Sebastian Maks
20 december 2024, 14:30

Kabinet sluit akkoord met Nobian voor versnelde CO2-reductie: vijf vragen over de eerste maatwerkdeal

Zoutproducent Nobian sluit een ‘maatwerkafspraak’ met de Nederlandse overheid om de CO2-uitstoot van het bedrijf versneld naar beneden te brengen. Het is de eerste industriële grootverbruiker waarmee minister Hermans (Klimaat en Groene Groei) zo’n afspraak sluit. Met andere bedrijven is het kabinet nog in gesprek. Wat houdt de deal in, en hoe verlopen de andere gesprekken?

Ondertekening Nobian 6 Minister Hermans (Klimaat en Groene Groei) sluit een bindende maatwerkovereenkomst met de zoutproducent Nobian om de CO2-uitstoot versneld te reduceren. | Credits: Rijksoverheid

Waarom maakt de Nederlandse overheid maatwerkafspraken met de industrie?

Tot de industrie behoren veel zogeheten hard to abate-sectoren. Dat zijn sectoren waarbij verduurzaming en het terugbrengen van de uitstoot van broeikasgassen moeilijk is. Het gaat dan om bijvoorbeeld metaalproducenten en chemische bedrijven. Omdat de CO2-uitstoot van zulke bedrijven wel dusdanig hoog is dat reductie essentieel is om de klimaatdoelen te halen, is de Nederlandse overheid momenteel in gesprek met ongeveer twintig industriële grootverbruikers. Die gesprekken lopen al sinds 2021, ten tijde van het kabinet-Rutte IV. Tot de groep grootverbruikers behoren onder meer Tata Steel, bp, Shell en Nobian. Met hen wil het kabinet bindende maatwerkafspraken sluiten om versneld de klimaatdoelen van de bedrijven te halen. De overheid biedt daarbij financiële steun en helpt bovendien ook procedureel een hand, bijvoorbeeld door juridische procedures te versnellen of gesprekken in de ketens van bedrijven op gang te brengen.

Wat is Nobian voor bedrijf?

Nobian is een zoutproducent. Hoewel het bedrijf in buitenlandse handen is, staat het hoofdkantoor in Nederland. Nobian wint zout uit de grond in Twente en Hengelo en verwerkt dat in fabrieken tot halffabricaten als waterstof, natronloog en chloor. De fabrieken staan in Hengelo, Delfzijl en de Rotterdamse haven. De halffabricaten die Nobian produceert, worden door andere bedrijven gebruikt om een breed palet aan producten van te maken. Denk aan geneesmiddelen, textiel, batterijen, zonnepanelen en elektrische voertuigen.

Voor de productieprocessen van Nobian is veel industriële hitte nodig. Die wordt nu voornamelijk opgewekt met aardgas, wat gepaard gaat met een aanzienlijke CO2-uitstoot.

Wat houdt de maatwerkafspraak met Nobian in?

Om zijn CO2-uitstoot te verminderen, moet Nobian van het gas af en overstappen op duurzame technologieën. De Nederlandse overheid wil het bedrijf helpen om dit versneld voor elkaar te krijgen. Het kabinet en Nobian spraken af om gezamenlijk 645 miljoen euro te investeren in de verduurzaming van de bedrijfsprocessen. 185 miljoen euro daarvan is afkomstig van de overheid, de rest moet Nobian zelf gaan bekostigen. Het geld heeft als doel om Nobians klimaatdoelstelling – geen CO2-uitstoot meer in 2040 – zo’n tien jaar naar voren te halen. In 2030 moet de uitstoot dus al (bijna) naar het nulpunt zijn teruggebracht.

Naast de financiële steun gaat het kabinet ook helpen om procedurele struikelblokken uit de weg te halen. Zo gaat het bijvoorbeeld in gesprek met netbeheerder en provincies om energie-infrastructuur aan te leggen.

Wat gaat Nobian met het geld doen?

Om de versnelde klimaatplannen te halen, moet Nobian een CO2-reductie van zo’n 0,5 miljoen ton per jaar realiseren. Dit is te vergelijken met de jaarlijkse CO2-uitstoot van ongeveer 59.000 Nederlanders (naar berekeningen
van MilieuCentraal). Daarvoor gaat Nobian overstappen van aardgas naar industriële warmtepompen op (groene) elektriciteit. De investering van de overheid moet Nobian gaan helpen die overstap te maken. Ook gaat het bedrijf de subsidie gebruiken om elektrolyse-installaties versneld te vervangen, waarmee elektriciteit bespaard kan worden. Ook wil het zout terugwinnen uit reststromen. Samen moeten de maatregelen leiden tot minder gas-, elektriciteit- en waterverbruik, en neemt de uitstoot van CO2 en stikstof af.

