Hannah van der Korput
11 oktober 2024, 13:24

Hoe verduurzamen we de industrie? ‘De hele, complexe puzzel moet in elkaar vallen’

In 2050 moet de Nederlandse industrie klimaatneutraal zijn, zo staat in het Klimaatakkoord. Energie speelt daarin een grote rol, zegt Jocco Nieuwenhuis. Hij is sectormanager Industrie, Transport & Opslag bij Vattenfall en houdt zich dagelijks bezig met de vraag: hoe versnellen we de industriële energietransitie?

NIEUW V2 slash andere kant op 10 Jocco Nieuwenhuis is sectormanager Industrie, Transport & Opslag bij Vattenfall. | Credits: Vattenfall

Waar veel industriële processen nu nog draaien op fossiele brandstoffen, moet dat binnen afzienbare tijd anders zijn. “Als we naar de toekomst kijken, en dat staat ook in het Klimaatakkoord, produceren fabrieken straks op elektriciteit uit hernieuwbare bronnen zoals zon en wind. Of er wordt energie ingezet afkomstig van aardwarmte, waterstof of groen gas. Het energieverbruik moet in ieder geval duurzamer worden, we moeten er naartoe dat we minder fossiele brandstoffen gebruiken voor onze energievoorziening. ”

Bedrijven zijn daar al druk mee bezig, ziet Nieuwenhuis. “Een goede eerste stap is energiebesparing. Machines en assets worden steeds duurzamer en gebruiken minder energie. Daarnaast kunnen bepaalde processen nog slimmer en efficiënter worden ingericht. Digitalisering en AI kunnen helpen bij die efficiëntieslag. Ook moeten er dus minder fossiele brandstoffen worden gebruikt door de industriële sector. Dit kan door het elektrificeren van productieprocessen, maar het is vervolgens wel belangrijk dat hiervoor elektriciteit uit hernieuwbare bronnen wordt gebruikt. Toch moeten we ook realistisch zijn, er zullen altijd processen zijn waar fossiele brandstoffen voor nodig zijn, al is het maar als back-up.

Een mogelijk andere duurzamere oplossing is het afvangen van CO2 die vrijkomt bij het productieproces, die opslaan en weer als grondstof gebruiken. Die opslag zou bijvoorbeeld kunnen plaatsvinden in lege gasvelden in de Noordzee.”

Volatiele markt

Doordat het aandeel hernieuwbare energie groeit, ontstaat er ook steeds meer volatiliteit op de energiemarkt, aldus Nieuwenhuis. “Er is immers niet altijd wind en zon op momenten dat er elektriciteit moet zijn. De energieprijzen zie je dan ook vaak sterk oplopen. Dat is een nieuwe situatie waar bedrijven mee om moeten leren gaan en hun productieprocessen en hun energieverbruik op moeten aanpassen. Dat biedt tegelijk mogelijkheden voor sommige bedrijven, bijvoorbeeld door slim in te kopen.”

Interne drijfveer

Nederlandse en Europese wetgeving verplicht bedrijven om te verduurzamen. “Maar we zien dat de industrie ook intrinsiek gemotiveerd is. We hebben ruim een jaar geleden onderzoek gedaan onder onze grootste klanten met de hoogste CO2-uitstoot. Zij zien verduurzamen echt als ‘license to operate’. Anders bestaan ze over een aantal jaar niet meer. Die continuïteit van de organisatie vormt een belangrijke drijfveer. En bij steeds meer bedrijven zie je ook nadrukkelijk de wens om de wereld een stukje beter achter te laten. Het generatie-denken, hoe laten we de wereld achter voor de generatie na ons, komt steeds meer naar voren.”

Netcongestie

Dat is een mooi streven. Hoe gaat het in de praktijk? “Er zijn een aantal barrières. Netcongestie is zo’n uitdaging. Dat is filevorming op het elektriciteitsnet. Op het moment dat bedrijven gaan elektrificeren, moet er voldoende elektriciteit beschikbaar zijn om dat te kunnen doen. Die capaciteit is in een groot deel van Nederland op sommige momenten van de dag een uitdaging. Vooral in de piekuren. Dat betekent dat we, tot het elektriciteitsnet is uitgebreid, slim moeten omgaan met de beschikbare elektriciteit.

