André Oerlemans
21 juli 2022, 10:00

Docu-serie Anders Reizen compleet: Nederland kan niet meer zonder hybride werken

Tijdens de coronacrisis werkte Nederland massaal thuis. Daarna schakelden we over op hybride werken, dus een deel van de tijd thuis en een deel op kantoor. Kunnen we nog wel terug naar vroeger? Nee, concludeert directeur Hugo Houppermans van de coalitie Anders Reizen. “De winst voor werknemers, bedrijven en het milieu is gigantisch en nog voor een belangrijk deel onbenut.”

Anders Reizen Keyvisual A

In de zesdelige documentaireserie ‘Zo willen we werken, op reis’ bezoekt Houppermans twaalf grote bedrijven en organisaties om zelf vast te stellen hoe het is gesteld met hybride werken en duurzaam reizen in Nederland. Anders Reizen wil de inzichten van grote bedrijven delen met de rest van zakelijk Nederland. Bekijk hieronder de complete serie van zes video’s, die ook te zien zijn op Anders Reizen, LinkedIn en YouTube.

Niet meer terug naar vroeger

Wie tegenwoordig in de auto om zich heen kijkt of dagelijks heen en weer pendelt naar zijn werk, kan het niet zijn ontgaan. Het is drukker dan ooit op de weg en de files zijn nog nooit zo lang geweest. Cijfers van het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM) bevestigen dat. Sinds het thuiswerkadvies is afgeschaft is het 12 procent drukker in het verkeer dan vorig jaar. Toch hebben met name de grote bedrijven in Nederland fundamenteel gekozen voor een hybride vorm van deels thuis en deels op kantoor werken, constateert Hugo Houppermans. Volgens de directeur Anders Reizen, een coalitie van bedrijven die de CO2-uitstoot van zakelijk reizen wil verminderen, hebben organisaties in coronatijd gezien wat voor winst het kan opleveren. De betere balans tussen privé en werk en meer flexibiliteit voor werknemers, de besparingen op reiskosten en vastgoed voor het bedrijfsleven en niet in het minst: de winst voor milieu en klimaat. “Als je vraagt of we nog wel terug kunnen naar vroeger, luidt het antwoord nee”, zegt hij.

Lees hier meer over de voordelen van thuiswerken

Grote bedrijven geven goede voorbeeld

In het begin van de coronacrisis was er nauwelijks verkeer op de weg en moesten bedrijven halsoverkop leren omgaan met thuiswerken. Iets wat ze nooit hadden gedaan bleek wonderwel goed te werken. “We hadden als coalitie geen kennis of best practices. Dat hebben we met elkaar moeten uitvogelen”, zegt Houppermans. “Werknemers hebben nu iets ervaren wat ze nooit eerder hebben ervaren. Bij grote corporates werken de meeste mensen nog gewoon deels thuis. Veel meer dan bij kleine bedrijven. Niemand spreekt een harde regel af over moeten, maar de winnaars zijn de organisaties die flexibilisering mogelijk maken en weten te organiseren. Je kan dus niet wegkijken als werkgever. Nieuw talent vraagt om die flexibiliteit.”

Milieuwinst is gigantisch

Anders Reizen is een coalitie van ruim zeventig grote bedrijven en organisaties die ruim 550.000 medewerkers hebben. Het grote doel is om in 2030 de CO2-uitstoot van het woon-werkverkeer en andere zakelijk reizen zoals vliegen te halveren ten opzichte van 2016. Die ambitie is ook opgenomen in het nationale Klimaatakkoord. “Hybride werken draagt substantieel bij aan het behalen van dat doel. De te behalen milieuwinst is gigantisch”, zegt Houppermans. Wat dat betreft geven twee recente onderzoeken die Anders Reizen heeft laten uitvoeren hoop voor de toekomst. Uit een onderzoek van I&O Research onder 6.000 werkende Nederlanders in oktober vorig jaar bleek dat de helft van de thuiswerkende mensen ook in de toekomst zeker voor de helft thuis wil blijven werken. Een kwart wilde in de toekomst minder met de ‘fossiele’ auto naar het werk reizen en meer met het openbaar vervoer en de fiets. Nu de brandstofprijzen torenhoog zijn liet de coalitie Kantar Public in april onder ruim 1.100 werknemers onderzoek doen naar hun nieuwe reisgedrag. Daaruit bleek dat nog steeds vier op de tien mensen gedeeltelijk thuis werken. Voor twee op de tien zijn de hoge brandstofprijzen reden om de auto te laten staan. Driekwart van de mensen die minder dan tien kilometer van hun werk wonen zouden de auto laten staan als hun werkgever een elektrische fiets vergoedt.

