Redacteur Maaike
Maaike Kooijman
08 juli 2025, 14:00

Warmtebatterij met gesmolten zout biedt hoop: 'De industrie heeft het zwaar, maar wij hebben een oplossing'

Elektrificeren op een vol stroomnet: dat is zo makkelijk nog niet. Voor die enorme uitdaging van de industrie biedt startup Saltes een oplossing. Met hun warmtebatterij op basis van gesmolten zout kan hernieuwbare energie worden opgeslagen als warmte en op een later moment worden gebruikt. ‘Zo kunnen bedrijven besparen én verduurzamen.’

Eigenaren Bram Bens (links) en Thomas Stroes bij een prototype van Saltes' ThermalPod Eigenaren Bram Bens en Thomas Stroes bij een prototype van Saltes' ThermalPod. | Credits: Saltes

Het is misschien wel de grootste opgave sinds de start van de industriële revolutie: het decarboniseren van precies de industrieën die ons zo veel economische vooruitgang hebben gebracht. De productie van onder meer bouwmaterialen, basismetalen (waaronder staal), papier en voedingsmiddelen én de chemische industrie spelen een belangrijke rol bij het halen van de klimaatdoelstellingen van de Europese Unie. De afgelopen decennia is de verbranding van steenkool en olie weliswaar flink afgenomen, maar het gasverbruik van de industrie ligt nog steeds relatief hoog.

Dat zit ‘m vooral in de constante vraag naar energie. Zonne- en windenergie kunnen een belangrijke bijdrage leveren, maar zijn lang niet altijd beschikbaar. ‘En geen enkele voedingsmiddelenproducent zegt: ik bak mijn aardappelen wel alleen als de zon schijnt’, zegt Thomas Stroes, mede-oprichter van Saltes. Hij weet: de sleutel tot het afstemmen van vraag en aanbod van duurzame energie ligt in de opslag daarvan.

Laat hij nou net bevriend zijn met Bram Bens. Werktuigbouwkundige Bens en technisch bedrijfskundige Stroes ontmoeten elkaar op de Technische Universiteit Eindhoven. Bens houdt zich al langer bezig met warmteopslag in gesmolten zout. In onder meer Portugal en Zuid-Afrika was hij betrokken bij projecten die gebruikmaakten van de technologie. Stroes voegt daar zijn ervaring met energiestartups aan toe. ‘Samen hebben we deze technologie de afgelopen jaren tot een concreet product gemaakt.’

Nu is het moment om dat product op de markt te brengen, vinden de twee. Deels doordat de pilots bewezen hebben dat de technologie werkt, maar ook vanwege de urgentie. ‘De industrie heeft het zwaar en wij hebben een oplossing.’

Warmte opslaan in gesmolten zout

Saltes lijkt de zoveelste producent van batterijen die het stroomnet moeten ontlasten. Maar waar elektrische batterijen, waaronder ook gewone zoutbatterijen, elektriciteit opslaan, zet Saltes die elektriciteit om in warmte en levert die vervolgens aan de industrie. ‘Industriële warmte is goed voor zo’n 20 procent van de wereldwijde vraag naar energie’, vertelt Stroes. ‘In voedingsmiddelenfabrieken wordt dat bijvoorbeeld in de vorm van stoom gebruikt. Nu is dat in Nederland vrijwel allemaal gas. Dat kan vervangen worden door duurzame energie, mits die zo wordt opgeslagen dat die op elk moment warmte kan leveren. Wij koppelen de momenten van elektriciteitsafname en van warmtelevering los.’

‘Als de energieprijzen laag zijn zetten we als het ware een heel grote elektrische verwarmer aan’, legt Stroes de technologie uit. ‘Daarmee verhitten we het opgeslagen zout tot de maximale temperatuur, in ons geval zo’n 500 graden Celsius. Vergelijk het met hoe een frituurpan olie opwarmt. Als een fabriek die warmte nodig heeft, wordt die weer aan het zout onttrokken.’ Het proces is zeer efficiënt, benadrukt hij. Van de energie die erin gaat, komt 90 tot 95 procent er ook weer uit. ‘Zie het als een heel grote thermoskan vol koffie. Je hebt altijd wel een beetje warmteverlies, maar de koffie blijft toch warm.’

Capaciteit van 500 elektrische auto’s

Het idee om warmte op te slaan in gesmolten zout is niet nieuw. Anders dan water is zout geschikt om warmte met temperaturen boven de 100 graden op te slaan. Het is ongevaarlijk en in grote voorraden aanwezig. Er zijn dan ook al energiecentrales die spiegels gebruiken om zonlicht op een zoutkolom te richten, waardoor het zout smelt en geleidelijk warmte afgeeft. ‘Maar dat zout is heel corrosief en wordt pas vloeibaar bij zo’n 250 graden Celsius. Daarmee kun je geen warmte van 150 graden aan een bedrijf leveren’, aldus Stroes. In Saltes’ ThermalPod heeft het zout een andere samenstelling, waarmee gesmolten zout ook relevant wordt als opslag voor industriële warmte.

