Teun Schröder
01 juni 2022, 10:50

Zuid-Holland opent waterstoftankstation: wat komt hier allemaal bij kijken?

Vanaf 2030 moeten alle circa 5.000 OV-bussen uitstootvrij zijn. Daarom investeren provincies samen met transportbedrijven nu al in batterij-elektrische en waterstofbussen. Maar Zuid-Holland ging een stap verder. In samenwerking met verschillende partijen gaf het een impuls aan de gehele waterstofeconomie in de regio. Hoe pakte Zuid-Holland dit aan en wat kunnen anderen hiervan leren?

2022 03 11 022 Opening waterstoftankstation Heinenoord Bussen kunnen sinds maart bij het waterstoftankstation brandstof halen. V.l.n.r. Irma Kenter (PZH), Jacob Krogsgaard (Everfuel), wethouder Harry van Waveren (PZH), Ben Dwars (Connexxion) | Credits: Rhalda Jansen

Op 11 maart 2022 werd in Heinenoord in de provincie Zuid-Holland een nieuw waterstoftankstation geopend. De waterstofbussen van Connexxion kunnen hier de komende twaalf jaar rekenen op groene waterstof van leverancier en tankstationexploitant Everfuel. Het tankstation heeft capaciteit voor vijftig zware voertuigen en is daarmee één van de grootste in Europa. Rebel begeleidde het proces en zorgde dat de belangen van alle partijen in deze publiek-private samenwerking werden meegenomen. Irma Kenter (Directeur Mobiliteit en Milieu van provincie Zuid-Holland), Jacob Krogsgaard (CEO Everfuel, de leverancier van waterstof), Ben Dwars (regionaal directeur busmaatschappij Connexxion) en Marc van der Steen (Rebel) waren er vanaf het begin bij.

Waar begint een omvangrijk project als dit?

Kenter: “In het Klimaatakkoord is afgesproken dat er in 2030 alleen maar uitstootvrije voertuigen in concessies (pakketten van lijnen en vervoersdiensten voor OV-bedrijven, red.) mogen rijden. Hoewel niemand echt in de toekomst kan kijken, zijn we toch van start gegaan. Voor de kortere afstanden biedt batterij-elektrisch momenteel de beste oplossing. Maar bij langere ritten lijkt waterstof nu kansrijker. Waterstofvoertuigen leggen minder druk op het elektriciteitsnet en kennen niet de lange laadtijden van batterij-elektrisch. Dus hebben we met Connexxion gekeken of we hun vloot waterstofbussen konden uitbreiden. Die bussen moeten natuurlijk wel toegang tot waterstof hebben; groene waterstof, opgewekt uit zon en wind. Vanuit die gedachte hebben we via een aanbesteding gezocht naar een partij die dat kon leveren. We wilden een totaalpakket voor een waterstofinfrastructuur.”

Wat waren voor Connexxion de voorwaarden om aan dit project mee te doen?

Dwars: “We reden al met vier VDL-waterstofbussen in de regio. In deze samenwerking komen daar nog twintig bussen van bussenbouwer Solaris bij. Van tevoren wilden we de garantie dat deze investering een positieve businesscase oplevert. Dit geldt voor de bouw van de bussen, maar ook voor de operationele kosten. De waterstofmarkt is minder volwassen dan de markt voor fossiele brandstoffen. De zoektocht naar een partner die betaalbare waterstof kon leveren voor een langere termijn was dus ook een uitdaging.”

Lees ook: Milieuvriendelijk OV: Connexxion breidt vloot uit met 20 waterstofbussen

Everfuel won de aanbesteding voor het tankstation en de levering van waterstof. Wat maakt dit project voor jullie zo interessant?

Krogsgaard: “Als je investeert in een waterstoftankstation wil je zeker weten dat je genoeg afnemers van waterstof hebt. Die garantie hebben we nu dankzij de 24 waterstofbussen van Connexxion die zich hebben gecommitteerd om twaalf jaar bij ons te tanken. Verder is het station gebouwd op een tankcapaciteit van vijftig zware voertuigen. Deze kunnen tegelijkertijd binnen zes minuten volgetankt worden. Met de verwachte opkomst van vervoer op waterstof zijn we dus klaar voor nog meer afnemers.”

Waar wordt de groene waterstof voor het tankstation in Heinenoord geproduceerd?

