Teun Schröder
29 oktober 2025, 06:58

Nieuwsupdate: Groene energie maakt beurscomeback en elektrische vrachtwagen laadt rijdend op dankzij snelweg

Beleggingsfondsen in hernieuwbare energie presteren de laatste maanden opvallend beter dan de brede aandelenmarkt en goud. Verder in het nieuws: wereldwijd voor het eerst daling CO2-emissies ingezet en windenergie bespaarde Britten ruim 114 miljard euro.

Muntjes op groen veld Ondanks Trumps bezuinigingen op subsidies trekken bedrijven als het Chinese Goldwind en het Amerikaanse Bloom Energy de duurzame sector omhoog. | Credits: Getty Images

Groene energie maakt beurscomeback dankzij lagere rentes en groeiende stroomvraag

Beleggingsfondsen in hernieuwbare energie presteren de laatste maanden opvallend sterk schrijft het FD. Sinds april dit jaar zijn groene indices harder gestegen dan de brede aandelenmarkt én zelfs dan goud. De S&P Global Clean Energy Index won in een halfjaar ruim 40 procent, geholpen door lagere rentes en toenemende elektriciteitsvraag door kunstmatige intelligentie. Ondanks Trumps bezuinigingen op subsidies trekken bedrijven als het Chinese Goldwind en het Amerikaanse Bloom Energy de sector omhoog. Analisten spreken van ‘energiepragmatisme’: overheden en bedrijven investeren tegelijk in fossiele én duurzame energie om de stijgende wereldwijde stroombehoefte bij te benen.

Lees ook: Mondiale investeringen in duurzame energie versnellen, terwijl fossiel voor het eerst in 4 jaar daalt

VN verwacht 10 procent minder uitstoot in 2035, ver onder klimaatdoel van 60 procent

De wereldwijde uitstoot van broeikasgassen zal tegen 2035 ongeveer 10 procent lager liggen dan in 1990, blijkt uit een rapport van de Verenigde Naties, meldt Bloomberg. Het is de eerste keer dat de VN een daling voorspelt, maar de afname blijft ver achter bij de 60 procent reductie die nodig is om de opwarming tot 1,5 graad te beperken. Het wachten is nog steeds op concrete klimaatplannen van individuele landen. Slechts 64 landen dienden deze plannen op tijd in, goed voor een derde van de wereldwijde uitstoot. In aanloop naar de klimaattop in Brazilië volgende week worden plannen van andere landen verwacht, bijvoorbeeld van de EU.

Lees ook: Onderhandelen in het tropisch regenwoud bij COP30: dit staat er op het spel tijdens de klimaattop in Brazilië

Europees Hof: Noorwegen mag naar olie boren op Noordpool, maar moet klimaatimpact meewegen

Noorwegen mag doorgaan met olieboringen in het Noordpoolgebied, maar moet bij nieuwe projecten rekening houden met de gevolgen voor het klimaat, zo heeft het Europees Hof voor de Rechten van de Mens bepaald, meldt NU.nl. De zaak was aangespannen door Greenpeace en de Noorse jongerenorganisatie Natur og Ungdom. Zij stelden dat Noorwegen mensenrechten schendt door onvoldoende naar CO2-gevolgen te kijken. Het Hof oordeelde dat geen sprake is van een mensenrechtenschending, maar benadrukte wel dat landen bij fossiele projecten de wereldwijde klimaateffecten moeten onderzoeken.

Lees ook: Strafrecht biedt kansen voor klimaatzaken: ‘Het is bij uitstek geschikt om gedragsverandering af te dwingen’

Windenergie bespaarde Britten ruim 114 miljard euro aan energiekosten sinds 2010

En dan een interessant onderzoek uit het Verenigd Koninkrijk: windenergie heeft daar sinds 2010 minstens 104 miljard pond (114 miljard euro) aan Britse energiekosten bespaard, blijkt uit onderzoek van University College London, waarover The Guardian schrijft. Tussen 2010 en 2023 verlaagde windstroom de elektriciteitsrekeningen met 16,2 miljard euro. Maar veruit het grootste voordeel, zo’n 152 miljard euro, werd behaald omdat het dankzij windenergie niet nodig was om nieuwe gasinfrastructuur aan te leggen. Ondanks 49 miljard euro aan groene subsidies bleef de totale besparing ruim positief. Volgens de onderzoekers toont dit aan dat windenergie geen kostenpost is, maar een rendabele nationale investering.

