André Oerlemans
03 mei 2023, 17:00

Klimaatschade groeide vorig jaar naar 275 miljard; verzekeringspremies gaan omhoog

Het (her)verzekeren van klimaatschade wordt een steeds groter probleem. Door klimaatverandering nemen orkanen, stormen, bosbranden, hagelbuien en overstromingen in aantal en intensiteit toe. Nooit was de schade door natuurrampen hoger dan de afgelopen vijf jaar. Daardoor gaan de premies omhoog. De oplossing volgens (her)verzekeraars: klimaatadaptatie, risico’s mijden en verzekeringen waar iedereen aan mee moet doen.

Adobe Stock 442416575 |Lokale hoos- en hagelbuien met veel schade gaan steeds vaker voorkomen | Credits: Adobe Stock

De verzekeringspremies tegen natuurrampen zullen voor bedrijven en consumenten flink stijgen, stelt directeur Ewoud Bom van Achmea Reinsurance. Oorzaak: klimaatverandering. Verzekeringsmaatschappijen zijn daartoe gedwongen omdat de grote internationale herverzekeraars, waar veel verzekeraars hun risico’s op hun beurt weer bij verzekeren, de premies dit jaar al fors hebben verhoogd. Hoe zit dat precies?

Verzekeren tegen natuurrampen

Klimaatverandering leidt tot extremer weer. Meer en heftigere orkanen, meer onweers- en hagelbuien, meer overstromingen en meer droogte tijdens hittegolven. Tegen de meeste natuurrampen kun je je verzekeren. Bijvoorbeeld tegen hagelbuien die kassen vernielen, zoals in Someren
in juni 2016, toen tuinders 125 miljoen euro schade leden. Of de overstromingen
in Limburg, Duitsland en België in 2021, waarvan de totale schade 46 miljard euro bedroeg. Of de wolkbreuk in Kopenhagen, die in juli 2011 binnen een paar uur de hele stad onder water zette. Schade: 1 miljard euro. Verzekeraars hoeven niet alle schade te betalen. Een deel is niet verzekerd. Daarom is er een verschil tussen economische en verzekerde schade. Niet alle schade door natuurrampen is in Nederland te verzekeren; overstromingen als gevolg van een dijkdoorbraak van bijvoorbeeld de Maas of de Noordzee is niet gedekt. Wel lopen er gesprekken met de overheid om dit type schade door overstromingen ook te kunnen verzekeren vanuit een publieke private samenwerking.

Spreiding risico’s

Verzekeringsmaatschappijen zouden door één grote ramp failliet kunnen gaan. Om dat te voorkomen brengen ze hun risico’s onder bij andere, gespecialiseerde partijen: de herverzekeraars. Bekende herverzekeraars zijn onder meer Swiss Re, Munich Re en Lloyd’s. Dat gaat meestal via makelaars als Aon Reinsurance Solutions, Guy Carpenter, Gallagher Re en Howden. Zo wordt de pijn van rampen over de hele wereld verdeeld.

In Nederland bundelt Achmea Reinsurance de verzekerde risico’s tegen natuurrampen van de hele Achmea-groep en brengt die voor een deel onder bij herverzekeraars. Het toverwoord bij herverzekeren is volgens directeur Ewoud Bom spreiding van risico’s, oftewel diversificatie. “Je krijgt uit meerdere bronnen premie, maar die moeten niet allemaal tegelijk tot uitkering komen. Een aardbeving in Turkije gebeurt niet tegelijkertijd met een hagelbui in Nederland. Maar door klimaatverandering zie je een algemene stijging van al die verschillende catastrofes”, zegt hij.

Klimaatschade neemt toe

Het onderzoeksinstituut van Swiss Re
becijferde de economische schade door natuurrampen in de wereld vorig jaar op 275 miljard dollar. De verzekerde schade kwam uit op 125 miljard. Ter vergelijking: in 2018
was dat respectievelijk 165 en 85 miljard. Toen zag Swiss Re die schade al jaarlijks toenemen. Grote natuurrampen zoals aardbevingen, winterstormen en orkanen veroorzaakten in 2022 nog steeds 57 procent van alle schade, maar lokale rampen zoals hagelbuien, wervelwinden, bosbranden en overstromingen al 43 procent. Die komen steeds vaker en overal ter wereld voor, constateert de herverzekeraar.

