Teun Schröder
21 oktober 2024, 15:56

Hoe Move to Impact op geheel eigen wijze bedrijven helpt met CSRD: ‘Het is al complex genoeg als je weet hoe het moet’

Het mag inmiddels geen geheim meer zijn dat bedrijven aan de slag moeten met de CSRD, de rapportageplicht voor duurzaamheid. Omdat de materie ingewikkeld is, zullen veel bedrijven de hulp inroepen van consultancybureaus. Maar om de CSRD goed in de bedrijfsvoering te verankeren, zullen bedrijven toch echt zelf aan de slag moeten, vinden de oprichters van Move to Impact. “We geven de hengel en leren bedrijven vissen.”

Image00016 Links Amber Kesselaer, rechts Skadi Mobius. | Credits: Move to Impact

Amber Kesselaer en Skadi Mobius zijn de oprichters van het jonge consultancybedrijf Move to Impact. Het bedrijf wil met een geheel eigen aanpak bedrijven klaarstomen voor de CSRD-verplichting die op hen afkomt. De twee studeerden samen en kwamen elkaar later in hun carrière weer tegen. Kesselaer verdiepte zich bij PwC als digital innovation manager in het efficiënter en innovatiever maken van de accountancytak, waarna ze het bedrijf Data Kingdom oprichtte. Mobius hield zich bezig met het verwerken van financiële, sociale en ecologische strategieën in visies van organisaties. Hiervoor moesten allerlei afdelingen samengebracht worden. Het ontbrak alleen aan een centrale plek waar alle doelstellingen gemonitord konden worden. “Dat was precies wat Amber aan het doen was”, zegt Mobius. “Toen zagen we de kans om de doelstellingen en bijbehorende cijfers die ik simuleerde te tracken in het dashboard dat Amber bouwde. Binnen twee uur hadden we het eerste concept voor een ESG-dashboard klaar.”

Duurzaamheidsrapportages

‘Een coronababy’, noemt Kesselaer het ontstaan van hun bedrijf. De timing kon niet veel beter. Bovenstaande speelde zich namelijk af in 2020, nog voordat de CSRD de aandacht kreeg die het inmiddels vereist. “We waren nog aan het onderzoeken welke duurzame variabelen we precies in ons dashboard moesten volgen. Toen de CSRD en de Europese duurzaamheidsrapportage-standaarden (ESRS) werden geïntroduceerd, viel alles op zijn plaats. Ineens werden de kaders helder waarop duurzaamheid gemeten moet worden. We hadden gelijk een blauwdruk die we meteen konden implementeren voor onze klanten.”

Wel de hengel, niet de vis

De aanpak van Move to Impact bestaat grofweg uit drie stappen: een materialiteitsanalyse waarin bepaald wordt welke variabelen belangrijk zijn voor een bedrijf, dataverzameling en een rapportagefase. Dat hele traject duurt een tot drie jaar. Daarna moet een klant het zelf doen. Mobius: “We geven de hengel. Niet de vis.”

Logischerwijs duiken de grote consultancybedrijven massaal op de CSRD. De materie is namelijk ingewikkeld. Kesselaer: “Bedrijven hebben vaak geen idee wat er precies op ze afkomt en welke hulp ze nodig hebben. De diensten die adviesbureaus aanbieden zijn vaak appels met peren vergelijken. Degene met het meest overtuigende salespraatje wint. Het is wat dat betreft best wel een cowboymarkt geworden. Op dit moment wordt er geprofiteerd van de onwetendheid uit de markt.”

Alles in de CSRD-tool

Tegelijkertijd zien de oprichters van Move to Impact een behoorlijke opkomst aan ‘CSRD-tools’; veel invoervelden voor een breed scala aan informatie aangevuld met rekenmodellen die in een paar muisklikken beloven de CO2-uitstoot van je bedrijf boven water te halen. “Het gevaarlijke is dat veel bedrijven niet nadenken over de gevolgen van ‘zomaar een tool gebruiken’. Hierdoor is het lastig te zeggen of de moeite die vandaag wordt gestoken in zo’n project wel houdbaar is voor de toekomst”, zegt Kesselaer. “Met zo’n tool word je eigenlijk verleid de makkelijke weg te kiezen, waarna je misschien over een paar jaar weer opnieuw kunt beginnen met je rapportageprocessen. Terwijl het vaak wel gaat om dure abonnementen.”

