Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 02 april 2020, 12:52

Coronacrisis: zo bouw je aan 'leiderschapsimmuniteit'

Veel bedrijven moeten alle zeilen bijzetten om de coronacrisis te overleven. Maar juist nu is ook de lange termijn cruciaal. ‘De business die overleeft is de business die gericht is op de toekomst.’ Vier leiderschapslessen die we uit de crisis kunnen trekken.

Leiderschap corona

Hier waren we niet op voorbereid. Het coronavirus houdt ons land en de wereld in z’n greep. Met man en macht wordt er gewerkt. Aan de basis natuurlijk door al die mensen in de zorg, schoonmaak, supermarkten, het onderwijs en bij de politie. Ons kabinet neemt het voortouw en doet wat nodig is, in een continue afweging van grote dilemma’s. En het bedrijfsleven laat een brede verantwoordelijkheid zien. Tegelijkertijd is het letterlijk overleven. Van mensen, maar ook van organisaties. Veel bedrijven hebben het zwaar, ondanks de steunmaatregelen van de overheid.

Nieuwe verbindingen

Zonder mijn ogen te sluiten voor deze realiteit, zie ik ook veel positieve bewegingen. Er ontstaan geheel nieuwe verbindingen. Tegengestelde belangen verdwijnen. We zijn saamhorig om deze ingewikkelde tijd goed door te komen. We gaan en moeten vooruit. Met (weer) terechte waardering voor maatschappelijke beroepen. Juist in deze tijd komt het echte leiderschap boven. Samen, verantwoordelijk, in verbinding en vanuit de eigen normen en waarden. Met veel voorbeelden. Unilever die toeleveranciers eerder gaat betalen. Supermarkten die reclame maken voor de lokale winkels. En Bavaria dat desinfectievloeistof gaat produceren. Maar helaas ook partijen die vooral de focus op zichzelf hebben. Zoals Adidas die in Duitsland eenzijdig de stopzetting van huurbetalingen afkondigde en daarmee op een stortvloed aan kritiek kon rekenen. Jezelf vooropstellen is begrijpelijk als je echt moet overleven, maar niet als je heel kapitaalkrachtig bent.

Toekomstgericht leiderschap

Welke lessen moeten we trekken uit het 'echte' leiderschap dat we op dit moment zien? Voor mij zijn dat er vier. Ten eerste, juist nu is de lange termijn cruciaal. Dat klinkt paradoxaal als je bezig bent te overleven. Maar de business die overleeft is business die gericht is op de toekomst. Op duurzaamheid in alle facetten met een brede maatschappelijke verantwoordelijkheid. Misschien is het ook juist nu de tijd om businessmodellen die niet duurzaam zijn te veranderen. Dat geeft focus en heeft waarde. Ten tweede, wakker het optimisme aan. Natuurlijk moeten we reëel zijn en niet in luchtkastelen geloven. Maar optimisme straalt kracht uit. Naar (potentiële) klanten, naar medewerkers en naar jezelf. Ten derde, verbind elkaar. Wees hoffelijk en denk aan de ander. Niet alleen door boodschappen te doen voor jouw oudere buurvrouw, maar ook in het zakendoen. Betaal rekeningen op tijd, zeg geen contracten op als het niet strikt noodzakelijk is, gun elkaar werk en kom elkaar tegemoet. Ook op de langere termijn betaalt dat zich uit. Tot slot, ga uit van het goede van de mens. Vertrouw elkaar. Deze goedheid van de mens is er dus wel, maar kennelijk in tijden van voorspoed rudimentair geworden. Nu zien we dat we onze eigen kracht en ons bezit ook kunnen inzetten voor het belang van anderen.

Het nieuwe normaal

Corona gaat een keer over. Laten we dan niet terugvallen in oude reflexen. Het is de opmaat naar nieuwe maatschappelijke en economische verhoudingen en modellen. We hebben al gezien dat het werkt, in het pre-corona tijdperk, nu en ik ben ervan overtuigd dat dit ook in de toekomst zich bewijst. We leren nu de lessen voor die toekomst. We bouwen echte ‘leiderschapsimmuniteit’ op om dit het nieuwe normaal te laten zijn. Tot die tijd: keep up the good work. En verbind elkaar.

