Herwin Thole 06 september 2024, 10:00

PeelPioneers wil ook in Spanje citrusschillen upcyclen in nieuwe fabriek, hoe haalbaar is dat?

Met 4 miljoen van investeerders en 4 miljoen uit de crowd wil PeelPioneers opschalen. Het circulaire bedrijf wil niet alleen sinaasappelschillen verwerken in Den Bosch, maar vanaf 2027 ook in Spanje. Toch is de Nederlandse fabriek nog lang niet winstgevend. “De verliezen horen bij de groeispurt die we doormaken.”

Schermafbeelding 2024 09 04 134532 Ceo Bas van Wieringen wil met PeelPioneers uiteindelijk naar Brazilië, Argentinië en Mexico, 'de heilige graal van citrus'. | Credits: PeelPioneers

Een stalen constructie priemt achter Bas van Wieringen de lucht in. De CEO en medeoprichter van PeelPioneers heeft de destillatietoren van de fabriek in Den Bosch als achtergrond voor het videogesprek. “Om meteen het beeld weg te nemen dat we nog op een zolderkamertje schillen uit elkaar staan te raggen in een pan”, zegt Van Wieringen. “Dat je ervan uit kunt gaan dat we over een maand nog steeds in business zijn.”

PeelPioneers is geen hobbyproject, wil hij maar zeggen. Het bedrijf, MT/Sprout Challenger in 2020, profileerde zich na de oprichting in 2017 als moderne schillenboer. Inmiddels verwerkt de Nederlandse fabriek 30.000 kilo sinaasappelschillen per dag. Uit dat ‘afval’ van cateraars, supermarkten en de horeca haalt PeelPioneers ingrediënten voor nieuwe producten. Denk aan etherische oliën en natuurlijke vezels. Die zijn onder meer terug te vinden in bier van Jopen, de sauzen van Mayoneur en de schoonmaakmiddelen van Seepje.

Spaans avontuur

PeelPioneers verwerkt nu zo’n 70 procent van de beschikbare schillen in Nederland. Om verder te groeien, kijkt het bedrijf over de grens. Specifiek naar de Spaanse regio Murcia. Daar moet in 2027 een fabriek komen die twee tot drie keer zo groot is als die in Den Bosch.

Geschiedenis van PeelPioneers

“Het voelt voor ons een beetje alsof we teruggaan naar het moederschip, naar een land waar daadwerkelijk een citrusindustrie is”, zegt Van Wieringen. “We hebben daar een pilot-opstelling staan en zien dat onze technologie hartstikke goed werkt op de verse Spaanse schillen.”

Om de eerste stappen richting Spanje te zetten, heeft PeelPioneers 4 miljoen euro aan financiering opgehaald bij investeerders en impactfondsen. Het geld komt van de Brabantse Ontwikkelings Maatschappij, het European Circular Bioeconomy Fund, het Nationaal Groenfonds, DOEN Participaties en Invest International.

Crowdfunding onder ‘peelliebers’

Ook wil PeelPioneers nog eens 4 miljoen euro ophalen via crowdfunding. Eind augustus ging een campagne live op Invesdor. De teller staat met nog dertien dagen te gaan op bijna 1,9 miljoen euro. Waarom die stap naar crowdfunding? PeelPioneers is immers geen ‘hip consumentenproduct’, in de woorden van Van Wieringen, maar ‘gewoon een fabriek’. Dan kom je voor funding toch al gauw uit bij professionele investeerders. “We willen een nieuwe schare fans aanhaken, wat wij ‘peelliebers’ noemen”, aldus Van Wieringen. “Ik hoop dat we zo de circulaire economie tastbaar kunnen maken. We hebben een fabriek, daar gaat iets in en daar komt iets uit. Daar kun je mede-eigenaar van worden.”

PeelPioneers als merknaam

En natuurlijk is zo’n crowdfundingactie goed voor de naamsbekendheid. Dat opent hopelijk deuren. Onder de nieuwe fans zitten ongetwijfeld professionals die werkzaam zijn in de afvalverwerking, retail, voedingssector of cosmeticabranche, de ketens waarin PeelPioneers actief is.

