Hannah van der Korput
30 mei 2023, 12:28

Deze start-ups bouwen reststromen om tot businessmodel

De waarde van reststromen wordt nogal eens onderschat, maar niet door deze start-ups. Van fruitpitten tot biergist: deze nieuwe bedrijven transformeren bijproducten naar nieuwe voedseloplossingen.

Adobe Stock 133824802 Het Braziliaanse Evera geeft schillen, bladeren, bloemen en zaden van de sinaasappelplant een nieuwe bestemming in oliën, sauzen, sappen en verzorgingsproducten. | Credits: Adobe Stock

F&A Next

Tijdens F&A Next, een evenement waar voedsel- en landbouwinnovaties centraal staan, deelden drie start-ups hoe reststromen een nieuwe bestemming krijgen in hun bedrijf. Welke kansen biedt het opwaarderen van bijproducten? En gebeurt het al genoeg?

Eén van de start-ups is Kern Tec, een Oostenrijkse verwerker van fruitpitten. De pitten van kersen, pruimen en abrikozen worden vaak gezien als afval, terwijl ze vol voedingsstoffen zitten. Kern Tec verwerkt de fruitpitten onder andere in oliën, cosmetica en melkalternatieven.

Het Nederlandse Revyve maakt plantaardige eiwitten en vezels uit biergist: een bijproduct van bierbrouwerijen. De geüpcyclede ingrediënten worden vervolgens weer verwerkt in vleesvervangers, pasta, sauzen en bakkerijproducten.

Het Braziliaanse Evera produceert verschillende ingrediënten uit sinaasappelafval. Schillen, bladeren, bloemen en zaden van de sinaasappelplant krijgen een nieuwe bestemming in oliën, sauzen, sappen en verzorgingsproducten.

Bevoorrading

Alle start-ups zijn afhankelijk van de reststromen van andere partijen. Toch maakt geen van de ondernemers zich druk over de bevoorrading.

Cedric Verstraeten, oprichter van Revyve: “Bier wordt gelukkig het hele jaar door gebouwen. De kans dat we zonder biergist komen te zitten, is heel klein. We werken samen met diverse brouwerijen, wat tot nu toe altijd genoeg voorraad heeft opgeleverd. Wat dat betreft zitten we in Nederland heel goed. Hier wordt veel bier gemaakt, maar in de buurlanden België en Duitsland kunnen ze er ook wat van.”

Commercieel directeur van Evera Alex Schuermans: “Evera is onderdeel van Citrosuco, een bedrijf dat sinaasappels verwerkt. Dat betekent dat we altijd toegang hebben tot een enorme hoeveelheid aan sinaasappelschillen, zaden, noem maar op. We zitten nooit verlegen om grondstoffen.”

Luc Fichtinger, medeoprichter van Kern Tec: “Wanneer je reststromen verwerkt van andere partijen, is samenwerking ontzettend belangrijk. Contracten moeten ons verzekeren van genoeg fruitpitten, maar we willen ook een goede afnemer zijn. Bedrijven kunnen bij Kern Tec de pitten, maar ook de schillen kwijt. Zo willen we een goede service bieden waar alle partijen van profiteren. Zij hebben een bestemming voor de reststromen, wij kunnen nog meer materialen hergebruiken.”

Hype

Het verwaarden van reststromen wordt langzaam maar zeker populairder, zien ze bij de start-ups. Dat biedt kansen, vindt Verstraeten. “Er komen steeds meer bedrijven bij die hiermee aan de slag gaan. Dat is een goede ontwikkeling. Samen kunnen we deze business nog veel groter maken.”

Alex Schuermans is het daarmee eens. “Er is een grote toekomst weggelegd voor het opwaarderen van bijproducten. Het is iets waar de markt om vraagt.”

Toch hoopt Verstraeten niet dat het een hype wordt. “Upcycling is hip aan het worden. Dat is geweldig, maar we moeten wel kritisch blijven. Bedrijven moeten niet ineens gaan upcyclen voor het upcyclen. Dan schiet het z’n doel voorbij.”

Nog niet genoeg

Fichtinger voegt daar nog een kritische noot aan toe. “Er zijn nog zoveel reststromen die nu niet worden benut. Dat is echt frustrerend. Upcyclen gebeurt naar mijn mening nog niet genoeg. Grote bedrijven zijn eigenaar van deze reststromen, maar zoeken onvoldoende naar nieuwe toepassingen voor hun eigen bijproducten. Daarom is het belangrijk dat nieuwe start-ups met nieuwe oplossingen blijven komen om voedselketens optimaal te benutten.”

