Hannah van der Korput
21 september 2023, 16:15

'Met pappen en nathouden lossen we de waterproblematiek niet op'

Water is onmisbaar voor de voedselproductie, maar tijdens droge periodes is de beschikbaarheid niet vanzelfsprekend. Internationale aardappelverwerker Lamb Weston zet vol in op het besparen van water. In 2030 wil het bedrijf het zoetwaterverbruik per ton product met 25 procent hebben teruggebracht. Hoe doet het dat?

Hoe onvoorspelbaarder het weer, hoe onvoorspelbaarder de opbrengst. En dus neemt aardappelverwerker Lamb Weston maatregelen.

“Zonder water geen aardappel”, vat Rob Scholte het kort en bondig samen. Hij is Supply Chain Officer bij Lamb Weston EMEA. Genoeg water is volgens Scholte noodzakelijk voor een succesvolle teelt. Maar door klimaatverandering komen weersextremen steeds vaker voor. In plaats van genoeg water, zorgt dat voor een tijdelijke waterovervloed of schaarste. Voor de aardappelteelt is de grillige beschikbaarheid van water niet voordelig, zegt Mariska van Dalen. Bij Lamb Weston is zij verantwoordelijk voor de verduurzaming van diverse processen. “Is het te nat, dan kunnen aardappelen gaan bederven in de grond. Is het te droog, dan groeien ze niet goed waardoor ze kleiner uitvallen.”

Ook kunnen onweersbuien en hagel voor schade aan de gewassen zorgen, net als de temperatuur. Is het te warm of te koud, dan is dat terug te zien in de aardappeloogst. Oftewel: hoe onvoorspelbaarder het weer, hoe onvoorspelbaarder de opbrengst. En dus neemt fritesproducent Lamb Weston maatregelen.

Teeltplan

Samen met de telers heeft het bedrijf een duurzaam teeltprogramma ontwikkeld. Water is hier een belangrijk onderdeel van. Scholte: “Van al het benodigde water voor de fritesproductie wordt zo’n 80 procent tijdens het teeltproces gebruikt. Daar is de grootste winst te behalen.”

Een waterplan voor de aardappelteelt moet voor de nodige besparing zorgen. Zo wordt er ingezet op druppelirrigatie en sprinklers
om het land te beregenen. Deze zijn veel efficiënter dan de klassieke beregeningskanonnen, waarbij tot de helft van het water verdampt door warmte en wind. Een ander thema is het afvangen en tijdelijk opslaan van water in natte periodes om vervolgens te gebruiken in droge tijden. Binnen Lamb Weston worden ook nieuwe aardappelrassen getest die beter tegen droogte kunnen en dus minder water nodig hebben.

Druppelirrigatie op de akker. | Credit: Lamb Weston

De bereidheid is er

In Nederland, België, Noord-Frankrijk, Engeland, Duitsland en Oostenrijk werkt Lamb Weston samen met zo’n 650 telers. Hoe zorg je ervoor dat zij allemaal zo zuinig mogelijk met water omgaan? Van Dalen: “Op telersbijeenkomsten merken we dat boeren het klimaat en hun werkprocessen zien veranderen. Dat maakt dat de bereidheid er is om samen nieuwe dingen te proberen en op te zetten.” Ze neemt druppelirrigatie en sprinklers als voorbeeld. “Die werden eerder vooral als te dure investering gezien. Nu droge periodes steeds vaker voorkomen, is de waarde echter bewezen en gaan meer ondernemers over tot aanschaf.”

Scholte vult aan. “Met de meeste telers werken we al jaren samen. De relatie die we hebben, gaat veel verder dan alleen het inkopen van aardappelen. We praten met elkaar, helpen bij de gezamenlijke uitdagingen en geven advies over duurzame teelttechnieken en bewaring. Dat leidt tot wederzijds vertrouwen.”

