Jeroen de Boer
01 oktober 2025, 13:55

Rombout Swanborn heeft € 60 miljoen voor nieuw zonnefoliebedrijf: 'Als één productielijn werkt, kunnen er prima 20 bij'

Iets meer dan vijf maanden na het omvallen van zonnefoliebedrijf HyET Solar maakt ondernemer Rombout Swanborn een comeback met 60 miljoen euro aan financiering voor een nieuw bedrijf dat twee letters extra telt: HyET Solaris. Het doel blijft hetzelfde: de belofte van dunnefilmtechnologie voor zonnepanelen omzetten in grootschalige productie.

rombout-swanborn-hyet-solaris Ceo Rombout Swanborn van zonnefoliebedrijf Hyet Solaris. | Credits: Hyet Solaris

Rombout Swanborn is terug. De oprichter van het afgelopen april omgevallen zonnefoliebedrijf HyET Solar maakt een nieuwe start: met twee letters extra in de naam van zijn nieuwe bedrijf, HyET Solaris, en 60 miljoen euro aan toegezegd groeikapitaal van durfinvesteerders Aequitas Carbon en Abbeydale Partners.

Daarmee krijgt Arnhem twee startups op het gebied van zonnefolie, want uit het faillissement van HyET Solar volgde met oude aandeelhouders een doorstart onder de naam Lift PV. Swanborn werd daar buiten gehouden en probeerde afgelopen augustus tevergeefs de toegang tot enkele waardevolle machines van zijn oude bedrijf te waarborgen.

Met de maandag aangekondigde verse financiering voor het nieuwe bedrijf HyET Solaris wil de veteraan op het gebied van flexibele zonnefolie (powerfoils) medio 2026 een nieuwe productiefaciliteit in Arnhem draaiend hebben.

De ultralichtgewicht zonnefolie op basis van dunnefilmtechnologie werkt met flexibele rollen die zowel horizontaal als verticaal aangebracht kunnen worden op onder meer daken en gevels van industriële gebouwen. Doel is om in het slotkwartaal van 2027 de eerste commerciële leveringen van de powerfoil te verzorgen met een modulaire productielijn van 50 megawatt op jaarbasis. Dat vormt de springplank voor de volgende stap: een fabriek met een capaciteit van 1 gigawatt.

Change Inc. sprak met Swanborn over zijn nieuwe zonnefoliebedrijf en de ambities om de stap naar grootschalige commerciële productie te gaan zetten.

De rechten op de oude machines van HyET Solar liggen bij Lift. Betekent dit dat HyET Solaris met de 60 miljoen euro aan financiering compleet nieuwe machines gaat bouwen om zonnefolie te produceren?

‘Dat is correct. We kunnen daarbij de ervaring met de oude machines gebruiken en het doel is om een productiefaciliteit neer te zetten die 30 procent goedkoper is dan de oude.’

Hoe zit het met intellectuele rechten op zonnefolietechnologie die bij het failliete HyET Solar lagen, waarvan Lift de rechtsopvolger is?

‘Wij respecteren uiteraard de IE-rechten van Lift. Wat meespeelt is dat eerdere patenten gedeeltelijk zijn verlopen en dat we deels kunnen voortbouwen op eigen technologie. Van het oude team is onder meer technologiedirecteur Edward Hamers meegegaan naar HyET Solaris. Hij is de geestelijke vader van de op aluminium gebaseerde lichtgewicht fotovoltaïsche technologie. Verder was HyET Solar een dochterbedrijf van de holdingmaatschappij HyET Group, waaronder nog altijd een aantal HyET-bedrijven vallen. Via de holding zijn er dus ook rechten op onder meer het gebruik van merknamen.’

HyET Solaris gaat powerfoils produceren, dus complete zonnefolie PV-modules. Wat is het verschil met de plannen van Lift?  

‘Onze nieuwe productiefaciliteit gaat inderdaad volledige modules produceren. Ik heb geen zicht op wat Lift precies gaat doen, maar het lijkt erop dat men in eerste instantie mikt op de productie van halffabricaten.’

Tussen de eerste faciliteit van 50 megawatt en opschaling naar 1 gigawatt aan productiecapaciteit zit een factor twintig. Betekent dit dat je na de eerste stap nieuwe financiering nodig hebt om verder op te schalen? 

