Corjan van den Berg zit grijnzend achter zijn scherm in onze Teams-meeting. Vorige maand heeft zijn start-up Revyve, die eiwit-vervangers maakt op basis van gist, 24 miljoen euro opgehaald. Onder meer Invest-NL, ABN Amro en de Brabantse Ontwikkelings Maatschappij staken geld in het bedrijf.
‘Dit is het moment waarop je als start-upfounder voelt: we hebben de wind in de zeilen. We kunnen met volle energie verder bouwen.’
Revyve maakt ingrediënten die eiwitten kunnen vervangen. Wat is jouw drijfveer?
‘Veel mensen in deze sector willen vooral dierenleed verminderen. Ik ben wat dat betreft meer de koude rekenaar. Kijk, dieren zetten voedsel eigenlijk heel inefficiënt om in wat wij consumeren: vlees, melk en eieren. Wil je een efficiënter voedselsysteem, dan moet je het dier uit de vergelijking halen. Je moet iets creëren wat zich gedraagt als een dierlijk product, maar dan zonder het dier.
Zo stoot je veel minder CO2 uit. En dat is dan ook nog eens diervriendelijker.’
Je hebt altijd als onderzoeker in de biotechnologie gewerkt. Waarom werd je ondernemer?
‘Na al die jaren onderzoek doen raakte ik langzaam wat gefrustreerd. Ik bleef maar publiceren, en niemand deed er wat mee. Parels voor de zwijnen! Ik dacht: als ik echt impact wil maken met mijn onderzoek, moet ik het zélf gaan doen.
Ik kreeg op de universiteit vaak te horen dat mijn onderzoek te toegepast was. Maar in wetenschappelijk onderzoek gebeurt juist ook heel veel waarvan ik denk: dat is een goed idee voor een startup. Maar door de onderwijsbezuinigingen wordt er enorm veel gesneden in ondernemerschap op universiteiten. Dat is doodzonde. Als je het nu afbreekt, kost het jaren om het weer op te bouwen.
Ik zag de enorme potentie van micro-organismen als basis voor voedingsingrediënten. Ik deed eigenlijk onderzoek naar micro-algen, maar het gebruik daarvan is niet ideaal. Algen zijn namelijk groen. Als je daar een ingrediënt van maakt, wordt het groen. En als je dat verwerkt – in mayo, een muffin, een vegaburger – kan ik je verklappen: het wordt allemaal groen. Dat is leuk op St. Patrick’s Day, maar de rest van het jaar wil niemand je ingrediënten hebben.
Het trucje bleek ook te werken met gist. Dat heeft een neutralere kleur en smaak. Gist is daarbij goedkoper, wat de ingrediënten aantrekkelijk maakt voor de voedingsindustrie. We wisten dat het daarmee winstgevend kon worden.’
Hoe bevalt het ondernemerschap?
‘Als je een bedrijf begint als onderzoeker, moet je heel veel dingen doen die buiten je comfortzone liggen. Skills die je nooit hebt geleerd. Hoe doe je je administratie? Hoe werkt het als je een pand wilt huren of iemand wilt aannemen? En hoe bouw je een website? In een grote organisatie als een universiteit hoef je daar nooit mee te dealen. Het is leuk om zulke dingen te leren, maar het is ook een bumpy ride.
Je ziet vaak dat echte onderzoekers – en daar reken ik mezelf dan ook toe – niet de beste ondernemers zijn. Als ondernemer moet je risico’s durven nemen, soms ook voordat je het tot in de puntjes hebt uitgezocht. We hebben daarom op een gegeven moment een andere ceo aangesteld. Ik dacht: als ik op deze plek blijf, rem ik het bedrijf af.’
Vorig jaar openden jullie een fabriek in Dinteloord, slechts vijf jaar na de start van het bedrijf. Dat is best snel.
