Sabine Sluijters 29 september 2021, 16:28

Zonnepanelen in ruil voor asbest: Hoe verzekeraar Univé energieleverancier wordt

Ruim 60.000 asbestdaken in Nederland zijn niet of nauwelijks te verzekeren. Maar vanaf vandaag biedt verzekeraar Univé klanten de mogelijkheid om hun asbestdak te saneren en in te ruilen voor een zonnedak.

Zonnepanelen op boeren schuur In totaal ligt nog 70 tot 80 miljoen m2 asbest op ongeveer 60.000 bedrijfsgebouwen en boeren schuren | Credits: Adobe Stock

Een ondernemer die vandaag de dag een asbest dak heeft, loopt een groot risico. Want sinds 2018 is een asbestdak nauwelijks meer te verzekeren. Dat geldt met name voor bedrijfsgebouwen. Asbest is kankerverwekkend zodra erin gezaagd of geboord wordt, en kan dus niet gerepareerd worden. Wanneer door een hagelstorm of door wind een klein deel van het dak beschadigd raakt, moet het gehele dak gesaneerd worden. Dat gebeurt, vanwege het giftige karakter van het goedje, onder zeer strenge condities en brengt daardoor extreem hoge kosten met zich mee.

80 miljoen vierkante meter asbest

Asbestdaken komen nog veel voor in Nederland. In totaal ligt nog 70 tot 80 miljoen m2 asbest op ongeveer 60.000 bedrijfsgebouwen en boerenschuren. Bijna de helft van de boeren en zo’n 7 procent van de MKB’ers die bij Univé verzekerd zijn, hebben één of meer gebouwen met een asbest-dak. “Dat zijn 25.000 tot 30.000 leden”, zegt Jan-Willem Bolhuis. Als propositiemanager bij Univé bedacht hij het plan voor ‘duurzame zekerheid’.

In verzekeringsland geldt dat risico’s waarvan de kosten hoog zijn en de kans groot is dat het gebeurt, moeilijk verzekerbaar zijn. Ook Univé besloot in 2018 daarom de dekking van dit soort daken te laten aflopen. Dat houdt in dat een ondernemer steeds minder vergoed krijgt in het geval dat hij door een kleine schade het gehele dak moet laten saneren.

Niet te betalen

Maar het simpelweg afbouwen van de dekking voor asbestdaken paste niet bij de aard van verzekeraar Univé. “Dit staat haaks op onze missie om mensen te helpen en schade te voorkomen”, zegt Bolhuis. “Univé is een coöperatie van en voor leden, zonder winstoogmerk. We zijn oorspronkelijk begonnen om elkaar te helpen en vooral risico’s te voorkomen en beperken. En mocht je dan nog schade hebben, om gezamenlijk een oplossing te zoeken.”

Univé besloot op zoek te gaan naar een manier om zijn leden te helpen. Vooral de financiering van de sanering bleek een struikelblok. “Ondanks de subsidieregeling voor asbestsanering kregen veel leden de financiering van de daksanering niet rond in hun eigen bedrijfsmodel”, zegt Bolhuis. Alleen als het bedrijf wilde uitbreiden en opschalen kon het eventueel mee in de berekeningen. “Want alleen een dak vervangen levert niks op. Dat zijn alleen maar kosten.”

Duurzame zekerheid

Univé moest daarom een nieuwe inkomstenbron vinden die de kosten voor het saneren zou kunnen financieren. “En die inkomstenbron moest toekomstvast zijn, modern, duurzaam, en heel veel stabiliteit bieden”, zegt Bolhuis. “Want het moest gedeeltelijk gefinancierd worden, waarvoor we geld moesten vrijmaken en op zoek moesten naar financiering.” Die vond Univé bij onder andere de Rabobank.

