Redacteur Maaike
Maaike Kooijman
22 januari 2026, 11:00

Deze Nederlandse oplossing voor recyclen composiet van windturbines en boten wordt op industriële schaal toegepast

Wat te doen met alle windturbines die hun houdbaarheid hebben bereikt? Het zou zonde om de rotorbladen af te schrijven. Maar een goede methode om het composietmateriaal hoogwaardig te recyclen, was er voorheen nog niet. Tot nu.

snippers CRC in Rotterdam vermaalt oude windturbinebladen eerst tot 'vlokken'. | Credits: Hogeschool Windesheim

Ze zijn groot, sterk en heel moeilijk te recyclen: windturbinebladen. Althans, dat gold voorheen. Want het lectoraat Kunststoftechnologie van Hogeschool Windesheim heeft een methode ontwikkeld waarmee composiet wel degelijk gerecycled kan worden. Van dat materiaal, gemaakt van glas- of koolstofvezel en een kunststofhars als polyester of epoxyhars, worden rotorbladen gemaakt.

Composiet van windturbinebladen recyclen

Het klinkt als een logische aanpak. Rotorbladen worden eerst geshredderd tot ‘vlokken’ en kunnen vervolgens met nieuw kunststofhars tot een nieuw composiet worden vermaakt. De vlokken van composiet, sprietjes van enkele centimeter lang, zijn daarmee een industriële grondstof voor nieuwe composietproducten.

Toch was dat nog geen gangbare methode, legt Albert ten Busschen, associate lector van het lectoraat Kunststoftechnologie, uit. ‘Er wordt elders vooral onderzoek gedaan naar chemische recycling. Dan wordt composiet bijvoorbeeld gecontroleerd verbrand om de vezels eruit terug te winnen, of het wordt opgelost om de verschillende materialen te kunnen scheiden. Maar daar is tot op heden nog geen operationele industriële oplossing uitgekomen. Het vergt ook grote investeringen en heeft hoge operationele kosten.’

Albert ten Busschen, associate lector van het Lectoraat Kunststoftechnologie 

Albert ten Busschen.

Andere manieren zijn er ook. Zoals mechanische recycling. Dan vermaal je kunststoffen en kun je daar vervolgens een vulstof mee maken. Een prima idee, maar de businesscase is moeilijk: virgin vulstoffen zijn heel goedkoop.

Tot voor kort was er daarom slechts één recyclemethode voor composiet operationeel. Daarbij wordt composiet vermalen en toegevoegd aan een cementoven. De kunststof in het materiaal verbrandt; de overgebleven vezels vormen een additief in het cement. ‘Dat wordt nu gezien als dé methode om composiet te recyclen’, zegt Ten Busschen. ‘Maar echt circulair is het niet. Niet alleen wordt een deel verbrand, maar je krijgt ook een heel ander product.’

Toepassing voor de Rotterdamse industrie

Het lectoraat van Windesheim pakte het daarom anders aan. Ten Busschen: ‘We wilden de waarde behouden die in composiet zit. We maken het weliswaar kleiner, maar de sterkte blijft.’

Installatie van de damwand in Almere.

Toegegeven: met het nieuwe materiaal kunnen geen rotorbladen worden gemaakt. Daar is het niet sterk genoeg voor. Maar het is wél sterk genoeg gebleken voor allerlei onderdelen van onze infrastructuur. Zoals een nieuwe damwand bij de Beatrixsluis in Almere, bestaande uit 80 planken van 20 meter. En zogenoemde geleidebalken in de haven van Delfzijl.

Dat waren allemaal nog ‘demonstrators’: casussen die vooral dienden om het materiaal in de praktijk te testen. Maar inmiddels wordt de ‘Windesheim-methode’ ook toegepast door de industrie. De Circular Recycling Company (CRC) in Rotterdam shreddert oude windturbinebladen tot vlokken. Het recent opgerichte Rotterdamse bedrijf Compone maakt daar nieuwe composietproducten van.

Logistieke uitdagingen

Windmolens vormen een grote stroom van composietafval. Rotorbladen hebben een ‘houdbaarheidsdatum’ van gemiddeld 20 tot 25 jaar, wat betekent dat de windmolens die in de jaren 90 en het begin van deze eeuw zijn geplaatst, nu als afval op de markt komen. ‘Omdat we steeds meer windmolens plaatsen, is dit een groeiende materiaalinstroom’, zegt Ten Busschen. In onder meer de VS worden de rotorbladen gestort of zelfs begraven, maar in Nederland is dat verboden. Bovendien is er weinig ruimte voor, lacht de onderzoeker.

