Terwijl we wachtten op de verlossende mededeling dat er geen Amerikaanse militaire inval komt in Groenland, turfde ik zestien keer het woord ‘windmolen’ in de Davos-speech van Donald Trump.
Windmolens als vijandbeeld, symbool van alles wat volgens de Amerikaanse president mis is met Europa. Hij wil ze niet. Prima. Maar zijn uitspraken over windenergie staan zo ver af van de werkelijkheid dat Don Quichot Trump weerwoord vraagt.
Dit zijn vier misvattingen over windenergie die Trump verspreidt:
1. ‘Windenergie werkt niet’
Wat Trump negeert: afgelopen jaar kwam in Nederland ongeveer de helft van de elektriciteit uit je stopcontact uit wind en zon, grofweg gelijk verdeeld. Dat was tien jaar geleden nog minder dan 10 procent. In Europa werd afgelopen jaar meer stroom opgewekt met wind en zon dan met fossiele energiebronnen. Windenergie groeit en functioneert aantoonbaar goed op systeemniveau.
Dat blijkt ook uit de koersen op de aandelenmarkten: wie vorig jaar belegde in de energietransitie, bijvoorbeeld in de S&P Global Clean Energy Transition, behaalde aanzienlijk betere resultaten dan brede beursindices zoals S&P 500 en scoorde veel beter dan de S&P Global Oil Index.
De realiteit is dat de olie, kolen en gasbelangen van de huidige politieke machthebbers niet meer renderen en dat de financiers van deze president het benauwd krijgen. Daarom valt hij voortdurend windenergie aan. In Davos en thuis, met ‘stop work’ decreten die stuk voor stuk door rechters worden vernietigd.
2. ‘Windenergie is de duurste vorm van energie.’
Wat Trump negeert: Kostenvergelijkingen van onder meer het energieagentschap IEA laten zien dat wind op land structureel behoort tot de goedkoopste vormen van nieuwe elektriciteitsopwekking. Offshore wind zit hoger, maar blijft concurrerend en schaalbaar.
Cruciaal is dat wind geen brandstofkosten kent. Dat leidt tot lage marginale kosten en een structureel prijsdempend effect op de groothandelsmarkt. De hoge elektriciteitsprijzen in Europa van de afgelopen jaren correleren niet met windopwek, maar met fossiele brandstofprijzen, netkosten en belastingen.
3. ‘Groene energie ondermijnt de Europese economie’
Wat Trump negeert: Er bestaat geen aantoonbaar verband tussen de groei van windenergie en economische achteruitgang. Integendeel. Windenergie verlaagt importafhankelijkheid, beperkt blootstelling aan geopolitieke en prijsschokken en vormt een essentiële pijler onder industriële elektrificatie.
Het echte risico voor de concurrentiekracht van de Europese industrie is niet te veel hernieuwbare opwek, maar een structureel tekort aan betaalbare elektriciteit.
4. ‘China maakt alle windmolens’
Wat Trump negeert: China beschikt inderdaad over grote productiecapaciteit, maar het overgrote deel daarvan wordt binnenlands ingezet. Europese bedrijven zoals Vestas, Siemens Gamesa en Enercon hebben een sterke positie in technologieontwikkeling, offshore wind, systeemintegratie en export. De Europese windsector is geen afhankelijke afnemer, maar een industriële speler van wereldniveau.
Windenergie cruciaal voor energiezelfstandigheid van Europa
Zoals de Canadese premier Mark Carney aangaf in zijn bijdrage in Davos doen machtige landen steeds meer wat ze willen ten koste van anderen. Europa wil in zo’n wereld niet afhankelijk zijn van Amerikaanse schalieolie of Russisch gas. Deze afhankelijkheden zijn instabiel en economisch risicovol. Daarom bouwen we ons eigen energiesysteem.
Tot slot: de suggestie dat windturbines landen zouden ruïneren. Ook hier is de realiteit het tegenovergestelde. De windsector genereert in Europa honderdduizenden banen en trekt jaarlijks tientallen miljarden euro’s aan investeringen. Windenergie functioneert als industriële infrastructuur. Het is een productiemiddel dat waarde toevoegt aan de economie.
We willen schone energie, omdat klimaatverandering een structurele bedreiging vormt voor welvaart en veiligheid van volgende generaties. We willen betaalbare energie, omdat wind en zon samen de goedkoopste route vormen naar elektriciteit en daarmee een fundamenteel concurrentievoordeel bieden voor industrie en economie. En we willen autonomie, omdat energiebeleid ook veiligheidsbeleid is.
Dat we voor onze veiligheid niet meer op de Amerikanen kunnen bouwen, hebben we in Europa inmiddels wel begrepen.
Jan Vos is voorzitter van NedZero, de Nederlandse branchevereniging voor windenergie, en vice-voorzitter van de Nederlandse Vereniging Duurzame Energie (NVDE).



