Lieuwe Jan Hettema 09 november 2011, 10:20

‘Duurzaam ondernemen is economisch overleven’ (Gerbrandy, D66)

Bedrijven die duurzaam willen ondernemen krijgen steeds meer met ‘Europa’ te maken. In aanloop naar de Dag van de Duurzaamheid belt DuurzaamBedrijfsleven.nl vijf Nederlandse Europarlementariërs. Vandaag deel 3: Gerben Jan Gerbrandy (D66).

Parlement23 e1339582314641

Hoe kan op Europees niveau het bedrijfsleven gestimuleerd worden duurzaam te ondernemen?

“Het economisch belang van duurzaamheid komt steeds meer op de Europese kaart. Ik ben er van overtuigd dat duurzaam ondernemen iets is wat je simpelweg moet doen om economisch te overleven. Dit dringt ook door bij de koplopers, zoals DSM en Unilever.

“Europa kan hierbij helpen door miljarden aan milieuschadelijke subsidies, zoals rode diesel, af te bouwen en te veranderen in subsidies die duurzaamheid stimuleren. Verder verwacht ik veel van fiscale instrumenten. Nu wordt de meeste belasting op arbeid geheven, in de toekomst moet dat op milieu en grondstoffen. De vergrijzende bevolking dwingt ons sowieso tot verandering.

“In Nederland wordt nu alles rond duurzame energie het land uitgejaagd. De Britten azen nu zelfs op Nederlandse plekken voor windmolenparken. Zij hebben ook een conservatief kabinet, maar willen wel een reductie van 40 procent in CO2-uitstoot. Niet omdat Britten meer begaan zijn met het milieu, maar zij zien in dat bedrijven die sneller schoner produceren, op termijn goedkoper produceren.”

Er zijn diverse stakeholders op het gebied van duurzaamheid: de overheid, het bedrijfsleven, NGOs, etc. Bij welke partij moet nu het initiatief liggen?

“Bedrijven moeten zich realiseren dat ze duurzamer moeten produceren om op termijn überhaupt competitief te blijven. Organisaties moeten daarin veel strategischer optrekken en een sterkere toekomstvisie uitdragen.

“Consumentendruk is een grote driver voor verduurzaming. Consumenten moeten zich dat bij hun productkeuze goed realiseren, net als bedrijven. Dat besef is al hard groeiende. Sla de krant open en je ziet aan reclames dat bedrijven zich steeds meer richten op duurzaamheid.”

Innovatie speelt een belangrijke rol in het verduurzamen van bedrijven. Hoe kan de EU innovatie stimuleren?

“Europa geeft zo’n €7 mrd per jaar aan innovatie. Dit is niets op een begroting van €120 mrd. Wat D66 betreft mag dit minimaal verdubbeld worden.

“Het is belangrijk dat duurzame innovatie een criterium wordt voor het beleid op andere terreinen. Van de Europese begroting gaat nu 80 procent naar landbouw en regionale steun. Geef boeren dus alleen inkomenssteun wanneer ze oog hebben voor duurzaamheid en innovatie.

“Je ziet dat de Chinezen wereldwijd 60 procent van de zonne-industrie in handen hebben. Doordat olie opraakt moeten we wel gebruik maken van duurzame energie. Nu zijn we afhankelijk van oliestaten, straks misschien van China.”

Hoe ziet een duurzaam Europa er in 2020 in het ideale geval uit, en welke rol heeft Nederland daarin gespeeld?

“De Europese economie is bijzonder competitief, doordat we het meest effectief met grondstoffen omgaan en daardoor goedkoop produceren. Daarnaast zijn de achteruitgang van biodiversiteit en natuur tot stilstand gebracht en heeft Europa het hoogste hergebruik van grondstoffen ter wereld.

“We hebben alle klimaatdoelen gehaald: 20 procent minder uitstoot, minder energieverbruik en een aandeel van 20 procent aan duurzame energie. Ook zijn de milieuschadelijke subsidies omgebogen tot duurzame stimuleringsmaatregelen. Decennialang is milieu gedreven door morele drijfveren. Nu milieu en economie echt in elkaars verlengde zijn komen te liggen, denk ik dat we kunnen gaan doen wat we al die jaren hebben gewild: een duurzame economie.”

Wat doet u zelf aan duurzaamheid?

“Ik fiets en ik ‘trein’, geef mijn kinderen mee hoe belangrijk het is om aandacht te hebben voor de omgeving. En ik geniet zelf ook vooral van de prachtige natuur die we in Nederland hebben.”

“Ik blijf me onvermoeibaar inzetten om het belang van een duurzame samenleving uit te dragen. Het mooie van mijn positie is dat als ik kleine stapjes op het gebied van duurzaamheid voor elkaar krijg, het meteen geldt voor een gebied van 500 miljoen mensen. Dan worden kleine stapjes vanzelf een grote stap.”

Morgen belt DuurzaamBedrijfsleven.nl met CDA-Europarlementariër Lambert van Nistelrooij. “Europese kennis moet sneller tot praktijk worden gebracht.”

Foto: Democraten66 via Flickr.com

Baanbrekende zonnecel benadert theoretische efficiëntielimiet

De wetenschappers van Amerikaanse Lawrence Berkeley National Laboratory, verbonden aan het Department of Energy (DOE), toonden in hun onderzoek aan dat hoe beter een zonnecel fotonen uitzendt, hoe hoger de spanning en hoe groter het rendement van de cel zal zijn.Een fundamenteel resultaat in de natuurkunde toont echter aan dat er een maximale efficiëntie is waarmee een zonnecel zonlicht kan omzetten in elektriciteit. Deze Shockley-Queisser efficiëntie limiet (SQ-limiet) is ongeveer 34 procent.De onderzoekers toonden aan dat met de semigeleider gallium-arsenide de SQ-limiet bereikt kan worden. Met deze wetenschap wist het bedrijf Alta Devices Inc, mede-opgericht door de leider van het onderzoek, zonnecellen van gallium-arsenide te produceren waarmee een record omzettingsrendement van 28,4 procent werd bereikt.De meest efficiënte zonnecellen voor commercieel gebruik zijn tot nu toe gemaakt van monokristallijne siliciumplaatjes en hebben meestal een omzettingsrendement van ongeveer 23 procent.Silicium is een goedkope halfgeleider maar een zwakke verzamelaar van fotonen. Gallium-arsenide is daarentegen beter in het absorberen van fotonen, wat betekent dat veel minder materiaal nodig is om een efficiënte zonnecel te maken.Gallium-arsenide is echter wel duurder dan silicium. Het materiaal absorbeert bij een bepaalde dikte zeker 10 duizend keer meer fotonen dan silicium, maar is toch niet 10 duizend keer zo duur. Op basis van deze kenmerken vormt gallium-arsenide het ideale materiaal voor het maken van zonnecellen.Bron: PhysorgFoto: flickr.com