Ook makelaar Howden
zag de verzekerde schade die door extreem weer wordt veroorzaakt fors stijgen. Tussen 2017 en 2022 bedroeg die in totaal ruim 600 miljard dollar. Nog nooit eerder voorgekomen en meer dan het dubbele van de schades in eerdere vijf jaar-periodes. Volgens Howden zal die schade door klimaatverandering alleen maar toenemen. Dat leidt tot steeds hogere premies. In sommige delen van de wereld – zoals het door orkanen geteisterde Florida – is herverzekeren steeds moeilijker of niet eens meer mogelijk.

Directeur Ewoud Bom van Achmea Reinsurance | Credit: Achmea

Hogere premies

De laatste vijf jaar zijn voor herverzekeraars slecht geweest. Niet alleen waren er meer grote en kleine natuurrampen, ook de corona-epidemie en de oorlog in Oekraïne zorgden voor hyperinflatie en prijsstijgingen van bouwmaterialen als hout, staal en beton. “Dit is wat ze noemen een perfecte storm”, zegt Bom. “De afgelopen jaren toonden al verliezen, bij de ene herverzekeraar meer dan bij de andere. Daarnaast kregen we allemaal te maken met inflatie. Dat alles samen betekende dat alle herverzekeraars verlies of mindere cijfers moesten presenteren. Daarom hebben ze allemaal de premies verhoogd en de voorwaarden aangepast. Bijvoorbeeld het verhogen van de lage eigen risico’s van verzekeraars voor al die kleine natuurrampen die met klimaatverandering te maken hebben. Daardoor verschuift een deel van die schadelast naar de verzekeraars. Dat kan leiden tot premieverhogingen voor de consument.”

Meer schade in kwetsbare gebieden

Het is niet alleen de toenemende schade door klimaatverandering, die een groeiend probleem vormt voor verzekeraars. Het is ook de groeiende economische waarde van gebouwen, industrie en infrastructuur in gebieden die kwetsbaar zijn voor extreem weer. In de verzekeringswereld heet dat waardeconcentratie. Die is het hoogst in Amerika, Europa en Japan. Daar veroorzaken natuurrampen als aardbevingen, orkanen en winterstormen dan ook de meeste schade.

Zo bleek het bouwen in de uiterwaarden van rivieren catastrofaal toen Nederland medio jaren 90 met hoge rivierwaterstanden te kampen had. Met het oog op de zeespiegelstijging is het ook niet verstandig om in onbeschermde kustgebieden of in laaggelegen polders te bouwen. Bom: “Steeds meer mensen wonen in steden, steeds meer mensen willen graag aan de kust wonen. Rijken willen dichter bij de natuur wonen, maar houden geen rekening met bosbranden. Dat is bijvoorbeeld in Californië en Australië een probleem.”

In gebieden met veel orkanen zoals in Florida, is de schade steeds moeilijker te verzekeren | Credit: Adobe Stock

Slimmer nadenken

De mens moet dus beter gaan nadenken waar er wat gebouwd kan worden en zich beter aanpassen aan klimaatverandering. Verzekerden hebben daarin zelf een belangrijke rol, stelt Bom. Door tegels in hun tuin te vervangen door groen (NK Tegelwippen) of door groene daken aan te leggen wordt de woonomgeving bijvoorbeeld beter bestand tegen hagel- en regenbuien. Volgens het Verbond van Verzekeraars kunnen preventieve maatregelen tegen klimaatverandering 50 procent van de schade voorkomen. “Klimaatadaptatie wordt steeds belangrijker”, aldus Bom. “De paradox is dat klimaatschade verzekerbaar blijft, zolang natuurrampen onvoorspelbaar blijven en niet al te vaak gebeuren. Als het wel voorspelbaar wordt en vaak voorkomt, is het niet meer verzekerbaar. Tenzij je maatregelen neemt om klimaatrisico’s beter beheersbaar te maken. Een voorbeeld: als je in uiterwaarden wil gaan wonen, bouw die huizen dan op palen.”