Lees ook: Deze slimme financiële constructie kan voor een win-win zorgen voor windparken op zee én de Nederlandse industrie

Vrachtwagen laadt rijdend op Franse snelweg draadloos op

Tot slot nog een opvallende innovatie uit Frankrijk. Op de Franse snelweg A10 bij Angervilliers heeft voor het eerst een elektrische vrachtwagen tijdens het rijden draadloos kunnen opladen, blijkt uit een artikel van Transport Online. Onder een traject van 1,5 kilometer zijn 900 koperen spoelen geplaatst die via een elektromagnetisch veld energie overdragen aan voertuigen. Voor vrachtwagens betekent dit ongeveer één extra kilometer actieradius per gereden kilometer; voor lichte voertuigen kan dit oplopen tot 3 kilometer. De techniek kan volgens de initiatiefnemers de elektrificatie van zwaar vervoer versnellen, doordat voertuigen met kleinere batterijen kunnen volstaan en minder hoeven stil te staan.

Lees ook: Changemaker Jeroen van den Oetelaar (DAF) ziet glansrol voor elektrische trucks: ‘Wie erin rijdt, ziet dat dit de toekomst is’

In andere media:

  • Mitsen en maren moeten Europees klimaatdoel voor 2040 redden (FD)
  • Rapport: miljoenen doden door slechte luchtkwaliteit, hittegolven en andere gevolgen van CO2-uitstoot (de Volkskrant)
  • Buurtbatterij en data maken duurzame wijk Aardehuizen steeds meer zelfvoorzienend (TW)
  • Zijn afvalbergen de gasvelden voor groene energie van de toekomst (NRC)
  • Vorig jaar werd meer afval ingezameld. Of mensen ook meer weggooien, is niet duidelijk (NRC)
  • Nissan op koers voor gebruik solid-statebatterij om bereik EV’s te verdubbelen (InsideEVs)

Hoe boeren over vijf jaar 100.000 voetbalvelden aan bouwmateriaal voor woningen telen