Hoe verlopen de gesprekken met andere industriële grootverbruikers?

Op z’n zachtst gezegd: moeizaam. De onderhandelingen met grootverbruikers duren al ruim twee jaar en Nobian is pas het eerste bedrijf waarmee het kabinet een akkoord heeft kunnen sluiten. Er liggen wel al enkele intentieverklaringen van industriële bedrijven die aangeven versneld te willen verduurzamen met hulp van de overheid. Staalbedrijf Tata Steel en de chemiebedrijven Dow Benelux en OCI tekenden in 2023 zo’n verklaring. Ook de fossiele giganten Shell en bp hebben inmiddels getekend.

Maar tot concrete afspraken hebben die verklaringen nog niet geleid. Bp liet bijvoorbeeld weten tijd nodig te hebben om ‘intern draagvlak’ te creëren voor de afspraken. Ook de andere bedrijven durven het nog niet aan om hun handtekening te zetten onder definitieve toezeggingen.

Minister Hermans kreeg in oktober flinke kritiek vanuit de Tweede Kamer vanwege het trage tempo van de maatwerkafspraken. VVD en D66 verzochten de minister om een deadline in te stellen voor de grootverbruikers. Eind 2025 een akkoord, zo eisen ze, anders geen subsidie. Hermans vond zo’n deadline te rigoureus, maar gaf wel aan de gesprekken steviger in te gaan steken.

Lees ook:

Dit groene dak bespaart energie, verkoelt, slaat water op en versterkt de biodiversiteit