De ThermalPod heeft de grootte van een klein gebouw en een opslagcapaciteit van 26 megawattuur, vergelijkbaar met zo’n vijfhonderd elektrische auto’s. Stroes: ‘Met één systeem kun je een hele fabriek van warmte voorzien.’ Ook dat is een verschil met zoutbatterijen waarin elektriciteit wordt opgeslagen. Die hebben een lagere energiedichtheid dan lithiumbatterijen, wat ze weinig aantrekkelijk maakt voor grootschalige toepassingen. De warmtebatterij van Saltes is dat wel. Het bedrijf richt zich hoofdzakelijk op voedingsmiddelenproducenten, maar de technologie is ook geschikt voor producenten van bijvoorbeeld papier en textiel.

De ThermalPod van Saltes

De ThermalPod van Saltes. | Credits: Saltes

Flexibel in vraag naar energie

In theorie kan de gesmoltenzoutbatterij de gasketel in fabrieken vervangen. Omdat elektriciteit soms dagenlang duur is, verwacht Stroes dat fabrieken de gasketel wel achter de hand houden. Stroes: ‘Maar dat neemt niet weg dat het grootste deel van de energie die toekomstige klanten verbruiken duurzaam zal zijn.’

De duurzaamheid is overigens slechts één van de voordelen. Doordat de batterij energie afneemt op het moment dat die heel goedkoop is omdat de zon schijnt en de wind waait, kunnen bedrijven hun energiekosten flink verlagen. Bovendien hoeven zonne- en windparken niet meer te worden afgeschakeld bij een overschot aan productie. Nuttig, want het afgelopen kwartaal werd er net zo veel stroom weggegooid als 800.000 huishoudens in een jaar gebruiken.

Een ander voordeel is dat de batterij bedrijven flexibel maakt in wanneer ze stroom afnemen. Dat maakt het voor nieuwe bedrijven gemakkelijker om een netaansluiting te krijgen. Hoewel het elektriciteitsnet behoorlijk vol zit, zijn er namelijk speciale contracten voor partijen die flexibel zijn in hun vraag naar energie.

Nieuwe investeringsronde

Saltes won vorige maand de Entrance Professional Award met een prijs van ter waarde van 100.000 euro. Dat geld gaan ze gebruiken voor het eerste full scale model van hun product, dat commercieel in de markt wordt gezet. De oprichters zijn momenteel in gesprek met potentiële afnemers. ‘En we zitten midden in een nieuwe investeringsronde’, vertelt Stroes. ‘Het ene product is klaar om de markt op te gaan, maar we zijn ook al met het volgende bezig. Dat moet een stuk compacter worden. Dan is het straks ook toepasbaar voor de lokale koekjesfabriek om de hoek.’

Lees ook:

Bedrijf achter MyWheels wil netcongestie aanpakken: 'Je vergroot hiermee ook de waarde van elektrische deelauto's'