‘Ja, dat is inderdaad het geval. Opschalen is echter niet de grootste uitdaging. Het gaat om een modulair systeem: als één productielijn werkt, kun je er prima twintig bij zetten. Met het opschalen komen er ook extra kostenvoordelen als gevolg van schaalvergroting.

Bij de eerste productiefaciliteit kijken we naar diverse optimalisaties. Voor de nieuwe machines werken we met geïntegreerde teams van machinebouwers. Een belangrijke stap in het proces is het aanbrengen van de siliciumlaag op de flexibele dunnefilmpanelen. Dat gebeurt met een vacuümproces, waarvoor een beperkt aantal leveranciers in de wereld grote kasten leveren. Als je voor datzelfde proces kleinere vacuümkasten kunt gebruiken, scheelt dat in de kosten, maar dan moet je wel helemaal zeker weten dat het werkt.’

De integratie van het materiaal perovskiet wordt gezien als een grote kans voor dunnefilmtechnologie. Welke plannen heeft HyET Solaris op dit vlak?

‘Met tandemzonnecellen kun je twee cellen bovenop elkaar plaatsen, waarbij de bovenste gemaakt is van perovskiet. We zijn parallel aan de uitrol van de huidige Powerfoil bezig om daar een product voor te ontwikkelen. Dat gebeurt in samenwerking met onderzoeksinstituten. Ik denk wat we in een vrij unieke positie zijn om een commercieel perovskiet-product te realiseren. Het grote voordeel is dat perovskiet als materiaal een hoge efficiëntie heeft, niet heel duur is en eenvoudig kan worden aangebracht.

De uitdaging ligt bij het feit dat perovskiet niet tegen vocht kan. Je hebt dus een hermetisch afgesloten deklaag nodig. Die zijn commercieel verkrijgbaar, maar dat is momenteel zo duur dat je de voordelen van het gebruik van perovskiet kwijtraakt. Als je echter een siliciumlaag als afdeklaag gebruikt, wordt het een ander verhaal en kun je veel goedkoper produceren.’

Op site van HyET Solaris wordt een efficiëntie van 18 procent genoemd voor de Powerfoil. Zijn er kansen om een hoger percentage van zonlicht in stroom om te zetten?

‘Die 18 procent efficiëntie bestaat uit twee elementen. Voor het huidige product met een dubbele siliciumlaag is het rendement 12 procent, maar omdat je met flexibele zonnefolie oppervlaktes veel beter kunt afdekken vergeleken met kristallijne panelen, win je daarmee 50 procent en kom je uit op een vergelijkbare efficiëntie van 18 procent. Op het moment dat je perovskiet in modules integreert, gaat het rendement van de zonnefolie naar iets meer dan 18 procent. Als je daar de inzet van extra oppervlak bij rekent, kom je dan in totaal uit op minimaal 27 procent efficiëntie. Dus hoger dan huidige kristallijne panelen.’

Hoe verhouden de kosten van dunnefilmtechnologie zich tot kristallijne zonnecellen, als je inderdaad opschaalt naar productievolumes van 1 gigawatt? 

‘Als we een perovskiet-product hebben, kunnen de prijzen zakken naar 5 tot 7 eurocent per wattpiek. Dat klinkt misschien heel laag, maar het scheelt dan zo’n 10 cent per wattpiek met kristallijne panelen. Interessant is vooral dat je ook aan de systeemkant een enorme kostenverlaging kunt realiseren. Als de zonnefolie in een fabriek direct wordt aangebracht op membraanrollen voor de afdichting van daken, hoef je de zonnefolie niet meer apart te installeren. Daarmee bespaar je fors op de kosten.’

De verwachting is dat er de komende periode wereldwijd jaarlijks meer dan 600 gigawatt aan nieuwe capaciteit voor zonnepanelen wordt bijgeplaatst. Wat zijn de perspectieven voor dunnefilmtechnologie tegen die achtergrond?

‘We zijn al bezig om licentiepartners te vinden in Azië en de Golfstaten voor de technologie van HyET Solaris. Er begint een markt te ontstaan die een heel aantrekkelijk alternatief kan vormen voor kristallijne panelen. Dat is de transitie die er nu aankomt.’