De start-up is twee jaar geleden opgericht vanuit een familiebedrijf, vertelt Janneke de Cort. “Knaapen, heet het. Het bestaat al sinds 1652 en is het op één na oudste familiebedrijf van Nederland. Het is altijd van vader op zoon gegaan. Ooit was het een schildersbedrijf, inmiddels is het een renovatiebedrijf. We renoveren zo’n 500 daken per jaar en dachten: wat kunnen we nog meer met die daken dan enkel zonnepanelen leggen? Vanuit die hoedanigheid zijn we gaan nadenken wat er allemaal mogelijk is met het dakenlandschap in Nederland. We kwamen al snel op de thema’s klimaatadaptatie, biodiversiteit en hittestress.” Het idee werd in de praktijk gebracht op de parkeerplaats van het bedrijf. “We bouwden een enorm dak op ware grootte en kwamen al snel tot de conclusie dat het een briljant idee was. We wilden het niet alleen voor de klanten van Knaapen realiseren, maar voor een veel breder publiek. Heel Nederland moet immers verduurzamen. Rondom het concept hebben we een aparte start-up gemaakt. Dat is ROEF geworden.”Het systeem is bestemd voor hellende daken. “Voor platte daken zijn al heel veel groendaksystemen. We hebben ROEF ontwikkeld voor renovatie, maar inmiddels is er ook een nieuwbouwvariant. Ons systeem zou dus op alle hellende daken in Nederland kunnen komen.” Hotelfunctie voor flora en fauna Dat systeem bestaat uit geïsoleerde dakplaten. “Het dak is knettergoed geïsoleerd, wat zorgt voor minder energieverlies. Een RC-waarde van 7 zal velen niks zeggen, maar het is hoger dan de norm. Vervolgens plaatsen we biobased groentrays op het dak. Die trays zijn niet gemaakt van de kunststof HDPE. Voor het materiaal is geen aardolie gebruikt, maar het restproduct van rietsuiker. Daar plaatsen we groen in: 50 procent sedum (een vetplant, red.) en 50 procent inheemse kruidensoorten. Vooral die laatste voegen veel toe aan de biodiversiteit. De begroeiing maakt het dak dubbel isolerend. In de winter houdt het warmte vast en bij hoge temperaturen voorkomt het hittestress. Een ander onderdeel van het dak zijn de nestkasten. In elke woning plaatsen we er acht. Die zitten in de dakrand verwerkt en zijn bedoeld voor vleermuizen, vogels en bijen. Op die manier realiseren we een soort hotelfunctie voor flora en fauna.” Onderdeel van de daken zijn nestkasten voor vleermuizen, vogels en bijen.Zonnepanelen De daken bieden ook plek voor zonnepanelen. “Die leggen we aan beide kanten van het dak. Groendaken zijn zwaarder dan dakpannendaken. Dat komt omdat planten bij regen veel water vasthouden. Dat gewicht maakt dat je de dakconstructie moet aanpassen. Dat is best impactvol en kost veel geld. We hebben het ROEF-dak zo ingedeeld dat het groen op de sterke dakdelen ligt. Op de andere plekken liggen de zonnepanelen, die lichter van gewicht zijn. Op die manier hoeft de dakconstructie niet te worden aangepast.”Dan beschikken de daken nog over een circulair watersysteem. Daarmee wordt het regenwater opgevangen en hergebruikt. “We vangen het op in een soort regenton. Daaraan zit een slim bewateringssysteem gekoppeld. Er zitten sensoren in het dak, die meten de vochtigheid van het groen. Als het substraat te droog wordt, gaat er water vanuit het buffervat het dak op. We houden het groen dus in leven met het regenwater.” Circulaire materialen Volgens De Cort leveren de daken binnen tien jaar meer natuurherstel op dan de productie kost. “Dat komt onder andere doordat we, waar mogelijk, gebruik maken van circulair materiaal. Een voorbeeld zijn de dakranden. Die zijn grotendeels gemaakt van gerecycled aluminium en komen uit een fabriek die CO2-neutraal produceert. We zoeken altijd naar geschikte materialen en leveranciers. We kijken ook naar de levensduur van onze producten. Aluminium is onderhoudsvrij en gaat lang mee.” Om ervoor te zorgen dat de daken van ROEF hun intrede maken in de Nederlandse wijken, wordt samengewerkt met bouwers en woningcorporaties. “Woningcorporaties renoveren vaak een hele wijk en voorzien dan een paar blokken van ROEF. De nieuwbouw is nog in de opstartfase. Daar zijn we afgelopen zomer pas mee begonnen, maar dan zijn het projectontwikkelaars en bouwers die onze daken afnemen.”Vormt de prijs dan geen obstakel? Daar lijkt het niet op, zegt De Cort. “Een ROEF-dak is niet duurder dan een ander groen dak. Er is wel een prijsverschil met een pannendak. Daarbij vraagt ons dak om wat meer onderhoud. Aan een pannendak hoef je jaren niks te doen. Wij verkopen onze daken inclusief vijf jaar onderhoud, en na die tijd is er een jaarlijkse controle nodig. Daar willen we de komende jaren steeds meer AI voor inzetten. Nu vliegen we al met drones over ons bezit om videobeelden te maken. Die beelden analyseren we om de staat van het dak vast te stellen. Nu doen we dat nog met menselijke ogen. Op dit moment zijn we onze computers slim aan het maken, zodat ze in de toekomst zelf kunnen detecteren wanneer een dak onderdeel vervangen moet worden.” Meten Het idee is dat de groendaken bijdragen aan de biodiversiteit. Al is dat lastig te meten. “We controleren de bijenhotels en hebben camera’s in de nestkasten hangen, dus we weten dat ze goed gebruikt worden. Ook weten we welke planten in de groendaken zitten en welke beestjes daar op afkomen, maar het is best complex om er een getal aan te hangen. Daarvoor werken we samen met GreenVillage bij de TU Delft.” Er wordt ook hard gewerkt om de energiebesparing of verkoeling uit te drukken in cijfers. “Door sensoren onder de daken te plaatsen, meten we wat het groen doet ten opzichte van dakpannen als het gaat om verkoeling. In het verleden zijn daar al eens onderzoeken naar gedaan. Die wijzen uit dat dakpannen in de zomer wel 95 graden kunnen worden, terwijl groen niet boven de 35 graden uitkomt. Onder de kap kan dat vier tot zes graden schelen. We zijn aan het testen of we met onze daken op dezelfde temperatuurverschillen uitkomen.” Klimaatadaptief Het dak van ROEF combineert meerdere functies. Dat maakt het volgens De Cort zo interessant. “Een paar jaar geleden begonnen we met isolatie en zonnepanelen. Inmiddels zijn we veel verder. Er is meer aandacht voor biobased bouwen met natuurlijke materialen en klimaatadaptatie. Ons dak biedt oplossingen voor verschillende problemen, zoals hittestress en het verlies van de biodiversiteit. Wateroverlast gaat ook een groot probleem worden in Nederland. We krijgen steeds vaker te maken met piekbuien, waardoor het riool overbelast raakt. Het is belangrijk om meer sponswerking te creëren. Onze groendaken en het waterbuffervat kunnen daarbij helpen. Het vat willen we gaan koppelen aan de weerdata. Op het moment dat er veel regen wordt voorspeld, kunnen we het vat alvast leeg laten lopen. Dan kan het riool dat water nog goed aan en is het vat leeg op het moment dat de bui valt. Het vat kan de regen opvangen en hoeft niet het riool in, wat de druk verlicht. Onze daken pakken meerdere problemen aan. Dat maakt de potentie groot.” Lees ook: Steden verliezen steeds meer groen: dit kunnen we ertegen doenNatuur, schone lucht en goede huisvesting: ‘Er is ruimte genoeg, maar dan moeten we slimmer inrichten’ Wateroverlast te lijf met een gigantische ondergrondse opslag: ‘Belangrijk om Rotterdam te beschermen tegen extreem weer’