Tekst: Niels van Tent, director bij Ebbinge

Meer weten over duurzaam leiderschap? Lees en luister naar onze interviews met Green Leaders

Tekst & beeld: Niels van Tent, Ebbinge

Nieuwe CFO Gasunie kijkt voorbij de cijfers: “We kunnen de energietransitie versnellen”

In 2018 was het aandeel van hernieuwbare energie in de totale Nederlandse energieconsumptie slechts 7,4 procent. Daarmee was Nederland van alle EU-landen het verst verwijderd van de doelstelling van 14 procent tegen het einde van 2020.Dit is te verklaren door Nederlands eigen energievoorziening in de vorm van het gasveld van Groningen. “We zijn lang comfortabel geweest met wat we hadden. En terecht, aardgas was de afgelopen decennia verreweg de beste optie in termen van leveringszekerheid en impact op het milieu. Maar dat verandert nu snel, niet alleen omdat we de energievoorziening CO2-vrij en toekomstbestendig willen maken, maar ook vanwege de aardbevingen in Groningen”, zegt Hermes.Nieuw energiesysteemAl voor de aardbevingen in Groningen wist Gasunie dat de overgang naar een nieuw energiesysteem noodzakelijk was. “Het besef dat het gasveld in Nederland er niet tot in lengte van dagen zou zijn, ontstond bij Gasunie al een tijd geleden. Als je de betrouwbaarheid en leveringszekerheid in Nederland op orde wilt houden, moet de infrastructuur daarvoor aanwezig zijn”, zegt Hermes. Dit inzicht vertaalde zich in de ontwikkeling van de gasrotondestrategie, die van Nederland een centrale speler in het transport, de opslag en doorvoer van gas in Europa maakte. Onderdeel daarvan zijn de infrastructuur binnen Nederland, maar ook de gasleiding die Gasunie aanlegde tussen Nederland en Engeland, de aardgasbuffer in Zuidwending en de LNG-terminal voor vloeibaar aardgas in Rotterdam, samen met tankopslagbedrijf Vopak.Hermes: “We zijn uitgegroeid van pure aardgastransporteur naar een brede energieinfrastructuur-onderneming in Noordwest-Europa.” Met de opgedane expertise kan het bedrijf volgens de CFO nu ook de energietransitie aanjagen.De markt faciliterenAls gasnetbeheerder wil Gasunie de markt faciliteren door een grootschalige infrastructuur voor duurzame energie neer te zetten. Daarbij is een hoofdrol weggelegd voor groene waterstof. Maar publiek-private samenwerking is nodig om de energietransitie daadwerkelijk te laten slagen, benadrukt Hermes. “We moeten de kennis van verschillende partijen samenbrengen, partnerships sluiten en de risico’s goed verdelen. De overheid is daar een belangrijke speler in, die zorgt voor de wettelijke kaders en de subsidies die deze projecten financieel mogelijk maken. Zo breng je het beste van beide werelden samen en kun je daadwerkelijk die klimaatdoelen halen.”'Je kunt zeggen: schoenmaker, blijf bij je leest. Maar dan laat je zoveel kansen liggen voor Nederland'Gasunie speelt zelf een actieve rol in verschillende consortia die de waterstofeconomie van de grond moeten krijgen. Een recent voorbeeld is het project NortH2, dat het grootste groene waterstofproject ter wereld kan worden. Samen met Shell en Groningen Seaports en met actieve support van de Provincie Groningen, wil Gasunie in 2030 maar liefst 3 tot 4 gigawatt aan groene waterstof realiseren uit stroom van wind op zee. Om dit plan te verwezenlijken heeft het consortium steun nodig van businesspartners en overheid.Er zijn mensen die vraagtekens hebben bij dat plan – niet alleen wat betreft de haalbaarheid, maar ook of Gasunie als overheidsbedrijf en aangewezen aardgastransporteur wel de aangewezen partij is om in dergelijke consortia deel te nemen. Hermes is daar duidelijk over: “Je zou juist boos op ons moeten worden als we dat níet zouden doen. Dat aardgastransportnet ligt er, daar heeft de Nederlandse burger al voor betaald. Daar moet je gebruik van maken. Je kunt zeggen: schoenmaker blijf bij je leest, maar dan laat je zoveel kansen liggen voor Nederland. Daar maak je de energietransitie juist niet betaalbaar mee. Bovendien: het realiseren van een grootschalige infrastructuur voor groene waterstofmoleculen, dat is toch onze