André Oerlemans
13 mei 2025, 11:00

Spaans klimaat rukt op naar Nederland: knappe koppen uit Wageningen helpen boeren om zich aan te passen

Kunnen Nederlandse boeren in de toekomst nog uien of aardappelen verbouwen? Zorgen warme en natte winters voor plagen en ziekten? Zijn sommige gewassen vanwege de toenemende droogte nog wel te telen? Met diverse tools, maatregelen en projecten helpt Wageningen University & Research (WUR) boeren om zich voor te bereiden op klimaatverandering.

Klimaatimpact landbouw WUR Boeren hebben steeds meer last van klimaatverandering. Soms is het te nat, dan weer te droog | Credits: WUR

Nederlandse zomers worden steeds warmer en droger, winters juist warmer en natter. Deze lente worden volgens het KNMI weer allerlei droogterecords gebroken. En als het dan regent zijn het hevige, korte stortbuien. Dat zien ze ook bij de WUR. Dit gaat de komende jaren steeds grotere gevolgen hebben voor de landbouw. Droogte leidt tot opbrengstverlies of zelfs misoogsten. Hagel- en stortbuien beschadigen gewassen. Om in de toekomst te kunnen blijven bestaan moeten boeren nadenken wat de impact van klimaatverandering is op hun bedrijf, stellen Emma Knol, onderzoeker klimaat & bedrijf bij de WUR, en haar collega, research manager Herman Schoorlemmer.

Extremer weer raakt landbouw

“We zien dat het de ene keer heel droog is, zoals dit voorjaar, terwijl het twee jaar geleden veel te nat was. De extremen komen steeds frequenter voor, steeds sneller achter elkaar. De uitdaging is hoe je daar mee omgaat”, zegt Knol. De andere trend is de stijging van de zeespiegel in combinatie met droogte, waardoor grondwater en rivierwater steeds zouter worden. “Dat speelt niet alleen in de kustprovincies”, zegt Schoorlemmer. “In delen van Flevoland bijvoorbeeld kunnen boeren geen gebruik maken van het diepere grondwater omdat dat te zout is om mee te beregenen.”

Als gevolg hiervan schuift de uienteelt op van west naar oost. “Uien zijn gevoelig voor zout en zijn daardoor in delen van de kustprovincies lastiger te telen”, zegt Knol.

Wat als er geen water meer is?

Andere gewassen die in diverse groeistadia gevoelig zijn voor droogte zijn bijvoorbeeld aardappelen, mais, prei of peen. Bij gewassen die op zandgronden worden geteeld, is het droogteprobleem vaak groter, omdat het water sneller wegloopt in de bodem. Zolang er nog beregend kan worden, hoeven boeren die gewassen nog niet te vervangen door andere. Knol: “Maar het is belangrijk dat je als boer nu al nadenkt over de vraag: wat als er straks geen water meer is? Kan ik dit gewas nog wel telen of moet ik iets anders bedenken? Tot dusver ging het nog goed tijdens de droge perioden, maar we verwachten dat het in de toekomst extremer en dus lastiger zal zijn.”

Spanje als voorland

In Zuid-Europa is de opwarming en groeiende droogte al langer aan de gang. Daarom kijken de wetenschappers van de WUR hoe boeren daar met klimaatverandering omgaan. “Dat kan een voorbeeld voor ons zijn. Ook komt het klimaat dat daar heerst deze kant op. Wij vragen ons af: stel dat we in Nederland het klimaat van Spanje krijgen, wat moeten we dan doen?”, zegt Knol.

Ziekten en plagen

In een rapport van de WUR over de toekomstige risico’s van het klimaat, dat deze zomer uitkomt, blijkt dat de impact van klimaatverandering op de landbouw alleen maar groter zal worden. Knol: “Wij zien in de scenario’s van het KNMI dat de droogte in de zomer extremer wordt. Ook als het regent wordt het extremer. De winter wordt natter en wat warmer. Dat heeft ook effect op ziekten en plagen.”

Een gevaar van warmere winters is bijvoorbeeld dat aardappels die achterblijven op het land niet meer bevriezen. Schoorlemmer: “Dat heeft gevolgen voor de gewasbescherming. Dan kunnen allerlei schimmels overleven en krijg je ziekten in de bodem met impact op de volgende teelt.”