 

Maar ook andere voorwerpen worden van composiet gemaakt. Zoals bootrompen en moderne vliegtuigen. Wel kennen die allemaal hun eigen logistieke uitdagingen. Afgedankte bootrompen worden bijvoorbeeld niet centraal ingezameld. En rotorbladen van windmolens moeten eerst kleiner worden gemaakt om ze naar de shredder te kunnen vervoeren. Ten Busschen: ‘Als je ze in z’n geheel wilt vervoeren, is dat zeer kostbaar.’

Groter aandeel circulair materiaal

De samenstelling van het materiaal vormde een andere uitdaging. Met de huidige methode kan een materiaal gemaakt worden dat voor 70 procent uit hergebruikt composiet en voor 30 procent uit nieuw materiaal bestaat. Dat is voornamelijk hars en een klein deel glasvezel.

‘Gebruik je een groter aandeel virgin materiaal, dan zijn zowel de milieukosten als de economische kosten een stuk hoger. Nieuw materiaal kost – in elk geval in het geval van composiet –  meer geld dan hergebruikt materiaal’, legt Ten Busschen uit.

Foto Credit: Hogeschool Windesheim.

In de toekomst wordt het wellicht mogelijk om de circulariteit van de methode verder te verhogen. Bijvoorbeeld door ook recyclebare kunststofhars te gebruiken. Ten Busschen wijst erop dat nieuwe harsen al gerecycled kunnen worden, maar dat die methode nog verre van ideaal is.

‘Er zijn bepaalde typen gerecycled hars die je in heet, aangezuurd water kunt oplossen. De vezels die je overhoudt zijn dan goed intact. Maar de harsresten die in het water achterblijven, kun je alleen nog als laagwaardig plastic gebruiken. Bovendien zijn recyclebare harsen nu nog veel duurder dan virgin polyesterhars,’ voegt hij toe. ‘Maar het lectoraat blijft er onderzoek naar doen.’

Lees ook:

Nieuwsupdate: Zon en wind verslaan fossiel bij opwek stroom in EU en nieuwe stap bij recycling laminaat

