Hannah van der Korput
17 juli 2023, 15:08

Koffie en klimaatverandering: hoe stelt Nespresso de keten veilig?

Bij natuurproducten zoals koffie zijn de gevolgen van klimaatverandering goed merkbaar. Welke maatregelen neemt Nespresso? En hoe ondersteunt de multinational lokale koffieboeren in de strijd tegen klimaatverandering?

AKDD 73 Nespresso wil alle 142.000 aangesloten koffieboeren laten omschakelen naar regeneratieve landbouw. | Credits: Nespresso

Hoge temperaturen, zware regenval en andere weersextremen zijn niet iets van de toekomst. Het is nu al aan de orde van de dag, weet Kika Buhrmann. Per 1 april is ze de directeur van Nespresso Nederland. Daarvoor werkte ze voor de koffieproducent in Spanje, Zwitserland en Amerika. “Vooral mijn tijd in Amerika is vormend geweest. Vanuit daar heb ik veel koffieboeren bezocht en met eigen ogen gezien wat klimaatverandering doet met de teelt en de bedrijfsvoering.”

Verschuivende grenzen

Buhrmann vertelt over haar bezoek in Colombia. “Koffie moet op een bepaalde hoogte groeien, vertelde de eigenaar van de plantage. Dan heb je de optimale condities die leiden tot een lekker smaakprofiel. Door de opwarming van de aarde schuift die grens steeds verder op. Stukken land die eerder hoog genoeg lagen, zijn nu niet meer geschikt om koffie op te verbouwen. Dat het gebied slinkt, zag ik bij die boer gebeuren. Dat maakt het heel concreet.”

Ook natuurrampen vormen een groeiend risico, zegt Buhrmann. Stormen, hagelbuien en weerfenomenen bedreigen de productie. “Koffieboeren hebben niet de garantie dat ze elk seizoen hun oogst kunnen binnenhalen en verkopen. Dat brengt onzekerheid met zich mee.”

Om die onzekerheid op te vangen, heeft Nespresso in 2018 een koffieverzekering geïntroduceerd. Hiermee kunnen boeren hun gewassen verzekeren. Zo zijn ze zeker van inkomsten, zelfs als de oogst (deels) mislukt. Dat geeft de koffieboer zekerheid van inkomen en daarmee het vertrouwen om duurzame investeringen te doen. Buhrmann: “Denk aan het planten van hogere bomen, waardoor schaduw ontstaat voor de koffiestruiken. Of het aanleggen van lagere planten, waardoor CO2 in de grond blijft.”

Kika Buhrmann op bezoek bij één van de koffieplantages. | Credit: Nespresso

Regeneratieve landbouw

Daarnaast zet de koffieproducent in op regeneratieve landbouw. “Zo willen we onze footprint verkleinen”, licht Buhrmann toe. “Bijna 40% van de CO2-uitstoot van je kopje koffie vindt plaats in de landen waar de koffie vandaan komt, en dan vooral op het land. Daar valt dus veel winst te behalen.”

Samen met Rainforest Alliance heeft Nespresso een scorekaart ontwikkeld. Voor alle 142.000 boeren waar de koffiefabrikant mee werkt, wordt in kaart gebracht hoe zij telen. “Met de Regenerative Scorecard kijken we bijvoorbeeld naar kwaliteit van de bodemgesteldheid en welk type pesticiden wordt gebruikt. Ook maken we inzichtelijk hoe boeren met water omgaan en wat er gebeurt met reststromen zoals koffiepulp. Zo maken we duurzaamheid tastbaar en concreet.”

Vervolgens wordt een stappenplan opgesteld zodat boeren de transitie kunnen maken naar regeneratieve landbouw. “We hebben bij Nespresso zo’n vijfhonderd mensen in dienst in de landen waar koffie verbouwd wordt. Zij helpen en begeleiden de boeren continu met kennis en informatie. Het doel is dat we zoveel mogelijk boeren zo snel mogelijk laten omschakelen naar regeneratieve landbouw”, aldus Buhrmann.

