Aan het weer lag het niet, de afgelopen drie maanden. In september waaide het harder vergeleken met dezelfde maand vorig jaar, en in juli en augustus evenveel. Die twee maanden waren ook zonniger dan vorig jaar, waardoor er in totaal 15 procent meer groene stroom werd opgewekt. Met september erbij was er zelfs een groei van 26 procent.
Dat blijkt uit de kwartaalcijfers van Energieopwek.nl, een samenwerking van het Nationaal Klimaat Platform met Entrance/Hanzehogeschool Groningen, Tennet en Gasunie.
Per saldo was in het derde kwartaal van dit jaar 58 procent van alle opgewekte stroom in Nederland hernieuwbaar. Vorig jaar was dat nog 56 procent. Dat aandeel had 61 procent kunnen zijn, als er niet zoveel wind- en zonneparken waren uitgeschakeld. In vakjargon wordt dat curtailment genoemd.
Inzet gascentrales vanwege aircopiek drukt aandeel groene stroom
De meeste zonne-energie wordt in de zomer overdag opgewekt. Op zomerse dagen met veel wind is het aanbod van groene stroom groter dan de vraag. Dat leidt tot lage en soms zelfs negatieve prijzen. Dat laatste gebeurde dit jaar al 538 uur lang, langer dan in heel 2024.
Op dat soort momenten worden windturbines en zonnepanelen uitgeschakeld. Zo ging er dit jaar al 9,5 petajoule aan energie verloren, meer stroom dan heel Nederland op een dag verbruikt. Het is ook ruim twee keer zoveel als vorig jaar en een stijging van 70 procent.
Tegelijkertijd moesten gascentrales ’s avonds vaker bijspringen, omdat heel Nederland bij thuiskomst zijn airco aanzette. Dat heet de zomerse aircopiek. Op die momenten is er weinig zonnestroom en meestal ook te weinig windenergie, wat de stroomprijs tijdelijk opdrijft.
Per saldo zorgde extra inzet van gascentrales ervoor dat het relatieve aandeel van groene stroom in de elektriciteitsmix lager uitviel. Deze situatie maakt volgens het Nationaal Klimaat Platform de noodzaak van energieopslag weer eens duidelijk.

Klimaatdoelen niet gehaald
In het Klimaatakkoord is afgesproken dat in 2030 liefst 70 procent van alle opgewekte stroom uit hernieuwbare bronnen moet komen. Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) verwacht nu in de meest recente Klimaat en Energie Verkenning (KEV) dat Nederland die doelen niet gaat halen en dat dit aandeel hooguit op 60 procent zal uitkomen. In de raming van 2022 was dit nog 85 procent.
Energieopwek.nl benadrukt steeds dat slechts 20 procent van alle gebruikte energie in Nederland uit elektriciteit bestaat. Warmte (55 procent) en brandstoffen voor transport (25 procent) slokken het grootste deel op.
Volgens het PBL zal in 2030 ongeveer 24 procent van al het energiegebruik uit elektriciteit bestaan. Door elektrificatie van de industrie, vervoer en huishoudens (koken, warmtepomp, airco) zal het aandeel elektriciteit in de energiemix groeien. Het PBL verwacht dat dit in 2030 ongeveer uitkomt op 24 procent van het totale energiegebruik.