Herman Schoorlemmer en Emma Knol van de WUR helpen boeren om zich aan te passen aan klimaatverandering | Credit: WUR

Klimaatstresstest

De WUR heeft allerlei onderzoeken, programma’s en projecten lopen om boeren te helpen om hun bedrijf op tijd aan te passen aan het veranderende klimaat. Het meest concreet is de Klimaatstresstest, een tool die boeren op bedrijfsniveau inzicht geeft in de risico’s en impact van klimaatverandering. Simpel gezegd voert een boer het aantal hectare land en het type gewassen in dat hij wil verbouwen. Daarna laat de tool aan de hand van economische en klimatologische modellen zien wat de financiële gevolgen zijn als het klimaat in de toekomst verandert en hij desondanks geen maatregelen neemt. Vervolgens zien boeren mogelijke maatregelen die ze kunnen nemen om de impact van klimaatverandering te beperken

“De tool laat zien wat het betekent voor de opbrengsten van jouw bedrijf als je nu niets aanpast en je bedrijf houdt zoals het nu is. Natuurlijk zullen boeren nooit niks doen. Die zijn continu bezig om zich aan te passen. Maar deze tool maakt ze bewust van klimaatverandering en geeft ze het inzicht dat ze echt stappen moeten gaan maken”, zegt Schoorlemmer. De tool wordt deze zomer in de praktijk getest en komt eind dit jaar beschikbaar. Allerlei financiële partijen en een branchevereniging als LTO werken eraan mee.

Boerenstuwtjes

Bij klimaatmaatregelen valt bijvoorbeeld te denken aan het telen van een groenbemester in de winter. Normaal ligt de akker dan braak. Een alternatief is dat boeren iets laten groeien, wat de bodem verbetert. Wortels in de grond voorkomen erosie en houden de bodem luchtiger. Het gehalte aan organische stof wordt groter, waardoor de bodem meer water kan vasthouden en beter bestand is tegen droogte en extreme weersomstandigheden in het voorjaar. Boeren kunnen ook denken aan andere vormen van beregening. Zo is druppelirrigatie veel efficiënter. Het verbruikt minder water en bereikt direct de wortel van de plant. Veel boeren experimenteren hier al mee. In overleg met waterschappen kunnen ze via boerenstuwtjes zelf hun waterpeil controleren en extra water vasthouden. Veel van die maatregelen worden in de praktijk getest bij de afdeling Open Teelten van de WUR in Lelystad.

Slimme oplossingen delen

In het Europese project Climate Farm Demo gaan 1.500 boerenbedrijven – waarvan 60 in Nederland – uit 27 landen met dit soort slimme maatregelen en oplossingen aan de slag. Deze demobedrijven vormen een Europees netwerk waarin ze hun kennis en ervaring delen. Ook organiseren ze demonstraties, bijvoorbeeld over watermanagement of bodembeheer, waarin ze praktijkoplossingen delen met andere boeren. Het project wil boeren laten zien wat ze kunnen verwachten, zodat ze zich voor kunnen bereiden. “Het zijn gewone boeren – akkerbouwers, veehouders, olijfboeren, druiventelers -, die allemaal bezig zijn met nieuwe dingen rondom klimaatadaptatie en -mitigatie”, zegt Schoorlemmer. “In de veehouderij gaat het bijvoorbeeld over mitigatie: hoe kun je je uitstoot van broeikasgassen verminderen? In de akkerbouw gaat het vooral om adaptatie. Hoe kan ik zorgen dat ik een boterham kan blijven verdienen onder de veranderende omstandigheden?”

Een bijeenkomst voor boeren die meedoen aan het project Climate Farm Demo in Ierland | Credit: WUR

Veel animo bij boeren

In het project Climate Smart Advisors, waar de WUR ook bij betrokken is, gaan adviseurs bij de boeren langs om klimaatadviezen te geven. Doel is hen te mobiliseren om methoden voor klimaatadaptieve en -mitigerende landbouw toe te gaan passen. In juni start het project Climate Smart Research, waarbij op tien locaties in Europa verdiepend onderzoek naar klimaatadaptatie en -mitigatie wordt gedaan. De WUR is hierbij de projectcoördinator.

