Redactie Change Inc. 10 februari 2025, 15:30

Waarom nog maar één procent van het gas in Nederland groen is: ‘Er moet snel duidelijkheid komen’

Groen gas lijkt een ‘quick win’ in de energietransitie: het is een duurzaam alternatief voor aardgas en de grondstoffen om het te maken zijn ruim beschikbaar. Toch is de productie nog laag en loopt het verplicht bijmengen in aardgas vertraging op. Hoe staat het er nu voor in Nederland?

Vattenfall groen gas Martijn van Drunen is bij Vattenfall verantwoordelijk voor de Business Development van groen gas. | Credits: Vattenfall

Het verbruik van aardgas in Nederland daalt al jaren op rij. Woningen worden verduurzaamd met warmtepompen en de inductiekookplaat begint langzaam gemeengoed te worden. En ook de industrie schakelt (waar mogelijk) over op elektriciteit uit hernieuwbare bronnen. Maar volledig zonder gas kunnen we ook nog niet. Er stroomt nog altijd zo’n 30 miljard kubieke meter aardgas door onze leidingen, met name voor bestaande cv-installaties en industriële warmtebronnen. Hier komt groen gas in beeld: een CO2-neutrale, duurzame variant van aardgas die we in Nederland kunnen produceren en die probleemloos door traditionele gasleidingen kan stromen.

“Groen gas is qua samenstelling vrijwel identiek aan het aardgas dat we uit de bodem halen”, vertelt Martijn van Drunen, verantwoordelijk voor de Business Development van groen gas bij energieleverancier Vattenfall. “Het wordt gemaakt door organische reststoffen te vergisten, denk aan mest of slib uit rioolzuiveringsinstallaties. In grote tanks breken bacteriën de afvalstoffen af, waarbij biogas vrijkomt. Dat wordt schoongemaakt, gedroogd en de CO2 wordt eruit gehaald. Dan blijft er biomethaan over, ook wel groen gas genoemd.”

Monomestvergisters

In Nederland staan al zo’n tachtig vergisters die biomethaan produceren. Die variëren van kleine tanks tot grootschalige installaties, met een jaarlijkse productie van 300.000 tot wel 40 miljoen kubieke meter. De kleine tanks, ook wel monomestvergisters genoemd, staan met name op de erven van boeren. Die hebben met de productie van groen gas een verdienste. De grotere installaties zijn te vinden op industrie- of haventerreinen. Omdat groen gas – met uitzondering van de CO2-uitstoot – vergelijkbaar is met aardgas, is het makkelijk toe te voegen aan het landelijke gasnetwerk. Dat gebeurt dan ook al. Momenteel wordt er in Nederland jaarlijks zo’n 300 miljoen kubieke meter groen gas geproduceerd, dat samen met aardgas door onze leidingen stroomt. Maar het is nog een druppel op de gloeiende plaat. Biomethaan vormt namelijk nog geen procent van de huidige gasmix. Het overgrote deel bestaat nog altijd uit aardgas, met alle klimaatgevolgen van dien.

Bijmengverplichting

Daarom is in het Klimaatakkoord de ambitie uitgesproken om 2 miljard kubieke meter groen gas te produceren in 2030, en omgerekend ongeveer 1,1 miljard kubieke meter verplicht te mengen met het aardgas in het gasnet. “Je kunt het vergelijken met een benzinepomp”, zegt Van Drunen. “Als je Euro95 tankt, zit er een bepaald percentage bio-ethanol in. Dat percentage wordt steeds groter. Zo moet dat bij het gasnet ook gaan.” De bijmengverplichting uit het Klimaatakkoord moet uiteindelijk leiden tot een CO2-reductie van 3,8 megaton in 2030.

