De Nederlandse woningmarkt moet op basis van Europese afspraken in 2050 CO2-neutraal zijn. Dat betekent dat de energievoorziening van woningen tegen die tijd geheel uit koolsfofarme of hernieuwbare bronnen moet bestaan. Een enorme opgave, vooral omdat oudere woningen nog sterk afhankelijk zijn van verwarming met gas. Toch lijkt het te gaan lukken om de door de EU voorgeschreven tussendoelen voor 2030 te gaan halen.
Dat is best opmerkelijk, blijkt uit een donderdag verschenen analyse van ABN AMRO over de energietransitie op de woningmarkt. Het energiebeleid voor de woningmarkt van het kabinet-Schoof heeft de afgelopen jaar juist tégen versnelde verduurzaming van woningen gewerkt.
Zo heeft het kabinet een eerder voorgestelde maatregel om bij de aanschaf van een nieuwe cv-ketel de installatie van een hybride warmtepomp verplicht te stellen, geschrapt. Hybride warmtepompen zijn vooral geschikt voor oudere woningen, waar volledig van het gas af gaan vaak lastig is, mede vanwege beperkte isolatiemogelijkheden.
Een overheidsmaatregel die veel heeft geholpen bij de elektrificatie van woningen met duurzame energie is de salderingsregeling voor zonnepanelen. Het kabinet-Schoof heeft echter besloten de salderingsregeling vanaf 2027 volledig af te schaffen. Dat kan het behalen van de EU-doelen in gevaar brengen, omdat het meer onzekerheid geeft over de financiële planning van huishoudens, schrijven de analisten van ABN AMRO.
Doelen voor verduurzaming woningmarkt in 2030
Nederland is gebonden aan de Europese richtlijn voor de energieprestatie van gebouwen (EPBD) en het kabinet-Rutte IV heeft op basis daarvan in 2022 een aantal tussendoelen gesteld:
- Alle nieuwe woningen moeten vanaf 2030 voldoen aan de hoogste energie-efficiëntienormen en in principe emissievrij worden gebouwd;
- Bestaande gebouwen met de laagste energielabels moeten worden gerenoveerd. In 2030 zou dat voor 2,5 miljoen woningen klaar moeten zijn, ofwel 40 procent van de woningvoorraad. Het gaat dan om 1 miljoen huurwoningen en 1,5 miljoen koopwoningen;
- Vanaf 2027 moeten woningen met een energielabel G of slechter worden gerenoveerd tot minimaal label C;
- Vanaf 2030 moeten alle woningen met een energielabel F of slechter worden gerenoveerd tot minimaal label C.
Een aanvullend doel was de installatie van ten minste 1 miljoen hybride warmtepompen in 2030, maar dat is niet bindend vastgelegd.
Hoewel het beleid van het kabinet-Schoof niet gunstig is geweest voor de versnelde verduurzaming van oudere woningen, verwachten de analisten van ABN AMRO dat Nederland in 2030 toch op koers kan liggen om de woningvoorraad energiezuiniger en duurzamer te maken. Dat heeft met vier dingen te maken.
#1 Sloop oude woningen en groei nieuwbouw
Omdat nieuwbouwwoningen per definitie aan hogere eisen voor de energiezuinigheid en duurzaamheid moeten voldoen, zorgt vernieuwing van de woningvoorraad voor een verbetering van de gemiddelde energie-efficiëntie. In onderstaande tabel is te zien dat nieuwere woningen steeds minder afhankelijk zijn van gasverbruik en zuiniger zijn qua elektriciteit.

Bron: ABN AMRO
Als nieuwbouw gesloopte oude woningen vervangt, heeft dat een sterk effect op het energieprofiel van de woningvoorraad. In 2020 was ongeveer 57 procent van alle Nederlandse woningen gebouwd voor 1980 en dus mogelijk niet energiezuinig. Inmiddels is dat gedaald tot 54,4 procent.
‘Als we deze trend van veranderingen extrapoleren, zal het aandeel woningen die voor 1980 zijn gebouwd in 2030 nog steeds meer dan 50 procent bedragen. Tegelijkertijd zal het aandeel nieuwe, emissievrije woningen ongeveer 5,5 procent bedragen’, schrijven de analisten van ABN AMRO. De komende jaren zal dus veel afhangen van de mate waarin Nederland erin slaagt om voldoende nieuwe woningen bij te bouwen.
#2 ISDE-subsidies voor warmtepompen en zonneboilers
Een belangrijke subsidie voor de isolatie van woningen en de inzet van warmtepompen en zonneboilers is de ISDE-regeling. Daar is de afgelopen jaren veel gebruik van gemaakt, vooral voor het plaatsen van dubbelglas, vloerisolatie en de aanschaf van warmtepompen.
De analisten van ABN AMRO merken wel op dat er in de eerste maanden van 2025 sprake is van krimp van verduurzamingsuitgaven op basis van de ISDE-regeling. Dit jaar is deze regeling op bepaalde punten versoberd vergeleken met 2024. De vraag is dus wat een nieuw kabinet na de verkiezingen van 29 oktober voor beleid gaat voeren met de ISDE-regeling.

Bron: ABN AMRO
#3 Huishoudens doen zelf veel aan verduurzaming
Een onderliggende reden voor het lichte optimisme over de verduurzaming van de woningmarkt, is dat de analisten verwachten dat de verbetering van energielabels trendmatig blijft stijgen. Dat is te zien in onderstaande tabel, waarbij de groene vlakken de geschatte opmars van de hoge energielabels A, B en C weergeven in de periode tot 2030.

Bron: ABN AMRO
Al werkte het overheidsbeleid van het kabinet-Schoof niet mee, toch komen er de komende jaren steeds meer warmtepompen en zonnepanelen bij, is de verwachting. Het aanbod van warmtepompen en zonnepanelen blijft relatief hoog, wat kan zorgen voor lagere prijzen. De analisten van ABN AMRO denken dat dit meer prijsbewuste eigenaren zal aansporen om te verduurzamen.
#4 Energielabel huizen loopt achter op feitelijke duurzaamheid
De verbetering van energielabels kan bovendien een autonome groei laten zien, doordat veel huiseigenaren hun label niet bijwerken nadat ze hun woning duurzamer hebben gemaakt. Flink wat woningen krijgen daardoor automatisch een hoger energielabel op het moment dat ze opnieuw worden gekeurd als een woning op de markt komt voor verkoop.
De grote uitdaging ligt volgens de analisten van ABN AMRO bij woningen met de lage energielabels F en G. Die moeten de komende jaren minimaal een label C krijgen. Dat zal niet vanzelf gaan, ook omdat het veelal huizen betreft waarin huishoudens met lagere inkomens wonen. Als de overheid die huishoudens niet helpt, worden sommige EPBD-doelen niet gehaald.




