Willemijn van Benthem 27 december 2021, 15:30

Hoe word je een B Corp? Marlies van Wijhe vertelt: "Het helpt je om steeds beter te worden"

Het was een primeur: het Nederlandse Koninklijke Van Wijhe Verf was wereldwijd de allereerste B Corp in de chemische sector en mag zich dus een bedrijf noemen dat transparant, ethisch en duurzaam opereert. Maar hoe word je een B Corp? En niet minder belangrijk: hoe behoud je dat predicaat? CEO Marlies van Wijhe vertelt.

B Corp Koninklijke Van Wijhe Verf kreeg in 2016 als eerste chemische bedrijf wereldwijd de titel B Corp.

Van Wijhe was al jarenlang stichtingsbestuurder van Nudge, een stichting voor duurzame initiatieven opgezet door voormalig CEO Jan van Betten van de Duitse tak van Reed Elsevier. Ze zat in de auto toen ze door hem werd gebeld. “Jij moet B Corp worden, dat is echt wat voor jullie.” Van Wijhe moest nog lachen. “Ik heb geen flauw idee, Jan!” Hij legde uit dat hij het ook net had gedaan met de stichting, en dat het met duurzaamheid te maken had. Het had wel wat voeten in aarde, gaf hij toe.

Je moest een aantal punten behalen, die op alle vlakken breed in de organisatie gemeten worden, niet alleen op je product, maar ook op bijvoorbeeld je HR-beleid. Van Betten zei tegen Van Wijhe: “Dat is echt wat voor jou, jij haalt dat met twee vingers in je neus!” Als iets werkt bij Van Wijhe, is dat ze ergens op wordt uitgedaagd, vooral als het met duurzaamheid te maken heeft. Ze vroeg informatie op en besloot de B Corp quickscan te doen. “Ik werd nieuwsgierig hoe ver we zouden komen.”

De voorbereiding

B Corp is een titel die bedrijven wereldwijd mogen gebruiken, als ze tenminste gecertificeerd worden door non-profit moederorganisatie B Lab in Amerika. Met de B Corp certificering kan een bedrijf laten zien dat het duurzaam te werk gaat op alle facetten van zijn bedrijfsvoering. Van Wijhe: “Ik was bekend met de Dow Jones Sustainability Index, waar de grote corporates in zitten, maar B Corp kende ik niet.”

De vierde directeur van familiebedrijf Van Wijhe wilde met B Corp beter laten zien hoe duurzaam haar bedrijf was. Ze stroopte letterlijk en figuurlijk haar mouwen op, en dat was nodig ook. Het bleek namelijk niet gemakkelijk alle informatie op papier te krijgen. “We werkten al best duurzaam met kleinere initiatieven binnen het bedrijf, door bijvoorbeeld afval te scheiden, spoelwater her te gebruiken en fietskoeriers in te zetten. En we hadden een Greenteam opgericht. Maar hoe tonen we precies aan hoeveel we doen? Je moet het op een andere manier rapporteren dan je gewend bent en dat was best complex.” Gedurende het traject dacht Van Wijhe wel twee keer, ik stop ermee. Maar gelukkig kreeg ze hulp aangeboden. “Een adviesbedrijf dat destijds samen met B-lab werkte heeft ons door ons dieptepunt heen geloodst.”

Het Assessment

Als alle vragen zijn beantwoord en de noodzakelijke informatie op papier staat, kun je je aanmelden als kandidaat en mag je, als je minimaal 80 punten scoort, opgaan voor het assessment. Van Wijhe weet het nog als de dag van gisteren. “Uit alle informatie die je hebt ingeleverd neemt B Lab steekproeven om te meten hoe je het doet. Dan mag je per punt aantonen of het klopt wat je hebt opgeschreven.” Het was spannend en moeilijk, en vooral heel veel werk. Maar ze hield ook vertrouwen. “Koninklijke Van Wijhe Verf bestaat al 105 jaar en werkt als familiebedrijf altijd al duurzaam, want wij denken aan de lange termijn voor de volgende generaties.” Niet alleen dat, het bedrijf heeft onder leiding van Van Wijhe grote stappen gemaakt door bijvoorbeeld de verfemmers te maken van gerecycled plastic, voor de fijnproevers bekend als Post Consumer Recyclaat (PCR).

