‘Als je kiest voor groei, kies je niet voor het klimaat en de natuur’, aldus Hans Stegeman, hoofdeconoom van duurzame bank Triodos, in een Change Inc.-interview. Dat klinkt stellig. Stegeman legt dat als volgt uit: ‘Elke economische activiteit heeft negatieve effecten op onze leefomgeving. Er zijn grondstoffen en land nodig, er wordt CO2 uitgestoten.’
Even later legt hij uit dat Triodos een lager winststreven heeft dan in de financiële sector gebruikelijk is. ‘We zetten bewust lager in, omdat we ruimte willen houden om dingen te doen die impact hebben. Waarmee ik niet wil zeggen dat impact en rendement niet hand in hand kunnen gaan. Maar we proberen een voorloper te zijn en dat betekent dat je soms meer risico moet nemen.’
Toen ik dat las dacht ik: Huh? Als impact en rendement hand in hand kunnen gaan, waarom is groene groei dan onmogelijk? Het interview geeft geen antwoord op die vraag.
Hogere prijzen dempen de vraag
Ik ben het met Stegeman eens dat het ongebreidelde consumentisme van de afgelopen decennia meer schade veroorzaakt dan het aan welvaart oplevert. De spreekwoordelijke telefoonhoesjes van 1 euro per stuk die door Alibaba wereldwijd massaal aan de man worden gebracht, om niet zelden snel in de vuilnisbak te verdwijnen: het is waanzin.
True pricing – waarbij milieuschade wordt verrekend in de prijs – helpt het consumentisme te beteugelen. Hogere prijzen dempen immers de vraag. De Europese CO2-markt is hiervan het bekendste voorbeeld: wie uitstoot, betaalt. Maar dat leidt hooguit tot minder grijze groei, niet vanzelf tot groene.
Stegeman heeft een punt als hij zegt dat voortdurende groei op een eindige planeet wringt. Meer productie, meer consumptie, meer energiegebruik: de druk op klimaat en milieu neemt toe, zolang de energievoorziening niet duurzaam is en het grondstoffenverbruik niet circulair.
Maar wie economische groei per definitie als probleem ziet, mist volgens mij een andere realiteit: we hebben als samenleving ook middelen nodig om onze collectieve ambities te realiseren. Gezondheidszorg, onderwijs, veiligheid, ouderenzorg – het vergt allemaal mensen, middelen en organisatiekracht. En dus economische groei. Zeker in een land dat vergrijst en waarin de kosten voor de publieke sector oplopen, is economische stilstand simpelweg geen optie. Hoe gaan we het groeiend aantal medewerkers in de zorg en het onderwijs betalen als de economie niet groeit?
Transitie gaat met horten en stoten
Misschien heeft Stegeman gelijk en is groene groei een illusie. Maar ik heb de hoop op een succesvolle energietransitie en een circulaire economie nog niet opgegeven. Ik ben ooit opgeleid tot ingenieur. Hoewel ik daarna in de journalistiek ben gerold, heb ik er wel een vooruitgangsgeloof en technologie-optimisme aan overgehouden.
Op termijn zorgt technologie en innovatie voor een groene en schone economie. Daar ben ik van overtuigd. Waarom? Omdat duurzame en circulaire producten uiteindelijk comfortabeler, schoner en goedkoper zijn dan producten van fossiele oorsprong. De gloeilamp was ooit een enorme innovatie, veel beter dan kaarsverlichting. Sinds de gloeilamp (tegenwoordig LED) is met een druk op de knop het licht aan. Je hoeft geen kaarsen in huis te halen, geen gedoe met lucifers en geen walm.
De duurzame en circulaire economie heeft diezelfde belofte: comfortabelere en schonere producten. De transitie gaat met horten en stoten. De infrastructuur is niet op orde en de opslag van groene stroom staat nog in de kinderschoenen. Maar uiteindelijk zullen die bedrijven succesvol zijn die de gloeilampen van de 21e eeuw verkopen in plaats van kaarsen.
Groene groei is niet makkelijk
Het gaat volgens mij niet om de vraag óf we moeten groeien, maar hóe? Daarmee komen we uit bij een ander punt waar ik me wél in kan vinden: het bruto binnenlands product als maatstaf voor vooruitgang is te beperkt. Het zegt weinig over kwaliteit van leven, niets over duurzaamheid, en al helemaal niets over de verdeling van welvaart. Als we groei breder definiëren – in termen van welzijn, toegang, gezondheid en ecologische draagkracht – dan ontstaat er een nieuw perspectief.
Groene groei is niet makkelijk, wel noodzakelijk. Want zonder perspectief op vooruitgang verliezen we draagvlak voor verandering. En zonder economische basis verschraalt ook de ruimte voor publieke investeringen, solidariteit en innovatie. Krimp klinkt misschien principieel, maar biedt weinig richting. Groene groei is geen vanzelfsprekendheid, maar ook geen luxe, vind ik. Het is de enige route waarmee we én onze planeet én onze samenleving leefbaar houden.