Koffiecups recyclen

Ook in Nederland kunnen nog duurzaamheidsslagen worden gemaakt. Dan gaat het met name om de recycling. | Credit: Nespresso Buhrmann: “Na al het werk van de boeren en de experts die de smaken ontwikkelen, willen we de koffie zo vers mogelijk bij de consument krijgen. Dat doen we met aluminium verpakkingen. Het beschermt goed tegen externe invloeden zoals licht en lucht, waardoor de kwaliteit hoog blijft. Bovendien kun je aluminium goed recyclen. Het hergebruik kost slechts vijf procent van de energie die nodig is om nieuw aluminium te produceren. En het is oneindig herbruikbaar, maar dan moeten al die cups wel bij ons terugkomen.”

Maar in de praktijk blijkt het lastig om het recyclingpercentage op te krikken. “Dat ligt nu op 35 procent. Waar we naartoe moeten, is dat 100 procent van de capsules terugkomt zodat we alles kunnen recyclen.” Hiervoor zoekt Nespresso de samenwerking op met afvalverwerkers. Ook wordt er gekeken naar innovaties en nieuwe technologieën. “En tot die tijd roepen we iedereen op om gebruikte koffiecups in te leveren. We zetten in op communicatie en lanceren circulaire producten, zoals fietsen gemaakt van aluminium koffiecups. Op die manier willen we laten zien dat er echt nog veel waarde zit in cups die worden weggegooid.”

Ook in Nederland kunnen nog duurzaamheidsslagen worden gemaakt. Dan gaat het met name om de recycling. | Credit: Nespresso

Verandering

Buhrmann is ervan overtuigd dat er een grote verantwoordelijkheid ligt bij multinationals zoals Nespresso. “En die nemen we ook. Als categorieleider willen we duurzamere stappen zetten. Maar omdat Nespresso zo’n grote organisatie is, duurt verandering soms lang. Je moet veel spelers meekrijgen. Alle 142.000 koffieboeren met wie we samenwerken zijn daar een goed voorbeeld van. En dan kan je wel echt op grote schaal impact genereren.”

Versnellen

Dat neemt niet weg dat verandering volgens de directeur van Nespresso Nederland altijd sneller en beter kan. Het B Corp-programma helpt daarbij. “Voordat we de B Corp-certificering kregen, is onze hele bedrijfsvoering onder de loep genomen. Om de 3 jaar wordt het assessment herhaald.” Een goede stok achter de deur, vindt Buhrmann. “We onderzoeken continu hoe het beter kan en waar we extra stappen kunnen zetten. Dat houdt ons scherp. De samenwerking met andere B Corp-organisaties is ook nuttig. De uitdagingen die er nu liggen zijn van zo’n grote schaal. Willen we echt positieve verandering teweegbrengen, dan moeten we kennis delen en van elkaar leren. Dat is hoe je positieve impact nog verder kunt versnellen.”

Andere artikelen over Nespresso:

Dit artikel is gemaakt door een van onze expertredacteuren in samenwerking met onze partner. Change Inc. werkt met partners die de klimaattransitie aanjagen. Zij kunnen cases presenteren waar anderen zich aan kunnen optrekken en zijn eerlijk over de uitdagingen. Niet één bedrijf is al 100 procent duurzaam, maar veel zijn onderweg. Dankzij ons partnermodel zijn onze artikelen gratis toegankelijk voor iedereen. Benieuwd naar onze partners? Klik hier.