De Nederlandse bouwsector mocht vanaf 2023 in totaal nog 47 miljoen ton CO2 uitstoten om binnen de Nederlandse doelstelling van het Klimaatakkoord van Parijs te blijven. Dat stelt dat de aarde maximaal 1,5 graad mag opwarmen. Het zogeheten CO2-budget is bijna op, want in 2027 is de Nederlandse bouw naar verwachting door het budget van 47 miljoen ton uitstoot heen.In 2032 overschrijdt de bouw met zijn CO2-uitstoot scenario's om binnen een opwarmingsniveau van 1,7 graad te blijven. Tenminste, als we zo doorgaan. Bouwen met natuurlijke grondstoffen als hout en vezelgewassen als hennep, vlas, stro of olifantsgras kan die CO2-uitstoot fors verlagen. Zijn er straks genoeg biobased bouwmaterialen? Wat is daar voor nodig? Boeren die vezelgewassen verbouwen, fabrieken die deze gewassen verwerken tot bouwproducten, aannemers die gaan bouwen met biobased bouwmaterialen en projectontwikkelaars, beleggers en woningbouwcorporaties die hen hiertoe opdracht geven. Dat heet in jargon een keten vormen.Sinds de Nederlandse overheid twee jaar geleden de Nationale Aanpak Biobased Bouwen (NABB) startte en hiervoor 200 miljoen subsidie beschikbaar stelde, gaat het hard. Er worden inmiddels tienduizenden woningen gebouwd en geïsoleerd met natuurlijke materialen.De grote vraag is nu: kunnen bouwers over vijf jaar genoeg natuurlijke grondstoffen kopen van Nederlandse boeren om voldoende biobased woningen te kunnen bouwen? Daar draaide het om tijdens het jaarlijkse congres van WeGrow, het platform over biobased bouwen en verbouwen. Via de Benchmark Biobased Bouwen schetsten WeGrow en kennisinstituut Duurzaam Gebouwd de stand van zaken. Boeren willen wel Laten we beginnen met de boeren. Volgens de nationale aanpak zouden in 2030 op 50.000 hectare landbouwgrond, dus 100.000 voetbalvelden, gewassen voor de bouw geteeld moeten worden. In 2035 al 150.000 hectare. Eind 2024 gebeurde dat op 7.500 hectare. Daar werd vooral hennep en vlas geteeld. ‘De bereidwilligheid om de gewassen te gaan telen is er, maar we zijn er nog niet’, zegt Lars Hillewaere, business developer carbon farming bij LTO Bedrijven. ‘Wij zien dat heel veel boeren dit nu al gaan doen, terwijl ze nog geen zekerheid hebben over de afzet’.Nu komen nog veel natuurlijke bouwmaterialen uit het buitenland. ‘Als LTO willen we die niet uit het buitenland halen, maar die teelten zijn vaak al een stuk verder dan in Nederland. We kunnen dus leren van de landen om ons heen en kennis en materialen uit het buitenland halen, zolang het aanbod uit Nederland klein is’, zegt Hillewaere. Limburg deelt kennis Qua teelt lopen de provincies Drenthe en Groningen (hennep) en Zeeland en Flevoland (vlas) voorop. Volgens projectleider duurzame landbouw Patrick Lemmens van de Limburgse Land- en Tuinbouwbond (LLTB) moeten Nederlandse telers gestimuleerd worden om te veranderen. ‘We hebben het hier over biobased. Misschien moet daar ook een keer dutch-based achter komen’, zegt hij. ‘Laten we niet alleen voeding produceren voor onze monden, maar ook voor de kennis en innovatie in ons land.’Om telers te stimuleren over te stappen op nieuwe gewassen heeft de bond het platform nieuwe teelten Limburg opgezet. Dat werkt samen met de Wageningen University, grote bedrijven en hogescholen. Het geeft demonstraties, doet onderzoek en laat boeren onderling kennisdelen. ‘Ondanks de politieke tegenwind is de teelt van vezelgewassen echt aan de gang en niet meer te stoppen’, zegt Lemmens. Negen nieuwe fabrieken voor biobased bouwmaterialen Die vezelgewassen van de boeren moeten in fabrieken verwerkt worden tot bouwmaterialen, bijvoorbeeld houtskeletten, plaat- en isolatiemateriaal, composieten voor daken en gevels. Zo komt er een nieuwe in Drachten: Greeninclusive. Die maakt  bouwmaterialen van hennep. Drie nieuwe fabrieken worden binnen nu en twee jaar gebouwd en nog eens vijf over twee tot vier jaar.‘Dan praten we over een bouwproduct dat uit een Nederlandse fabriek komt en lokaal geteeld is. Dan heb je het over bedragen van 20 tot 60 miljoen euro. Dat heb je niet zomaar gebouwd. Toch zijn er genoeg ondernemers die hiervoor hun nek uitsteken’, zegt Bart van den Heuvel van Building Balance, dat het NABB uitvoert.[caption id="attachment_167664" align="alignnone" width="900"] Tijdens het WeGrow-congres bespraken boeren en bouwers de stand van zaken op het gebied van biobased bouwen. | Credits: André Oerlemans[/caption] Fabriek voor 7.000 hectare hennep Een van de voorlopers hierin is Dun Agro, dat inmiddels 1.500 hectare hennep verbouwt en die vezels onder meer verwerkt tot producten voor de bouw. ‘Wij hopen binnen twee jaar een productielocatie op gang te hebben voor 7.000 hectare hennep. Daar gaan we onder meer 500.000 kubieke meter isolatiemateriaal van produceren’, zegt oprichter en eigenaar Albert Dun.Om die fabriek van de grond te krijgen moeten twee bottlenecks overwonnen worden: de financiering en een afzetmarkt. Lees: bouwers moeten die producten kopen, waardoor banken bereid zijn een lening te verstrekken. Nu is biobased bouwen alleen bij nieuwbouw qua prijs concurrerend. Bij verduurzaming van bestaande bouw nog