Je bent onder andere verantwoordelijk voor de innovatiestrategie van DAF. Wat zijn de grote lijnen van deze strategie?
‘De volledige transportsector is verantwoordelijk voor ongeveer 7 procent van de totale CO2-uitstoot van Europa. Wij voelen een duidelijke verantwoordelijkheid om daar iets aan te doen. Het hoofdbestanddeel van onze bijdrage is de truck zelf. Onze filosofie is transport aanbieden tegen zo laag mogelijke kosten, met maximale brandstofefficiëntie – en daarmee met de laagste CO2-uitstoot. We verbeteren voortdurend de dieselmotoren en ontwikkelen steeds zuinigere aandrijflijnen.
Tegelijkertijd werken we aan elektrificatie. Wij waren in 2018 de eerste Europese fabrikant die batterij-elektrische trucks op de markt bracht. Met de nieuwste generatie kunnen onze klanten meer dan 500 kilometer rijden. Daarnaast investeren we in waterstof en hybride aandrijflijnen en zijn onze voertuigen geschikt voor alternatieve brandstoffen zoals HVO (Hydrotreated Vegetable Oil, red.) en biobrandstoffen. Daarbij is financiering van de innovatie voortdurend een uitdaging. We moeten binnen hetzelfde omzetniveau ruimte creëren om al deze vernieuwingen te bekostigen.’
Waarom kiezen jullie ervoor om te wedden op meerdere paarden?
‘Ten eerste omdat er vooralsnog geen ‘one size fits all’-oplossing is. Distributie in stedelijke gebieden kan met de huidige generatie batterijen prima volledig elektrisch, maar voor écht zwaar en internationaal transport moeten we ook kijken naar alternatieven. Ten tweede omdat er bij de verduurzaming van het transport veel externe factoren komen kijken. De EU heeft ambitieuze CO2-reductiedoelstellingen, maar de sector is afhankelijk van technische ontwikkelingen en de serieus achterblijvende uitrol van de laad- en tankinfrastructuur voor elektrische voertuigen en trucks op waterstof.’
Hoe reageren klanten op de verschillende innovatieve aandrijflijnen die jullie op de markt brengen?
‘Dat verschilt sterk per markt. We hebben intensief contact met onze Europese dealers, ruim elfhonderd vestigingen, en spreken regelmatig over ontwikkelingen in verschillende transportsegmenten. In Nederland is het investeringsklimaat gunstig, maar in andere landen ontbreekt soms stimulering. Klanten die vooroplopen investeren in zaken als zonneparken en batterijopslag. Tegelijkertijd zijn er markten, bijvoorbeeld Polen, waar de infrastructuur nog niet toereikend is. Daarom praten we ook met beleidsmakers in Den Haag en Brussel over wat waar mogelijk is.’
Hoe zorg je dat je met beleidsmakers in gesprek blijft en wat vraag je van ze?
‘We vragen vooral om stabiliteit. DAF bestaat bijna honderd jaar en wil er over honderd jaar nog steeds zijn. Dat kan alleen als we langetermijninvesteringen kunnen doen. Beleidswisselingen maken dat lastig. Daarom blijven we actief in gesprek met overheden en nodigen we beleidsmakers uit om onze fabrieken en projecten te bezoeken. Ook trekken we gezamenlijk met andere bedrijven op, bijvoorbeeld over de vraag hoe we meer funding kunnen krijgen.’
Welke beleidsmaatregel zou jullie helpen in jullie duurzame transitie?
‘De schoen wringt op dit moment bij een Europees boetebeding voor ons als fabrikant. De voertuigen die in 2030 de fabriek verlaten, moet gemiddeld 45 procent minder CO2 uitstoten dan de voertuigen die we in 2019 leverden. Voor elke procentpunt CO2-reductie die we niét halen, riskeren fabrikanten een boete van 150 tot 200 miljoen euro. Elk jaar weer. Maar als de vraag naar schoner transport vanuit de markt ontbreekt – bijvoorbeeld omdat transporteurs hun elektrische voertuigen niet voldoende kunnen opladen – zijn die doelen voor ons niet realistisch.