Voedselsysteem naar Net Zero: met deze 8 maatregelen is het mogelijk

Het is zelfs mogelijk om de voedingssector naar Net Zero te brengen. Oftewel: een CO2-uitstoot van netto nul. Dit schrijft Deloitte in nieuw onderzoek. Het onderzoek gaat in op de vraag hoe de voedselketen volledig koolstofvrij kan zijn in 2050. Met deze acht maatregelen moet het lukken, schrijft Deloitte. 1. CO2 opslaan Zo kan voedselproductie een rol vervullen bij het opslaan van CO2. Dit kan door gewassen te telen die koolstofdioxide opnemen in de wortels van de plant. Maar ook meerjarige landbouw en het herstel van aangetaste bodems kunnen ervoor zorgen dat koolstof in de grond opgeslagen blijft. Boslandbouw, een combinatie van landbouw en bossen, is een andere manier om CO2 op te slaan. 2. Landgebruik Naast CO2 opslaan is het ook belangrijk dat er geen koolstof meer vrijkomt. Wanneer veengronden of bossen plaats moeten maken voor landbouwgrond, komt er een hoop extra stikstof in de atmosfeer. Om dit te voorkomen, moet minder land worden getransformeerd in landbouwgrond. Aan de andere kant mag de voedselzekerheid niet in gevaar komen. Daarom is het verhogen van de opbrengsten op de bestaande akkers een belangrijk streven. 3. Minder broeikasgassen Bij de voedselproductie komen diverse broeikasgassen vrij. Rijst en vee zijn de grootste uitstoters van broeikasgassen zoals CO2 en methaan. Goed waterbeheer kan ervoor zorgen dat er minder broeikasgassen vrijkomen op de rijstvelden. Door het mestbeheer te verbeteren of methaanremmers in veevoer te verwerken, kan de uitstoot van methaan sterk worden verminderd. 4. Efficiëntieslagen Zoals veel andere sectoren kan ook de voedselproductie nog genoeg efficiëntieslagen maken. Voorbeelden hiervan zijn kortere ketens, duurzamer gebruik van grondstoffen zoals water en het verminderen van voedselverspilling. 5. Dieet aanpassen Vlees, vis, melk: we eten nog altijd veel dierlijke producten. Deze gaan gepaard met de nodige CO2-uitstoot. In de praktijk blijkt het lastig om ons dieet aan te passen. True Pricing kan een stimulans zijn om meer plantaardig te eten. Met het systeem van True Price worden ook milieukosten meegerekend die nu vaak niet zijn meegenomen in de winkelprijzen. Zo wordt de ware prijs van producten zichtbaar, inclusief de sociale en ecologische kosten op de lange termijn. De ontwikkeling van nieuwe plantaardige producten kan ervoor zorgen dat we vaker kiezen voor plantaardig. En het opschalen van de productie zorgt ervoor dat ze betaalbaar en toegankelijker worden. Ten slotte kan voorlichting over voedselkeuzes helpen om vaker te kiezen voor plantaardig eten en drinken. 6. Voedselverlies en -verspilling verminderen De makkelijkste manier om de voetafdruk van voedsel te verkleinen is misschien wel door verspilling tegen te gaan. Een derde van al het voedsel wordt nog altijd verspild. Het rapport schetst verschillende manieren om dit tegen te gaan, bijvoorbeeld door verspilling op het land en tijdens het transport aan te pakken. Andere maatregelen zijn de houdbaarheid van producten verlengen, reststromen optimaal gebruiken en consumenten nog beter voorlichten over voedselverspilling. 7. Duurzame energie Het productieproces van voedsel kan verder worden verduurzaamd door groene energie te gebruiken uit windmolens en zonnepanelen. Dit kan fossiele brandstoffen vervangen en de uitstoot flink verlagen. De voedingssector kan ook zelf energie opwekken door voedselafval of reststromen om te zetten in biogas. 8. Nieuwe technologieën Nieuwe technologieën kunnen de voedselvoorziening veiligstellen en tegelijkertijd verduurzamen. Denk aan genetisch gemodificeerde gewassen die zich aanpassen aan het veranderende klimaat. Of nieuwe varianten die meer opbrengen per hectare, waardoor veranderingen in het landgebruik mogelijk zijn. Ook innovaties, zoals het afvangen van methaan, kunnen de voedingssector verder verduurzamen. Samenwerken Met al deze stappen is een duurzamere voedselketen mogelijk, schrijft Deloitte in het onderzoek. Er is geen sprake van één oplossing, maar juist een combinatie van verschillende maatregelen. Dat maakt het een complexe puzzel. Maar als alle spelers binnen de voedingssector meewerken, is er veel mogelijk. Van boeren die hun landbouwmethodes veranderen tot consumenten die aanpassingen doen in hun eetpatroon: alleen samen kunnen we de foodsector verduurzamen, zo luidt de conclusie. Lees ook: Wordt genetisch veranderd voedsel toegestaan in Europa? 5 vragen en antwoordenDuurzamere kweekvis en klimaatbestendige aardappelen komen samen in Texelse proeftuin'Röntgenfoto' van groente en fruit werkt verspilling de voedselketen uit