“Het helpt natuurlijk als dat soort partijen ons weten te vinden, doordat we in het nieuws zijn geweest”, aldus de CEO. “Ik zou het leuk vinden als hier nieuwe dingen uitkomen, nieuwe ideeën voor voedsel of cosmetica waar onze ingrediënten goed in kunnen.” Uiteindelijk hoopt Van Wieringen dat zijn bedrijf waarde kan toevoegen. Dat het een stempel van goedkeuring is als er PeelPioneers op een verpakking staat. “Ik claim niet dat wij Intel Inside kunnen worden, maar het zou mooi zijn als het betekenis heeft dat er geüpcyclede ingrediënten van ons in een consumentenproduct zitten.”

Opschalen in Den Bosch

Het kersverse kapitaal is niet alleen bedoeld voor het ontwerp van de fabriek in Spanje, ook in Den Bosch kan er nog een tandje bij. Groeien kan volgens Van Wieringen in de breedte en in de diepte. Zo kan het bedrijf in de toekomst sinaasappelschillen ophalen uit Duitsland en België, of schillen van andere citrusvruchten verwerken, zoals limoen, citroen en grapefruit.

Daarnaast zoekt PeelPioneers naar mogelijkheden om nog meer met de sinaasappelschillen te doen. “We weten dat we nog meer kunnen halen uit de suikerrijke waterstroom die we overhouden uit de schillen. Nu gaat dat weg als veevoer. We willen dat opwerken naar ingrediënten die terugkomen in de humane voedselketen.”

In het lab lukt dat al. Nu is het een kwestie van opschalen naar een fabrieksomgeving. Als dat lukt, dan haalt PeelPioneers zo’n 95 procent uit de schillen van wat mogelijk is, schat Van Wieringen. Kan dat ooit naar honderd? “Ik denk het wel, maar ik weet nog niet hoe. Maar toen we begonnen wisten we ook niet dat we nu zouden staan waar we zijn.”

Circulaire business

Wat Van Wieringen drijft, is laten zien dat je geld kunt verdienen met afval als grondstof. “Het is niet geitenwollensokken, zolderkamer. Je kan een industrieel concept neerzetten op een circulair idee en daar een business van maken.”

Maar is dat ook zo? Een blik op de financiële resultaten die zijn verstrekt bij de crowdfundingcampagne laten rode cijfers zien. Het operationeel verlies (ebitda) kwam vorig jaar uit op ruim 3 miljoen euro. Voor dit jaar verwacht PeelPioneers een vergelijkbaar resultaat. Dat komt voornamelijk door de hoge personeelskosten. Bij PeelPioneers werken vijftig mensen en de fabriek draait sinds het eerste kwartaal van dit jaar 24 uur per dag. “De verliezen horen bij de groeispurt die we doormaken. Dat dekken we met het groeigeld dat we hebben opgehaald”, zegt Van Wieringen. “Maar we zijn er nu. We draaien op volle toeren en hoeven niet meer mensen aan te nemen.”

Hockeystickgroei

In 2025 breekt volgens de prognose de zon door in Den Bosch. De operationele winst komt dan uit op een krappe half miljoen euro. Een jaar later is die gestegen naar ruim 2,2 miljoen euro, zo spiegelt PeelPioneers de potentiële investeerders voor. De inkomsten uit de fabriek in Den Bosch moeten de komende jaren dan wel vervijfvoudigen. Is die hockeystickgroei realistisch? Ja, denkt Van Wieringen. Hij ziet genoeg ruimte om de omzet op te krikken.

De fabriek kan in volume nog wel verdubbelen en ook de snelheid van het proces kan een stuk omhoog. “En we kunnen de marge op onze producten verbeteren, plus nieuwe omzetstromen aanboren uit de ingrediënten die we nu in het laboratorium kunnen maken.” Dat moet bij elkaar leiden tot 11,5 miljoen euro omzet in 2026.

Fabriek in Spanje

Ondertussen treft PeelPioneers de voorbereidingen om in Murcia een tweede fabriek neer te zetten. Daar komt nogal wat bij kijken, legt Van Wieringen uit. Denk aan diverse lokale vergunningen, hoe om te gaan met de schaarse watervoorraad en het uiteindelijke ontwerp van het gebouw. “Als ik vandaag een destillatietoren bestel, dan wordt ie over twaalf maanden geleverd. Dat betekent veel voorwerk. Alle engineering en het rekenwerk moet goed zijn.”

In Den Bosch staan in totaal 25 machines, allemaal losse units. “Het is iets wat we zelf ontwikkeld hebben en niet off the shelf te koop. Dat betekent dat je dus 25 keer dat traject moet doorlopen.” Dat geldt straks ook voor de locatie in Spanje. “Dan moeten we het daar aan elkaar rijgen, opstarten en het personeel trainen. Dan ben je 18 tot 24 maanden verder.”