Op dagen met veel zon en wind is er veel elektriciteit uit hernieuwbare bronnen beschikbaar. Zoveel dat er soms geen plek voor is op het elektriciteitsnet. De prijs wordt dan in extreme gevallen negatief. Bedrijven ontvangen dan niks voor de elektriciteit die ze opwekken met hun zonnepanelen, maar moeten er zelfs voor betalen. Op zo’n moment is het logischer om zonnepanelen even uit te zetten of bij Vattenfall zelf windmolens af te schakelen. In toenemende mate zie je nu ook, afhankelijk van de energiemarkt, dat er met marktpartijen afspraken worden gemaakt om de productie tijdelijk te stoppen of hen af te schakelen van het net. Vaak zijn dat maar kwartiertjes of halfuurtjes op een dag. Doen veel bedrijven dit, dan vangen we gezamenlijk de pieken op en ontstaat meer ruimte. Die flexibiliteit biedt ook kansen. Daar bieden wij ook diensten voor aan, zodat bedrijven daar optimaal op in kunnen spelen.”

Meer uitdagingen

“Een andere uitdaging is de timing van investeringen”, vervolgt hij. “Hoe staat het met de afschrijving van bestaande assets en machines die nog produceren met behulp van fossiele brandstoffen? Maar ook: zijn de juiste technieken al (voldoende) beschikbaar? Soms voldoet een warmtepomp of e-boiler, maar dat geldt niet voor alle industriële processen. En dan is er nog het stukje kennis en ontwikkeling: het elektrificeren van het productieproces leidt naast het productieproces ook tot aanpassingen van producten of recepturen. Is die kennis beschikbaar in het team? Tot slot spelen vergunningen een rol. Is het toegestaan om een batterij op het terrein te installeren? Mag ik zomaar een e-boiler plaatsen? Daar komen bestemmingsplannen en omgevingsvergunningen bij kijken. Dat kost tijd en bovendien ben je afhankelijk van diverse overheden.”

Verduurzamen door de hele keten

Die uitdagingen ga je niet alleen aan, zegt Nieuwenhuis. “Daar is de hele keten voor nodig. Waar ik voor pleit, is dat we veel meer in die keten gaan denken. Zo heeft een klant onlangs een nieuw pand geopend. Bij het hele ontwerp van pand, infrastructuur en productieproces zijn diverse partijen meegenomen. Alle betrokkenen hebben met elkaar samengewerkt: het bouwbedrijf, de leverancier van de machines, de netbeheerder tot wij als energieleverancier. Het gevolg is dat er 40 procent minder netcapaciteit nodig was dan werd gedacht. Dat komt omdat het bedrijf zelf elektriciteit opwekt, een batterij heeft, slim de voertuigen oplaadt, productie kan op- en afschakelen en al dan niet elektriciteit levert aan omliggende bedrijven. Het is dus die hele keten die je bij zo’n project betrekt, die als geheel samenwerkt om zo tot een duurzaam succes te komen.”

Genoeg hernieuwbare energie

Met de elektrificatie van de industrie is veel elektriciteit gemoeid. Aan energieproducenten en -leveranciers de taak om die benodigde elektriciteit te leveren, het liefst uit hernieuwbare bronnen. Dat doet Vattenfall met diverse windparken op zee. Vorig jaar opende het windpark Hollandse Kust Zuid. De bouw van Zeevonk, een windpark van twee gigawatt met daartussen een drijvend zonnepark van 50 megawatt, start binnenkort. Daar komt ook een elektrolyser bij op land, waarmee duurzaam opgewekte elektriciteit wordt omgezet in waterstof. “Met waterstof kun je uiteindelijk hogere temperaturen behalen. Voor bepaalde productieprocessen is dat een vereiste. Een voorbeeld is een project in Zweden waar we betrokken zijn bij het produceren van fossielvrij staal. Dat doen we daar ook met groene waterstof.”

Complexe puzzel

Nieuwenhuis omschrijft de industriële energietransitie als een puzzel die in elkaar moet vallen. Daarbij heeft Vattenfall ook een aantal stukken in handen. “Allereerst is de leveringszekerheid van duurzaam opgewekte elektriciteit belangrijk. Daar zijn we druk mee bezig. Daarnaast kunnen we een rol spelen in het verduurzamen van industriële machines. We kunnen een bijdrage leveren aan de bouw en het onderhoud van e-boilers of industriële warmtepompen. Financiering hiervan behoort ook tot de mogelijkheden. De vraag is dan of we assets leveren en onderhouden of dat de assets in ons bezit blijven en we in feite stoom leveren.

De energievoorziening wordt steeds complexer. De hele puzzel moet in elkaar vallen: van de beschikbaarheid van duurzaam opgewekte elektriciteit, voldoende capaciteit op het net, het inrichten van bedrijfsprocessen en het inspelen op de energiemarkt met flexibiliteitsdiensten. Energie wordt een totaaloplossing. Met onze kennis en ervaring kunnen we een belangrijke bijdrage leveren. Uiteraard in samenwerking met alle partijen die erbij betrokken zijn.”

