André Oerlemans
23 januari 2025, 15:30

Nederlandse warmtebatterij koelt en verwarmt kassen én bespaart tot 30 procent energie

Een warmtebatterij die kassen overdag koelt en ’s nachts verwarmt. Die geen stroom verbruikt en geen gassen uitstoot. Waarmee telers 10 tot 30 procent kunnen besparen op hun energiegebruik. Na jaren succesvol testen gaat de Nederlandse start-up Thermeleon dit jaar zijn eerste warmtebatterijen leveren aan telers van groenten en sierplanten.

Jildou 2 koppert Oprichter en directeur Jildou de Jong | Credits: Koppert Cress

Een kas is een prachtuitvinding om ook jaarrond gewassen te kunnen verbouwen waar dat vanwege het koude of warme klimaat lastig is. Door de glazen ramen komt daglicht binnen, dat wordt omgezet in warmte, die de kas vasthoudt. Alleen is die warmte er niet altijd op het juiste moment. Overdag kan het te warm worden in de kas, terwijl die warmte juist ’s avonds of ’s nachts nodig is omdat het dan te koud is.

De warmtebatterij van Thermeleon slaat die warmte van de dag gratis op en geeft deze ’s avonds af, en bespaart zo energie. Overdag koelt hij de kas en kunnen de ramen meer gesloten blijven. Door teveel raamventilatie lekt nu CO2 weg en die is belangrijk voor de plantengroei. Als een teler actief koelt, dan bespaart de Warmtebatterij ook op elektriciteit. De batterij zorgt voor een stabieler binnenklimaat, met minder hitte- en koude stress voor het gewas, wat goed is voor de gewasgroei.

Bakstenen muur

Het concept is een beetje te vergelijken met de bakstenen muren, de ‘fruitmuren’, die in de late Middeleeuwen in Nederland en België werden geïntroduceerd, waar gewassen naast werden geplant. Die stenen geven ’s avonds de opgeslagen warmte van de dag af. De huidige moderne Chinese zonne-kas maakt nog steeds gebruik van dit effect.

“Zo’n muur stelde ons in de 16e eeuw in staat om in Nederland de eerste mediterrane vruchten te telen. In de glazen hightech kas van vandaag zijn we dat concept een beetje vergeten. Wat wij doen is het oude concept van warmte-bufferende elementen in een innovatief jasje terugbrengen in de kas”, zegt oprichter en CEO Jildou de Jong van Thermeleon.

Wereldprimeur

De Thermeleon warmtebatterij is geen traditionele batterij met batterijcellen of elektrolyten, maar bestaat uit verschillende vormen met zogeheten Phase Change Materials (PCM), die op verschillende plekken in de kas aan te brengen zijn. Die elementen laden en ontladen passief door temperatuurverschillen. Als die materialen veranderen van vast naar vloeibaar (smelten) absorberen ze warmte en koelen ze de omgeving. Als de temperatuur daalt, veranderen ze terug van vloeibaar naar vast (stollen) en geven ze de opgeslagen warmte terug.

“Het is een passief systeem dat geen energie verbruikt en geen gassen uitstoot. De werking van deze materialen is al vaak onderzocht, maar het is nog nooit op commerciële schaal in een hightech kas toegepast. Ons is het voor het eerst gelukt om een warmtebatterij speciaal voor hightech kassen te ontwerpen, en in een kas van 1 hectare te lanceren. Een wereldprimeur”, vertelt De Jong.

Etalage van de wereld

Dat was in een kas van Koppert Cress in het Westland. Uit de testresultaten en nader onderzoek blijkt dat de Warmtebatterij in verschillende type kassen ingezet kan worden, bestaande en nieuwbouw, voor een breed scala aan gewassen. Van komkommers en tomaten tot bloemen. Dit jaar worden nieuwe projecten bij diverse telers opgestart.

“Er is veel interesse van telers. We willen ons eerst op Nederland richten, want dat is op dit gebied de etalage van de wereld”, zegt De Jong. “Iedereen kijkt naar Nederland. We krijgen aanvragen van telers en partners uit de hele wereld en we bereiden ons voor om hier binnen enkele jaren optimaal op in te spelen.”

De warmtebatterij van Thermeleon is getest in de kassen van Koppert Cress | Credit: Koppert Cress

Eigen fabriek

Inmiddels beschikt Thermeleon over een eigen fabriek in Zuid-Holland, waar de warmtebatterijen en de verschillende onderdelen worden geproduceerd en aan tuinders worden geleverd. Door het opschalen van de productie wordt de technologie toegankelijk voor een grote groep telers in Nederland.