Initieel was het plan om de verplichting vanaf 2025 in te laten gaan. Maar toen dat door de verwachtte doorlooptijd van de advisering van de Raad van State en de benodigde parlementaire behandeling onzeker werd, is besloten om het plan uit te stellen naar 2026. En volgens Van Drunen zou het zomaar eens 2027 kunnen worden als gevolg van aanvullende eisen vanuit de Europese Commissie.

Compromis

“Om in Nederland een CO2-reductie te bewerkstelligen met groen gas door middel van de bijmengverplichting, moet je biomethaan gebruiken dat in Nederland is geproduceerd. Dit draagt positief bij aan de productiecapaciteit in Nederland. Maar omdat dat in strijd is met het vrij verkeer van goederen in Europa, buitenlands productie van groen gas wordt namelijk uitgesloten, heeft de Europese Commissie om uitleg gevraagd. Zij willen dat energieleveranciers ook biomethaan-certificaten in bijvoorbeeld Frankrijk of Denemarken mogen kopen. Om die reden wordt er momenteel gewerkt aan een compromis waarmee invulling wordt gegeven aan de aanvullende eisen van de Europese Commissie en de Nederlandse productie tegelijkertijd wordt gestimuleerd. Dat zorgt nu voor vertraging.”

Om de ambities uit het Klimaatakkoord waar te maken, moet Nederland in 2030 jaarlijks 2 miljard kubieke meter groen gas produceren. Een flinke opschaling dus, gezien de huidige productie van 300 miljoen kuub. Kijk je naar het aanbod van bruikbaar organisch afval, dan zou je zeggen dat het behalen van die doelstelling kinderspel is. Momenteel wordt bijvoorbeeld slechts 5 procent van alle mest vergist.

Niet genoeg vergisters

Maar hetgeen de boel tegenhoudt, is de productiecapaciteit. Er zijn nog te weinig vergistingsinstallaties om al het organische reststroom te kunnen verwerken. “Als je ziet dat de grootste installatie in Nederland een jaarlijkse productie van 40 miljoen kuub heeft, moeten daar nog flink wat van bij om het streven van 1,1 miljard te halen”, legt Van Drunen uit. “De voortdurende onzekerheid over de bijmengverplichting helpt daar niet bij. Banken durven geen vergistingsinstallaties te financieren als ze niet zeker weten dat het groen gas ook daadwerkelijk wordt afgenomen. Iedereen is er dus bij gebaat als er snel duidelijkheid komt.”

Dan kunnen energieleveranciers als Vattenfall namelijk aan de bak om ervoor te zorgen dat de productiecapaciteit omhoog gaat. Bijvoorbeeld door eigen vergisters te bouwen, of partnerschappen te sluiten met andere bedrijven. Van Drunen: “Vattenfall heeft als doel om in 2040 CO2-neutraal te zijn. We zijn hard op weg om dat te realiseren, maar er zit een grote uitdaging bij de scope 3-emissies, de uitstoot die wordt veroorzaakt door het gas dat wij aan onze klanten verkopen. Zij verbranden dat gas in cv-ketels of industriële warmteketels. Om onze ambitie te realiseren om CO2-neutraal te worden, moeten we hen dus helpen om te verduurzamen. Zonder groen gas gaat dat niet lukken. We hebben er dus belang bij dat de productie van groen gas flink groeit.”

Dat doet Vattenfall bijvoorbeeld door samen te werken met de afvalverwerker Renewi. Die verzamelt kliko’s vol organisch afval en brengt die met elektrische vrachtwagens direct naar vergistingsinstallaties. Renewi haalt bijvoorbeeld over de datum-producten op bij supermarkten of verzamelt afval bij horecagelegenheden. Zo ook in het bedrijfsrestaurant van Vattenfall zelf.