De animo bij boeren om aan dit soort projecten mee te doen is groot. Knol: “De meeste boeren realiseren zich dat het weer het hen lastig maakt. Daarom moeten ze kijken naar alternatieven of wat ze op de langere termijn kunnen doen als dit vaker voorkomt.” Bij dat laatste komt de vraag aan de orde of ze misschien andere gewassen moeten gaan telen.

Boeren in 2050

De hamvraag is dus of Nederlandse boeren in een veranderd klimaat kunnen overleven? Oftewel, hoe ziet de Nederlandse landbouw er in 2040 of in 2050 uit? “Daar hebben we ook een project voor, waarin we dat aan het uitzoeken zijn”, stellen de twee. Dat heet Klimaat- en water-robuuste land- en tuinbouw in 2050. Daarin worden diverse toekomstscenario’s voor klimaatbestendige landbouw verkend. Door deze scenario’s met praktijkpartijen vorm te geven, kan vervolgens worden nagedacht over de stappen die boeren, beleidsmakers en andere belanghebbenden moeten nemen om tot een klimaatbestendige landbouw te komen

Knol: “We hebben nu aan de hand van enquêtes en interviews drie verschillende scenario’s uitgewerkt. Dan gaat het over de vraag: hoe zie jij de landbouw in de toekomst voor je? Die drie scenario’s willen we binnenkort gaan visualiseren.”

Lees ook:

Nieuwsupdate: ‘Noodknop’ om stroomstoring tegen te gaan en Utrecht wil fossiele reclame ook verbieden