De Venlokas moet verduurzamen

De meest gebruikte hightech kas ter wereld is een Nederlandse uitvinding: de Venlokas. 80 procent van de hightech kassen ter wereld zijn van dit type en gebouwd of ontworpen door Nederlandse bedrijven. De kas bestaat uit een skelet van verzinkt staal en aluminium, met glazen ramen ertussen.

Hij geldt wereldwijd als een kas waarin telers zeer efficiënt groente en siergewassen kunnen verbouwen. Zelfs in een woestijn. In het Westland staan er zoveel dat we van een glazen stad spreken. Momenteel komt 85 procent van het energieverbruik van deze kassen uit fossiele brandstoffen, in Nederland vooral uit aardgas. De sector heeft als doel om dit in 2040 naar nul te brengen, en klimaatneutraal te zijn.

Volgens het CBS verstookt de glastuinbouw zo’n 3,9 miljard kuub aardgas per jaar. Daarbij stoot de sector 3 procent van alle CO2 in Nederland uit. Omdat aardgas voor tuinders goedkoop was en nauwelijks werd belast, bouwden ze grote warmtekrachtkoppeling-installaties (WKK) die zowel warmte voor de kassen als elektriciteit kunnen opwekken. Die elektriciteit verkopen ze. De WKK-installaties in de glastuinbouw wekken zelfs 10 procent van alle gebruikte elektriciteit in Nederland op. Nu de belasting op aardgas stapsgewijs toeneemt en tuinders zelfs een CO2-heffing moeten betalen, neemt de urgentie om te verduurzamen en energie te besparen toe.

Energiebesparing

Voor het verduurzamen van de glastuinbouw worden verschillende oplossingen onderzocht. Geothermie, waarbij de WKK-installaties of lokale warmtenetten in de toekomst worden aangedreven door aardwarmte uit de bodem, is er een van. Een andere is de aanleg van warmtenetten, die de restwarmte van de industrie uit het Rotterdamse havengebied gebruiken.

Beide oplossingen hebben ook nadelen en risico’s, zoals het zoeken naar goede geothermieputten of de aanleg van dure pijpleidingen. “Daarom moet, aanvullend, 35 procent of meer van de verduurzaming uit energiebesparing komen. Daar valt de warmtebatterij onder, omdat wij zowel op koelen als op verwarmen besparen”, stelt De Jong.

“Met de warmtebatterij kunnen telers 10 tot 30 procent besparen op hun energierekening. Hoeveel precies, dat verschilt per teler en per kas, en kunnen wij op maat inschatten door onze rekenmodellen, waarin we ook met TNO en universiteiten samenwerken.”

Hightech

De Jong studeerde technische natuurkunde aan de TU Delft. Via een adviesopdracht voor klimaatcomputers ontdekte ze hoe hightech de glastuinbouwsector is. Ze richtte Thermeleon in 2020 op met een andere oud-studente van de TU Delft: Liesanne Wieleman. Die is inmiddels niet meer actief bij de start-up. De Jong en haar team zijn vanuit de Van Nellefabriek in Rotterdam verder gegaan met het ontwikkelen van de warmtebatterij. Dankzij samenwerking met innovatieve koplopers Koppert Cress en DivisionQ gingen in 2021 de eerste kastests van de materialen en productvarianten van start.

Thermeleon won samen met Skytree, Voltiris en Fotoniq de wedstrijd voor de ‘Kas van de Toekomst’ | Credit: Rolf van Koppen

Kas van de toekomst

In oktober vorig jaar won Thermeleon samen met drie andere bedrijven de ideeënwedstrijd van Dragons Den voor de ‘Kas voor de Toekomst’. In dat concept wordt de warmtebatterij gecombineerd met Direct Air Capture-machines van Skytree, die CO2 uit de lucht halen en aan de telers leveren. Dit als alternatief voor de fossiele CO2 die ze gebruiken.

Die machines krijgen hun stroom van de zonnemodules die Voltiris speciaal heeft ontwikkeld voor kassen. Die modules laten het benodigde licht voor de gewassen door en zetten de rest om in groene stroom. De derde partner, Fotoniq, levert een spraycoating die ervoor zorgt dat het zonlicht beter verspreid wordt in de kas. Daardoor worden licht en temperatuur gelijkmatiger verdeeld. De warmtebatterij draagt ook bij aan die gelijkmatigere temperatuurverdeling, waardoor gewassen minder hitte- en koude-stress ondervinden en ramen vaker dicht kunnen blijven.

“Een teler wil één totaaloplossing voor zijn kas. Daarvoor moet je samenwerken en de synergie opzoeken. Samen kunnen we die kring sluiten en haken we aanvullende bestaande en nieuwe technieken aan om de Kas voor de Toekomst te realiseren”, zegt De Jong.