Gelukkig bleek alle moeite niet voor niets: Koninklijke Van Wijhe Verf kreeg in 2016 als eerste chemische bedrijf (want dat is een verffabrikant) wereldwijd de titel B Corp. De benoeming Van Wijhe was blij, maar besefte ook dat in die tijd nog bijna niemand wist wat een B Corp inhield. Dat is het nadeel als je ergens in voorop loopt. Zie daar een nieuwe uitdaging. “Aan ons dus om het wereldkundig maken.” Maar de interne wereld meekrijgen was ook nog een stap: het gros van haar management team vond het niet belangrijk. Van Wijhe moet er nog om lachen. “Ze zeiden, wat moeten we er mee? We hebben het al druk genoeg.”

Zelf was ze er juist trots op, omdat het de bevestiging gaf dat het bedrijf op de goede weg was. “Je kan wel al tien jaar zeggen, we werken duurzaam, maar zeker weten dat het klopt, is heel fijn.” Ze heeft daarom doorgezet, dan maar niet breed gedragen. “Dat is het leuke aan een eigen bedrijf. Dan kun je toch beslissingen nemen als je erin gelooft.” Gelukkig maar, want ze staat er niet meer alleen in. Inmiddels bevindt Van Wijhe zich in het goede B Corp gezelschap met bedrijven als Dopper, Tony’s Chocolonely, Danone, Chloe, Triodos, Patagonia, WeTransfer en Auping.

Het behouden

Eenmaal het certificaat binnen, is het niet zo dat je achterover kunt leunen. “We moeten elke keer weer hard werken om het certificaat opnieuw te behalen”, zegt Van Wijhe. “Na drie jaar moet je op voor een nieuwe certificering, waarvan de criteria steeds strenger worden.” Inmiddels heeft Van Wijhe wel een groepje medewerkers die zich enthousiast vastbijt in de het werk om de titel te mogen behouden. Met succes. “We mochten ons in 2018 wederom B Corp noemen en daar hadden we dan ook weer hard voor gewerkt.” Dit keer kreeg ze alleen een extra opdracht: ze moest de statuten nog aanpassen, een voorwaarde voor de verlenging. B lab wil dat B Corps het maatschappelijk belang statutair vastleggen, wat inhoudt dat het belang van aandeelhouders niet boven dat van andere stakeholders valt. Van Wijhe wilde dat niet doen. Statuten zijn van haar familie, daar komt niemand aan.

“Uiteindelijk heb ik zelfs geskyped met de Amerikaanse oprichter van B Lab, Bart Houlahan, die uitlegde waarom het zo belangrijk was om duurzaamheid ook in de staturen vast te leggen. Na een uur was ik overtuigd. Toen ook de familie erachter stond, ben ik naar de notaris gegaan.” Van Wijhe mocht zich wederom B Corp noemen. En op het moment dat dit artikel geschreven wordt, is het bedrijf bezig weer bezig met de stappen om het predicaat te behouden. Van Wijhe: “We hopen dat het weer lukt. Inmiddels is het nu omarmd binnen het bedrijf.”

Wat in ieder geval een grote winst is volgens Van Wijhe: “B Corp schrijft je niet voor wat je moet doen, maar op basis van de uitkomst laat het zien waar je verbeterslagen kunt maken. Of het veranderingen voor de lange termijn zijn, of juist quick wins, je weet hoe je voor jouw bedrijf de duurzame verandering in gang kunt zetten.” Ze glimlacht. “Dat vind ik precies het leuke. Je doet het voor jezelf. Het helpt je om steeds beter te worden en bewuster te zijn waar je mee bezig bent.” Nu nog kijken wanneer andere grote corporates uit de chemiesector zich B Corp mogen noemen.

Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.

