André Oerlemans
21 december 2022, 14:00

Interface krijgt 2e Lean & Green-ster voor CO2-reductie in logistiek

Internationaal vloerenfabrikant Interface heeft dinsdag 20 december de tweede ster van het Lean & Green-programma gekregen voor de behaalde CO2-reductie op zijn logistieke activiteiten. Een derde en vierde ster lonken. Dat is vooral bijzonder omdat Interface een fabrikant is en geen logistiek- of transportbedrijf.

AHC 4739 Minne Jansen (midden rechts) reikt de tweede Lean & Green ster uit aan directeur planning en logistiek EMEA Bas Stuifbergen van Interface | Credits: Interface

Lean & Green bestaat sinds 2008. Het is een Europees programma dat bedrijven helpt en monitort om met slimme en efficiënte maatregelen de uitstoot van CO2 in de transport- en logistieke sector terug te dringen. Inmiddels doen er wereldwijd meer dan 550 bedrijven in vijftien landen aan mee. In 2023 zullen ook de VS, Hongarije en Slovenië zich aansluiten. “We groeien ontzettend hard”, zegt projectmanager Minne Jansen, die de ster aan Interface samen met haar collega Jenny Schlatter kwam uitreiken.

Sterren verdienen

Bedrijven moeten hun CO2-uitstoot jaarlijks rapporteren en reduceren om voor een ster in aanmerking te komen. Elke behaalde reductie wordt geverifieerd door een externe accountant voordat een ster wordt uitgereikt. Voor de eerste ster moeten bedrijven in de afgelopen vijf jaar 20 procent bespaard hebben op hun CO2-uitstoot. Voor de tweede ster moeten ze nog eens 10 procent extra CO2-reductie behalen binnen drie jaar en voor de derde ster nog eens 5 procent binnen twee jaar. Uiteindelijk zullen er vijf sterren te behalen zijn, maar voorlopig is een derde ster het hoogst haalbare. De vierde ster is in ontwikkeling en zo goed als klaar. Die staat gelijk aan 55 procent CO2-reductie in 2030 volgens het EU-programma ‘Fit for 55’ en het klimaatakkoord van Parijs. De vijfde ster bestaat nog niet. “Die ster gaat richting zero emissie. Dat is de toekomst. Iedereen is bezig met de transitie, maar 100 procent CO2-vrij transport is nu nog niet mogelijk”, zegt Jansen.

Weinig fabrikanten

Deelnemers aan Lean & Green zijn vooral transportbedrijven, maar ook bekende andere retailers als C&A en Action, supermarkten als Albert Heijn, Plus en Jumbo en brouwers als Heineken en Grolsch, die veel transport nodig hebben voor hun producten. In dat rijtje is Interface een bijzonder bedrijf omdat een fabrikant is die een Lean & Green-certificaat heeft weten te behalen. “Ten opzichte van het aantal vervoerders hebben we weinig verladers op het lijstje. Met het behalen van een tweede ster laat Interface zien dat het een duurzame koploper is en dat het ook op een andere manier kan”, zegt Jansen.

Duurzaamheid voorop

Interface
stelt bij alle processen in het bedrijf duurzaamheid voorop. De internationale vloerenfabrikant leverde al CO2-neutrale tapijttegels en veerkrachtige vloeren van rubber en LVT en mag zich sinds oktober dit jaar een CO2-neutrale onderneming noemen. Om verdere reductiestappen te zetten kijkt het bedrijf ook op logistiek gebied hoe tapijttegels en vloeren op zo duurzame mogelijke wijze bij de klant kunnen komen. Dat geldt voor de eigen trucks, de vrachtwagens van transporteurs, vervoer tussen de eigen fabrieken en magazijnen, de aanlevering van grondstoffen en het verladen van vloertegels per vrachtwagen, trein of schip naar klanten over de hele wereld. “In onze selectiecriteria is duurzaamheid het eerste wat we vragen. Als je daar niet aan voldoet, kom je niet eens in de pool van bedrijven waarmee we gaan praten. De tweede stap is service en pas de derde stap is kosten. Bij de meeste bedrijven is dat de eerste stap”, legt directeur planning en logistiek EMEA Bas Stuifbergen uit.

Beter dan andere verladers

Om die duurzaamheid te kunnen toetsen moet Interface alle data van zijn vervoerders opvragen en analyseren. In 2020 werd die analyse voor het eerst gemaakt en toen bleek Interface al meteen goed genoeg voor een tweede ster binnen Lean & Green. Niet alleen op basis van de behaalde CO2-reductie in de afgelopen acht jaar, maar op basis van een vergelijking met andere bedrijven in de sector, een zogeheten benchmark van verladers. Die vergelijking staat gelijk aan een CO2-reductie van 10 procent in de afgelopen drie jaar. Ook krijgt Interface de tweede ster omdat het ladingen bundelt, de volumes per vrachtwagen heeft verhoogd en duurzame afspraken met vervoerders maakt. Dat zorgt voor een lage CO2-footprint per vervoerde ton product.