Lees hier meer over het verlagen van de CO2-uitstoot van zakelijk verkeer

Meer mensen kunnen thuiswerken

Hybride werken is volgens Houppermans geen doel op zich, maar een middel om werk zo efficiënt mogelijk te organiseren. Dat betekent dat werkgevers en werknemers goede afspraken moeten maken. Ongeveer de helft van werkend Nederland kan niet thuiswerken, bijvoorbeeld zorgpersoneel en fabrieksmensen. Maar dat alleen kantoorpersoneel thuis kan werken is ook niet waar. “Zelfs bij beroepen waar vooral met de handen wordt gewerkt is soms maar 20 procent van de taken echt operationeel en 40 procent administratief. Ook daar is dus genoeg werk dat je thuis kunt doen”, stelt Houppermans.

Directeur Hugo Houppermans van de coalitie Anders Reizen | Credit: Anders Reizen

Aflevering 1: Hybride werken en aantrekkelijk werkgeverschap

In de eerste aflevering bezoekt Houppermans CEO Ruud van Dusschoten van ING Nederland
en Kim Teunis, programmadirecteur nieuwe werken bij Rabobank. Twee banken die opvallend ver zijn in het doorvoeren van hybride werken en daardoor een inspirerend voorbeeld vormen voor andere bedrijven.

Aflevering 2: Flexibel mobiliteitsbeleid

In aflevering twee gaat de directeur langs bij CFO Marike Bonhof van drinkwaterbedrijf Vitens en directeur Marc Glaudemans bij de provincie Noord-Brabant. Hybride werken biedt kansen om naar nieuwe manieren van reizen te zoeken. Een mobiliteitsbeleid te voeren, waarbij medewerkers gestimuleerd worden te kiezen voor meer duurzame vormen van vervoer. Dat biedt keuzevrijheid en de flexibiliteit om files te vermijden. Zo betaalt Vitens een hogere reiskostenvergoeding aan medewerkers die met de fiets (35 cent) of een elektrische auto (25 cent) reizen dan wie met de fossiele auto komt (19 cent).

Aflevering 3: Internationaal reizen

De drukte op Schiphol laat zien dat we na corona weer volop vliegen. Toch merkt Houppermans dat er minder zakelijk gevlogen wordt dan vroeger. Ontmoetingen vinden vaker online plaats en er wordt bewuster gekeken of een reis wel noodzakelijk is. “Als er toch wordt gevlogen, proberen bedrijven afspraken te combineren en met minder mensen per afspraak te vliegen”, stelt hij vast. Hij praat erover met Renate de Lange-Snijders, lid van de Raad van Bestuur van PwC, en duurzaamheidsdirecteur Yoeri Schenau van Arcadis. Hij oppert in deze aflevering de vraag of klimaatneutraal internationaal reizen wel mogelijk is.

Aflevering 4: Cultuur en sociale cohesie

In de vierde aflevering spreekt Houppermans CEO Henrike Branderhorst van advies- en ingenieursbureau TAUW en Yvonne van der Veen, specialist arbeidsvoorwaarden bij Achmea. Hun wordt gevraagd hoe je de sociale samenhang in het bedrijf bewaart nu thuiswerken wordt omarmd. Beide organisaties zijn daar druk mee aan het experimenteren.

Aflevering 5: Leiderschap en voorbeeldgedrag

Uit het I&O-onderzoek bleek dat 88 procent van de leidinggevenden aangeeft zelf het goede voorbeeld te geven als het gaat om hybride werken. Opmerkelijk genoeg herkent slechts 58 procent van hun werknemers dat ook. Daarom gaat Houppermans met CEO John Voppen van ProRail en mobiliteitsmanager Arno Veenman van de Volksbank in gesprek over goed leiderschap. De vraag is onder meer hoe leidinggevenden hun medewerkers kunnen stimuleren in duurzaam gedrag en of hybride werken een andere manier van aansturing vraagt.

Aflevering 6: De toekomst van hybride werken en reizen

In de laatste aflevering gaat Houppermans langs bij CEO Jos Baeten van verzekeraar a.s.r.
en Sander Pleij van Leaseplan. Beide bedrijven lopen voorop in duurzame bedrijfsvoering en geven een kijkje in de toekomst van hybride werken en duurzame mobiliteit. Zo is a.s.r. klaar om ze elektrische wagenpark ook als batterijen te gebruiken voor het eigen stroomgebruik. Dat kan via een tweerichtings laadinfrastructuur. Leaseplan is bezig zijn vloot te vergroenen en toont de kansen en belemmeringen die het hierin ziet.