Tomaat van de toekomst

De vier bedrijven zijn nu ook bezig met de ‘tomaat van de toekomst. In dat project willen de vier de echte, maatschappelijke kosten van het telen van tomaten in kassen in kaart brengen en een tomaat telen die niet alleen duurzaam, maar ook rendabel en voedzaam is. De Jong: “We gaan met de duurzame ‘kas voor de toekomst testen hoe die bij het telen van tomaten presteert ten opzichte van een reguliere kas. Qua duurzaamheid en kosten. Daarbij zijn we van plan een aantal grote partijen aan te haken. We noemen dat onze ‘man on the moon-mission’.”

Lees ook:

Tientallen nieuwe snelladers maken zero-emissiezones in grote steden mogelijk

Zonder een uitbreiding van de snellaad-infrastructuur zou de invoering van de zero-emissiezones een moeilijk verhaal worden. Waar zouden al die ondernemers dan moeten laden? TotalEnergies voorziet in die behoefte en biedt oplossingen door in binnensteden of daarbuiten snellaadstations te realiseren. “Als je die ondernemers vraagt om een grote aanschaf te doen – bijvoorbeeld een elektrische bestelbus –, dan moet je ze ook faciliteren om die bestelbus op te laden op de plek waar ze die gebruiken. Als ze helemaal de stad uit moeten rijden, vraag je wel heel veel van ondernemers en wordt het nog lastiger”, zegt Reinout Sterk, verantwoordelijk voor de uitrol van de snelladers van TotalEnergies in Nederland. Vijftig nieuwe locatiesDe laadpaalexploitant heeft inmiddels vijf concessies gewonnen. In de vier grote steden Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht en voor de Metropoolregio Amsterdam (MRA), die de provincies Noord-Holland, Utrecht en Flevoland omvat. TotalEnergies zoekt daar naar goede locaties voor zijn snellaadstations. “We zoeken continu naar nieuwe locaties”, zegt Sterk. “Inmiddels is een tiental snellaadstations operationeel. Daar komen er dit jaar ruim vijftig bij.” Netcongestie omzeilen In en rond Rotterdam komen er vijftien tot twintig van die stations bij. Zowel in het havengebied als in de stad zelf. Op de website Waarwiljijladen.nl is te zien waar die al gerealiseerd zijn en waar die nog in ontwikkeling zijn. In die regio is het een behoorlijke uitdaging om nieuwe locaties te vinden. Netbeheerder Stedin heeft namelijk voor het grootste deel van Rotterdam en omliggende gemeenten netcongestie afgekondigd. Dat betekent dat het stroomnet vol zit en dat grootverbruikers – dus ook snellaadstations – geen nieuwe elektriciteitsaansluiting krijgen. Voor een deel van de locaties heeft TotalEnergies al eerder een aanvraag ingediend, dus die krijgen nog stroom. Voor de nieuwe locaties heeft het bedrijf alternatieve oplossingen bedacht. Bijvoorbeeld door snelladers met een geïntegreerde batterij te plaatsen, die de elektrische auto’s en busjes oplaadt. Die batterij wordt dan weer opgeladen als er geen klanten zijn. “Dan kunnen we met een hele kleine consumentenaansluiting toch een hoop vermogen aan de klant leveren”, legt Sterk uit. Zonnepanelen boven snelladers De stroom die TotalEnergies levert is 100 procent groen. Het bedrijf heeft zelfs eigen zonneparken om zijn laadstations van stroom te voorzien. Maar ook die stroom moet over het bestaande volle elektriciteitsnet en kan dus alleen lokaal gebruikt worden. Daarom installeert het bedrijf zo vaak als mogelijk een luifel met zonnepanelen boven snellaadstations, die de batterijen extra opladen. “We hebben een kleine aansluiting, dus elk beetje zonne-energie helpt”, zegt Sterk.Opladen in de tijd van een kop koffie Wat is het verschil tussen snel laden via gelijkstroom (DC) en ‘gewoon’ laden via wisselstroom (AC)? Wisselstroom is de elektriciteit die uit het stopcontact komt, uit de laadpalen op straat en bij mensen voor de deur. Die wisselstroom wordt door de lader van de auto omgezet in gelijkstroom, want daar werken de batterijen van elektrische auto’s op. Daarom duurt het laden wat langer, gemiddeld een uurtje of acht. Met gelijkstroom kan dat sneller, want die stroom hoeft niet omgezet te worden. Bovendien hoeven auto’s niet altijd 100 procent opgeladen te worden. Met 80 procent kan de auto weer verder. Dat duurt bij een snellader vaak maar een kwartiertje tot twintig minuten; de tijd voor het drinken van een kop koffie of om even de benen te strekken.Zero-emissiezones Dit jaar hebben veertien