Ook derde en vierde ster

Omdat de analyse uit 2020 stamt en Interface de afgelopen jaren meer stappen heeft genomen om zijn CO2-uitstoot van het transport te verlagen, denkt Stuifbergen dat het bedrijf ook de derde ster kan behalen. “We hebben niet stil gezeten. Daarom hebben we heel veel zin in 2023”, zegt hij. Ook de vierde ster ligt binnen bereik omdat Interface tegen 2040 zelfs een CO2-negatieve onderneming wil zijn Dus meer CO2 wil vasthouden, dan waar zij voor verantwoordelijk is in uitstoot.

Concrete maatregelen

De duurzame logistiek van Interface begint in het magazijn, legt hij uit. Daarom wil Interface zoveel mogelijk volle pallets in een vrachtwagen krijgen, want dan is de CO2-uitstoot zo laag mogelijk. Soms zitten er wel twintig verschillende klantorders in één pallet. Die wordt dan vervoerd naar een hub, bijvoorbeeld in Frankrijk, waar de pallets worden uitgepakt en verder gedistribueerd. In de toekomst zelfs met elektrische wagens. Klanten kunnen ook kiezen voor groen transport per trein of per schip vanuit Nederlandse havens. “Logistiek is veel meer dan alleen wegtransport. Vervoer is multimodaal. We kijken naar het totale groene plaatje”, zegt Stuifbergen.

Voortouw nemen

Ook de eigen logistieke keten ligt onder het vergrootglas. De grondstoffen van leveranciers worden zo duurzaam mogelijk afgeleverd bij de fabrieken in Noord-Ierland en Nederland. Net als de halffabricaten uit Noord-Ierland die naar de fabriek in Scherpenzeel vervoerd worden en de producten die naar Engeland, Ierland en Scandinavië worden getransporteerd. Daarbij wordt de trailer bij de boot afgekoppeld en aan de overkant van de zee weer opgehaald door een andere chauffeur. Het transport van tegels tussen de fabriek en het magazijn in Scherpenzeel wordt volledig met elektrische wagens uitgevoerd. Dat bespaart veel CO2. Stuifbergen: “Vaak komen leveranciers van ons uit Italië hier vol aan en gaan leeg terug. Waarom zouden die onze orders niet mee terug kunnen nemen, samen met de orders van de bedrijven hier om ons heen? Daar zijn we nu mee bezig. Zeker als meer partijen aanhaken is hier veel CO2-reductie te behalen. Daarin nemen wij als Interface graag het voortouw.”

Meer lezen over CO2-besparing in de transportsector:

Meer lezen over Interface:

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief: iedere dag rond 07.00 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere ochtend rond 7 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze dagelijkse nieuwsbrief.

"We hebben niet de tijd om te wachten met windparken totdat ze helemaal circulair zijn."

