen om de vaardigheden te ontwikkelen die belangrijk zijn om de wereld duurzamer te maken. Door bij dat alles goede begeleiding te regelen. En vooral door jongeren aan te moedigen om zelf duurzaamheidsinitiatieven te starten en ze daarbij te ondersteunen.’Hoe geef je daar als bedrijf of overheidsorganisatie concreet invulling aan? Van den Herik: ‘Er zijn wereldwijd best al mooie voorbeelden van hoe je zoiets kunt aanpakken. En ook als Capgemini hebben we inmiddels de nodige ervaring op dat vlak. Zo hebben we vorig jaar, samen met TNS India Foundation, de Green Skills Academy opgericht. Dat programma richt zich op financieel minderbedeelde studenten en biedt ze de mogelijkheid om technische vaardigheden te ontwikkelen die ze vervolgens in de groene sector kunnen inzetten.’ Het belang van soft skills ‘Hoewel de inzet van technologie cruciaal is om het klimaatprobleem aan te pakken, is daar ook heel nadrukkelijk sociale innovatie voor nodig’, vervolgt hij. “Daar zijn soft skills voor nodig. En het goede nieuws is toch wel dat jongeren wat betreft die vaardigheden meer vertrouwen hebben in zichzelf. Dat zie ik in Nederland ook bij clubs als De Jonge Klimaatbeweging. Zij worden best vaak door de overheid en het bedrijfsleven uitgenodigd om mee te praten over ontwikkelingen die invloed kunnen hebben op het klimaat.’ Zingeving ervaren Er schuilt ook een risico in het benoemen van dit soort voorbeelden. Het gaat immers om initiatieven van koplopers. En door die in de spotlights te zetten, zie je misschien niet dat er nog veel plekken zijn waar jongeren zich niet gezien en gehoord voelen. Hoewel steeds meer bedrijven en organisaties ervoor kiezen om duurzaamheid onderdeel te maken van hun strategie, lukt het ze lang niet altijd om jongeren bij die plannen te betrekken.‘Een gemiste kans”, vindt Van den Herik. ‘Want die plannen zijn juist relevant voor jongeren. Dus hoe eerder je ze daarbij een rol geeft, hoe beter. Voordeel daarvan is dat jongeren daardoor in hun werk ook meer zingeving ervaren, wat tot meer werkgeluk leidt en waardoor ze ook langer bij een werkgever zullen blijven.’ Aantrekkelijk innovatief ‘Wat ook helpt, is dat duurzaamheid onlosmakelijk verbonden is met innovatie’, vervolgt hij. “En innovatieve bedrijven en organisaties zijn al snel aantrekkelijker voor jongeren. In deze tijd van arbeidsmarktkrapte kan dat echt het verschil maken.’Een belangrijke vraag bij dit alles: is er onder jongeren wel genoeg animo om in een groene baan aan de slag te gaan? Ook die vraag komt in het onderzoek van Capgemini en UNICEF voorbij. En bij meer dan de helft van de jongeren (53 procent) is het antwoord heel duidelijk een ‘ja’. ‘Zowel overheden, bedrijven als onderwijsinstellingen moeten daar iets mee’, geeft Van den Herik aan. ‘Het mooiste zou zijn als jongeren actief mee kunnen denken over groene onderwijsmodules en carrièrepaden. Zij kunnen zelf immers het beste aangeven waar ze het meest behoefte aan hebben.’ Interessante nieuwe kansen ‘En waarom als bedrijf niet een vijfjarig ontwikkelingstraject starten waarbij jonge werknemers veel vrijheid krijgen om invulling te geven aan hun duurzame ambities?’, vraagt hij zich hardop af. ‘Dat kan tot interessante nieuwe kansen leiden, zowel maatschappelijk als economisch. Want ja, dat kan: op een duurzame manier tot economische groei komen.’Van den Herik: ‘Dat is niet alleen mijn persoonlijke overtuiging, maar iets wat in steeds meer onderzoeken naar voren komt. Die transitie is momenteel al volop aan de gang. Duurzaamheid is niet ‘nice to have’ maar een strategisch thema voor bedrijven. Hoog tijd dus om jongeren daar actiever bij te betrekken. Zij zijn een onmisbare schakel om tot de gewenste veranderingen te komen. En als je goed naar de uitkomsten van het rapport kijkt, zie je tussen de regels door heel duidelijk hun oproep: werk met ons samen!’Lees hier het onderzoek. Lees ook:Hoe Nederlands bekendste zwerfafvalverzamelaar wordt geholpen door een app Efficiënt of verspilling? Waarom jouw ChatGPT-vraag soms beter naar Google kan Hoe duurzaamheid nu écht de winkelwagen verovert Wereldwijde trend: bedrijven worden duurzamer, maar geopolitieke spanningen brengen onrustDit artikel is gemaakt door een van onze expertredacteuren in samenwerking met onze partner Capgemini. Change Inc. werkt met partners die de klimaattransitie aanjagen. Zij kunnen cases presenteren waar anderen zich aan kunnen optrekken en zijn eerlijk over de uitdagingen. Niet één bedrijf is al 100 procent duurzaam, maar veel zijn onderweg. Dankzij ons partnermodel zijn onze artikelen gratis toegankelijk voor iedereen. Benieuwd naar hoe wij werken? Klik hier.