Kassen aan de kust of in binnenland

Dat soort beleid leidt soms tot lastige dilemma’s. Via Hagelunie is Achmea bijvoorbeeld marktleider in het verzekeren van glastuinbouw. Door de hagelbui in Someren werd de verzekeraar hard geraakt. Kassen langs de kust bouwen lijkt minder gevaarlijk omdat daar de kans op hagelbuien een stuk kleiner is. “Maar aan de kust is de wind weer wat sterker. Elk voordeel heeft dus zijn nadeel. De rol van de mens in preventie is heel groot. Die tuinders aan de kust zetten bijvoorbeeld hun vrachtwagens voor de kassen, als een soort windscherm, als er een storm nadert.”

Voordelen en nadelen

Klimaatverandering heeft in elk land verschillende gevolgen, positieve en negatieve. Ook voor verzekeraars. “Niet alle toenemende klimaatrisico’s gelden voor Nederland. Volgens de wetenschap zullen bijvoorbeeld winterstormen minder vaak gaan plaatsvinden”, stelt Bom. “Dat is misschien raar nadat we vorig jaar de februaristorm hadden, maar in de trend gaan die minder voorkomen. Wat er wel meer gaan plaatsvinden zijn hagelbuien, zware regenbuien, valwinden, windhozen en andere lokale catastrofes. Die geven heel veel schade, maar in een kleiner gebied.”

e klimaatschade nam in 2022 toe tot 275 miljard euro, onder meer door overstromingen in Nederland, België en Duitsland | Credit: Adobe Stock

Solidariteit

Natuurrampen in armere landen in Azië, Afrika en Zuid-Amerika zorgen ook voor enorme schades, maar dat raakt (her)verzekeraars niet. Bijvoorbeeld de grote overstromingsramp in Pakistan. Simpelweg omdat veel bedrijven en mensen in die landen zich niet verzekeren of dat niet eens kunnen. Ook in Nederland zijn sommige schades niet gedekt, zoals de schade na een dijkdoorbraak bij de zee of de Maas. “Dan overstroomt Nederland, maar die schade is niet gedekt door verzekeraars. Dat is verboden sinds de Watersnoodramp in 1953. Als zoiets zou gebeuren, dan is dat zo’n grote schade; dan zijn alle verzekeraars failliet. Alleen overstromingen bij kleine riviertjes en beekjes, zoals in Limburg in 2021, zijn gedekt”, legt Bom uit.

Verplichte verzekering

Om dergelijke schades toch te kunnen verzekeren bekijkt het Verbond voor verzekeraars een landelijke verzekering
voor alle Nederlanders tegen overstromingsrisico’s. Daarin is iedereen solidair met elkaar, net als bij de WW of de WAO. “Dat moet een verplichte dekking voor alle verzekeraars zijn”, stelt Bom. “Anders gaan mensen en verzekeraars kiezen. Dan zeggen mensen die op de berg in Amersfoort wonen dat ze dit niet meeverzekeren en wordt het voor mensen in Dordrecht onbetaalbaar. Het is het verdelen van de smart. Het comfortabele is dat Nederland kan anticiperen op ontwikkelingen als zeespiegelstijging omdat die heel langzaam gaat. Maar de urgentie is er zeker wel.”