Lees ook:

Dit artikel is gemaakt door een van onze expertredacteuren in samenwerking met onze partner Vattenfall. Change Inc. werkt met partners die de klimaattransitie aanjagen. Zij kunnen cases presenteren waar anderen zich aan kunnen optrekken en zijn eerlijk over de uitdagingen. Niet één bedrijf is al 100 procent duurzaam, maar veel zijn onderweg. Dankzij ons partnermodel zijn onze artikelen gratis toegankelijk voor iedereen. Benieuwd naar hoe wij werken? Klik hier.

De eerste circulaire fosfaatfabriek van Nederland komt in Moerdijk: ‘We zijn nog steeds on track’

Bijna een jaar geleden won SusPhos de Challenger-award, de prijs die MT/Sprout jaarlijks organiseert voor ondernemingen die de grootste uitdagers zijn van de gevestigde orde. CEO en medeoprichter Marissa de Boer liet in november in een sterke pitch de founders van AquaBattery en Nicolab achter zich. De uitdaging die ze met haar groene chemiebedrijf aangaat, is dan ook behoorlijk: als het aan De Boer ligt, blijft geen korrel meer ongebruikt van het slibas dat resteert als we ons rioolwater zuiveren. Ze is met haar start-up SusPhos hard op weg om te bewijzen dat dat ook kan, daarvan overtuigde ze de jury. ‘Ze heeft haar wetenschappelijke onderzoek knap omgezet in een bedrijf en pakt slim een rol in de keten op plekken die cruciaal zijn voor het slagen van haar businessmodel’, aldus het juryrapport. In de aanloop naar de Challenger50 van 2024 zijn we benieuwd hoe het De Boer en SusPhos sinds de awarduitreiking is vergaan.Circulaire fosfaatwinning uit rioolslibas Destijds draaide al een pilotfabriek bij een rioolwaterzuivering in Leeuwarden, de plek waar haar bedrijf is gevestigd, met de technologie van SusPhos. Het Friese bedrijf heeft een gepatenteerde chemische technologie ontwikkeld waarmee zuiver fosfaat wordt teruggewonnen uit rioolslibas. Wat daarna nog resteert aan vaste stof, kan worden toegepast als alternatief voor cement. "We maken twee producten en er is geen afvalstroom, dat onderscheidt ons van de rest", aldus De Boer. Circulaire fosfaatproductie in Nederland heeft niet alleen milieuvoordelen, het verkleint de afhankelijkheid van (fosfaat)mijnen in landen als China, Marokko en Rusland. Bovendien komt er in veel landen wetgeving aan die verplicht om fosfaat uit rioolslib te halen. Duitsland is daarmee in 2029 een van de eerste, samen met Oostenrijk en Zwitserland. Dat er ook voor een cementvervanger een markt is, moge duidelijk zijn: cement en beton zijn CO2-intensieve bouwmaterialen met een behoorlijke negatieve impact. Hier behaalt SusPhos potentieel flinke klimaatwinst met zijn product.SusPhos bouwt fabriek met slibverwerker SNB De fosfaatfabriek op volledige schaal kon er dus niet snel genoeg komen. En wat dat aangaat, heeft De Boer grote stappen gezet. "Het was natuurlijk een groot feest om zo’n prijs te winnen en ik kreeg verrassend veel reacties, ook uit het buitenland. Maar het feest is daarna eigenlijk tot vandaag doorgegaan. We zijn nog steeds on track. Maar vergeleken met vorig jaar zitten we nu in de fase dat we het echt doen, in plaats van te vertellen wat we willen gaan doen." De grootste mijlpaal kwam namelijk afgelopen voorjaar. SusPhos sloot een overeenkomst voor de bouw van een eerste circulaire fabriek met SNB, de Brabantse slibverwerker die de grootste is van Nederland. Die fabriek, SusPhos One, komt op het terrein van SNB op de Moerdijk te staan. De partners worden dus letterlijk buren en er hoeft niet met slib hoeft te worden gezeuld.Klap van investeerders in Q2 2025 Samen met SNB en ingenieursbureau Bilfinger Engineering wordt nu de fabriek ontworpen, die SNB straks gaat managen en onderhouden. Als alles volgens plan gaat, kan eind dit jaar de vergunning worden aangevraagd voor de bouw. En dan wordt het echt spannend: krijgen SusPhos en partners de financiering rond? "Daar moet in het tweede kwartaal van 2025 een klap op van de investeerders", zegt De Boer. Met redelijk wat zelfvertrouwen: "We kijken welke het beste bij dit project passen. Het mooiste is als partijen ook zelf kennis en ervaring kunnen inbrengen. Daarbij houden we er rekening mee dat dit onze eerste fabriek is, waarmee, als die goed draait, de wereld voor ons