Mobius: “Wij krijgen van veel bedrijven de vraag: ‘welke tooling moeten we hebben?’ Terwijl ze vaak nog niet eens weten wat ze precies willen meten. Daarbij hebben bedrijven vaak al eigen systemen waarmee je prima uit de voeten komt. Wij adviseren altijd om eerst te kijken wat je al kunt doen met de verschillende systemen die je in huis hebt.”

Zelfstandigheid

De aanpak van Move to Impact richt zich dan ook veel meer op het trainen van zijn klanten, zodat ze uiteindelijk zelfstandig kunnen voldoen aan de rapportageverplichting. Bedrijven worden zelf geacht de CSRD-rapportages in te vullen, waar nodig onder begeleiding van de consultants van Move to Impact. Daarnaast heeft Move to Impact zijn methode openbaar gemaakt. Stap voor stap, met behulp van video’s en handleidingen, legt het bedrijf uit hoe je de CSRD moet aanpakken. Kesselaer: “De gemiddelde consultancy zal denken: je maakt je eigen markt kapot door gewoon open en bloot de precieze stappen te delen. Maar wij vinden juist dat iedereen maar gewoon moet beginnen. Het is al complex genoeg als je weet hoe het moet.”

Tik op de vingers

Na beursgenoteerde bedrijven, moeten per 2025 de grote niet-beursgenoteerde bedrijven ook aan de rapportageverplichting voldoen. Toch zien Kesselaer en Mobius dat bedrijven zich afwachtend opstellen. Nederland heeft onlangs nog een tik op de vingers gekregen van de Europese Commissie omdat de implementatie van de CSRD te lang duurt. De deadline voor omzetting in nationale wetgeving was 6 juli 2024, maar het implementatiewetsvoorstel is nog niet eens bij de Tweede Kamer ingediend. Kesselaer: “Voor bedrijven is dat een reden om te wachten. Maar hoe langer je wacht, hoe ingewikkelder het wordt. Zeker omdat je uiteindelijk met terugwerkende kracht zult moeten rapporteren over het jaar.”

Rechtszaken en reputatieschade

Het grootste risico van te lang wachten met de CSRD is volgens Kesselaer en Mobius dat bedrijven uiteindelijk niet de handtekening van accountants krijgen die de rapportages moeten goedkeuren. Dat kan direct gevolgen hebben voor geld dat je bij de bank leent. “Tegelijkertijd zie je dat klanten van bedrijven steeds meer vragen gaan stellen”, zegt Mobius. “Want die moeten ook aan duurzaamheidsverslaglegging doen en willen CO2-reductie in hun toeleveringsketen zien. Als jij dat niet kunt aantonen, loop je het risico dat klanten bij je weggaan. En ngo’s en andere instanties zullen ook transparantie eisen. Als jij niet kunt laten zien dat je serieus met duurzaamheid bezig bent, riskeer je rechtszaken of reputatieschade.”

Hoewel het nog wel een aantal jaar zal duren voordat het bedrijfsleven zich de CSRD volledig heeft eigen gemaakt, hebben Mobius en Kesselaer vertrouwen in het gewenste effect van de wetgeving, namelijk de economie verduurzamen. “Er is iets in beweging gezet, wat niet meer teruggedraaid kan worden”, zegt Kesselaer. “Je komt niet meer weg met alleen zéggen dat je milieubewust bezig bent. Duurzaamheid wordt eindelijk op een cijfermatige, financiële manier uitgedrukt.” Mobius: “Je ziet dat duurzaamheid eindelijk een serieuze plek krijgt in de keuzes die bedrijven maken. Dit wordt het nieuwe normaal.”

Lees ook:

De biodiversiteitstop in Colombia is begonnen: wat staat er op de agenda?