Geen nieuwe infrastructuur

Het bijmengen van groen gas blijft niet zonder gevolgen. Naar verwachting zal de gasrekening van consumenten en bedrijven door de bijmengverplichting stijgen. De overheid schat die stijging in op ongeveer 5 tot 14 cent per kubieke meter gas in 2030. Maar volgens Van Drunen is het belangrijk om ook rekening te houden met het feit dat er voor het gebruik van groen gas geen nieuwe infrastructuur nodig is. Dat bespaart dus ook geld. “Je hoeft niets te veranderen aan je bestaande installaties. Heb je dus een ketel die op aardgas draait, kan die in de toekomst gewoon op groen gas draaien. Maar wil je elektrificeren, dan moet je bijvoorbeeld een nieuwe, elektrische warmtepomp of e-boiler installeren.”

Ook zijn er geopolitieke voordelen. “Sinds het Groningse gasveld dicht is, importeren we steeds meer gas uit het buitenland. Uit Rusland doen we dat niet meer, dus halen we veel schaliegas uit de Verenigde Staten. In LNG-tankers wordt dat dan naar Nederland gevaren, wat de kosten opdrijft en bovendien slecht is voor het milieu. Met groen gas uit eigen land heb je die energieafhankelijkheid niet, en bovendien is het vanuit klimaatoogpunt veel verstandiger.”

Snellere procedures

Het is nu tijd om (groen) gas te geven. Als Nederland zijn bijmengverplichting wil kunnen halen in 2030, is volgens Van Drunen snelheid nodig. Vooral op het gebied van beleid. “Er moeten gewoon meer vergisters gebouwd worden. Daarvoor moeten knelpunten zoals netcongestie het hoofd geboden worden. Maar bovenal moet de vergunningsprocedure een stuk sneller. Je hebt het tegenwoordig over een doorlooptijd van soms zeven jaar in het geval van grote vergistingsinstallaties. Dat moet een stuk korter. En er moet natuurlijk duidelijkheid komen: wanneer komt die bijmengverplichting? Zo kunnen financiers een goede investeringsbeslissing nemen en kunnen wij als energieleveranciers bepalen hoe veel groen gas we gaan inkopen.”

ETS

Naast de bijmengverplichting neemt de overheid ook nog een andere belangrijke maatregel om de CO2-emissies te reduceren. Op dit moment worden grote bedrijven al verplicht om voor hun CO2-uitstoot te betalen via het emissiehandelssysteem (ETS). Dat zou hen moeten stimuleren om duurzamer en milieuvriendelijker te produceren. Het ETS geldt nu nog alleen voor grote industrieën als elektriciteitscentrales en staalfabrieken, maar vanaf 2027 wordt de wetgeving ook breder van kracht. Dat nieuwe emissiehandelssysteem heet ETS-2. Daarmee zullen alle grootverbruikers van brandstoffen in bijvoorbeeld de gebouwde omgeving, het wegvervoer en andere sectoren (voor zover deze niet onder ETS-1 vallen of de tuinbouwsector) voor hun uitstoot moeten betalen. Dat zal gebeuren middels de aankoop van emissierechten die door de leveranciers van de brandstoffen namens hun klanten op een handelsmarkt zullen worden ingekocht. De kosten hiervoor zullen aan de afnemers van het gas worden doorbelast.

Lees ook:

Dit artikel is gemaakt door een van onze expertredacteuren in samenwerking met onze partner Vattenfall. Change Inc. werkt met partners die de klimaattransitie aanjagen. Zij kunnen cases presenteren waar anderen zich aan kunnen optrekken en zijn eerlijk over de uitdagingen. Niet één bedrijf is al 100 procent duurzaam, maar veel zijn onderweg. Dankzij ons partnermodel zijn onze artikelen gratis toegankelijk voor iedereen. Benieuwd naar hoe wij werken? Klik hier.