‘Noodknop’ voor zonnepanelen, warmtepompen en laadpalen Netbeheerders kunnen laadpalen, warmtepompen en zonnepanelen straks mogelijk op afstand uitzetten. Daarover schrijft Trouw. De optie moet grote stroomstoringen voorkomen. In de praktijk zijn het kastjes die een signaal versturen zodra het stroomnet overbelast dreigt te raken. Vervolgens draaien laadpalen en warmtepompen in het gebied niet meer op volle toeren. Het is een soort noodknop, waarmee slimme energieslurpers op afstand uitgezet kunnen worden. Bij elf woningen in Lochem (Achterhoek) zijn de kastjes geplaatst voor een proef. Lees ook: Je huis als batterij gebruiken: geen dure thuisbatterij meer nodigOok Utrecht wil fossiele reclame verbieden Ook de gemeenteraad van Utrecht wil reclame voor vliegreizen en sommige auto’s gaan verbieden. Het is een navolging van een recente uitspraak in Den Haag. Die stad won een kort geding van de reisbranche. De overkoepelende reisorganisatie ANVR spande samen met TUI, D-reizen en Prijsvrij een zaak aan om het verbod op fossiele reclame van tafel te krijgen. Dat lukte niet: de rechter stelde de gemeente Den Haag in het gelijk. “Nu Den Haag een verbod heeft opgenomen in de lokale verordening, staat Utrecht niets in de weg om hetzelfde te doen”, aldus de indiener van de motie, Maarten van Heuven (Partij voor de Dieren), in Trouw. Lees ook: Den Haag mag fossiele reclame verbieden van rechter: ‘Weg is vrij voor andere gemeentes’ Het ene windpark krijgt meer wind dan de ander Windparken hebben effect op het weer. De draaiende turbinebladen zorgen ervoor dat de wind áchter de windturbines afneemt. Ze vormen immers een obstakel waar de wind overheen en omheen wil. Dit heet het zogeffect en is in principe plaatselijk. Maar in sommige gevallen kunnen de effecten 150 kilometer verderop nog merkbaar zijn. Zo kan het ene windpark ervoor zorgen dat de windsnelheden lager zijn bij een ander windpark. Hoewel dit zogeffect al lang bekend is, wordt het steeds urgenter. Dit komt door de omvang en de snelle uitbreiding van windparken op zee, zeggen experts tegen de BBC. Uit simulaties blijkt dat het zogeffect op de Noordzee, een plek waar offshore windenergie een enorme groei doormaakt, zal toenemen. Hier moet rekening mee worden gehouden in het ontwerp van windparken. Lees ook: Krachtigste windturbine van Europa kan wedijveren met reuzen uit China Robotisering wint terrein op boerderij, AI vaak nog blinde vlek Waar de overgrote meerderheid van ondernemers in de land- en tuinbouw nog niets met kunstmatige intelligentie (AI) doet, wordt robotisering wel steeds vaker toegepast. Daarover schrijft Boerderij. Die haalt de data uit een peiling van LTO Noord onder 187 leden. Op het platform is te lezen dat ruim 70 procent in de dierlijke sectoren al werkt met robotisering. In de plantaardige sectoren is dat 40 procent. Ruim twee derde ziet onbemande machines als kansrijke oplossing om arbeid te besparen. In tegenstelling tot de opmars van robotisering, blijft het gebruik van kunstmatige intelligentie (AI) in de land- en tuinbouw achter. Slechts 14 procent van de ondervraagde ondernemers geeft aan 'iets' met AI te doen. Het vertrouwen is opvallend laag: bijna de helft van de boeren gelooft niet dat AI kan bijdragen aan het oplossen van arbeidsproblemen. Lees ook:Zelfrijdende landbouwrobot met zonnepanelen wiedt onkruid zonder pesticiden Neppe bomen tegen hittestress in Amsterdam Temperatuurrecords worden steeds vaker gebroken en dat leidt in Nederlandse steden tot groeiende hitteproblematiek. Amsterdam is een proef gestart met nepbomen om de stad te koelen, schrijft RTL Nieuws. Volgens Jeroen Kluck, lector Klimaatbestendige Stad van de Hogeschool van Amsterdam en betrokken bij het project, zijn meer bomen en planten dé oplossing. “Ze zorgen niet alleen voor verkoelende schaduw, maar koelen ook de lucht door verdamping. Een boom kan door de schaduw de gevoelstemperatuur van de omgeving 10 tot 15 graden verlagen.” Maar meer bomen planten, is lang niet overal mogelijk. Veel stadsbodems zitten vol met kabels, leidingen of ondergrondse parkeergarages, waardoor er geen ruimte is voor de wortels van bomen. In Amsterdam wordt daarom gekeken naar alternatieven. Lees ook: Zo wapenen we ons tegen extreme hitte in steden: 5 oplossingenNepalese gletsjer Yala is officieel gestorven Onderzoekers hebben de Yalagletsjer in de Himalaya officieel dood verklaard. Dat betekent dat de gletsjer niet meer wordt aangevuld met nieuwe sneeuw en langzaam oplost. Pas over tien tot vijftien jaar zijn waarschijnlijk ook de laatste zichtbare resten van de Yalagletsjer in Nepal verdwenen, is te lezen in NRC. Toch hebben wetenschappers de ooit indrukwekkende ijsmassa inmiddels officieel dood verklaard. Het is een duidelijke waarschuwing: doen we te weinig tegen klimaatverandering, is dit zeker niet de laatste gletsjer die verdwijnt. Lees ook: Opmerkelijk: door klimaatverandering heeft Groenland er 1.600 kilometer kustlijn bijBouw windmolens op land stokt De aanleg van windmolens op land stokt, bericht BNR. Vorig jaar is maar voor 127 megawatt aan windmolens bijgebouwd. Dat zijn slechts zo’n 33 turbines en het gaat om de kleinste toename sinds 2017. De reden is volgens de windmolenbranche het uitblijven van werkbare milieunormen voor wind op land. Hierdoor zouden investeerders niet goed weten waar ze aan toe zijn en zouden vergunningstrajecten vertraging oplopen. Daarnaast lopen er veel bezwaarprocedures tegen windmolens. Projecten eindigen vaak bij de Raad van State (RvS), waardoor veel vertraging wordt opgelopen. Lees ook: Windparken moeten op een andere manier geld gaan verdienenVerder in de media: Stroomverbruik in datacenters verdampt door dit Nederlandse bedrijf (De Telegraaf)Nieuw initiatief om luchtvaart te vergroenen: 'Sector kan magie behouden' (Nu.nl)Terugleverboetes voor zonne-energie zijn best te vermijden (Financieel Dagblad)De scheepvaartindustrie neemt uitstoot serieus (New York Times)De grootste bezitter van landbouwgrond in Nederland helpt boeren om duurzamer te werken (Trouw)