Krogsgaard: “Momenteel halen we de groene waterstof voor Heinenoord bij verschillende partners. Eén van de bronnen is een elektrolyser in Frankfurt. Dit systeem gebruikt gecertificeerde groene stroom, een mix van zon en wind. Ook zijn we bezig met onze eerste eigen waterstofproductiefabriek in Denemarken. Deze fabriek gaat later dit jaar zijn eerste groene waterstof produceren.”

Wat zijn Garanties van Oorsprong?

Garanties van Oorsprong (GvO’s), ook wel groencertificaten, zijn bewijsstukken waarmee de afkomst van duurzame energie aangetoond kan worden. Wanneer een windmolenpark elektriciteit produceert, geeft een instantie daar garanties voor uit. Elke GvO is te herleiden naar de installatie waar deze is opgewekt.

In 2012 ontstond in Nederland ophef over de handel in GvO’s. Door handel met het buitenland werden er meer GvO’s verhandeld dan er daadwerkelijk aan duurzame elektriciteit werd opgewekt. Op dit momenten werken verschillende partijen op Europees niveau aan meer regels en afspraken rond groencertificaten. Krogsgaard: “Dit wordt één van de grootste uitdagingen van de komende tijd. Met de opkomst van waterstof is het essentieel dat de benodigde energie ook echt uit hernieuwbare bronnen komt.”

Waarom is juist voor deze locatie gekozen voor het waterstoftankstation?

Kenter: “We wilden in de buurt zitten van de busremise, zodat chauffeurs niet hoeven om te rijden als ze willen tanken. En aangezien we verwachten dat het waterstoftankstation later ook door ander zwaartransport wordt gebruikt, wilden we dichtbij transportcorridors zitten. Heinenoord heeft beide.”

Dwars: “Normaal gesproken regelt een OV-bedrijf zijn eigen brandstofvoorziening, meestal met een tankstation op een remiseterrein. In dit geval hebben we aangegeven dat dat niet handig was, aangezien we de vraag naar waterstof willen stimuleren. Daarvoor is het belangrijk dat het waterstoftankstation ook voor andere partijen bereikbaar is.”

Wanneer verwachten jullie dat de volledige capaciteit van het waterstoftankstation benut gaat worden?

Krogsgaard: “Wat ons betreft al binnen een paar weken. Wij zijn er klaar voor.”

Van der Steen: “Alles wijst erop dat zwaar transport op waterstof in een versnelling terecht gaat komen. Vooralsnog blijft het nog bij kleine productiemodellen van een aantal grote merken. Maar dit gaat snel veranderen, aangejaagd door Europese wet- en regelgeving. Voor de Europese transportcorridors op waterstof moeten er wel meer grote waterstoftankstations bijkomen. Zuid-Holland laat in ieder geval zien dat het kan.”

Waren er nog zorgen van omwonenden voor de bouw van het tankstation?

Van der Steen: “We hebben omwonenden en de bedrijven op het industrieterrein van het begin af aan zo goed mogelijk geïnformeerd. Ik ben koffie gaan drinken bij de buren op het bedrijventerrein en heb iedereen uitgelegd wat we van plan waren. Als er achteraf nog vragen waren, konden ze me bellen. Voor ons was dit belangrijk, want je wilt voorbereid zijn op eventuele bezwaren. Die kunnen een project namelijk meteen vertragen. Uiteindelijk waren de reacties positief en heeft niemand een bezwaar ingediend.

De gesprekken met buren hebben zelfs nog tot nieuwe samenwerkingen geleid. Eén van de nabijgelegen bedrijven produceert bepaalde leidingen en goten die we goed konden gebruiken voor het tankstation. Dat heeft nog een extra deal opgeleverd.”

Hoe hopen jullie dat dit project andere waterstofprojecten inspireert?

Dwars: “Ik denk dat communicatie in dit soort samenwerkingen cruciaal is. In plaats van mogelijke problemen te bagatelliseren, erkennen we dat we waarschijnlijk obstakels gaan tegenkomen. Maar met de garantie dat we ze gaan oplossen. Dat is een aanpak die volgens ons en onze partners werkt.”

Krogsgaard: “Communicatie en transparantie staan absoluut voorop. We gaan een langdurige samenwerking aan, dus als er issues zijn lossen we die samen op. Verder toont Heinenoord hopelijk dat samenwerkingen tussen bedrijven en publieke partijen voor waterstofoplossingen technologisch en financieel werken. Sinds de opening van dit tankstation hebben we al twee aanvragen binnengekregen voor vergelijkbare samenwerkingen.”