opengaat. Met name in de DACH-landen (Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland, red.) liggen kansen door de aankomende wettelijke verplichting daar. Maar de grootste gemene deler zal een focus op impact en duurzaamheid zijn." EIC tekent deels voor fabriek van 50-100 miljoen Het helpt dat al een belangrijke eerste partij heeft getekend voor een deel van de 50 tot 100 miljoen euro die de fabriek gaat kosten: de Brusselse deeptechinvesteerder European Innovation Council. Die verschaft een mix van subsidie en kapitaal. Wat financiering betreft, was een tweede hoogtepunt sinds de Challenger50 de lening die SusPhos in september kreeg van NWB Waterinnovatiefonds, waarachter de Nederlandse waterschappen staan. "Daar zijn we ontzettend blij mee en ook trots op. Het zijn onze klanten, en ook zij zijn actief op zoek naar duurzame oplossingen."Voor een sterke investeringscase moet SusPhos vanzelfsprekend wel hard kunnen maken dat er afnemers zijn voor de producten die uit de nieuwe fabriek komen. "Die business development is alweer een stuk verder gevorderd dan vorig jaar", zegt De Boer. Circulair fosfaat en cementvervanger Wat het fosfaatproduct betreft, wordt er met genoeg partijen gesproken. Of klanten straks een hogere prijs voor het duurzame circulaire fosfaat betalen dan voor het doorsnee fossiele spul, daarover laat De Boer niet het achterste van haar tong zien. "Maar het is hoe dan ook een ontzettend mooie storyline voor de klant: je sluit de keten, je hebt een mooi product dat in Nederland lokaal wordt gemaakt. Niet in mijnen ver weg, maar via urban mining." De duurzame cementvervanger ontmoet ook grote interesse in de markt, al moet die nog bewijzen dat het voldoet aan de eisen die de bouwwereld aan cement en beton stelt. "Daarin steken we enorm veel tijd en energie, en er zijn partijen die voor ons testen hoe een stuk beton met ons materiaal zich houdt onder twintig jaar zure regen en andere invloeden." SusPhos van start-up naar ‘echt’ bedrijfAl met al, zegt de SusPhos-oprichter, is haar bedrijf geëvolueerd van een start-up naar een ‘echt bedrijf’. "Betrouwbaar, gedegen, bezig een fabriek te realiseren. We zijn een stuk groter geworden en mijn dagen zien er anders uit dan eerst. Ik ben veel meer manager geworden, ook dankzij de sterke mensen die erbij zijn gekomen die veel dingen van me overnemen. Vroeger was ik bij alles betrokken en dat moest natuurlijk ook wel. Nu vind ik het eigenlijk wel leuk als ik zie dat andere mensen iets beter kunnen dan ik." Legt een groter bedrijf dat dichter bij grootschalige productie is, ook meer druk op een leider? "Het zou niet goed zijn als ik nu vaker wakker zou liggen. Mijn werk is anders, maar mijn team neemt ook verantwoordelijkheid over en je groeit mee met je bedrijf. Lange dagen, die blijf ik weleens maken uit enthousiasme, dat is niet veranderd. We knalden in het begin, maar nu knallen we nog steeds, met meer mensen, meer financiering en meer slagkracht." Gesprekken over volgende fabrieken "Of ik die tijd mis? Het zijn fases, net als de periode daarvoor dat we alleen maar in het lab zaten. Nu vind ik het leuk om die fabriek gedegen neer te zetten, slagkracht te creëren voor de toekomst en de strategie te ontwikkelen. We hebben niet alleen de focus op deze fabriek, we spreken ook al met partijen over de volgende fabrieken." Het is een langetermijnspel. Maakt dat je als ondernemer met zo’n veelbelovende technologie in handen niet af en toe ongeduldig? "Jawel. Ik kan daardoor soms best vervelend zijn, want mijn geduld kent zijn limieten. Ik ben nu eenmaal enthousiast, ik wil dat dit gerealiseerd wordt en kan niet tegen bureaucratie. Maar we werken nu eenmaal samen met grote, soms publieke partijen aan een chemische fabriek, dat is niet iets wat je even snel in elkaar zet. Dus jammer Marissa: jij wil wel snel, maar af en toe moet je even op je handen zitten." Dit artikel verscheen als eerst op MT/Sprout.Lees ook:Changemaker Elisah Pals (Zero Waste Nederland): ‘Het is waanzin om te denken dat je alles tegelijk kunt aanpakken’ CO2 als bouwstof, textiel van wortels en AI in de strijd tegen kledingverspilling In Dinteloord rollen tonnen geüpcyclede eiwitten en vezels van de band