Bas Joosse 22 maart 2019, 14:16

Lamb Weston / Meijer gaat voor duurzamer vervoer met LNG-truck

Aardappelverwerker Lamb Weston / Meijer maakt het transport tussen twee productielocaties duurzamer. Twee vrachtwagens die continu heen en weer rijden, doen dat vanaf nu op LNG in plaats van diesel.

Adobestock aardappelen aarde

Twee trucks van transportbedrijf Visbeen rijden 24/7 heen en weer tussen de productielocatie van Lamb Weston / Meijer in het Friese Oosterbierum en de vriesopslag in Bergen op Zoom. De afstand tussen beide locaties is ruim 250 kilometer. Door de vrachtwagens te laten rijden op LNG, besparen beide bedrijven jaarlijks ruim 31 ton aan CO2-emissies.

“Het is belangrijk dat we ketenpartners hebben die met ons meedenken richting een klimaatneutrale toekomst. Dit omvat zowel het duurzaam telen van aardappelen, het productieproces, maar zeker ook het transport van onze producten naar klanten”, zegt Jolanda Soons, duurzaamheidsmanager bij Lamb Weston / Meijer. “Ook hier kunnen we impact maken en deze nieuwe LNG-truck is het rijdende bewijs.”

CO2-uitstoot terugdringen

De overstap op LNG is een bewuste keuze voor vervoerder Visbeen. “Dat we het nu op LNG gaan proberen, is omdat wij vinden dat we anders moeten gaan denken. Met zulke grote aantallen kilometers kunnen we onze CO2-uitstoot zo behoorlijk terugdringen", stelt aandeelhouder Adrie Visbeen. De vrachtwagen en de trailer zijn voorzien van een elektrische koeling, waarbij de stroom wordt opgewekt via de versnellingsbak van de vrachtwagen.

Lees ook: De opmars van LNG: 8 vragen over vloeibaar aardgas

LNG als brandstof is niet de eerste slag die Visbeen en Lamb Weston / Meijer samen maken. Sinds 2017 is het aantal gemiddelde wegkilometers per ton eindproduct verlaagd van 459 naar 432 kilometer. Ook worden er meer goederen per schip en trein vervoerd.

Voor Lamb Weston / Meijer is de verduurzaming van het transport slechts één van de projecten die het bedrijf onderneemt om de CO2-impact te verminderen. Zo wordt restwarmte geleverd aan een nabijgelegen uienproducent.

Bron: Lamb Weston / Meijer | Afbeelding: Adobe Stock

Overheid versterkt greep op projecten voor geothermie

Energie Beheer Nederland (EBN) richtte zich tot 2016 vooral op het opsporen, winnen en opslaan van olie en gas. Nu zet het bedrijf zich in voor de energietransitie. Bij projecten waar geothermie onderzocht wordt, voert EBN onder andere seismisch onderzoek uit om de bodem in kaart te brengen. Het ministerie van economische zaken en klimaat is de enige aandeelhouder van het bedrijf.GeothermieBij geothermie wordt warm water uit de bodem gehaald. Het water zit opgeslagen in zand en gesteentelagen. Hoe dieper er geboord wordt, hoe warmer het water wordt. Per kilometer neemt de temperatuur ongeveer 30 graden Celsius toe. Dit water kan bijvoorbeeld gebruikt worden om huizen of bedrijven te verwarmen. Hierdoor kan het aardgas vervangen. In de glastuinbouw wordt al langere tijd gebruikgemaakt van aardwarmte.  Diverse onderzoekenOp diverse plaatsen in Nederland vinden haalbaarheidsonderzoeken naar geothermie plaats. Onder andere in Lelystad, Alkmaar, Dordrecht, Utrecht en Zwolle worden de kansen onderzocht. Het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) liet het afgelopen jaar echter enkele projecten stilleggen na kleine aardbevingen.Lees ook: Negen locaties waar geothermie onderzocht wordtKennis vergrotenDoor EBN mee te laten werken aan de projecten, wil de minister de kennis en kunde van de sector vergroten en moet het investeringsrisico in nieuwe projecten stabiel worden. Het SodM concludeerde in 2017 in een rapport over de staat van de geothermie dat deze kennis en kunde nog niet voldoende aanwezig was. De eerste projecten met geothermie vinden sinds 2007 plaats; de kosten ervan zijn hoog. Een eerste boring kost nu € 6 tot 8 miljoen, schrijft Wiebes.Financieel risico voor overheidDe geothermie-sector staat volgens Wiebes positief tegenover de verplichte deelname van EBN. De organisatie gaat zich ‘risicodragend’ bezighouden met geothermie, waarbij ook een deel van het financiële risico door EBN gedragen wordt. Wiebes stuurt in zijn brief aan op een vast risicopercentage voor EBN, omdat dit tijd scheelt in de onderhandelingen voor een project.Voor EBN daadwerkelijk ‘risicodragend’ mee kan werken, moet de mijnbouwwet gewijzigd worden. Wiebes stelt dat dit pas op z’n vroegst eind 2020 kan gebeuren. Tot die tijd kan de organisatie wel op vrijwillige basis meewerken; dat gebeurt nu ook al, onder andere in Utrecht voert EBN seismisch onderzoek uit.Grote rol"In het Masterplan Aardwarmte in Nederland dat we in het voorjaar van 2018 samen met de sector hebben gemaakt, wordt duidelijk dat aardwarmte in Nederland een grote potentie heeft en een substantieel deel van de warmtevraag kan invullen. Ik denk dat we met onze kennis en ervaring van ondernemen in de Nederlandse ondergrond daar een grote rol in kunnen spelen", stelt Jan Willem van Hoogstraten, CEO van EBN.Bron: Tweede Kamer, Staatstoezicht op de Mijnen, EBN | Afbeelding: Adobe Stock