Lees ook:

Proef! Vegan Parmezaanse kaas van cashewnoten

Parmezaan, in het Italiaans: Parmigiano Reggiano, is een harde kaassoort uit de Italiaanse omgeving Parma. Échte Parmezaan komt van een van de 512 kleine kaasmakerijen die worden beheerd door het consortium ‘Formaggio Parmigiano Reggiano’. Per jaar leveren zij 2,9 miljoen kazen af. Om één kilo Parmezaanse kaas te maken is ongeveer 16 liter koemelk nodig. Gemiddeld weegt een hele kaas zo’n 40 kilo. Daar is dus ruim 600 liter melk voor nodig. En melk heeft natuurlijk geen schoon imago als het gaat om de milieu-impact. Is de Parmigiano Reggiano zonder koelmelk een goed alternatief?Proefpersoon: Romy de WeertDieetstatus: Nu één jaar pescotariërGuilty pleasures: Geitenkaas. Nu ik meer weet over de productie van geitenkaas, wil ik het liever niet meer eten. Maar het is helaas té lekker.Net op het moment dat Italië de nationale keuken op de Unesco Werelderfgoedlijst wil hebben, stapt de Italiaanse voedselprofessor Alberto Grandi met schokkende nieuws naar de Financial Times. Parmezaanse kaas zou voor het eerst in het jaar 1254 genoemd zijn, en niet in 1300, zoals in de Italiaanse geschiedenisboeken staat. En volgens Grandi bestaat de klassieke versie zoals die toen werd gemaakt niet meer in Italië, maar alleen nog in het Amerikaanse Wisconsin. Daar bestaat, dankzij Italiaanse migranten, de Parmezaanse kaas zoals het vroeger was.Hoe harder de kaas, hoe meer melk Waar het product oorspronkelijk dan ook vandaan mag komen, de Italianen zijn trots op hun Parmigiano Reggiano. Maar de milieu impact van kaas is niet mals. Om kaas te maken, heb je melk nodig. En daar vindt de grootste bijdrage aan de milieu impact van kaas plaats. De meeste melk wordt gemaakt van koeien (81 procent). Daarna volgen buffels (15 procent) en geiten, schapen en kamelen (samen 4 procent). Al deze dieren stoten het gas methaan uit, dat bijdraagt aan de opwarming van de aarde. Hoe harder en ouder de kaas, hoe meer melk ervoor nodig is. Italian Aged van Willicroft Steeds meer bedrijven komen daarom met plantaardige alternatieven. Of het net zo lekker is als échte kaas, daar valt over twisten. Maar de milieu-impact is in ieder geval wel een stuk beter. De Amsterdamse plantaardige kaasmaker Willicroft maakt kazen uit bonen, peulvruchten en noten en breidt zijn assortiment steeds verder uit. Naast plantaardige feta, fondue en tal van andere kazen, heeft het ook een vegan Parmezaan in het assortiment. Wat zit erin? Willicroft maakt het de consument (en zichzelf) makkelijk: de plantaardige Parmezaan zit voorgeraspt in een zakje. Een stuk plantaardige Parmezaan heeft Willicroft nog niet in het assortiment. De ingrediëntenlijst ziet er niet verkeerd uit. De kaas bestaat uit cashewnoten, maïszetmeel, gedroogde gist, zout, knoflookpoeder en natuurlijke aroma. De geur is redelijk neutraal. Bij het uitstrooien van de kaas zie ik dat het wat brokkeliger uitziet dan echte Parmezaanse kaas. Maar dat mag de pret zeker niet drukken. De smaak van de losse stukjes is bijzonder. Knoflookpoeder is duidelijk erg overheersend. Het mondgevoel is wat melig, alsof je wat oude deegstukjes van een appeltaart eet. Mijn enthousiasme ebt iets weg. De smaaktestDe smaak van eerste hap is erg positief. Ik strooi nog wat bij, om zo veel mogelijk plantaardige Parmezaan te proeven naast de pasta. De in eerste instantie melige structuur is nu helemaal niet vervelend. Bovenop de pasta evenaart de plantaardige kaas de structuur van de echte Parmezaan. De smaak is lastig te vergelijken, maar de knoflook is (bijna) altijd een goede toevoeging aan een gerecht. Voor mensen die geen zuivel eten is de plantaardige Parmezaan van Willicroft een smakelijk alternatief. Cijfer: 8 Meer lezen? Proef! Plantaardige tonijn uit een potjeProef! Non-dairy draadjeskaasProef! Plantaardige ei-vervanger uit een… fles?