Van der Steen: “Ik hoop dat dit waterstoftankstation vooral onze nationale overheid inspireert. Dit project is deels gefinancierd met subsidies; het leeuwendeel door de provincie. Op nationaal niveau hebben we relatief weinig hulp gehad. Waterstofbeleid uit Den Haag ontbreekt omdat ze nog steeds in debat zijn over de te nemen route. ‘Gaan we inzetten op waterstof of kiezen we voor batterij-elektrisch?’ Terwijl we voor snelle verduurzaming van de mobiliteit allebei nodig hebben.”

Welke ontwikkelingen rond duurzame mobiliteit kunnen we nog meer verwachten van de provincie Zuid-Holland de komende tijd?

Kenter: “Na de concessie in het zuiden willen we ook dat het openbaar vervoer in het noorden van de provincie zero-emissie wordt. Deze opdracht wordt binnenkort uitgezet en OV-bedrijven krijgen extra punten als het ze lukt om vanaf dag 1 uitstootvrij te rijden. Verder gaan de eerste verduurzaamde waterbussen dit jaar in de vaart. Daarnaast zijn we bezig om de binnenvaart te helpen naar zero-emissie te bewegen. We zijn dus in de volle breedte van de mobiliteit bezig om de doelstellingen van 2030 te halen. Wat mij betreft gaat dat zeker lukken.”

Lees meer: Nederlanders bouwen eerste watertaxi op groene waterstof: “Dit is slechts het begin”

Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.

