Erika van Zinderen Bakker 15 mei 2023, 15:00

Elektriciteit winnen uit water: ‘Voor een 100 procent duurzame energievoorziening hebben we op elk moment stroom nodig’

Waar zonne- en windenergie al zijn uitgegroeid tot volwassen technieken om energie op te wekken, staan de elektriciteit-uit-water-technologieën nog in de kinderschoenen. Technisch is er al veel mogelijk, maar het gebeurt nog niet op grote schaal. Waar staat Nederland op het gebied van deze technologieën? Hoe krijgen we deze sector uit de opstartfase en wat is er nodig om (internationaal) op te schalen? Dat waren vragen tijdens een webinar die Invest-NL samen met Change Inc. organiseerde.

DSC01592 Maarten Berkhout, Heleen Vollers, Roel van Diepen en Dorine Bosman met elkaar in gesprek over de toekomst van energie uit water. Aan het woord Roel van Diepen. | Credits: Change Inc.

Elektriciteit-uit-water-technologieën zijn golfenergie, getijdenenergie en ‘blauwe’ energie. Die laatste wordt opgewekt uit het verschil in zoutgehalte tussen zoet en zout water. Getijdenenergie wordt gewonnen door gebruik te maken van het verschil in waterhoogte tussen eb en vloed. Voorbeelden van Nederlandse bedrijven die zich hiermee bezighouden zijn SeaQurrent dat met zijn TidalKite, een ‘vlieger’, onderwater energie opwekt, en Tocardo. Golfenergie wordt gewonnen uit de snel wisselende waterhoogte als gevolg van golven. Het Nederlandse Weco is hierin gespecialiseerd.

Elektriciteit-uit-water-technologie kan elk moment van de dag energie leveren, doordat de bronnen altijd aanwezig zijn, in tegenstelling tot zon en wind.

Opkomende sector

Invest-NL organiseerde deze webinar om te onderzoeken wat er nodig is om deze opkomende sector te helpen. Hier is komende jaren veel kapitaal voor nodig. Hoe kunnen we de Nederlandse expertise uit de maritieme en offshore-sector inzetten voor duurzame energietechnologie die internationaal schaalbaar is?

Aan tafel zitten Maarten Berkhout, directeur en mede-oprichter van SeaQurrent én bestuurslid bij de Nederlandse branchevereniging Energie uit Water (EWA), Heleen Vollers van Stichting De Noordzee, Roel van Diepen, Investment director Benelux bij investeerder InnoEnergy, en Dorine Bosman, Chief Investment Officer bij Port of Amsterdam. Samen kijken zij naar wat er nodig is om de ontwikkelingen in energie uit water te versnellen, zodat de sector kan groeien. Zij kijken onder andere naar windenergie. Wat kunnen we leren van eerdere ontwikkelingen in die sector? Ook bespreken ze ontwikkelingen in het buitenland. Wat doen andere landen om een bepaalde sector een vliegende start te geven en kan dat in Nederland ook?

Leren van windenergie en buitenland

Volgens Bosman kunnen we veel leren van windenergie. Met name van de tijd toen de overheid vergunningen ging verlenen en ontwikkelaars ging ontzorgen. Daardoor kon de focus van bedrijven op de techniek liggen en konden zij tempo maken. Berkhout en Bosman noemen Denemarken en Noorwegen als voorbeeldlanden. Deze landen investeren veel in duurzame energie, waardoor die sector snel kan groeien en internationaal leidend kan worden.

Energie uit water is voor eilanden een zeer geschikte oplossing.