Lees ook:

Duurzame verandering op je werk? Vergeet intrinsieke motivatie, zegt deze bedrijfstrainer

In jouw boek Impact Skills schrijf je dat veel mensen bij bedrijven voelen dat er dingen moeten veranderen, maar vastlopen op de vraag: hoe dan? Waarom vinden mensen die concrete actie lastig?‘Ik denk dat mensen zich machteloos voelen. De krantenkoppen zijn zo alarmistisch en het sentiment op sociale media zo schreeuwerig, dat het moeilijk is om je niet machteloos te voelen. Je ziet dan dat mensen twee soorten gedrag vertonen. Sommige gaan bij de pakken neerzitten en denken: het gaat allemaal mis en ik kan er niets aan doen, laat ik dan in elk geval maar een beetje plezier maken. Andere mensen gaan de zaken rationaliseren: verduurzaming is niet mijn taak, de overheid moet het oplossen, of misschien valt het allemaal wel mee.Ik veroordeel dat gedrag niet, het is volkomen menselijk. Maar er is ook een oplossing: handelingsperspectief. Ik zou eigenlijk blij zijn als alle krantenkoppen die stellen dat de wereld vergaat een jaar zouden verdwijnen. Het urgentiebesef is er echt wel. Laat de krantenkoppen daarom vooral gaan over wat er al gebeurt.’En wat kunnen wanhopige werknemers volgens jou dan doen?‘Stop met overtuigen en begin bij de ander. Je zult verrast zijn hoeveel mensen er eigenlijk hetzelfde in staan als jij, maar daar via een andere route komen. Een mooi voorbeeld hiervan kwam van een installatiebedrijf. Stuk voor stuk mannen die trots zijn op hun werk én graag een goede vader willen zijn. Een goede vader eet vlees en barbecuet, vinden ze, dus bemoei je vooral niet met de lunch. Maar een goede vader wil óók voor zijn kinderen zorgen en hen een mooie wereld achterlaten. Die vaststelling geeft enorm veel ruimte om samen te kijken naar wat er wel kan.Dat brengt me op een tweede punt: het gaat er niet om dat je morgen de hele koers van het bedrijf omgooit. Dat gaat niet lukken, dat leidt alleen maar tot frustratie. Begin daarom stapsgewijs met kleine veranderingen. Stel andere vragen aan leveranciers. Begin bij de prestatie-indicatoren van je collega's en bekijk waar verduurzamingsmaatregelen bij kunnen dragen, vaak via de as van kosten of talent. En misschien wel het meest concreet: start een green team als dat er nog niet is. Het is veel leuker en effectiever om samen te zoeken naar de mogelijkheden.’Als het om duurzaamheid gaat, hamer je steevast op het belang van idealen, in plaats van harde doelen en prestatie-indicatoren. Dat lijkt juist het tegenovergestelde van concrete acties. Waarom pleit je toch voor idealen?‘Stel: wij zijn werknemers bij hetzelfde bedrijf. De kans dat jij en ik het erover eens zijn dat we als mensen solidair met elkaar moeten zijn, dat we hopen dat het bedrijf over vijftig jaar nog bestaat, of dat de uitstoot van het bedrijf omlaag moet, acht ik vrij groot. Maar zodra jij een concrete maatregel voorstelt, wordt de kans dat we het oneens zijn veel groter. Ik vind dan bijvoorbeeld dat jouw maatregel ten koste gaat van iets anders, of dat het de verkeerde manier is om verduurzaming te stimuleren.Als je de discussie begint bij zo’n middel, verzand je dus al snel in een conflict over de tactiek. Het helpt om dan even terug te gaan naar de vraag: wat zijn we hier eigenlijk aan het doen? Je vindt dan al snel gedeelde uitgangspunten, en die helpen om uiteindelijk makkelijker tot concrete acties te komen. Want die heb je natuurlijk wel nodig.’Je bent bij veel bedrijven over de vloer geweest die worstelen met duurzame daadkracht. Welk symptoom kom je het vaakst tegen?