Foto Credits: Rhalda Jansen

Bij deze pensioenaanbieder zijn de klanten zelf aandeelhouder

Toen Jakobsen in Engeland zzp’er werd, kon ze haar pensioen vrij eenvoudig zelf regelen. Eenmaal terug in Nederland bleek het stukken lastiger. Daarom besloot ze zelf een pensioenbedrijf op te richten. Ze vindt het belangrijk dat mensen daar echt mee geholpen zijn. “Dat je niet puur vanuit financieel gewin naar een product kijkt, maar juist naar de impact die je ermee maakt op het leven van je klanten maar ook de samenleving in brede zin.” Wat is er mis met het systeem? “Doordat financiële instellingen toegang hebben tot het geld van deelnemers, zie je dat de verleiding groot is om steeds manieren te bedenken om meer van die pot af te romen. Bijvoorbeeld door het toevoegen van extra verzekeringen en het verhogen van de kosten. Eigenlijk moet een financiële instelling van deze pot leren afblijven. En al helemaal als deze passief belegd wordt, want dan heb je als vermogensbeheerder weinig invloed op de waarde. In mijn tijd bij de bank vroeg een private equity partij eens om advies bij de overname van een slapend pensioenfonds. Ze wilden er na een 'handige herstructurering van de beleggingsportefeuille' veel geld uit kunnen trekken. ‘Maar wat doen jullie als er bijvoorbeeld een behandeling tegen kanker wordt gevonden waardoor de deelnemers opeens vijf jaar ouder worden?’, vroeg ik. ‘Dan zit er namelijk niet meer genoeg geld in het fonds.’ Dat vonden ze hun probleem niet, waar ik het dus absoluut niet mee eens was.” Wat doen jullie anders? “Wij werken voor een vaste vergoeding. Je betaalt maximaal 210 euro op jaarbasis voor onze dienstverlening en begint pas met betalen als je 5.000 euro aan vermogen hebt opgebouwd of langer dan een jaar lid bent. We beleggen tegen kostprijs en verdienen geen cent aan het vermogen van de deelnemers. Om te zorgen dat aandeelhoudersbelang en klantbelang hand in hand gaan, maken we van onze klanten mede-aandeelhouders.” Voor een hypotheek naar de bank? Dat is niet meer nodig. Lees hier waarom. Beleggen jullie duurzamer dan een gemiddeld pensioenfonds? “Dat zeker. We beleggen nu in artikel 8 en artikel 9 fondsen. Artikel 8 gaat om fondsen die duurzaamheid promoten en daaruit kiezen we dan ook nog eens alleen de fondsen die het best scoren op maatschappelijk verantwoord ondernemen.”Artikel 8 en artikel 9 Als fondsen onder artikel 8 vallen betekent het bijvoorbeeld dat bepaalde sectoren worden uitgesloten, zoals de tabaksindustrie. Je zou dit lichtgroene fondsen kunnen noemen. Fondsen die onder artikel 9 streven een positieve bijdrage aan de wereld na. Een fonds dat zich specifiek op de energietransitie richt zou daaronder kunnen vallen.“De Sustainable Finance Disclosure Regulation (SFDR) is een jaar uitgesteld (regelgeving die financiële instellingen verplicht om te bewijzen wat hun fondsen groen maakt red.). Toch zijn wij al sinds 2021 bezig met het meten van onze footprint en impact. Daarnaast beleggen we in groene obligaties. Daarvan wordt de impact duidelijk gerapporteerd. We streven naar een klimaatneutraal fonds. Uit de eerste berekening lijken we dat al te zijn, maar aangezien de onderliggende bedrijven nog niet verplicht zijn om hun klimaatimpact te rapporteren, gaat het nog veelal om schattingen. We beleggen deels in ETF’s. Dat betekent dat we passief beleggen. We kijken wel na hoe deze fondsen stemmen op gebied van duurzaamheid, maar hebben hier effectief geen invloed op. Uiteindelijk is onze ambitie om zelf rechtstreeks te gaan beleggen, maar dat brengt veel extra kosten met zich mee. Dus we moeten eerst meer deelnemers hebben voordat dat financieel uit kan. Persoonlijk vind ik dat er wel heel veel invloed aan financials toegedicht wordt en er te weinig naar de consument, industrie en overheid gekeken wordt. Natuurlijk hebben financials invloed, maar het is naïef te denken dat wanneer pensioen- en beleggingsfondsen geen fossiele bedrijven meer in hun portefeuille hebben, deze bedrijven stoppen met olie uit de grond pompen. Zo lang daar geld mee te verdienen valt en overheden hier niet veel strengere restricties op leggen, blijft dit gebeuren.” Welk type leider is ervoor nodig om daar verandering in te brengen? “Mensen die de 'bigger picture' zien. Je moet mondiaal denken om dit soort problemen aan te pakken en je niet blindstaren op korte termijn winstgevendheid... We gaan een fase in waarbij er grof geïnvesteerd moet worden, waarbij het rendement van deze investeringen deels maatschappelijk is en de winst op financieel gebied nog jaren op zich kan laten wachten. Juist door nu te investeren in verduurzaming kun je de curve straks voorblijven. Alleen vereist dat diepe zakken, een langetermijnvisie en goede bevlogen mensen die pragmatisch blijven nadenken. Je kunt beter al met nog niet optimale technieken live gaan in plaats van te wachten tot de perfecte oplossing zich aandient. Als je ziet hoe effectief zonnepanelen en batterijen zijn geworden dan moet er ook eenzelfde case te maken zijn voor de productie van groene waterstof. Ook worden sommige investeringen wel heel makkelijk afgeschreven als niet succesvol of niet toekomstbestendig. Denk bijvoorbeeld aan het gasnetwerk in Nederland: we moeten allemaal van het gas af, maar waarom kan het huidige gas in de leidingen niet door groen gas worden vervangen? Denk ook aan energiewinning uit de getijden, andere typen windmolens of aan de ontwikkeling van groen gas door bijvoorbeeld methaan af te vangen en dit te mixen met groene waterstof. Hoe meer duurzame mogelijkheden er ontwikkeld worden, hoe beter je per leefomgeving een gepaste duurzame alternatieven kunt bieden. Gaan voor een ‘one-size-fits-all’ oplossing past bijna niemand echt goed.” Waar ben je het beste mee geholpen? “Het meeste natuurlijk met een explosieve ledengroei. Maar goede, bevlogen mensen die voor je werken is ook cruciaal en met een krappe arbeidsmarkt blijft dat een uitdaging. Gelukkig merken we dat binnen de financiële sector een groeiende groep mensen op zoek is naar een werkgever met een missie. Het feit dat we een social enterprise zijn, die snel groeit en impact maakt, helpt ons hierbij.” Toen Cosmas Blaauw een arbeidsongeschiktheidsverzekering wilde afsluiten, bleek dit duur en ingewikkeld. Hij besloot een alternatief te starten. Wat maakt SharePeople anders dan verzekeraars?Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.