De oplossing waar Bolhuis met zijn collega’s mee kwam is ‘Duurzame Zekerheid’: Univé vervangt het dak en voorziet het in samenwerking met zonnestroomontwikkelaar GroenLeven van zonnepanelen. De stroom die de panelen opwekken verkoopt Univé aan energieleverancier Greenchoice, die het op zijn beurt weer via Univé kan leveren aan Univé leden. Met behulp van garanties van oorsprong (GVO’s) is te herleiden op welk dak de stroom is opgewekt. “Wij wilden de relatie tussen waar het wordt geproduceerd en waar het wordt afgenomen duidelijk maken”, zegt Bolhuis.

100.000 consumenten

Om de businesscase rond te krijgen, draagt Greenchoice een deel van zijn verdienste af in de vorm van een duurzaamheidsvergoeding, die Univé volledig besteedt aan nieuwe asbestvrije zonne-energie producerende daken. Greenchoice levert dus in op de marge, maar krijgt daar veel voor terug, zegt Paulien Jeurissen die vanuit Greenchoice meewerkte om duurzame zekerheid tot stand te brengen. “Want in de energiemarkt wordt veel van energieleverancier gewisseld. We zijn ervan overtuigd dat we met deze samenwerking klanten aantrekken die bij ons blijven. Daarmee maken we onze groene energiebeweging steeds groter en werken we aan onze missie om de energietransitie te versnellen.”

Bovendien levert het Greenchoice veel nieuwe klanten op. “Voor de komende jaren hebben we de ambitie om aan 100.000 consumenten stroom van Univé te gaan leveren”, zegt Jeurissen. Dat is een flinke groei als je bedenkt dat Greenchoice op dit moment 580.000 particuliere klanten heeft. Ook is de zonnestroom van Univé duurzamer. “Die stroom komt van Nederlandse daken die ook nog eens van asbest zijn ontdaan. Dat is een win-win: voor onze missie en voor de klant”, zegt Jeurissen.

Veel potentie

Hiermee wordt verzekeraar Univé energieproducent. “Dat is natuurlijk vreemd, maar het ligt best dicht bij onze oorsprong”, zegt Bolhuis. “We zijn ontstaan uit twintig boeren die zich verenigden om met elkaar voor elkaar iets te doen. We hebben dus binding met die groep. En vanuit de gedachte dat leden elkaar helpen. Dat is ons bestaansrecht.”

Sinds de zomer hebben duizend boeren die verzekerd zijn bij Univé aangegeven mee te willen doen. En de potentie is groot. “Stel dat al een derde van de Univé klanten met een asbest dak mee gaat doen. Dan zouden we voor 800.000 huishoudens stroom kunnen opwekken en 13 miljoen m2 asbestdak saneren”, rekent Bolhuis voor. “En dan komen daar de leden van de Rabobank nog eens bij.”

Natuurlijk is dit een schatting, maar tot nu toe is het enthousiasme groot. “Het zou prachtig zijn als het gaat vliegen, want daarmee maak je in de energietransitie een stap, en je maakt de regio asbestvrij. Kom maar op, dit mag best groot worden.”

Arthur van Schayk, Remeha: “Met de hybride warmtepomp staan we aan de vooravond van een revolutie!”