Weg met die onbruikbare relatiegeschenken: ‘Belonen is prima, maar doe het dan goed’

De documentaire sloeg in als een bom, vertelt ze. “Nu denk ik: goh, dat ik daar zo van onder de indruk was. Maar destijds schrok ik enorm. Ineens zag ik de negatieve impact van mijn levensstijl op de wereld. Daar wilde ik niet meer aan meedoen en besloot om dik anderhalf jaar geen nieuwe kleding meer te kopen.” Reis Dat lukte. Als beloning stond een reis naar Nicaragua op de planning. “Ik zou daar gaan backpacken, vrijwilligerswerk doen, Spaans leren en mijn vijftigste verjaardag vieren. Maar het liep allemaal anders. Een week voor vertrek overleed mijn zusje aan een hersenbloeding. Totaal onverwacht. Het was een heftige tijd, want we waren enorm hecht. We zijn geen tweeling, maar het voelt wel zo.” Nicaragua ging niet door. “In plaats daarvan startte ik mijn duurzame reis. Ik werd veganist, verkocht mijn auto, stapte niet meer in het vliegtuig en kocht geen nieuwe kleding meer. Op LinkedIn, Facebook en Instagram deelde ik mijn proces. Ik kreeg meer volgers en merkte dat mensen geïnspireerd raakten door mijn verhaal. Die inspiratie wilde ik omzetten in actie.” Zustaina Van Leeuwen begon boxen samen te stellen vol producten van duurzame merken. “Denk aan handzeep en snacks die superlekker én een betere keuze zijn. Met die items wilde ik laten zien dat bewust leven niet moeilijk of saai is. Integendeel: ik wil van duurzaamheid een feest maken.” De boxen waren bij de start in 2019 af te nemen op abonnementsbasis. Maar toen corona uitbrak, werden aardig wat abonnementen stopgezet. “Ik verkocht weinig meer en wilde het concept eigenlijk al stopzetten. Toen lanceerde ik een thuiswerkbox met producten die ik nog op voorraad had. Dat werd een hit. Door corona was de vraag sky high: veel bedrijven wilden hun werknemers die verplicht thuis moesten werken, verrassen. Eén bedrijf nam 2.000 boxen af. Inmiddels heb ik een hele onderneming gebouwd rondom dit idee. Ik noem het Zustaina, als eerbetoon aan mijn zus.” Cadeaus geven Zustaina verkoopt inmiddels boxen zonder abonnement: van een plasticvrije badkamerbox tot duurzame borrelbox. Kerst is de piekperiode, maar ook de rest van het jaar doet het bedrijf goede zaken. “Presentjes geven aan werknemers en zakelijke relaties is een vorm van aandacht. Ik geloof in erkennen, stimuleren en belonen. Helemaal in deze krappe arbeidsmarkt. En mensen zijn toch gevoelig voor cadeaus. Belonen is prima, maar doe het dan goed.” Volgens haar wordt er nog veel troep weggegeven. “Met Pasen geven we ongezonde eieren cadeau en met Sinterklaas komen we niet verder dan de goedkoopste chocoladeletters. Terwijl er zoveel originelere, duurzamere en leukere alternatieven zijn waarmee je ook nog eens een boodschap afgeeft. Denk aan plantaardige koekjes van Nederlandse bodem, kaarten gemaakt van landbouwafval of vogelhuizen die je zelf in elkaar kan zetten. Het geld kan echt beter worden besteed. De Kerstpakkettenmarkt is een markt van 400 miljoen euro. Dat komt lang niet allemaal bij ons vandaan.” Van noten tot shampoobars De boxen van Zustaina zijn gevuld met verschillende producten. Een greep uit de collectie: cashewnoten van Johnny Cashew, shampoobars van HappySoaps en thee van Local Tea. “Met de cadeauboxen probeer ik mensen verliefd te laten worden op de inhoud. In het ideale scenario gebruiken ze een product uit de box en bevalt het zo goed dat ze het op een later moment zelf kopen. Stel: jij krijgt zo’n box met handzeep van Marcel’s Green Soap en vindt het een fijn product. Vervolgens zie je in de supermarkt dat hetzelfde merk ook allesreiniger en