Kleine stapjes

De zes afleveringen bieden volgens Anders Reizen genoeg handvatten voor bedrijven om met hybride werken aan de slag te gaan. Belangrijkste boodschap daarbij is: zet kleine stapjes, bepaal een doel en bepaal voor welke activiteiten je naar kantoor komt. Denk opnieuw na waarvoor je elkaar fysiek moet ontmoeten. Houppermans: “Het is verrassend om te zien hoe zakelijk Nederland zich aan het klaarmaken is voor de toekomst. Want de bedrijven die ik spreek hebben de vlucht naar voren gekozen. En tegelijk is het ook verontrustend. Ik heb gezien hoe grote bedrijven stappen zetten om duurzaam reizen en werken keihard door te voeren. Soms met de nodige dwang en doorzettingsmacht. Tegelijk zien we dat het vliegverkeer toeneemt, files langer worden en ons mentale welzijn onder druk staat. De koplopers die ik spreek in deze serie zijn niet helemaal representatief voor heel zakelijk Nederland. Wat ze wel zijn: lichtende voorbeelden van hoe het óók kan. Deze serie is voor iedereen die met zakelijk reizen te maken heeft leerzaam en boeiend.”

100 procent biologische bestrijding? Geen probleem in de glastuinbouw

“Telers zijn volop bezig met de transitie naar duurzamere, groene teelten”, verklaart Kyra Broeders beleidsspecialist Plantgezondheid bij Glastuinbouw Nederland. In 2020 werd 94,4 procent van negen glastuinbouwgewassen biologisch bestreden. Dit blijkt uit voorlopige uitkomsten van een enquête die het CBS uitvoerde. Het onderzoeksbureau bevroeg 1.315 glastuinbouwbedrijven over biologische gewasbescherming: ruim een kwart van de sector. Voor de bestrijding van plaaginsecten en spintmijten worden verschillende biologische bestrijders gebruikt: van roofmijten tot galmuggen. Het gebruik van alle soorten biologische bestrijders neemt toe. In 2020 werden ongeveer 52 miljard roofmijten en -tripsen ingezet. Dat is bijna vijf keer zoveel als in 2016. Het aantal ingezette sluipwespen en galmuggen komt uit op 2,4 miljard. Dat is ruim twee keer zoveel als in 2016. De aantallen roofwantsen, gaas- en zweefvliegen en roofkevers zijn met 0,2 miljard aanzienlijk lager, maar verdubbelden wel ten opzichte van 2016. De meest gebruikte biologische bestrijder is het aaltje: hier werden in 2020 5.202 miljard van ingezet. Voordelen van biologische bestrijding De hoge aantallen biologische bestrijders zijn opvallend, omdat (in 2021) slechts 1.804 van de landbouwbedrijven biologisch gecertificeerd was: 3,5 procent. Met 122 biologisch gecertificeerde bedrijven komt de glastuinbouw nog iets lager uit dan het gemiddelde van de sector: 3,3 procent. Dat betekent dat het niet alleen biologische glastuinbouwers zijn die biologische bestrijders gebruiken. Waarom kiezen gangbare glastuinbouwers voor biologische bestrijding?Ten eerste omdat het toekomstbestendiger is. Zo werken bepaalde chemische gewasbeschermingsmiddelen niet meer doordat plaaginsecten er resistent voor zijn geworden. Daarnaast levert het betere resultaten op. Broeders: “Samenwerken met de natuur door inzet van biologische bestrijders is beter voor het gewas, de productie en de medewerkers.” Bij komkommers, tomaten en paprika's heeft de toepassing van biologische bestrijding nog een extra voordeel: het laat geen chemische resten achter. Per gewasbeschermingsmiddel verschilt het chemische residu dat achterblijft, maar dat er iets achterblijft is een feit. Dat verklaart waarom bij die gewassen de bestrijding 100 procent biologisch gaat.In de cijfers van het CBS is een opvallende stijging te zien bij de toepassing van biologische bestrijders in de aardbeienteelt: van 58 procent in 2016 tot 98 procent in 2020. “De aardbeientelers waren eigenlijk al jaren hard op zoek naar biologische bestrijders en manieren om de aardbeienteelt te vergroenen”, legt Broeders uit. “Er zijn nu meer mogelijkheden, mede omdat de aardbeienteelt in Nederland de laatste jaren is gegroeid, waardoor ook deze teelt interessanter werd voor de ontwikkelaars van biologische bestrijders.”Stijgende lijn in biologische bestrijding Sommige chemische gewasbeschermingsmiddelen worden niet meer toegelaten. Dat kan ook nog meespelen in de groei biologische bestrijdingsmiddelen, maar bijvoorbeeld voor tomaten valt op dat biologische bestrijding al lange tijd de overhand heeft. Broeders benadrukt dat telers vooral kiezen voor het product dat het beste werkt. Biologische bestrijding is daarom niet per se de voordeligste optie. “Het varieert per product, maar het is niet goedkoop.” Zij verwacht dat nog meer telers voor de biologische variant zouden kiezen als het goedkoper werd. Of als de consument meer zou betalen. “Telers zijn bereid een meerprijs te betalen voor duurzaamheid, het zou helpen als dit ook meer werd gewaardeerd door de consument.”Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.