Trends en ontwikkelingen voor de circulaire economie in 2022

We hebben een regeerakkoord! Wat vond je ervan? “Ik heb natuurlijk gelijk geteld hoe vaak ‘circulaire economie’ in het regeerakkoord staat. Het staat er acht keer in. Dat is een groot verschil met tien jaar geleden. Toen werkte ik met Team Circle Economy voor meer aandacht voor het onderwerp. Destijds stond circulariteit maar liefst één keer in het regeerakkoord. Het is mooi dat het nu vaker wordt genoemd. Maar ik vind het nog mooier dat het terugkomt in zoveel verschillende onderwerpen: de bouw, de industrie, de landbouw. Dat is pas echt goed nieuws. De vraag is vervolgens wel hoe de verschillende bewindvoerders omgaan met een thema dat over meerdere departementen verdeeld is. Dat wordt nog een flinke uitdaging.” Wat verwacht je verder op beleidsniveau voor de circulaire economie? “Het is goed dat het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening terugkomt en dat er meer budget komt voor het klimaat. Het gevaar is dat dit geld wordt gebruikt voor symptoombestrijding, terwijl de circulaire economie juist vraagt om systeemverandering. En is het nog even de vraag in welke portefeuille de circulaire economie komt. Dit lag altijd bij Infrastructuur en Waterstaat, maar de rol van Economische Zaken wordt steeds belangrijker. Verder rest natuurlijk de vraag welke persoon de kar gaat trekken. Aan die voorspelling durf ik me nog niet te wagen.” En in Europa? “De EU komt ook met nieuwe maatregelen, zoals een uitgebreide productenverantwoordelijkheid voor meer producten. Dat houdt in dat producenten eveneens verantwoordelijk zijn voor de manier waarop een product aan het eind van de gebruiksfase wordt verwerkt. En het wordt verplicht om spullen repareerbaar te maken. Contact met klanten wordt steeds belangrijker verwacht ik. Producenten maken producten en bieden de service om deze te onderhouden.” Zal het bedrijfsleven in 2022 circulariteit gaan omarmen? “Zeker! In mijn werk spreek ik met veel verschillende bedrijven. Bij allen staan in ieder geval twee dingen altijd op de agenda: digitalisering en circulariteit. Vier jaar geleden sprak iedereen over circulariteit, maar waren slechts een handjevol bedrijven er concreet mee bezig. Nu is dat wel anders. De start-ups van toen, zijn de scale-ups van nu. Maar ook grote spelers als Philips en BMW zijn met het onderwerp bezig. Iedereen moet, en gaat ermee aan de slag.” Van welke technologische ontwikkelingen word je enthousiast? “In de bouw zie ik mooie dingen gebeuren, bijvoorbeeld op het gebied van houtbouw. Met tot 2030 jaarlijks 100.000 nieuwe woningen wacht ons een enorme opgave. De druk op ontwikkelaars en bouwbedrijven is groot en we hebben te maken met stikstofnormen en een tekort aan vakmensen. Dus bouwen moet op een andere manier. Ik verwacht dat we in de toekomst gebouwen kunnen ontwerpen, zoals we websites bouwen. Met speciale tekenprogramma’s kunnen we straks zien wat bijvoorbeeld het energieverbruik en de CO2-voetafdruk van een pand is, nog voordat het er staat. Die tekening gaat vervolgens naar een fabriek, waarna de modulaire onderdelen van de band rollen. Dat zal klimaatwinst opleveren en bovendien heel veel tijd besparen.” Dan de hamvraag: liggen we eind 2022 op koers voor een circulaire economie in 2030 en 2050? “We moeten eerst weten wat die koers precies is. Want in tegenstelling tot CO2-reductie is het lastig om aan de voortgang van de circulaire economie een getal te koppelen. De komende tijd moeten we werken aan heldere definities van de doelstellingen. Maar over het algemeen ben ik heel positief over de kant die Nederland opgaat. Het grootbedrijf, het mkb, familiebedrijven; iedereen is met circulaire economie bezig. Ik denk dat een (corona, red.)crisis als deze gunstig is voor innovatie. Gaat het slecht met de economie, dan moet je besparen op innovatie. Gaat het goed, dan is er geen tijd voor. Maar de periode ertussen in, waar we nu inzitten, dat is de periode dat er nieuwe dingen ontstaan.”Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.