Ze schelen een hele generatie, maar hun missie is hetzelfde: zowel Cindy Kroon als Aniek Moonen willen een klimaatneutraal Nederland in 2040. De een draagt daaraan bij door jongeren een stem te geven in het politieke en maatschappelijk debat, de ander door klanten door de energietransitie te loodsen en ‘daar een rendabel businessmodel onder te leggen’. Ze hebben elkaar maar één keer eerder ontmoet, op Springtij, en zijn eensgezind dat dit een vervolg moet krijgen.Aniek Moonen (l) en Cindy Kroon (r)Moonen: "Voordat ik betrokken raakte in het energiedebat, ging ik ervan uit dat energiebedrijven die nog niet 100 procent duurzaam waren, dat simpelweg niet wilden zijn. Inmiddels weet ik dat het niet zo simpel is en dat het best ingewikkeld is om tegen de status quo op te boksen. Ik zie dat jij dat probeert en daar heb ik respect voor." Kroon: "Het is jammer dat we elkaar pas één keer eerder hebben gesproken. Laten we afspreken dat dit niet de laatste keer is. Als ik de Klimaatagenda van de Jonge Klimaatbeweging lees, dan weet ik: in zo’n wereld wil ik wonen. Ik wil dat mijn kinderen in die wereld opgroeien. Als je het verhaal schetst waar je heen wilt, dan verbindt dat." Was het jullie doel om te verbinden? Moonen: "Ja absoluut. Sommige mensen vinden onze Klimaatagenda een open deur. Maar dat is het nog niet. Want een echte overkoepelende visie hoe we in 2040 werken, reizen, wonen en eten heeft de Nederlandse overheid niet. Juist zo’n visie is belangrijk omdat je dan met elkaar overeenstemming hebt over die stip op de horizon. Dan kun je daarna bepalen hoe je daar komt."In de Jonge Klimaatagenda beschrijft de Jonge Klimaatbeweging hoe Nederland er volgens de zeventig jongerenorganisaties uit haar achterban in 2040 uit zou moeten zien. Zo lees je in de Klimaatagenda hoe we in 2040 wonen en reizen en schets het hoe ons energiesysteem eruit moet zien. Kroon: "We vertellen veel te weinig verhalen tegenwoordig. In plaats daarvan schetsen we vooral doemscenario’s dat we het niet meer gaan halen. Ik vind het niet halen geen optie. Ik geloof meer in het delen van voorbeelden over wat er al wel gebeurt." Moonen: "Ik begin wel altijd met de feiten. Met de vooruitzichten zoals de wetenschap die nu voor ons tekent. Want we moeten het niet mooier maken dan het is. Maar daarna komen we wel met het perspectief." Kroon: "Wanneer ik tegen mijn oudste zeg: opschieten anders kom je te laat op school, dan motiveert dat niet. Maar wel als ik zeg: als je wat eerder weggaat, dan kun je nog even spelen op het schoolplein met je vriendjes voordat de les begint."Moonen: "Maar er moeten wel consequenties aan zitten. Als je ongestraft te laat kunt komen helpt dat ook niet. We hebben heel lang niks kunnen doen en daarmee weg kunnen komen. Dat verandert nu dankzij normering vanuit de Nederlandse overheid en de Europese Unie. Dan kom je niet meer weg met loze beloften." Maar dat gebeurt nog wel, getuige jullie campagne tegen de exportkredietverzekering. Moonen: "Ja, tijdens de COP26 in Glasgow heeft Nederland samen met 39 andere landen en instellingen de belofte gedaan om geen exportkredietverzekering te geven aan fossiele projecten per 1 januari 2023. Veel van die landen hebben dat al opgevolgd, maar Nederland stelt invoering uit tot 2024 en komt met een gigantische lijst met uitzonderingen. Het excuus is leveringszekerheid. Maar die verzekering is voor projecten die pas over vijf jaar wat opleveren." Wat is jullie kijk op de snelheid waarmee de energietransitie vordert? Moonen: "We halen de klimaatdoelen nog steeds niet. We komen niet eens in de buurt van de 60 procent. Dat komt ook doordat er nog veel taboes zijn in politiek Den Haag. Zoals de realiteit dat we een deel van de industrie moeten afstoten om de doelen te halen." Welke ontwikkelingen stemmen jullie hoopvol? Kroon: "De energiecrisis is natuurlijk vreselijk en de aanleiding ook. Maar het zet veel in beweging. We hebben jarenlang geroepen dat we minder energie moesten gebruiken vanwege het milieu en de aarde. Maar wat we ook riepen, mensen deden het niet. Nu zijn de prijzen hoog en we hebben nog nooit zoveel besparing gezien als het afgelopen half jaar. We realiseren ons nu dat het anders moet en kan. Iedereen heeft er last van. Dat geeft frictie en zet dingen in beweging." Moonen: "Dat geldt niet alleen in de energietransitie, maar op allerlei vlakken. Door die frictie stellen we nu andere vragen. Bijvoorbeeld over economische groei, moeten we dat wel willen? Want we zien dat de groei van ons bruto binnenlands product al sinds de jaren zestig is losgekoppeld van de groei van onze brede welvaart. Met andere woorden: we produceren en consumeren steeds meer, maar worden daar niet gelukkiger van. Steeds meer mensen gaan naar de voedselbank terwijl vermogenden steeds rijker worden. Dankzij de frictie is er nu de ruimte om te vragen wat het alternatief is. En als die frictie