steden en gemeenten een zero-emissiezone ingevoerd. Sinds begin dit jaar gelden daar beperkingen voor bedrijfsauto’s die op benzine of diesel rijden. Dat moet de luchtkwaliteit verbeteren en de CO2-uitstoot verminderen. Het gaat om grote steden als Amsterdam, Rotterdam, Utrecht en Den Haag, maar ook om kleinere steden zoals Assen, Delft, Gouda, Zwolle, Eindhoven of Maastricht. Tot 2030 komen er nog zeker zestien zero emissiezones bij. Alleen busjes en vrachtwagens die geen CO2 uitstoten mogen nog de stad in. In de praktijk betekent dit dat ondernemers hun dieselbus moeten inruilen voor een elektrische. Snelladers bij ziekenhuis en winkelcentra TotalEnergies gaat er daarom vanuit dat de stadslogistiek in Nederland elektrisch zal worden. Dat geldt niet alleen voor vrachtwagens en bestelbusjes, maar ook voor taxi’s. Daar wordt de keuze voor de locaties van snelladers op afgestemd. Ze komen bijvoorbeeld langs grote wegen, bij drukke kruispunten, maar ook bij grote winkelcentra en ziekenhuizen. “Plekken die goed zichtbaar zijn of waar mensen sowieso heen gaan. Dan kunnen ze tijdens het winkelen hun auto opladen”, verduidelijkt Sterk. “Vaak kunnen we de vraag combineren. Dat is aantrekkelijker dan dat we voor alle doelgroepen aparte laadinfrastructuur neer moeten zetten.” Leuk detail: de vrachtwagen die het eerste nieuwe elektriciteitshuisje in Rotterdam kwam plaatsen was een elektrische, waardoor de installatie volledig uitstootvrij was. Voor elektrische taxi’s in Rotterdam staat bij het Erasmus ziekenhuis (EMC) al een snellader op vier van de zestien taxi-standplaatsen. Dan kunnen de chauffeurs laden tijdens het wachten en hoeven ze niet de hele stad door te rijden voor een volle batterij.TotalEnergies gaat dit jaar 50 nieuwe snellaadstations installeren.Vooral overdag en ‘s avonds Een groot deel van de elektrische bestelbussen en trucks zal ’s nachts op het depot of bij een publieke laadpaal worden opgeladen. De snelladers zijn vooral bedoeld om overdag bij te springen. Sterk: “Als een chauffeur een lange rit heeft en hij moet ergens laden, dan wil je kunnen faciliteren dat hij na vijftien minuten weer door kan met zijn rit. Ook particulieren die ’s avond nog even naar de supermarkt gaan, hebben zo de volgende dag als ze naar hun werk moeten een volle accu.” Uitbreiden tot honderd laadpunten In en rond Rotterdam is TotalEnergies het verst met het uitrollen van zijn nieuwe snellaad-infrastructuur. Het was volgens Sterk nog een hele puzzel om goede locaties te vinden, maar dat is in samenwerking met de gemeente gelukt. “We hebben er nu vijftien gevonden. Het streven is om dit in Rotterdam en het havengebied uit te breiden tot honderd laadpunten, zo’n acht per laadstation”, zegt hij. 600 locaties in MRA TotalEnergies heeft onlangs ook de concessie in Utrecht gewonnen. Daar komen dit jaar zeventien locaties bij. De zero-emissiezone is daar kleiner dan in Rotterdam, dus ligt de nadruk behalve op ondernemers ook op consumenten. Daarom komen de snelladers vooral bij sportparken en winkelcentra. In Den Haag heeft het bedrijf al een aantal laadlocaties, waarvan er twee verzwaard worden naar een hoger vermogen om te kunnen snelladen. In het MRA-elektrisch gebied werkt TotalEnergies samen met twee andere aanbieders. Gezamenlijk realiseren de drie maximaal 600 snellaad-locaties. De eerste is net gerealiseerd in Diemen en dit jaar komen er tientallen bij. “Het wordt dus een druk jaar. We zijn flink aan het opschalen”, zegt Sterk. Lees ook: Nieuw zonnepark Almere levert stroom voor 17,5 miljoen elektrische kilometers in Metropoolregio AmsterdamSlim laden vermindert belasting stroomnet door elektrische voertuigen met 40 procentLaadpalen TotalEnergies gebruiken meer stroom uit zon en windZo wordt de elektrische auto onderdeel van het stroomnet: 'De toekomst is er al'Dit artikel is gemaakt door een van onze expertredacteuren in samenwerking met onze partner TotalEnergies. Change Inc. werkt met partners die de klimaattransitie aanjagen. Zij kunnen cases presenteren waar anderen zich aan kunnen optrekken en zijn eerlijk over de uitdagingen. Niet één bedrijf is al 100 procent duurzaam, maar veel zijn onderweg. Dankzij ons partnermodel zijn onze artikelen gratis toegankelijk voor iedereen. Benieuwd naar hoe wij werken? Klik hier.