Het is bovendien geen kwestie van copy-paste. De fabriek in Den Bosch draait, maar er zijn volgens Van Wieringen zeker verbeteringen mogelijk. “Bijvoorbeeld over hoe we de machines hebben opgesteld. Soms kunnen we er voor het onderhoud niet goed bij. En we kunnen ook meer de hoogte in, zodat je de zwaartekracht z’n werk laat doen in plaats van dingen rond te pompen.”

Flinke Series B-ronde

Om de fabriek in Spanje daadwerkelijk te bouwen, is nieuwe financiering noodzakelijk. PeelPioneers mikt op een Series B-ronde van 35 miljoen euro in 2025. Volgens Van Wieringen is er voldoende animo onder investeerders. ‘We hebben best een grote lijst van partijen die geïnteresseerd zijn. Als een kwart valt, dan zijn we er al.”

De basis van het bedrijf is solide, zegt de CEO. PeelPioneers heeft zo’n dertig afnemers. En dat kan alleen maar toenemen. “We zijn geen telecombedrijf waar iedereen elk jaar wisselt van abonnement. We verliezen bijna nooit een klant.”

Als in 2027 de fabriek de deuren opent in Spanje, knipt Van Wieringen dan het lint door? “Ik heb liever dat een Spanjaard dat doet, voor de lokale commitment”, zegt hij. ‘”Dan zit ik ondertussen in Brazilië, Argentinië of Mexico voor de volgende grote stap. Dat is de heilige graal van citrus.”

Dit verhaal verscheen oorspronkelijk op MT/Sprout.

Lees ook:

Uit de startblokken en over de hordes: deze bedrijven zetten zich in voor een duurzamere sportwereld