‘Edgar (Suarez Garcia, mede-oprichter, red.) en ik zijn allebei nerds. We houden van dingen doorrekenen. Dus toen we met ons bedrijf begonnen, wisten we al grotendeels hoe de fabriek eruit moest komen te zien. Natuurlijk moet er dan nog steeds veel gebeuren. We begonnen met labtesten op ducttape-niveau. Daarna een pilot en een demo. Daardoor begrepen we steeds beter hoe het productie-apparaat moest werken.
Door in het begin al slimme keuzes te maken en door te pakken, is dit – famous last words – geen heel pijnlijk proces geweest. Startups zijn vaak jaren langer bezig met het opstarten van een fabriek. Vaak ook omdat ze beginnen vanuit een ideologie in plaats van techniek. Wij doen het andersom.’
Financiering vinden is als voedselstartup ook niet makkelijk. Hoe hebben jullie dat gedaan?
‘Dat is heel erg lastig. De marges in de voedingsindustrie zijn klein. Als je kosteneffectief wilt produceren, moet je dus aan grote volumes komen. Dat betekent een grote fabriek, met een hoge kostprijs.
In feite ben je afhankelijk van de wind in durfkapitaalland. Die mensen volgen ook gewoon trends. Iedereen loopt nu als een kip zonder kop achter AI aan, niemand investeert bijvoorbeeld nog in vleesvervangers. Vleesvervangers zijn dan ook geen makkelijke markt voor onze ingrediënten. Daarom zijn we ook gaan verbreden naar sauzen en bakkerijproducten. Die hebben veel baat bij ei vervangen, omdat eieren steeds duurder worden.
Wat ook helpt is – heel cliché – dat we niet ons aanbod, maar de vraag als uitgangspunt nemen. We hebben in de ontwikkeling altijd klanten betrokken en feedback ontvangen. Daardoor weten we dat we ons product kwijt kunnen. Investeerders letten op die businesscase.’
Wat gaan jullie met de 24 miljoen euro doen?
‘Vooral opschalen. De komende drie jaar willen we onze fabriek acht keer groter maken. Dat is nodig om echt efficiënt te produceren en financieel gezond te worden.
Daaromheen moeten we natuurlijk een hele salesorganisatie optuigen. We gaan distributiedeals aan met partijen in andere landen. Ons product gaat de hele wereld over. Dat is toch mooi om te zien? Dat je vanuit zo’n stom kikkerlandje wereldwijd impact kunt gaan maken. Iedereen uit ons team vindt dat gaaf.
Daarbij doe ik ook onderzoek naar de toepassing van andere micro-organismen. Algen hebben bijvoorbeeld een wat vissige smaak; dat zou interessant kunnen zijn als ingrediënt voor visvervangers. En bacteriën en schimmels hebben weer een ander smaak- en kleurprofiel.’
Met wie zou je willen samenwerken?
‘Er is een wereld te behalen als het om het technisch verbeteren van duurzame producten gaat. Neem vegan kazen. Heb je weleens gezien wat daarin zit? Kokosvet en zetmeel. Dat kan lekkerder en een heel stuk gezonder.
Het lijkt me ook heel gaaf om dat stomme ei uit de iconische mayonaise van Hellmann’s te halen. Of om in de bakmixen van Koopmans te zitten. Of in de Impossible Burger. Gewoon, om de producten te verbeteren waarvan ik enthousiast word. Om in de supermarkt te liggen met ons product. Ik vind dat waanzinnig. Dat is wat ik met trots thuis vertel.’
Changemaker van het Jaar 2025
Op 27 november reikt Change Inc. de Changemaker van het Jaar Awards uit aan de duurzaamheidsaanjagers die er dit jaar bovenuit sprongen. Er is ook een publieksprijs! Stem dus hier op jouw favoriete Changemaker.
Lees ook:
- Changemaker Marieke Doolaard (HEMA): ‘Je moet dingen zo aanpakken dat de klant er blij van wordt’
- Changemaker Rodney Nikkels (Chocolatemakers): ‘Als wij duurzame chocolade kunnen maken, kan een groot merk dat ook’
- Changemaker Dionne Ewen (Ahrend): ‘Als je net zo goede kwaliteit levert, hoef je een product niet per se als duurzaam te framen’