Leereffect en schaaleffect

Berkhout vertelt waarom het belangrijk is aandacht te geven aan de ontwikkelingen in zijn sector en legt uit dat op termijn de kosten omlaag kunnen. “We zijn heel hard gaan rennen om zo veel mogelijk duurzame energie zo snel mogelijk te gaan realiseren. Daarbij zijn wind en zon heel effectief geweest zijn in het verlagen van de kosten door leereffect en schaaleffect. Diezelfde effecten kunnen in onze sector ook. Wij kunnen hetzelfde ‘kostenverbeteringspad’ doorlopen. We zien nu steeds meer uren waarin de prijzen van energie negatief zijn, tijdens uren dat er een overschot aan elektriciteit is op de momenten dat het hard waait en de zon flink schijnt. Wat we nodig hebben zijn technologieën die ook op andere momenten produceren, want voor een 100 procent duurzame energievoorziening hebben we op ieder moment die stroom nodig. Energie uit water is een duurzame bron die dit kan aanvullen.”

Eilanden en zee

Naast het feit dat energie uit water een betrouwbare en stabiele energiebron is, is deze technologie ook specifiek interessant voor bepaalde gebieden, bijvoorbeeld op plekken waar windmolens niet gewenst zijn. Zo is energie uit water voor eilanden (bijvoorbeeld onze Waddeneilanden) een zeer geschikte oplossing. De technologieën passen vaak beter in het landschap en geven eilanden de mogelijkheid meer zelfvoorzienend te zijn. Dat is handig, omdat deze gebieden niet zomaar stroom uit het buitenland kunnen halen, wat voor het vasteland wel geldt. Veel eilanden zijn dan ook nog afhankelijk van import van diesel.

Energietransitie in verarmde natuur

Stichting De Noordzee staat vol achter de energietransitie, omdat die ook een positieve impact heeft op de zeenatuur. Landschappelijke inpassing is ook voor Heleen Vollers een belangrijk onderwerp. “Als we naar meer vormen van duurzame energie gaan, is dat heel belangrijk. Tegelijkertijd is die Noordzee een heel groot natuurgebied. En het is een zee die al heel druk wordt gebruikt. Doordat we heel lang niet duurzaam en niet natuurvriendelijk met die Noordzee-natuur zijn omgegaan, zitten wij nu in een situatie waarin de natuur er niet goed voorstaat. En in die verarmde natuur moeten wij de energietransitie realiseren. Dat is lastig. We moeten dus goed kijken hoe we natuur en energie samen kunnen laten gaan. Daar zijn zeker mogelijkheden voor, maar we moeten werken aan het verbeteren van die natuur. Dan kun je de energietransitie niet los zien van de andere sectoren die ook actief zijn op de Noordzee.”

Neveneffecten

Ook Bosman merkt op dat het in deze tijd belangrijk is naar de neveneffecten te kijken van nieuwe technologieën. “Als je kijkt naar historie van wind op zee, dan zie je dat dat heel snel is gegaan. We hebben snel veel windparken neergezet en dat is goed gedaan. Maar er zitten ook neveneffecten aan vast. Nu wordt er meer nagedacht over de ruimtelijke inrichting en over hoe het hele elektriciteitssysteem eruitziet. Dat is een goede ontwikkeling, want daar moeten we beter mee omgaan.”

Vragen over duurzaamheid

Volgens Van Diepen worden ecologie en duurzaamheid steeds belangrijker voor investeerders. “Zij vragen daar steeds meer naar.” Berkhout beaamt dit. Hij zegt veel vragen van investeerders en de overheid te krijgen. Terecht, vindt hij, maar het beantwoorden van al die vragen leidt soms wel een beetje af van het ‘echte’ werk.

Van Diepen vindt het verder belangrijk om zo veel mogelijk testlocaties in een ‘echte’ omgeving – dus buiten het lab en in de zee – te creëren. Dat is heel belangrijk voor start-ups en scale-ups om te kunnen zien hoe hun product in de praktijk werkt en zo verder te gaan met de ontwikkeling.

