Partner van Change Inc. 20 november 2025, 15:00

Met circulaire hubs wil Decathlon levensduur van producten verlengen

Dit artikel is aangeboden door Decathlon – Decathlon Nederland zet een concrete stap in de richting van een circulaire economie door de introductie van een Circulaire Hub in al haar fysieke vestigingen. Deze Hubs bieden een pakket aan circulaire diensten, zoals reparatie, terugkoop en huur, om afval en uitstoot afkomstig van producten aanzienlijk terug te dringen.

image (3) (1) Experts en technici in de workshops van Decathlon staan in voor de reparatie en het onderhoud van sportartikelen. | Credits: Decathlon

De nieuwe werkplaatsen functioneren als servicepunten, die klanten de mogelijkheid bieden om de levensduur van hun sportartikelen te verlengen en zo minder afval te creëren. Elke Decathlonwinkel in Nederland (21 in totaal) biedt deze circulaire diensten afhankelijk van de winkelgrootte in verschillende vormen aan: van compacte ontvangstbalies tot gespecialiseerde werkplaatsen. De transitie naar deze gemoderniseerde winkelindeling is dit jaar voltooid, waardoor deze services nu overal toegankelijk zijn.

De aangeboden diensten zijn ontworpen om de traditionele verbruikscyclus van producten te transformeren:

  • Maintain & Repair: Experts en technici in de workshops staan in voor de reparatie en het onderhoud van sportartikelen, variërend van textiel tot fietsen. Op het gebied van fietsreparatie biedt Decathlon een uitgebreide service: de workshops nemen alle merken aan voor reparatie, niet uitsluitend die van Decathlon. Dit verhoogt de flexibiliteit en het gemak voor consumenten significant, aangezien zij niet langer beperkt zijn tot merkgebonden servicepunten. Door deze service betaalbaar te houden, stelt dit model een nieuwe standaard neer: reparatie wordt de logische en toegankelijke keuze voor productonderhoud.
  • Buyback: Klanten kunnen gebruikte sportartikelen inleveren in ruil voor een giftcard. Deze producten worden vervolgens klaargemaakt voor verkoop als Second life-
    artikel’, wat de noodzaak tot nieuwe productie vermindert.
  • Rental: Het verhuren van producten op korte en lange termijn, zoals een kinderfietsabonnement, zorgt ervoor dat artikelen die snel ontgroeid worden in gebruik blijven bij opeenvolgende gezinnen, waardoor de aanschaf van telkens nieuwe artikelen overbodig wordt.

De aanwezigheid van gespecialiseerde technici in de winkels is fundamenteel voor het slagen van dit concept. Maar ook het bewustzijn bij de klant is cruciaal voor het slagen van deze initiatieven.

Productlevensduur verlengen: een commercieel en circulair doel

De strategie met de Circulaire Hubs sluit direct aan bij de definitie van een circulaire economie: het maximaliseren van de levenscyclus van producten en het zo lang mogelijk rekken van de gebruiksfase om overige uitstoot en afvalverbranding te reduceren.

Met de Circulaire Hubs wil Decathlon reparatie toegankelijk maken. De Hubs dienen als laagdrempelig contactpunt om klanten te stimuleren hun producten te laten repareren in plaats van weg te gooien en nieuw te kopen. Ook bieden de Hubs mogelijkheid tot commerciële groei. De circulaire diensten worden gezien als een belangrijke nieuwe inkomstenstroom. Door de Hubs in te bedden, vergroot Decathlon de capaciteit om omzet te genereren uit de verkoop van Second life-producten, verhuur en, in het bijzonder, reparatie. Zo groeide de reparatietak in 2025 met ongeveer 13 procent, en verwacht Decathlon volgend jaar een groei van 25 tot 30 procent op reparatiediensten.

De strategie laat zien dat Decathlon inkomsten kan genereren met circulaire diensten als alternatief voor de verkoop van nieuwe artikelen. Het bedrijf creëert meervoudige verkoopmomenten uit één product, wat de algehele grondstoffenefficiëntie verhoogt.