Zon en wind halen kolen en gas in bij opwek elektriciteit in Europa Windmolens en zonnepanelen hebben in de Europese Unie vorig jaar voor het eerst meer stroom opgewekt dan kolen gas en olie. Dat komt naar voren in een nieuw rapport van energiedenktank Ember.Bij elkaar kwam 30,1 procent van de elektriciteit in Europa in 2025 uit zonne- en windenergie, tegenover 29 procent voor fossiele bronnen. De overige energie kwam vooral uit kernenergie en waterkracht, twee energiebronnen die in andere landen stukken groter zijn dan in Nederland. In Nederland heeft zonne-energie juist een relatief groot aandeel.Lees ook: Opmars van hernieuwbare energie in de wereld is onstuitbaar, wat Trump ook doet Prezero start met gescheiden inzameling laminaat voor recycling Afval- en recylingspecialist PreZero start met recycler Unilin met de gescheiden inzameling van laminaat voor recycling in Nederland. Jaarlijks komt er 120.000 tot 140.000 ton laminaat beschikbaar dat nu gerecycled kan worden.Laminaat bestaat hoofdzakelijk uit High Density Fibreboard (HDF). Via een innovatieve techniek zorgt Unilin ervoor dat oud vezelmateriaal gebruikt kan worden voor nieuwe HDF-platen. Laminaat van de interieurbouw, meubelindustrie en gemeentelijke milieustraten werd tot nog toe vooral als biomassa verbrand. Gerecycled laminaat kan weer worden gebruikt voor het maken van kasten, planken, meubels, plinten, wanden en als vloerbedekking.Lees ook: Hoe 22 miljoen aan carbon credits plasticrecyclingbedrijven kan redden Gezond dieet met lokale ingrediënten: goedkoper en minder emissies Nieuw onderzoek naar dieetpatronen in 171 landen laat zien dat gezonde voeding op basis van goedkope, lokale producten ook een lagere emissievoetafdruk heeft, meldt Carbon Brief. De studie vergelijkt diëten samengesteld uit de meest geconsumeerde voedingsmiddelen in een land, met twee andere diëten op basis van respectievelijk de goedkoopste plaatselijk geproduceerde producten dan wel de producten met de laagste emissievoetafdruk.Een gezond dieet met de meest geconsumeerde producten in een land zorgt gemiddeld voor 2,44 kilo uitstoot in CO2-equivalent en kost gemiddeld 8,51 euro per persoon per dag. Een goedkoop dieet op basis van plaatselijke, gezonde producten is goed voor 1,65 kilo CO2-equivalent aan uitstoot en kost 3,15 euro. Het dieet met de laagste emissievoetafdruk levert slechts 0,67 kilo uitstoot op in CO2-equivalent, maar kost met 5,84 euro per persoon per dag wel meer dan het goedkoopste dieet.Lees ook: Ook op Urk snappen ze dat plantaardige en hybride vis de toekomst is, volgens deze vegan visboer Biochemiestartup Relement krijgt ruim € 5 miljoen financiering Startup Relement uit Bergen op Zoom heeft in een investeringsronde 5,4 miljoen euro aan groeigeld opgehaald, zo maakte het bedrijf woensdag bekend. De financiering komt onder meer van KIKK Capital, TNO Ventures en de Brabants Ontwikkelingsmaatschappij.Het biochemiebedrijf ontwikkelt onder meer chemische bouwstenen voor verf op basis van biologische reststromen uit de landbouw in plaats van aardolie. Verfleverancier Koninklijke van der Wijhe heeft via een samenwerking met Relement al een conceptverf uitgebracht, de grotendeels biobased buitenlak Biomotion70. Die is in de praktijk met succes is getest.Lees ook: Hoe bamboe bouwers, betonfabrikanten en boeren helpt CO2-uitstoot te verminderen EU-regels voor duurzame beleggingsfondsen blijken te complex Om greenwashing door aanbieders van duurzame beleggingsfondsen tegen te gaan introduceerde de Europese Unie in 2021 nieuwe criteria voor duurzaam beleggen. Dit moest duidelijker maken of een beleggingfonds daadwerkelijk gericht was op duurzame bedrijven. Uit nieuw onderzoek gepubliceerd door de Harvard Business School blijkt dat de nieuwe regels weinig effect hebben gesorteerd.Er is de afgelopen jaren niet extra kapitaal gevloeid naar beleggingsfondsen die voldeden aan de strengere duurzaamheidscriteria. Dat ligt volgens de auteurs niet aan een gebrekkige belangstelling voor duurzaam beleggen bij particuliere beleggers, maar vooral aan de complexiteit van de ingevoerde regelgeving.Lees ook: Ceo Jacqueline van den Ende van Carbon Equity: 'Hernieuwbare energie is cruciaal voor energie-onafhankelijkheid van Europa' Arcadis start met voorbereiding bouw twee nieuwe kerncentrales Een consortium met ingenieursadviesbureau Arcadis en de energietak van Amentum gaat de bouw van twee nieuwe kerncentrales in Nederland voorbereiden. Dat bevestigde het ministerie van Klimaat en Groene Groei aan het FD. Met de opdracht is in totaal 180 miljoen euro gemoeid.Arcadis zit in het consortium Nexus-NL, samen met het Belgische Tractebel Engineering en de Nederlandse nucleaire dienstverlener NRG Pallas, bekend van de kernreactor in Petten. De groep gaat onderzoeken welke locaties in Nederland geschikt zijn voor nieuwe kerncentrales en welke faciliteiten en middelen nodig zijn om ze neer te zetten. De opdracht betreft dus niet de bouw ervan, maar de eerste verkennende fase, die ten minste vijf jaar in beslag zal nemen.Lees ook: Kleine kernreactor op gesmolten zout en radioactief afval over vijf jaar gebouwd, belooft Thorizon Ook in de media:Onderzoeksraad voor Veiligheid: Nederland niet goed voorbereid op extreme regen (NOS) Porthos-project voor CO2-opslag onder de Noordzee stap verder met plaatsing compressoren (Gasunie) CO2-prijzen moeten tijdsduur van opslagprojecten beter meenemen, volgens rapport (Phys.org) Japanse energiebedrijf Tepco start voor het eerst sinds nucleaire ramp in Fukushima weer kernreactor op (China Daily) Duitse fintech voor zonne-energie en warmtepompen haalt $ 1,2 miljard aan krediet op (Cloover) Staatssteun van € 2 miljard voor Tata Steel juridisch onhoudbaar, volgen Advocates for the Future (AftF) Helft van mondiale CO2-uitstoot komt van producten van 32 grote olie-, gas- en kolenbedrijven (The Guardian) Ook de bodem warmt op door klimaatverandering (KNMI)