Water besparen in het productieproces

De andere 20 procent van het zoetwater wordt gebruikt in de fabriek. Aardappelen worden daar verwerkt tot frites, aardappelpartjes en andere producten. “Allereerst is er water nodig om de aardappelen te wassen wanneer ze binnenkomen”, somt Van Dalen op. “Water is ook een transportmiddel: al drijvend gaan de aardappelen naar de productielijn. De aardappelen worden geschild met behulp van stoom, dus ook daar is water voor nodig. Hetzelfde geldt voor het blancheerproces. De frites worden dan korte tijd ondergedompeld in heet water om ze alvast voor te garen. Je begrijpt: het is onmogelijk om frites te maken zonder water.”

In het productieproces kan al veel water worden hergebruikt. | Credit: Lamb Weston “Tijdens het snijden komt er zetmeel in het water terecht, dat er direct weer wordt uitgefilterd. Na het zuiveren en drogen kan het weer worden gebruikt als voedselveilig aardappelzetmeel. Ook tijdens het blancheren wordt aardappelzetmeel afgevangen en deels omgezet naar biogas. Dat biogas gebruiken we om stoom mee te maken. Het gefilterde water kunnen we weer ergens anders in het productieproces inzetten. Zo proberen we zo min mogelijk water en andere stromen te verspillen”, aldus Van Dalen.

In het productieproces kan al veel water worden hergebruikt. | Credit: Lamb Weston

Noodzakelijk

Dat de internationale fritesproducent zuinig met water omgaat, is niet zomaar. “Het is noodzakelijk”, zegt Scholte. “Water wordt nog altijd als iets vanzelfsprekend beschouwd, ten onrechte. In Brabant, waar een van onze fabrieken staat, wordt door de waterleverancier nu al gemeld dat er in de toekomst geen extra water geleverd kan worden. Dat betekent niet dat we geen productie meer kunnen draaien, maar wel dat we vandaag maatregelen moeten nemen voor morgen.”

Dat gebeurt op verschillende manieren. Van Dalen: “De afgelopen jaren hebben we al veel stappen gezet om de hoeveelheid water voor de fritesproductie te verminderen. Voor de processen in de fabriek hebben we dit inmiddels goed in beeld. De volgende stap is om ook het waterverbruik in kaart te brengen voor alle producten die we maken. Om het ene product te produceren, is meer water nodig dan voor het andere product. Denk aan frites met of zonder schil en de dikte van de snijmaat. Wanneer we aan elk product een gemiddeld waterverbruik koppelen, kunnen we ook realistische doelen stellen en dat goed monitoren. Voor het energieverbruik gebeurt dit al op productniveau en dat werkt goed. Bij water zijn we nog niet zo ver, maar we zetten stappen.”

Waarde van water

Efficiënt watermanagement is bij de internationale aardappelverwerker dus al aan de orde van de dag. Dat geldt nog niet voor alle organisaties. Volgens Van Dalen heeft dat deels te maken met de prijs. “Water is nu nog relatief goedkoop, zeker in Nederland. Al gaat dat in de toekomst door de beperkte beschikbaarheid geheid veranderen. Ook het lozen van water wordt duurder. Hopelijk zorgt die financiële prikkel ervoor dat bedrijven veel zuiniger met water omgaan.”

Scholte: “Aan de voorkant minder water gebruiken resulteert ook in minder afvalwater. Je kan zeggen dat het mes aan twee kanten snijdt.”

Langetermijnvisie

Lamb Weston heeft samenwerkingen lopen met het bedrijfsleven, waterleveranciers en lokale overheden om uitdagingen rondom het thema water gezamenlijk aan te vliegen. Volgens Scholte is er ook een rol weggelegd voor de landelijke politiek. “Er is behoefte aan een duidelijke langetermijnvisie. Welke kant gaan we de komende jaren op? Welke maatregelen horen daarbij? De overheid heeft daar een voortrekkersrol in te spelen.”

Volgens Van Dalen hebben landelijke doelstellingen invloed op de plannen van individuele ondernemers. “Bedrijven hebben een bepaalde zekerheid nodig voordat zij grote investeringen doen. Wanneer die mist, zorgt dat voor vertraging omdat bedrijven nog even afwachten. Met pappen en nathouden lossen we de waterproblematiek niet op. Er is echt meer actie nodig!”