Transporteurs kopen op basis van rekensommen: een truck moet renderen. Precies daarom vragen we in Brussel om stabiel beleid en investeringen in het energienetwerk. Dat is cruciaal om de stap naar schoon transport te maken. Op dit moment is iets meer dan 2 procent van de nieuwe trucks zero emission. Om die 45 procent reductie te halen moeten we als industrie naar meer dan 30 procent in 2030. De voertuigen zijn er al, nu de businesscase nog.’
Wie het nieuws rond de Europese auto-industrie volgt, weet dat de sector kampt met uitdagingen zoals de opkomst van Chinese merken en importheffingen van de VS. Wat merken jullie daarvan?
‘Je ziet inderdaad steeds meer Chinese automerken op de Europese markt verschijnen. De vraag is hoe snel China ook actief wordt in de truckmarkt. Het is geen eenvoudig productsegment. Je hebt niet zomaar een Europees netwerk van dealers opgezet waar transporteurs op kunnen terugvallen.
In de VS zie je dat CO2-regulering van tafel gaat, met als gevolg dat de duurzame transitie daar zomaar vier, vijf jaar vertraging oploopt. De huidige geopolitieke situatie heeft direct invloed op de stabiliteit van deze keten. Dat hebben corona en bijvoorbeeld de oorlog in Oekraïne afdoende bewezen.’
Hoe ga je om met deze uitdagingen en blijf je koersvast?
‘Door een sterk team om me heen te verzamelen. Ons werk gaat verder dan productontwikkeling alleen. We hebben kantoren in onder meer Washington en China en volgen ontwikkelingen nauwgezet. Daarbij is het belangrijk af en toe de stoel even achterover te zetten, de gedachten te structuren en uit te zoomen. Leiderschap in een complexe wereld vraagt om meer dan richting geven. Het vereist wendbaarheid, moed en vertrouwen geven.’
Hoe zorg je dat je alle DAF- werknemers ook meekrijgt in de jullie duurzaamheidsstrategie?
‘Heel veel mensen lopen met ons mee, maar er zijn altijd werknemers die er minder in geloven. Uiteindelijk probeer ik duidelijk te communiceren waarom we een bepaalde kant op bewegen. Ik zie enthousiasmeren als één van mijn kerntaken. De komende vijf tot tien jaar staan in het teken van de grootste veranderingen die de truckindustrie ooit heeft gezien. Hoe mooi is het dan om daaraan mee te kunnen werken?
Daarnaast trekt onze duurzaamheidstrategie ook jonge talenten aan. Het beeld van een vervuilende truck heerst allang niet meer. Elektrische rijden, digitale connectiviteit en andere nieuwe technologieën trekken weer een nieuwe generatie aan.’
En hoe ga je om met de mensen die toch hun hakken in het zand blijven zetten?
‘Ik probeer het gesprek aan te gaan. Ik lunch regelmatig met medewerkers van verschillende afdelingen om te horen wat er leeft. Er ontstaan dan mooie gesprekken, waardoor mensen inzicht krijgen in de keuzes die we maken. Dan neemt weerstand af. Ook organiseren we testritten met elektrische trucks voor onze medewerkers op ons eigen testterrein. Voor velen is dat indrukwekkend. Wie erin rijdt, ziet dat dit echt de toekomst is.’
Tot slot: met wie zou je graag willen samenwerken?
‘Wat mij aantrekt in het ontwikkelingsteam van het Red Bull Formula 1 is hun compromisloze focus op innovatie. Ze denken out of the box, dagen conventionele processen uit en weten met slimme samenwerking telkens het maximale uit een beperkt ontwikkelbudget te halen. Dat inspireert me enorm – het is precies die mentaliteit die leidt tot baanbrekende resultaten.’
Lees ook:
- Changemaker Steef Fleur (Billie Wonder): ‘Hoop dat we wegwerpluiers over tien jaar net zo zien als sigaretten nu’
- Changemaker Jacob Nawijn (Fruitful Office):’Als we niet sociaal zijn, komen we onze verantwoordelijkheden niet na’
- Changemaker Niels van Geenhuizen (CSU): ‘Circulaire handschoen bespaart evenveel CO2 als dertien kantoren samen’