niet. Eventueel kan de overheid bijspringen met een MEER-subsidie.Dun Agro heeft net als andere verwerkers veel intentieovereenkomsten met afnemers gesloten, zogeheten letters of intent (LOI). ‘We hebben nu drie echte afnamecontracten, waardoor we van start kunnen. Met alleen LOI’s kun je geen fabrieken bouwen’, zegt Dun. Slechts 1,2 procent woningen biobased In 2030 zouden 30 procent van de nieuwbouwwoningen in Nederland met minimaal 30 procent biobased materiaal gebouwd moeten worden. Volgens de benchmark is dat nu bij 1,2 procent van de nieuwbouwwoningen gedaan. Oost-Nederland is koploper met 2,35 procent. Aan aannemers, projectontwikkelaars, corporaties en beleggers de taak om dit percentage op te krikken. Tijdens bouw- en vastgoedbeurs Provada spraken acht toonaangevende ontwikkelaars dit jaar af om al in 2028 bij minstens 30 procent van hun nieuwbouwprojecten minimaal 30 procent biobased materialen te gaan gebruiken.Eentje daarvan was Heijmans. De ontwikkelaar opende eind 2023 in Heerenveen een fabriek waar kant-en-klare houtskeletbouw-woningen uitrollen. ‘Daar proberen we zoveel mogelijk beton te vervangen door hout en gebruiken we cellulose en vlas als isolatiematerialen’, zegt Robert Koolen, directeur strategie & beleid bij Heijmans. De bouwer teelt al vlas op eigen gronden.Om biobased bouwen te kunnen versnellen is het volgens hem belangrijk dat materialen getest en goedgekeurd zijn. ‘Want als het fout gaat moeten we een woning afbreken of openhalen. Dat geeft enorme kosten en daar hebben we geen ruimte voor”, zegt Koolen.Er zijn al veel onderzoeken en testen gedaan met biobased materialen, maar er is meer certificering nodig en ook een berekening van de CO2-reductie. ‘Dat komt langzaam maar zeker op gang, maar dat is nu slechts voor een paar producten het geval’, zegt directeur Ronald Schilt van adviesbureau Merosch. Bouw verbruikt 60 procent van grondstoffen De bouwsector stoot 40 procent van alle CO2-uitstoot op aarde uit, met name door het gebruik van cement. Ook verbruikt de sector inmiddels 60 procent van alle grondstoffen. Bouwen met natuurlijke grondstoffen kan die CO2-uitstoot fors verlagen en het grondstoffengebruik terugdringen. Je kunt met biobased bouwen zelfs CO2 uit de lucht halen en voor langere tijd opslaan in het materiaal. De Nationale Aanpak Biobased Bouwen wil de markt voor biogrondstoffen in de bouw opschalen en gaat uit van het inmiddels bekende 30-30-30-doel. In 2030 moet 30 procent van alle nieuwbouwwoningen met minimaal 30 procent aan biobased bouwmaterialen zijn gebouwd. Maar het plan behelst meer dan dat. Bij het isoleren van bestaande woningen moet ook minstens 30 procent uit natuurlijke grondstoffen bestaan. 10 procent van de geluidsschermen, verkeersborden en vangrails op wegen moet over vijf jaar biobased zijn en 15 procent van het bitumen in asfalt. Van het beton in de grond-, weg- en waterbouw moet 30 procent verrijkt zijn met natuurlijke grondstoffen. En 5000 nieuwe fiets- en voetgangersbruggen moeten in 2030 zijn verrijkt met bio-composiet.Geen commitments maar contracten Volgens Bart van den Heuvel van Building Balance zijn die doelen haalbaar. ‘We zijn de pilotfase voorbij. De olietanker is niet meer te stoppen’, zegt hij. Volgens hem is biobased bouwen sociaal gezien al bijna gangbaar en geaccepteerd en technisch gezien haalbaar en betaalbaar. Zijn organisatie ijvert ervoor dat zoveel mogelijk van de geteelde vezelgewassen voor de bouw uit Nederland komen.Daarvoor hebben boeren de zekerheid nodig dat die gewassen ook gekocht worden door de bouwsector. ‘We hebben inmiddels ruim 300 commitments van architecten, aannemers, woningbouwcorporaties, beleggers en ontwikkelaars die gaan voor dat pad naar 30-30-30. Maar een commitment is makkelijk te tekenen. Waar je wat aan hebt, is een afnameovereenkomst, waar prijs en volume in staan. Daar krijg je de industrie mee op gang. We zetten nu echt druk op die partijen om van een commitment een contract te maken. Dat helpt om de keten op te schalen. Alleen op die manier bouw je iets blijvends”, zegt Van den Heuvel.[caption id="attachment_167665" align="alignnone" width="900"] Volgens Bart van den Heuvel van Building Balance loopt Nederland voor op zijn doelen. | Credits: André Oerlemans[/caption] Nederland loopt voor op doelen Volgens Van den Heuvel gaan de ontwikkelingen sneller dan verwacht. In het huidige tempo worden er in 2026 al 15.000 tot 17.000 nieuwbouwwoningen met minimaal 30 procent biobased materialen gebouwd, blijkt uit de rapportage van Building Balance.Bij renovatie worden er volgend jaar meer dan 10.000 woningen biobased geïsoleerd met stro, vlas of hennep, vooral in het dak. ‘Dan hebben we het over serieuze volumes. Het is leuk dat we vooruit lopen op onze doelen, maar pas als we over een kritiek punt heen zijn, is het iets blijvends”, zegt Van den Heuvel. Lees ook:Huis van de boer rukt op en is beter voor klimaat, zelfs als je CO2-opslag niet meerekent Nationale game moet houtbouw in Nederland versnellen Bouwers en boeren werken in Friesland samen aan biobased huizen: ‘Duizend woningen gaan we makkelijk halen’