Dit artikel is gemaakt door een van onze expertredacteuren in samenwerking met onze partner. Change Inc. werkt met partners die de klimaattransitie aanjagen. Zij kunnen cases presenteren waar anderen zich aan kunnen optrekken en zijn eerlijk over de uitdagingen. Niet één bedrijf is al 100 procent duurzaam, maar veel zijn onderweg. Dankzij ons partnermodel zijn onze artikelen gratis toegankelijk voor iedereen. Benieuwd naar onze partners? Klik hier.

Meer lezen?

Meer met minder: bij ecologische workshop leren mensen zelf bouwen

Mas con menos is een internationaal bouwcollectief dat bestaat uit enthousiaste vrijwilligers. De gemene deler is een fascinatie voor zelfvoorzienend en vrij leven. Samen maken de bouwers, zoals ze het zelf zeggen, ‘meer met minder’ – dat is ook de betekenis van de Spaanse naam Mas con menos. Samen bouwen Sieger de Vries is een van de oprichters van het collectief. Hij vertelt hoe het begon: “Mas con menos is ontstaan in Spanje in 2014. Ik woonde daar in een community in de bergen van Noord-Spanje. Daar kwamen we in aanraking met stro- en leembouw. We hadden weinig bouwervaring, maar ontdekten de magie van samen bouwen. Bomen uit ons eigen bos en leem direct uit de grond. Samen bouwen gaat sneller en werkt enorm verbindend.” Omdat dit smaakte naar meer, besloot De Vries workshops te gaan geven volgens de formule ‘meer met minder’. Zo’n workshop was deze maand te volgen in de Eemstuin in Uithuizermeeden (Groningen). Magisch In zes dagen gingen achttien deelnemers en zes begeleiders van Mas con menos aan de slag. Arthur de Smidt, van huis uit IT-ontwikkelaar, deed mee aan de workshop en is enthousiast. “Je leert alle aspecten rondom ecologisch en biobased bouwen en zet binnen zes dagen een compleet gebouw neer.” De Smidt was vooral onder de indruk van de groepsdynamiek. “Het was opvallend hoe iedereen automatisch een rol op zich nam en ook makkelijk weer kon overstappen, zonder dat het de flow verstoorde. Een groep van mensen, die elkaar nooit eerder hadden gezien en met verschillende achtergronden, werkte als een soort automatische piloot met elkaar en zorgde ervoor dat alles aan het eind van de week gedaan was. Een magische ervaring.”Mas con Menos gebruikt natuurlijke en gerecyclede materialen die samenwerken met de natuur en laat invloeden uit verschillende landen in het werk terugkomen.Strohuis Mas con menos gebruikt natuurlijke en gerecyclede materialen die samenwerken met de natuur. Daarnaast laat het collectief invloeden uit verschillende landen terugkomen in creaties als strobalenhuizen, brood- of pizzaovens of eco-sauna’s. In de Eemstuin werd een strohuis gebouwd, dat de ontmoetingsplek moet worden voor de bezoekers, vrijwilligers en medewerkers van de tuin. Ontmoeten en inspireren Elkaar ontmoeten is ook voor De Vries een belangrijk aspect. Zijn doel is niet per se om de bouw te veranderen. “De gangbare bouw is traag en conservatief. Andere partijen zijn er beter in om die te veranderen. Wij zetten in op gezamenlijkheid en het creëren van plekken waar mensen elkaar kunnen ontmoeten en inspireren. Mas con menos laat zien dat het anders kan en dat dat eigenlijk veel leuker is dan gangbaar. Bovendien brengen wij mensen in contact met een groot netwerk.” Bij De Smidt heeft het inderdaad iets in gang gezet: “Het heeft mij geïnspireerd om me verder te ontwikkelen in de ecologische bouwvormen en hiermee snel aan de slag te gaan.” Meer lezen? Revolutionaire technologie voor uitstootvrij cement: dit bedrijf wil snel opschalenNieuwe baksteen haalt CO2 uit de lucht en wordt net zo duur als gewone bakstenenHoe wordt biobased bouwen de norm? Architect Paul de Ruiter: ‘Een bevlogen vraag geeft een bevlogen antwoord’Kabinet trekt 200 miljoen uit voor biobased materialen