‘Veel duurzaamheidsmanagers leunen heel erg op het principe van intrinsieke motivatie. Ze vinden het belangrijk dat iedereen die met duurzaamheid bezig is ook begrijpt waarom het zo belangrijk is. De wereld staat tenslotte in de fik! Als een duurzaamheidsmanager bijvoorbeeld om uitstootgegevens vraagt aan de manager van een fabriek, zal die dat vaak formuleren vanuit het idee dat die gegevens heel belangrijk zijn om ervoor te zorgen dat de uitstoot van het bedrijf omlaag gaat.We willen blijkbaar dat mensen niet alleen meewerken, maar ook meewerken vanuit de juiste redenen. We zoeken naar intrinsieke motivatie, maar de vraag is of dat de belangrijkste factor is om een organisatie mee te krijgen.Ik denk het niet. Die fabrieksmanager wil gewoon de fabriek draaiende houden. En misschien vindt diegene duurzaamheid wel belangrijk, maar is het op dat moment even bijzaak omdat de productiecijfers tegenvallen. Vaak ben je als duurzaamheidsmanager daarom effectiever als je de boel klein houdt: ik heb dit nodig, op dat moment, in dit format. Dat werkt beter dan iemand proberen te overtuigen waarom het allemaal zo belangrijk is.’ Quickscan Duurzame Daadkracht Om de duurzame ambitie van werknemers om te zetten in concrete actie is inzicht nodig. Waar sta je als organisatie en waar zijn verbeteringen nodig? Om die vragen te beantwoorden biedt Van der Reijden met zijn trainingsbureau We Are Robin de Quickscan Duurzame Daadkracht aan. Aan de hand van vijftien indicatoren scoren werknemers hun bedrijf op een schaal van één tot vijf. Op basis van de ingevulde antwoorden genereert de tool van We Are Robin automatisch een overzichtelijk rapport, dat laat zien welke stappen nodig zijn om duurzame ambities om te zetten in concrete resultaten.Doe nu zelf de quickscan! Benieuwd hoe jouw organisatie scoort op het gebied van duurzame daadkracht? Doe dan zelf ook de Quickscan Duurzame Daadkracht van We Are Robin. De test duurt slechts vijf minuten, je ontvangt direct gepersonaliseerde inzichten en krijgt bovendien een gratis exemplaar van het e-book Impact Skills in je inbox.[caption id="attachment_165985" align="aligncenter" width="606"] Een voorbeeld van de Quickscan Duurzame Daadkracht. | Credits: We Are Robin[/caption]De scan levert een spindiagram op waaruit duidelijke conclusies getrokken kunnen worden over de mate waarin een organisatie duurzaamheid heeft omarmd. Hierboven zie je een voorbeeld. ‘Dit is een organisatie die geïnvesteerd heeft in een duurzaamheidsteam en al duidelijke plannen heeft geformuleerd’, analyseert Van der Reijden. ‘Misschien is er zelfs al een aantal doelen behaald.''Maar het lukt dit bedrijf nog niet goed om duurzaamheidsinitiatieven buiten het team te krijgen. Het is een taak die alleen nog bij de duurzaamheidsmanager ligt en nog niet in het hele bedrijf opgepakt wordt. Zo’n quickscan geeft aanleiding om meer mensen binnen de organisatie probleemeigenaar te maken. En dat heb je nodig voor duurzame daadkracht.’ Dit artikel is gemaakt door een van onze expertredacteuren in samenwerking met onze partner We Are Robin. Change Inc. werkt met partners die de klimaattransitie aanjagen. Zij kunnen cases presenteren waar anderen zich aan kunnen optrekken en zijn eerlijk over de uitdagingen. Niet één bedrijf is al 100 procent duurzaam, maar veel zijn onderweg. Dankzij ons partnermodel zijn onze artikelen gratis toegankelijk voor iedereen. Benieuwd naar hoe wij werken? Klik hier. Lees ook:Gaan we de klimaatdoelen halen? Ondanks tegenwerking Trump blijven overheden en bedrijven ambitieus Alleen accountants mogen aftekenen op CSRD-rapportages: ‘Druk bezig om capaciteit op te schalen’ BeSirius wil duurzaamheidsdata rendabel maken en haalt daarvoor 3 miljoen op