Renewaball Op tennisclubs wordt blik na blik tennisballen opengereten. En daar blijft het niet bij – met de opkomst van de sport padel nemen die aantallen alleen maar toe. Geschat wordt dat we jaarlijks meer dan 350 miljoen tennisballen gebruiken, en daar komen de – net iets andere – padelballen nog eens bij. Een groot deel daarvan belandt in de verbrandingsoven. Dat moet afgelopen zijn, vindt het Nederlandse bedrijf Renewaball. “De ecologische voetafdruk van tennis- en padelballen is dus gigantisch”, zei CEO Hélène Hoogeboom tegen Change Inc. “Ook komen er bij iedere slag ontelbare deeltjes microplastics vrij, die we inademen of bij wedstrijden buiten in de grond komen.” Renewaball bedacht een idee om oude tennis- en padelballen in te zamelen en te gebruiken voor de productie van nieuwe ballen. “Op dit moment staan op meer dan tweehonderd Nederlandse tennis- en padelverenigingen ballenverzamelbakken. Hier halen we periodiek alle afgedankte ballen op waarna we ze sorteren op merk. Daar volgt een geheim proces om de verschillende materialen van een bal van elkaar te scheiden, zodat we er nieuwe ballen van kunnen maken. Onze Renewaball-ballen zijn gemaakt van een combinatie van gerecycled en virgin rubber voorzien van vilt van biologische wol en katoen uit Europa. Op dit moment kunnen we van vier afgedankte ballen één Renewaball-bal maken. Al het overige materiaal wordt voor 100 procent gerecycled voor bijvoorbeeld rubberen tegels of meubilair.” Sinds 2022 zijn de ballen van Renewaball goedgekeurd door internationale tennis- en padelfederaties. Ze mogen dus gebruikt worden op officiële toernooien. De ambitie is daarom verruimd: uitgroeien tot het nummer één merk ter wereld. Eerder dit jaar werd bekend dat de investeerder Rubio Impact Ventures ruim 3 miljoen euro in het bedrijf stopte. Daarmee wil Hoogeboom de productie opschroeven. “Met het geld willen we Renewaball verder uitrollen in Europa. We willen op meer plekken ballen ophalen die in Nederland gerecycled kunnen worden.” Lees hier het hele interview met Renewaball. CIRCULR. Niet alleen tennisballen belanden in de verbrandingsoven, ook andere gebruikte sportartikelen worden met de vleet weggegooid. Denk aan shirts, bidons of pionnen. Oud-hockeyster Kim Lammers startte daarom samen met Floris Verheij en Fleur Nijland het bedrijf CIRCULR. Net als Renewaball, zamelt CIRCULR. oude sportmaterialen in en maakt er nieuwe van. Verheij: “Renewaball legt de focus op één product. Wij richten ons op meerdere artikelen en meerdere sporten. We kijken welke reststromen er op clubs aanwezig zijn en hoe we die circulair kunnen maken. Dat betekent dat we samenwerken met diverse partijen: sportverenigingen, recyclingbedrijven, merken, en producenten. We blijven niet op ons eigen eilandje.” CIRCULR. zamelt zelf het sportafval in, en werkt samen met het Tilburgse bedrijf Wolkat om er nieuwe artikelen van te maken. “Bij Wolkat wordt het afval gesorteerd en deels hergebruikt. Wat niet bruikbaar is, wordt mechanisch gerecycled tot stoffen. Daar maken wij bijvoorbeeld weer sporttassen van. Een andere stroom is polyester, een belangrijk materiaal voor de sportwereld. Miljoenen kilo’s polyester worden na een paar seizoenen dragen of sponsorwissels vervangen door nieuwe tenues. De oude recyclen we tot nieuwe garens. Dat gebeurt in Emmen, bij CuRe Technology.” Oude pionnen en bidons worden eerst vermalen tot korrels en daarna gebruikt voor nieuwe exemplaren. Onder eigen naam worden die verkocht aan retailers en sportverenigingen. “Het assortiment bestaat onder andere uit circulaire sokken, shirts, bidons en pionnen. Aan wedstrijdtenues en trainingshesjes wordt nog gewerkt”, zegt Verheij. Lees hier het hele interview met CIRCULR. BEAT Cycling Club Vaak wordt de fiets gezien als oplossing voor problemen. Ze voorkomen drukte op de snelweg, veroorzaken minder geluidsoverlast en stoten bovendien geen CO2 uit. Maar in het geval van professioneel wielrennen vórmt de fiets juist een probleem. Althans, dat vindt de wielerploeg BEAT Cycling Club. “Er wordt gekoerst over de hele wereld”, vertelde mede-oprichter Geert Broekhuizen. “Daarbij wordt elk team gedurende een rit gevolgd door volgauto’s. En iedere rit verslijten renners fietsen, bidons, shirts, voedselverpakkingen, enzovoorts.” Het gevolg: een grote impact op het milieu. BEAT gelooft, en bewijst, dat dit anders kan. Sinds 2022 heeft de wielerploeg, bestaande uit vijftien profrenners die meedoen op het twee na hoogste niveau, zich voornamelijk ingezet op twee grote initiatieven. Allereerst: structureel rijden met elektrisch vervoer. “Dat zijn dus de volgauto’s en auto’s van onze verzorgers”, aldus duurzaamheidsman Twan van Schie. “Helaas lukt het ons nog niet om onze vrachtwagen en camper te elektrificeren. Dat is simpelweg omdat we nog niet de juiste technologie hebben gevonden die ons kan ondersteunen. Maar we hebben dus wel bewezen dat het rijden met elektrische auto’s bij touretappes mogelijk is.” Daarnaast gaat de ploeg steeds vaker met de trein naar hun trainingskampen. “We zijn met de trein naar Girona in Spanje afgereisd. Al het materiaal ging in een container en reisde mee met een goederentrein. En alle renners reisden met Interrail-passen.” De ervaringen waren positief. “Enerzijds waren de renners huiverig, en dat snap ik heel goed. Je doet en laat alles om de beste wielrenner mogelijk te zijn, en dan kan je best schrikken van een reis van twaalf uur. Maar ze stonden open voor innovatie en waren welwillend, dat vond ik heel cool van ze. En uiteindelijk merkte iedereen: je hebt veel beenruimte en het treinreizen is ontspannen. Dus de jongens waren achteraf erg positief. Zelfs zo positief, dat ze voorstelden om de Ronde van Oostenrijk ook met de trein te doen. Dat hebben we toen ook gedaan.” Lees hier het hele interview met BEAT Cycling Club. Meer klimaatinnovatie uit Nederland: Plantaardig ijs is in trek, zien ze bij IJsbaart: ‘Groei zit er goed in’Met zijn gelijknamige bier steunt Gulpener de Limburgse korenwolfNederlandse wetenschapper bouwt aan eiwitrevolutie en kweekt cellen met licht: ‘Stukken efficiënter’