Het kan een beetje gaan duizelen, al die COP-bijeenkomsten. Vorig jaar vond COP28 plaats in Dubai, nu is er COP16 in Colombia en in november start COP29 in Azerbeidzjan. Het heeft alle schijn van een willekeurige telling, maar er zit wel degelijk een logica achter. COP28 en COP29 behoren namelijk tot de reeks jaarlijkse ‘algemene’ klimaattoppen, bedoeld om mondiale afspraken te maken over het terugdringen van de CO2-uitstoot en het afremmen van klimaatverandering. COP16, daarentegen, behoort tot een reeks tweejaarlijkse bijeenkomsten die specifiek gericht zijn op het behouden van natuurlijke systemen en het herstellen van biodiversiteitsverlies. De biodiversiteitstoppen heten eigenlijk CBD COP’s, waarbij CBD staat voor Convention on Biological Diversity. De vorige editie vond plaats in 2022 in de Canadese stad Montreal. Toen werd een historisch akkoord gesloten dat de boeken ingegaan is als ‘het Parijsakkoord voor de natuur’. Centraal daarbij staat het doel om als gemeenschap 30 procent van het wereldwijde land- en wateroppervlak te beschermen voor het jaar 2030. Landen moeten met nationale plannen komen om dat doel te behalen; de zogeheten National Biodiversity Strategies and Action Plans. Concretiseren Of dat is gelukt, gaat de komende twee weken blijken. Dan moet lidstaten hun plannen namelijk aan elkaar gaan presenteren. Dat is gelijk ook een van de grootste doelen van COP16: het concretiseren van de in 2022 gesloten afspraken. De verwachtingen zijn niet hooggespannen; veel landen zouden de deadline voor hun plannen (lees: vandaag) niet hebben gehaald. Nederland is daar in ieder geval één van. Er reizen ook geen bewindslieden vanuit Den Haag af naar Colombia, tegen het zere been van milieuorganisaties als Greenpeace. Net als bij de jaarlijkse klimaattoppen, zal het tijdens COP16 ook gaan over financiering. In Cali ligt de nadruk op het beschikbaar maken van kapitaal om biodiversiteitsverlies tegen te gaan in ontwikkelingslanden. Twee jaar geleden werd afgesproken om vanaf 2025 jaarlijks minimaal 20 miljard dollar (ruim 18 miljard euro) te verzamelen. Volgens de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OECD) werd in 2022 nog ‘maar’ 14 miljard euro bij elkaar geschraapt. Het zal tijdens COP16 dus ook gaan over manieren om dat gat van ongeveer 4 miljard euro te dichten. Inheemse volken Ook ligt dit jaar de focus op inheemse volken, voornamelijk geagendeerd door het gastland Colombia. Naar schatting wonen er in het land zo’n anderhalf miljoen mensen die deel zijn van zulke volken. Binnen het thema biodiversiteit ligt er voor inheemse volken een speciale rol weggelegd. Ze zouden een groot aandeel hebben in het beschermen van kwetsbare natuurgebieden en verdienen volgens de VN extra bescherming. Tijdens COP16 zal het er dus over gaan hoe dit vormgegeven kan worden. Ook zal er gesproken worden over het oprichten van een speciaal orgaan dat als doel heeft inheemse volken een stem te geven bij VN-toppen. DNA-systeem Tot slot zullen de afgevaardigden spreken over een technische kwestie: het opstellen van een DNA-databank. Voor het ontwikkelen van medicatie en cosmetica wordt veelvuldig gebruik gemaakt van genetische informatie van dieren en planten. In recente jaren blijkt de hoeveelheid online data daarover gigantisch te zijn gegroeid, wat tot een onoverzichtelijke brei aan informatie heeft geleid. Het is de bedoeling om tijdens de COP in Cali tot een afspraak te komen over een gecentraliseerde databank, waarmee ook de betalingsstructuur op orde is. Lees ook: Gastland COP29 kondigt klimaatfonds aan dat door fossiele bedrijven gevuld moet wordenVolgens Piet Sprengers (ASN Bank) is COP28 niet historisch, maar wel het hoogst haalbareCOP28 is ten einde; zelfs oliestaten akkoord met afbouwen van fossiele brandstoffen