‘Dit project is nu uit de pilotfase. We hebben laten zien dat je dit op schaal kunt brengen, waardoor de interesse van andere partijen groeit.’ Die boodschap gaf een verheugde Joost van Rooij van The Sharing Group mee, toen hij afgelopen week de publieksprijs in ontvangst nam bij de uitreiking van de Transition Awards 2025 van Change Inc.In een online stemming kwam het project The People’s Power Plant (zie kader) van The Sharing Group als duidelijke winnaar naar voren. Het bedrijf achter onder meer deelautobedrijf MyWheels lanceerde in juni een unieke samenwerking met de gemeente Utrecht, Renault en We Drive Solar. Vijftig deelauto’s van MyWheels worden ingezet als rijdende buurtbatterijen, die ook stroom kunnen terugleveren aan het net.The People’s Power Plant: netcongestie aanpakken met slimme inzet van decentrale batterijen Netcongestie op lokaal niveau oplossen door thuisbatterijen en batterijen van deelauto’s in te zetten als flexibele energieopslag. Dat is de basis van The People’s Power Plant van The Sharing Group, het bedrijf achter onder meer MyWheels. Het in juni gelanceerde project won de publieksprijs bij de uitreiking van the Transition Awards 2025 van Change Inc. op 1 juli.People’s Power Plant is een initiatief dat thuisbatterijen en de batterijcapaciteit van de deelauto’s van MyWheels inzet om onder meer de stroom van zonnepanelen zo efficiënt mogelijk te benutten. In samenwerking met de gemeente Utrecht, aanbieder van bi-directionele laadpalen We Drive Solar, netbeheerder Stedin en leverancier Renault zet MyWheels in op modellen die ook stroom kunnen terugleveren aan het net. De batterijen kunnen stroom afnemen bij een overschot aan hernieuwbare energie en stroom terugleveren op momenten met meer vraag dan aanbod.Utrecht heeft nu vijftig MyWheels-auto’s die fungeren als rijdende buurtbatterij. Het plan is om dit op te schalen naar vijfhonderd auto’s.The Sharing Group is ook eigenaar van Hegg, een aanbieder van dynamische energiecontracten in combinatie met thuisbatterijen. Daarnaast biedt dochterbedrijf Bliq slimme software en hardware aan voor thuisbatterijen om die optimaal te laten samenwerken met het elektriciteitsnet.Jullie willen met MyWheels opschalen naar vijfhonderd modellen van Renault die bi-directioneel kunnen laden. Zijn die allemaal bedoeld voor Utrecht?‘In principe wel. Het gaat daarbij deels om vervanging van auto’s bij parkeerlocaties die we al hebben en deels om uitbreiding. Bij nieuwe vastgoedprojecten is het bijvoorbeeld logisch om een deelauto erbij te plaatsen. Daarnaast is er buiten Utrecht inmiddels concrete interesse vanuit Amsterdam, Rotterdam en Eindhoven.’Heb je een minimum aantal deelauto’s nodig in een stad om ze als buurtbatterij te laten fungeren?‘Als je alleen met deelauto’s werkt wel. Maar we willen niet alleen afhankelijk zijn van autobatterijen. Als de markt voor thuisbatterijen groeit en je die kunt aanhaken, kun je in sommige regio’s misschien toe met minder deelauto’s, omdat de totale opslagcapaciteit inclusief thuisbatterijen voldoende is. Het gaat uiteindelijk om de combinatie van thuisbatterijen en batterijen van deelauto’s die dit model interessant maakt.In veel opzichten is de zakelijke markt een voorloper. Voor een partij als Renault is het bijvoorbeeld aantrekkelijk om voor bi-directioneel laden te beginnen met een zakelijke partij als MyWheels, omdat wij een hele vloot hebben. Dit is voor hen ook een manier om de vehicle-to-grid-technologie te valideren. De volgende stap wordt natuurlijk wel om dit ook naar consumenten te brengen.'Wordt het inzetten van elektrische modellen als deelauto interessanter als ze ook als buurtbatterij fungeren?'Je vergroot hiermee de waarde van elektrische deelauto’s. Waar een auto voorheen alleen geld opleverde als die werd verhuurd, is dat nu ook zo als de auto stilstaat. Op die manier houden we elektrische deelauto’s beter betaalbaar.Er is ook nog een ander voordeel, dat meer draait om de maatschappelijke functie van de deelauto. Er zijn nu bijvoorbeeld autobezitters in een buurt die niet zo blij zijn met de parkeerplekken die deelauto’s innemen. Als je kunt laten zien dat zo’n auto helpt om ervoor te zorgen dat het licht blijft branden in een buurt, heb je voordeel voor een bredere groep dan alleen de gebruikers van deelauto’s.’De thuisbatterij is een ander belangrijk onderdeel van The People’s Power Plant. Hoe kijken jullie tegen die markt aan?‘Op dit moment zijn het vooral early adopters die een thuisbatterij willen. Veel eigenaren van zonnepanelen wachten tot de salderingsregeling in 2027 verdwijnt, maar je ziet de markt wel degelijk groeien. Op de korte termijn zijn veel van dit soort technologieën gevoelig voor overheidsbeleid, dat mee- of juist tegen kan zitten. Dat beïnvloedt de snelheid van adoptie.Los daarvan is de kant die het opgaat voor ons helder. Momenteel wordt ongeveer 30 procent van de stroom die zonnepanelen opwekken gebruikt voor directe consumptie. We denken dat je dit met een thuisbatterij kan verhogen naar 70 procent.’Wat was de grootste uitdaging bij het project in Utrecht?‘Er zit een enorme complexiteit in alle facetten. Niet alleen technologisch, maar ook als het gaat om beleid en regulering. Dat is één ding, het andere is de businesscase. Deze investering is nog best onzeker. We hebben allemaal een gevoel dat dit gaat werken, maar dat kun je niet met zekerheid zeggen. Je moet investeren vanuit de overtuiging dat dit een relevante, structurele ontwikkeling is. Het is vervolgens belangrijk dat het schaal krijgt om nieuwe markten aan te boren.’Welk advies heb je voor anderen die duurzame projecten willen opschalen?‘Je moet volhardend zijn in je visie. De kunst is om groot te dromen en intussen kleine, concrete stapjes vooruit te zetten. Dat hebben we met dit project laten zien. Partners moeten het vertrouwen uitspreken om de samenwerking echt aan te gaan. Als iedereen de ruimte krijgt om z’n eigen expertise in te brengen, kun je gaan ontwikkelen voor de toekomst. Wij beginnen in Utrecht, maar werken aan een oplossing waarmee we op nationaal niveau en ook breder in Europa iets te bieden hebben dat onderscheidend is.’ Lees ook:5 lessen van Transition2025: zonder draagvlak geen duurzaam beleid – maar soms moet je gewoon dóen Je huis als batterij gebruiken: geen dure thuisbatterij meer nodig Woonwijk lost zelf netcongestie op: 500 huishoudens op één trafohuisje