Lees ook:

Changemaker College | Biodiversiteit of voedselzekerheid (donderdag 29 juni 2023)

Menselijke activiteiten zoals ontbossing, vervuiling, klimaatverandering en overbevissing lijden tot habitatverlies en verlies van biodiversiteit, wat een bedreiging vormt voor de voedselzekerheid. Dat moet veranderen. Daarvoor zijn duurzame voedselsystemen nodig zoals kortere voedselketens en lokale voedselproductie. De landbouw moet zichzelf opnieuw uitvinden, natuurgebieden moeten beschermd worden en het menselijk dieet moet anders. Welke duurzame oplossingen zijn er nu al die de balans tussen voedselzekerheid en biodiversiteit bewaken?

Dit Changemaker College is live op locatie Westbeat te volgen. Wil je erbij zijn? Meld je hier aan!

Deze ongebakken baksteen van koeienmest is sterker, goedkoper én duurzamer

Aardebouw bestaat al millennia en in sommige landen (zoals India en Rwanda) wordt er ook nu nog steeds veel met aarde gebouwd. Dat is niet voor niets. Yask Kulshreshtha, medeoprichter van Coolbricks en verantwoordelijk voor R&D: “Het is een eeuwenoude bouwmethode en daarom ook dubbel en dwars bewezen. Gebouwen van aarde zijn goedkoper Er zijn voorbeelden van aardebouw die al honderden jaren staan en gebouwen van meerdere verdiepingen zijn ook geen probleem. Aardemuren zorgen daarnaast voor een gezonder binnenklimaat, omdat ze in staat zijn om vocht te absorberen en de luchtvochtigheid en temperatuur in huis te reguleren.” Leren van het verleden Voordelen genoeg dus. Wereldwijd zijn er dan ook veel voorbeelden van aardebouw te vinden, zowel eeuwenoud als nieuw. De stad Shibam in Zuid-Jemen, door Unesco benoemd tot werelderfgoed, bestaat zelfs voor het overgrote deel uit gebouwen die van leemstenen en houten steunconstructies zijn gemaakt. Sommige gebouwen reiken zelfs dertig meter hoog en staan al honderden jaren. “Zelfs delen van de Chinese muur zijn gemaakt van aarde”, zegt Emile Smeenk, medeoprichter van Coolbricks en verantwoordelijk voor innovatie. “We leunen vaak op nieuwe technieken in de bouwsector, maar dat is niet altijd beter. Er zit veel wijsheid in oude bouwtechnieken en die worden vaak onterecht terzijde geschoven.”De Jemenitische stad Shibam bestaat bijna volledig uit gebouwen gemaakt van aarde.CO2-reductie van 90 procent Dat is precies wat Coolbricks doet. Het Nederlands-Oegandese bedrijf ontwikkelde een baksteen gemaakt van aarde, restvezels uit de landbouwsector en verschillende extracten uit koeienmest, die als bindmiddel dienen. Deze ingrediënten worden samengeperst (waarbij een handmatige, hydraulische pers al volstaat) tot baksteen en vervolgens gedroogd met de warmte van de zon. Met andere woorden: De Coolbrick hoeft niet de hoogoven in om gebakken te worden en dat scheelt ontzettend veel energiegebruik. Om de bakstenen op elkaar te metselen, gebruikt Coolbricks specie van hetzelfde materiaal als de steen zelf en dus niet van vervuilend cement. De Coolbrick is daarnaast biologisch afbreekbaar: aan het einde van zijn levensduur kan de bouwsteen verpulverd worden en gebruikt worden als meststof in landbouw. Bij elkaar levert dat een CO2-reductie van 90 procent op ten opzichte van conventionele bakstenen. Coolbricks zijn daarnaast 20 procent sterker en 50 procent goedkoper, volgens de jonge start-up. Smeenk: “De benodigde materialen (aarde, landbouwafval en mest) zijn immers ruimschoots en vaak zeer lokaal beschikbaar. Daardoor kun je de keten heel lokaal houden, wat de kosten enorm drukt. En met een simpele, handmatige hydraulische pers maak je er bakstenen van, die vervolgens in de zon gedroogd kunnen worden. Wij bouwen een huis van 30 vierkante meter voor zo’n 2.000 dollar.” Het belang