er niet is, is die ruimte er niet."Waar ligt volgens jullie de grootste uitdaging? Kroon: "Weten we voldoende de rust in de samenleving te bewaren? Iedereen voelt de pijn. De grootste uitdaging is om de dialoog constructief te houden. Want wij mensen vinden het lastig om op de korte termijn de nadelen te dragen en worden aangemoedigd door media en radicale politici. Dan kan het ook heel snel heel lelijk worden." Moonen: "We moeten wel iedereen mee blijven nemen en transparant zijn over het feit dat we niet alles weten. Een beetje zoals we met de coronacrisis hebben gedaan: we hebben dit nog nooit eerder meegemaakt en weten ook niet zo goed wat we moeten doen. Maar we zetten onze beste mensen erop en proberen een zo goed mogelijk besluit te nemen op basis van wat we nu weten." Kroon: "Tegelijkertijd zijn de leden van het Outbreak Management Team (OMT), de ministers, en de virologen allemaal met de dood bedreigd en moesten ze bescherming krijgen. Inmiddels krijgen ook mensen aan de top van de energiebedrijven doodsbedreigingen. Dat is de samenleving waarin we leven. De tol is wel hoog."Vattenfall werkt aan een fossielvrij leven binnen één generatie. Het doel is klimaatneutraliteit per 2040 voor de eigen activiteiten, voor de leveranciers en voor klanten. Cindy Kroon staat als lid van de Raad van Bestuur van energiebedrijf Vattenfall aan de lat om dit te realiseren. Aniek Moonen vertegenwoordigt als voorzitter van de Jonge Klimaatbeweging de generatie die zal moeten leven met de gevolgen van klimaatverandering. Zij pleit voor een volledig duurzame energievoorziening in 2040. In de Jonge Klimaatagenda 3.0 schetst de Jonge Klimaatbeweging de contouren hoe we daar volgens hen moeten komen. Wat voor beleid zou je morgen invoeren om de energietransitie te versnellen? Kroon: "Het vergunningstelsel zoals we dat kennen is veel te traag. Waarom passen we dat niet aan? Waarom verdelen we de kavels voor wind op zee niet onder de bedrijven die ze willen bouwen. Dan gaat het – los van het technisch personeel en de materialen die beschikbaar moeten zijn - veel sneller." Maar door concurrentie haal je het beste eruit, is toch de gedachte? Kroon: "Dat betwijfel ik. Ik denk niet dat we minder innovatief of duurder waren geweest in onze offerte voor Hollandse Kust Zuid als we die concurrentie niet hadden gehad. Ik heb die competitie niet nodig." Moonen: "We moeten minder zoeken naar perfectie en meer naar snelheid. Elke vorm van hernieuwbare energie heeft nadelen. Maar we hebben niet de tijd om te wachten met windparken totdat ze helemaal circulair zijn. We moeten dus een bottom line trekken en alles daarboven gewoon doen." Kroon: "Als we blijven werken op de manier waarop we het altijd hebben gedaan, ga je dit niet oplossen. Daar waar mensen andere samenwerkingsvormen kiezen, met lef en durf, daar ontstaat ruimte. Zoals ons project in Zweden waar we fossielvrij staal gaan produceren. Denk je dat daar een businesscase voor lag? Dat begint met een CEO die zegt: we gaan dat gewoon doen."En aandeelhouders die wat minder rendement accepteren? Kroon: "Ja, die vertrouwen geven en zeggen, laten we het gewoon proberen." Moeten aandeelhouders tot 2030 of 2040 niet gewoon minder of geen rendement willen? Kroon: "Ik kan als commercieel bedrijf niet zeggen: je krijgt geen rendement. Wel minder. We kunnen ook niet nul marge maken. Aan een failliet energiebedrijf of een bedrijf dat niet kan investeren heeft niemand wat." Moonen: "Ik denk wel dat het uitbetalen van dividend nog steeds teveel op nummer één staat bij veel bedrijven. En verduurzamen staat dan op nummer twee. Als bedrijf kun je ook leiderschap tonen door het dividend bijvoorbeeld tijdelijk te halveren en die andere helft te investeren in verduurzaming." Wat zou er op korte termijn moeten gebeuren? Moonen: "We moeten met z’n allen in crisisstand. Ook het bedrijfsleven. Er moet een crisisberaad komen met overheid en bedrijfsleven. Zodat we die snelheid en het urgentiegevoel vasthouden. En we moeten veel meer redeneren vanuit de toekomst. Als je uitgaat van het huidige systeem dan zie je alleen maar knelpunten. Als je een beeld schetst hoe Nederland er over 20 of 30 jaar uitziet, dan gaan we alles op alles zetten om te zorgen dat we daar komen." Kroon: "En we moeten meer gaan samenwerken. Dit is zo groot, dit kan geen enkele partij in zijn eentje oplossen. Daarom moet er publiek-private sturing komen op het bepalen van prioriteiten. Want we kunnen zoveel sneller. Kijk naar de Deltawerken. Er was gewoon een probleem, het land verzoop en we hebben het lef gehad om het te bouwen. En inmiddels zijn we hier groot in geworden over de hele wereld. Dat talent moeten we weer laten zien."Schrijf je in voor onze nieuwsbrief: iedere dag rond 07.00 uur het laatste nieuws Wil jij iedere ochtend rond 7 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze dagelijkse nieuwsbrief.