Wat doet Remeha zoal om de klimaatdoelen van Parijs te halen? “We hebben Remeha afgelopen drie jaar weten te transformeren van leider in cv-installaties tot leider in duurzame en dus groene klimaatsystemen. We hebben ons dus verbreed. Zowel op het gebied van gas als op elektriciteit kunnen wij nu structurele oplossingen bieden. Niet alleen bij mensen thuis, maar ook voor stadsverwarmingen. Dat is ons gelukt door een aantal overnames, maar onze interne organisatie ontwikkelt zich ook steeds verder. Voorheen waren we voornamelijk een business-to-business merk, nu richten we ons steeds meer op de consument. Dus we spreken nu met heel andere klanten. Dat vereist dat we veranderen. We hebben onze HR-afdeling bijvoorbeeld flink verzwaard, om te zorgen dat we mensen aantrekken die ons kunnen helpen om steeds duurzamer en innovatiever te worden. En we besteden natuurlijk veel aandacht aan het verder ontwikkelen van onze producten. We moeten blijven innoveren.” Liever luisteren? Arthur van Schayk was onlangs te gast in onze podcast Change Short Stories:Welke bijdrage ga je de komende jaren leveren aan de toekomsteconomie? “We maken een enorme stap met het doorontwikkelen van onze hybride warmtepomp. Deze pomp is zo groot als een schoenendoos. Je plaats ‘m naast je cv-ketel en kunt zo je woning tot 70 procent minder gas laten gebruiken. Op het moment dat het huis alleen moet worden verwarmd, gebruik je de warmtepomp. Maar zodra er warm water nodig is, of als het buiten onder de vier graden Celsius is, springt de cv-ketel aan. Met deze hybride versie kunnen we 2 tot 4 miljoen woningen in Nederland verduurzamen. En ook kunnen we deze installeren in nieuwbouw of als vervanging voor stadsverwarming. We kunnen zo hele grote stappen maken naar het Klimaatakkoord. Omdat het zo’n grote en nieuwe ontwikkeling is, is het van belang dat we goed voorbereid zijn. Er moet goede communicatie zijn met de woningeigenaren en projectontwikkelaars en gemeentes. Dat zijn allemaal partijen die deze hybride warmtepomp gaan toepassen in hun gebouwen. En er moet een training worden opgezet voor de installateurs, zodat zij de warmtepompen kunnen installeren en uitleg kunnen geven. Met dit project staan we aan de vooravond van een revolutie! Want hiermee los je echt een groot deel van het CO2-uitstoot op die vanuit de oude cv-ketels werd veroorzaakt. En het mooie is dat we de hybride warmtepomp ook kunnen gebruiken als we in de toekomst van aardgas overstappen op waterstof. Omdat we cv-ketels beschikbaar hebben die klaar zijn om te draaien op waterstof.”Wat moet er veranderen om de energietransitie in beweging te krijgen? “De techniek hebben we in huis, dat is het probleem niet meer. Maar hoe zorgen we dat mensen het weten en ook toegang krijgen tot deze ontwikkelingen? Met een aantal brancheverenigingen en de overheid zijn we een coalitie aangegaan om te zorgen dat we dit project in geheel Nederland kunnen uitrollen. Zo proberen we impact te krijgen op het regeerakkoord. We gaan nu een test doen met 200 hybride warmtepompen. Ook zijn we bezig met een financieringsmodel waarmee je met je werkgever voor een warmtepomp kunt sparen, via een employee benefit model. Dit concept wordt uitgevoerd door HAAS heat, wat staat voor Heating As A Service. Het is een soort fietsenplan, waarbij je met je vrije dagen of brutosalaris kunt sparen voor een warmtepomp voor thuis. Een ander laagdrempelig model is onze samenwerking met econic, waarbij consumenten een hybride warmtepomp kunnen huren. Vervolgens kan de consument het huurbedrag terugverdienen op de stookkosten. We hebben duizenden installateurs nodig voor de energietransitie, bijvoorbeeld om al die warmtepompen te installeren en te onderhouden. Daarom investeren we enorm in onze opleidingen. We leiden nu 5.000 monteurs per jaar op, dat worden er 10.000 per jaar. En met onze aandeelhouder De Stichting Aandelen Remeha ontwikkelen we een educatiestrategie. Daarmee gaan we naar basisscholen, middelbare scholen, MBO’s, HBO‘s, universiteiten en ook naar de zij-instromers. We willen laten zien dat techniek waanzinnig leuk is, en dat je zo een actieve bijdrage kunt leveren aan het verduurzamen van onze wereld. Daarnaast stellen we onze producten beschikbaar als trainingsmateriaal voor opleidingen waar praktijkles wordt gegeven. En we bieden stageplekken. Dat helpt ons ook om de juiste mensen aan te nemen en hen aan ons te binden. Uiteindelijk bepaalt de instroom je uitstroom. En mensen zijn toch je grootste kapitaal om een beweging als deze te kunnen maken.”Dit artikel is onderdeel van een reeks interviews met directeuren en andere beslissers over hun impact op de toekomsteconomie. Benieuwd naar de andere interviews? Meld je gratis aan en ontvang onze nieuwsbrief.