van koeienmest Een product met veel voordelen dus, dat aan alle eisen voor een volwaardige baksteen voldoet. Daar ging veel onderzoek en ontwikkeling aan vooraf. Kulshreshtha deed vijf jaar lang fundamenteel onderzoek naar de waterbestendigheid van verschillende materialen en besloot al snel om de focus te leggen op koeienmest. Verschillende componenten van koeienmest, met name vetzuren, zijn namelijk bijzonder waterafstotend. Hij ontwikkelde een extract van meer dan honderd ingrediënten uit koeienmest, dat Coolbricks in zijn bakstenen verwerkt. Het poeder fungeert als bindmiddel. In combinatie met landbouwvezels zorgt CoolBricks ervoor dat de bakstenen zo meer waterafstotend en sterker zijn dan traditionele bakstenen. Coolbricks in Afrika Ongeveer anderhalf jaar geleden richtten Kulshreshtha en Smeenk gezamenlijk Coolbricks op om de innovatie naar de markt te brengen. Dat doen zij in eerste instantie in Oeganda, waar binnenkort de eerste huizen met Coolbricks gebouwd worden. De keuze voor Afrika maakten zij niet voor niets, licht Smeenk toe: “Veel problemen die mensen daar hebben, zijn financieel van aard. Dat geldt ook voor woningbouw, wat steeds lastiger wordt door de stijgende prijzen van grondstoffen. Duurzaamheid is daar dan ook een luxe, geen hoofdmotief. Maar vanwege de relatief lage kosten, biedt ons product toch toegang tot een schone, duurzame bouwoplossing.”De perfecte biobrick Toch hoopt Coolbricks in de toekomst ook in andere landen en werelddelen (waaronder Nederland) voet aan de grond te krijgen en projecten realiseren. Maar tot die tijd heeft de start-up nog genoeg werk te verzetten, bijvoorbeeld aan de baksteen zelf. “Uiteindelijk willen we de perfecte biologische steen, de perfecte biobrick, realiseren”, zegt Kulshreshtha. “Begrijp me niet verkeerd, ons huidige product is al goed. Maar op het gebied van waterresistentie, procesoptimalisatie en ingrediënten is nog genoeg onbenut potentieel.” Ondertussen wil de start-up zo snel mogelijk opschalen met het product dat het nu in handen heeft. “Gewoon doen en in de praktijk brengen, want we willen hier iets groots van maken. Toegang tot een gezond, veilig en betaalbaar huis is verre van vanzelfsprekend in landen als Oeganda. Daar hopen wij verandering in te brengen, door onze circulaire innovatie voor iedereen toegankelijk te maken”, aldus Smeenk. “Over een aantal jaar hopen we duizenden huizen te hebben gebouwd en we zijn momenteel hard op zoek naar financiering om deze missie waar te maken.” Comeback van aardebouw Kulshreshtha en Smeenk verwachten dat aardebouw sowieso een comeback zal maken in de aankomende jaren. Sterker nog, die is al gaande. “In Europa zijn meerdere grote projecten gaande en er zijn inmiddels honderden bedrijven die erop inzetten”, zegt Kulshreshtha. “Het is een zeer milieuvriendelijke bouwmethode en steeds meer mensen herkennen dat, dus de interesse neemt toe. Het is nu nog een niche, maar ik ben hoopvol dat het op grote schaal wordt opgepikt.” Aardebouw in Nederland? Of aardebouw ook in Nederland een comeback maakt, is natuurlijk koffiedik kijken. Maar Smeenk verwacht van wel: “Onbekend maakt onbemind en het ontbreekt momenteel nog een beetje aan bekendheid en goede voorbeelden. Maar tegelijkertijd staan Nederlanders altijd wel open voor innovatie. Als mensen eenmaal doorhebben dat het een milieuvriendelijk materiaal is, waar je ontzettend veel mee kan, kan het snel gaan.”Lees ook:Zweedse school wordt gebouwd op eerste elektrische bouwplaats van de EU Nederlandse fabrikant van circulaire lichtgewicht zonnepanelen opent fabriek in Weert Luiers in plaats van zand: met deze innovatie staat betonproductie weer in de kinderschoenen