Conclusies

De gasten zijn het met elkaar eens dat er breder moet worden gekeken dan puur naar de techniek. Ook ecologie, bedrijven in andere sectoren en andere stakeholders moeten worden meegenomen in de ontwikkelingen van energie uit water. Wat zien zij op dit moment nog als obstakels en wat moet er veranderen om energie uit water succesvol te maken? Hoe is internationale opschaling mogelijk en hoe moet die gefinancierd worden? De tafelgasten komen tot de volgende conclusies:

  • Er mag meer aandacht komen voor energie-uit-water-technologie
  • Er zijn roadmaps nodig voor zowel de technologie als voor de ruimtelijke inpassing. Beide aspecten zijn belangrijk voor de financierbaarheid
  • Er moeten meer locaties worden aangewezen waar ontwikkelaars kunnen testen en opschalen
  • De overheid moet meer op duurzame energie inzetten om voor een betrouwbaar aanbod te zorgen
  • We kunnen een voorbeeld nemen aan de ontwikkelingen in en de roadmap van offshore wind

Terugkijken

Benieuwd wat er nog meer besproken is tijdens deze webinar? Kijk hem dan hieronder terug.

Energietransitie is meer dan een technologische uitdaging. ‘Zet de wensen van gebouweigenaren centraal.’

Dit is een gastbijdrage van Guus Mulder, programmamanager Versnelling energierenovaties van woningen en gebouwen bij TKI Urban Energy. Innovatie-afdelingen bij bedrijven bestaan vaak uit mensen met een bèta-achtergrond. Zij hebben moeite met de ongrijpbaarheid van sociale innovatie. Daardoor worstelen ze met de vraag hoe je sociale innovatie een rol geeft in het ontwikkelingsproces van producten en processen. Vaak leidt dit ertoe dat dit in een apart werkpakket wordt weggestopt, in plaats van het integraal te verweven in de ontwikkeling. Het resultaat is dat alleen de belangrijkste inzichten worden overgenomen, terwijl het succes juist vaak zit in de nuance. Als het succes dan uitblijft, wordt sociale innovatie een volgende keer een nóg kleinere rol toebedeeld. Subsidies Eenzelfde worsteling zien we in innovatieregelingen bij overheden. Sinds een aantal jaar wordt geprobeerd sociale innovatie als onderdeel van product- en dienstontwikkeling te stimuleren. Dit komt in de praktijk onvoldoende van de grond. Deels doordat aanvragers moeite hebben sociale innovatie te verweven in hun projecten en deels omdat voor meer gerichte subsidies (zoals de TSE-GO en DEI+) sociale innovatie lastig blijkt in te passen door de gestelde subsidievoorwaarden: Sociale innovatie wordt in veel gevallen niet als R&D gezien en maakt projecten complexer en groter, waardoor ze minder goed in ‘kleinere’ subsidies passen. Waar het beter gaat is de MOOI-regeling, waar het ook een belangrijk onderdeel is van de beoordeling (slaagkans van de innovatie). Positief beeld Het trendrapport dat wij hebben laten opstellen door TNO laat desalniettemin een positief beeld zien. Er is steeds meer aandacht voor de drijfveren en barrières voor gebouweigenaren. Naast dat er veel onderzoek gebeurt op dit gebied, zijn er ook verschillende bedrijven die hun dienstverlening aanpassen op basis van de inzichten uit dit onderzoek. Wel is er meer onderzoek nodig op het gebied van participatiemethoden en ondersteuning in de uitvoeringsfase om bewoners nog beter te helpen in de transitie naar duurzaam wonen. Wensen gebouweigenaren centraal stellen De truc is om de wensen van gebouweigenaren steeds centraal te laten staan bij het ontwerpen van technische oplossingen. De beste technische oplossing kan alleen bestaan binnen de randvoorwaarden die de klant daaraan stelt. De rode lijn hierin is de klantreis die de gebouweigenaar doormaakt. Hoe ondersteunen we die vanaf de eerste interesse tot een resultaat tevreden stemt? Laten we hier samen scherp op zijn, en elkaar aanspreken als we zien dat we toch weer op het technologische spoor zijn beland. Wij denken hierin graag mee!Meer lezen: Transformatie van gebouwen kan woningnood oplossen: waarom gebeurt het dan (te) weinig?Madrid bouwt gigantische emissieloze wijkChangemaker Peter Molengraaf: "Paprika's zijn straks in de winter te duur, maar hoe erg is dat?"