Leiden binnen de retail

Net zoals bij vele andere retailers, ligt het grootste deel van de CO2-uitstoot van Decathlon bij haar producten. Naast het investeren in het terugdringen van directe eigen uitstoot, zoals energieverbruik en transport, kijkt het bedrijf daarom ook uitvoerig naar de impact van hun producten – zowel op vlak van aanbod als op vlak van levensduurverlenging.

Met de grootschalige, operationele inbedding van deze circulaire diensten wil de sportretailer een voorbeeld zijn binnen de bredere detailhandel. Volgens Decathlon dwingt het andere spelers om hun eigen strategieën voor afvalpreventie en uitstootbeperking te herzien

‘Onze Decathlon-winkels zijn met hun hubs niet alleen een verkooppunt, maar een fysieke uitnodiging aan onze klanten om actief bij te dragen aan een andere manier van consumeren’, zegt Laurens Nolet, Circulaire Manager van Decathlon Nederland. ‘Ze maken onze circulaire belofte tastbaar en toegankelijk, waardoor we samen met de klant écht stappen zetten in het verlengen van de levensduur van sportartikelen.’

Door deze diensten op winkelniveau te institutionaliseren, zet Decathlon een operationele standaard neer. Het laat zien dat services zoals reparatie en verhuur een integraal onderdeel kunnen zijn van de winkelvloer. Tegelijkertijd verlaagt het de drempel voor klanten om hun producten te laten repareren, in te ruilen of te huren. Meer informatie over circulair ondernemen bij Decathlon vind je hier.

Dit artikel is gemaakt door onze partner Decathlon, zonder inhoudelijk inspraak van de redactie van Change Inc. Change Inc. werkt met partners die de klimaattransitie aanjagen. Zij kunnen cases presenteren waar anderen zich aan kunnen optrekken en zijn eerlijk over de uitdagingen. Niet één bedrijf is al 100 procent duurzaam, maar veel zijn onderweg. Dankzij ons partnermodel zijn onze artikelen gratis toegankelijk voor iedereen. Benieuwd naar hoe wij werken? Klik hier.

Lees ook:

Internationale landbouwsubsidies bedreigen de Nederlandse voedselzekerheid

Deze gastbijdrage werd geschreven door Dhanush Dinesh, chief climate catalyst bij Clim-Eat en Ivo Demmers, executive director bij Netherlands Food PartnershipOverheden geven wereldwijd 650 miljard dollar per jaar uit aan landbouwsubsidies. Toch stijgen koffie- en cacaoprijzen naar recordhoogtes, mislukken oogsten vaker door klimaatverandering en staan voedselsystemen onder druk. Het probleem: subsidies maken de verkeerde praktijken winstgevend, waardoor bodems degraderen en voedselsystemen dreigen in te storten. Ook Nederland zal dat voelen.Slechts 15 procent van die 650 miljard gaat naar behoud van natuur, biodiversiteit en gezonde leefomgevingen. Volgens de VN-organisatie FAO financiert het grootste deel juist schadelijke praktijken: overmatig gebruik van kunstmest die bodems uitput, monoculturen die biodiversiteit vernietigen en landbouw die water verspilt. Bodemdegradatie kost Afrika alleen al 68 miljard dollar per jaar. De huidige financiële prikkels houden deze status quo in stand. Bewezen duurzame innovaties zoals gewasrotatie en boslandbouw kunnen niet opschalen, omdat ze financieel niet kunnen concurreren met traditionele landbouw. Zolang subsidies verkeerde keuzes belonen, blijven goede ideeën op de plank liggen.[caption id="attachment_169315" align="alignright" width="264"] Dhanush Dinesh, chief climate catalyst bij Clim-Eat[/caption] Verhoogde urgentie in Afrika Ook in Nederland zien we dit patroon. Al jaren wordt geroepen om de stikstofcrisis aan te pakken, maar grote stappen blijven uit. Zolang de financiële prikkels niet veranderen, blijft het aantrekkelijker om vast te houden aan de bekende weg. Boeren die wél natuurinclusief willen produceren, zijn daarvan de dupe.Terwijl Nederland vastloopt, experimenteren Zambia, Tanzania, Malawi en Kenia met fundamenteel andere benaderingen van landbouwsubsidies. Niet omdat het daar eenvoudiger is, maar omdat de urgentie groter is, zowel vanwege klimaatverandering als om onafhankelijk te worden van schulden bij de Wereldbank en IMF. In Malawi verdwijnt door bodemuitputting jaarlijks 29 ton vruchtbare grond per hectare, tien keer het wereldgemiddelde. Om dit aan te pakken experimenteert het land met gesubsidieerde duurzame bodemgezondheidspakketten voor boeren, die voor de overheid ongeveer de helft goedkoper zijn dan traditionele kunstmest. Compensatie en innovatie Ook betalingen voor ecosysteemdiensten bieden perspectief. Boeren ontvangen compensatie voor innovaties die bijdragen aan gezonde bodems en het vasthouden van water, soms in geld, soms als digitale coupon die ze kunnen gebruiken voor het aanschaffen van meststoffen voor het volgende seizoen. Dit zijn geen vrijblijvende pilots, maar serieuze experimenten met het herschikken van miljarden aan subsidies die duurzaamheid bevorderen in plaats van schadelijke praktijken in stand houden. Boeren rapporteren hogere opbrengsten, gezondere bodems en overheden zien lagere kosten. De resultaten zijn duidelijk: bodems die beter reageren op meststoffen, veerkrachtiger zijn tegen droogte en voedzamere gewassen leveren.Die aanpak is direct relevant voor Nederland. Mondiale voedselzekerheid is Nederlandse voedselzekerheid. Als we niets doen, leiden uitgeputte bodems en mislukte oogsten tot hogere prijzen en schaarste, zoals nu bij koffie en cacao. Ook import van avocado’s of diepvriesgroenten uit Kenia komt onder druk te staan. Samen met extreme weersomstandigheden door klimaatverandering neemt voedselonzekerheid toe, vooral voor armere mensen in lage- en middeninkomenslanden, wat weer bijdraagt aan meer instabiliteit, conflicten en migratie. Subsidies herschikken [caption id="attachment_169316" align="alignright" width="264"] Ivo Demmers, executive director bij Netherlands Food Partnership[/caption]De oplossing ligt niet in meer nieuwe ideeën, maar in financiering. Goede innovaties blijven op de plank liggen zolang schadelijke vormen van landbouw winstgevender zijn dan landbouw die bijdraagt aan bodemherstel en waterbeheer. Maar financieringsstromen zijn geen natuurwet. Door subsidies te herschikken naar klimaatintelligente praktijken, creëren onder andere Kenia, Malawi, Tanzania en Zambia markten voor innovaties die voedselzekerheid voor de lange termijn waarborgen en een opwaartse prijsspiraal voorkomen.Het is aan de nieuwe coalitie in de Tweede Kamer om te investeren in ontwikkelingssamenwerking die de juiste financiële prikkels stimuleert. De Nederlandse voedseleconomie en het halen van de klimaatdoelen hangen daarvan af. In aanloop naar de klimaattop COP30 organiseerden Brazilië en Nederland vorige week een conferentie, waarvan de uitkomsten worden meegenomen naar de top. Het is cruciaal dat Nederland zich inzet om de herschikking van subsidies te versnellen.Voedselzekerheid vraagt niet om meer geld, maar om beter geld: subsidies die gezonde voedselsystemen belonen in plaats van degradatie te financieren. Lees ook:Changemaker Corjan van den Berg (Revyve): 'Als je het voedselsysteem efficiënter wilt maken, moet het dier eruit' VIDEO: Omgaan met de stijgende vraag naar voedsel? ‘Lokale data kunnen uitkomst bieden’ Meerderheid Nederlanders bereid meer te betalen voor vlees, maar we doen het (nog) niet