leest?”Een betaalbare energietransitieBetaalbaarheid is naast duurzaamheid een belangrijk speerpunt voor Hermes. “Het is belangrijk om de maatschappij te laten zien dat we de betaalbaarheid van de energievoorziening heel serieus nemen. Dat is ook een manier om de maatschappij mee te nemen in de energietransitie. Als de Nederlandse burger hier geen goed gevoel bij krijgt, dan gaat het ons ook niet lukken.”Een belangrijke rol van de CFO is dan ook het zoeken naar gezonde businesscases. “De energietransitie gaat een heleboel geld kosten, dat weten we. Maar zolang iedereen naar zijn eigen portemonnee blijft kijken, wordt het een heel ingewikkeld verhaal.” Dat betekent dat Hermes en collega’s nieuwe partnerships onderzoeken, waarbij partijen de competenties én de risico’s zo goed mogelijk verdelen. Zij rekent ook hier af met het stereotype beeld dat van een financieel directeur bestaat: “De CFO van nu kijkt voorbij de cijfers, het is niet meer het number crunchen van vroeger.”'Zolang iedereen naar zijn eigen portemonnee blijft kijken, wordt het een heel ingewikkeld verhaal'Opschaling kan het kantelpunt dichterbij brengen. “We zitten nu in de startfase, maar we moeten heel snel zorgen dat we geen subsidie meer nodig hebben voor deze projecten. Dat betekent opschalen, met name op het gebied van elektrolyse. Zodra je gaat opschalen, je kennis uitbreidt en innovaties toepast, zul je zien dat de kosten omlaag gaan. Dat hebben we ook gezien bij windparken.” Een CO2-taks kan deze ontwikkeling versnellen. “Ik zeg altijd: als we écht uit de fossiele energie willen stappen, dan moeten we zorgen voor gelijke pricing. Dan kunnen de groene energiebronnen en -dragers daadwerkelijk concurreren met de fossiele.”Samenwerken en systeemintegratieOpvallend is de samenwerking met TenneT, beheerder van het Nederlandse hoogspanningsnet. Die samenwerking is belangrijk, want in de toekomst gaan de systemen voor elektriciteit en gas steeds meer ‘met elkaar praten’, de zogenaamde systeemintegratie. Gasunie en TenneT onderzochten vorig jaar hoe het gehele energiesysteem er in 2050 uit zou zien. “We zijn het erover eens dat we in 2050 nog steeds tenminste 50 procent van het energieverbruik uit moleculen halen, uit gas dus”, zegt Hermes. “Tegen die tijd zijn die moleculen wat ons betreft natuurlijk wel groen. Zie daar het belang van investeren in waterstof.”In het energiesysteem van de toekomst wordt energie steeds vaker lokaal opgewekt en gebruikt. Ook wordt energie omgezet van de ene energiedrager in de andere, zoals duurzame stroom in groene waterstof. Meer uitwisseling tussen het elektriciteitssysteem en het gassysteem zorgt ervoor dat die systemen elkaars capaciteit kunnen benutten. Daardoor zijn er minder investeringen nodig in netverzwaringen. Hermes: “Als er investeringen nodig zijn in onze netten, dan kijken wij samen met TenneT wat daar de maatschappelijke kosten van zijn. Vervolgens besluiten we samen of we die investering het beste in de elektriciteitsinfrastructuur of in de gasinfrastructuur kunnen stoppen.”Samen bouwen aan energiesysteemHet typeert de veranderende rol van Gasunie in de energietransitie: van het transporteren en opslaan van aardgas naar het bouwen aan het duurzame energiesysteem van de toekomst. “We kijken niet alleen naar onze eigen infrastructuur, maar naar het overkoepelende belang", zegt Hermes.De CFO is positief over de toekomst. Nederland heeft namelijk alles in huis om een koploperspositie in de energietransitie te verwerven. De ligging zorgt voor een enorme capaciteit voor wind op zee, de chemieclusters kunnen groene moleculen toepassen als energiedrager én grondstof en het gasnet om waterstofgas en groen gas te transporteren ligt er al. “In 2030 moet de ‘waterstof backbone’ er liggen. Daarmee kan de chemische industrie, die moeilijk te vergroenen is, in één klap zijn CO2-uitstoot verlagen. Dat wordt een belangrijke mijlpaal.”Lees ook: Wind, netwerk, opslag en visie. Onmisbaar voor groene waterstof en Nederland heeft het allemaal.Portret: Gasunie | Hoofdbeeld: AdobeStock