afwasblokjes heeft. De kans dat je die andere producten ook eens probeert, is groter. Je bent immers al bekend met het merk en het verhaal. Mijn doel is dat mensen de producten in de keukenkasten inruilen voor een duurzamer alternatief. Naast de boxen hebben we ook een online keuzeportaal. Met een unieke code kunnen mensen zelf een cadeau uitzoeken. Als je medewerkers zelf laat kiezen, dan weet je zeker dat het goed is.” Strenge selectie Het aanbod bestaat inmiddels uit bijna tweehonderd producten en groeit gestaag. Toch hanteert Van Leeuwen een streng selectiebeleid. “We stellen verschillende vragen. Is het product plantaardig? Is het plasticvrij? Is het puur, dus zonder chemische toevoegingen? En heeft het een goed verhaal? Ik wil geen producten van Unilever, wel van verschillende ondernemers die zich inzetten voor een betere wereld. We willen weten of merken Skal, B Corp of social enterprise gecertificeerd zijn. Die informatie komt allemaal in onze productcatalogus. Als klanten een grote hoeveelheid boxen afnemen, ontvangen zij een impactrapport. Daarin staat de impact van de producten in de box vergeleken met het substituut. Voor alle producten rekenen we na hoeveel CO2, water en bomen zijn bespaard. Zo maken we de besparing inzichtelijk.” Groei Van Leeuwen ziet volop genoeg ruimte voor groei. “Ik zie dat de duurzame component belangrijker wordt bij relatiegeschenken. Vooral bij grote organisaties neemt de vraag toe. Die zullen toch ook hun hele inkoopketen moeten verduurzamen, helemaal met de komst van de CSRD. Er wordt immers over gerapporteerd. Tegelijkertijd kunnen we veel harder. We gaan nu jaar zes in. Ik had verwacht dat we altijd in cijfers zouden verdubbelen, maar de groei is genormaliseerd terwijl de markt enorm is. Toch is er een onderstroom aan de gang. De komende jaren worden we steeds groter, daar ben ik van overtuigd.” Transitie Van Leeuwen ziet haar boxen meer als middel dan als eenmalig cadeau. “We zijn een kerstpakket, een paaspakket, een verjaardagscadeau of een cadeaubon. Maar eigenlijk zijn we meer dan dat. Ik noem het liever transitieboxen of inspiratieboxen. We proberen mensen te raken door de zintuigen aan te spreken. Mensen zien, voelen, eten, drinken of ruiken iets. Als je mensen duurzamer wil laten leven, moet er een beloning tegenover staan. Zo werkt ons brein nu eenmaal. Als je dat aan kan aanzetten in de vorm van een cadeautje, is dat tof.” Boek Binnen organisaties kan het lastig zijn om collega’s en klanten enthousiast te maken voor duurzamere keuzes. “Het kan om kleine dingen gaan zoals afval scheiden en vegetarische bitterballen bij de borrel. Vaker op de fiets en met de trein. Als je dat niet goed laat landen, voelt het gedoe of negatief. Dat is zonde, want juist positieve emoties bevorderen verandering. En dat kan je beïnvloeden.” Ze schreef er een boek over. “Het heet Green hearts, great business. Ik omschrijf het als een magische formule om je team in beweging te krijgen. Mijn overtuiging is dat je mensen niet in beweging krijgt als je ze niet raakt in het hart. Het boek gaat over motivatie, emotie en anders denken. Verduurzamen is geen kwestie van de CSRD afvinken. Het gaat om die interne drijfveer en anderen daarin meenemen. Dan wordt het maken van duurzame keuzes leuk en zelfs besmettelijk.” Lees ook: Wat vraagt de duurzame transitie van leiders? ‘Een andere houding dan uitstralen dat je het allemaal wel weet’ Van stadions tot sponsordeals: zo slecht scoort het professionele voetbal op duurzaamheidChangemaker Rutger van Raalten (CarbonX): ‘We kunnen lokaal leveren tegen vergelijkbare prijzen als grafiet uit China’