Teun Schröder
25 juni 2025, 12:00

Changemaker Rosalinde Klein Woolthuis (Damen Shipyards): 'In de scheepvaart bestaat niet één oplossing'

Na een aantal jaar professioneel de wereld rondzeilen werd het Rosalinde Klein Woolthuis, verantwoordelijk voor de duurzaamheidsstrategie van Damen Shipyards, eens te meer duidelijk hoe mooi de wereld is. Terug aan wal wilde ze zich volledig inzetten voor het behoud van die schoonheid. ‘Techniek is nooit het probleem. De uitdaging ligt bij het samenbrengen van partijen en het vormgeven van nieuwe businessmodellen.’

Rosalinde Klein Woolthuis van Damen Shipyards Rosalinde Klein Woolthuis, groepsdirecteur duurzaamheid bij Damen Shipyards: 'Transport is nu zo extreem goedkoop. Misschien moeten we dat systeem ook eens heroverwegen.’

Hoe ben je bij Damen Shipyards terechtgekomen?

‘In Twente deed ik promotieonderzoek naar regionale samenwerking en adviseerde ik regio’s over hoe ze hun innovatiekracht kunnen versterken. Na een periode als specialist in hightech clusters, besloot ik rond mijn 35ste om professioneel te gaan zeilen. Na een schippersopleiding heb ik drie jaar de wereld rondgezeild. In die periode besefte ik: de wereld is zó mooi — als ik terugkeer, wil ik me volledig inzetten om die schoonheid te behouden.

Een tijd lang werkte ik deels als lead scientist bij TNO en gaf ik deels les op de Vrije Universiteit in Amsterdam. Bij beide ging het over duurzame innovatie of hoe je nieuwe bedrijfsmodellen kunt ontwikkelen die de wereld helpen verduurzamen. Daarna werkte ik lange tijd als duurzaamheidsmanager en kwartiermaker voor de verduurzaming van de gebouwde omgeving. Toen de vacature bij Damen langskwam zag ik meteen: hier komt alles samen. Hightech, duurzaamheid, innovatie en mijn liefde voor boten en de oceaan. Het was bijna te mooi om waar te zijn.’

Damen wil de duurzaamste scheepsbouwer ter wereld worden. Hoe willen jullie dit doen?

‘We hebben die brede missie vertaald naar een duidelijke strategie met twee pijlers: minimale emissies en maximale impact. Enerzijds gaat het om het reduceren van uitstoot, vooral bij bestaande schepen. Je kunt het vergelijken met de bouwsector: je bouwt jaarlijks duizenden woningen, maar miljoenen bestaande huizen moeten nog verduurzaamd worden. Hetzelfde geldt voor schepen. Voor de nieuw te bouwen schepen hebben we een transitieplan opgesteld: schepen voor de korte afstand kunnen bijvoorbeeld overstappen naar batterij-elektrisch, terwijl er voor de lange afstanden nieuwe brandstoffen zoals methanol of waterstof zijn.

De andere pijler van ons beleid is maximale impact. Damen bestaat bijna 100 jaar en heeft 35 locaties wereldwijd. Wij hebben dus veel ervaring met lokaal werken, samenwerken, samen tot het beste resultaat komen. Dat doen we op onze werven met onze eigen mensen, maar ook in de waardeketen en door bijvoorbeeld samen te werken met scholen en andere kennisinstellingen.’

Welke uitdagingen kom je tegen in jullie duurzame transitie?

‘Een grote uitdaging in elke transitie — of het nu om auto’s, huizen of schepen gaat — is de infrastructuur. Elektrisch varen is prachtig, maar zonder laadvoorzieningen in havens kom je niet ver. Ook alternatieve brandstoffen als methanol vereisen een aangepaste infrastructuur. In een transitie hebben partijen elkaar dus nodig. De overheid kan kaders stellen met belastingen en subsidies. Bedrijven kunnen de benodigde laad- en tankinfrastructuur leveren en havens moeten hier ruimte voor maken. Iedereen moet zijn rol pakken.

Ook is het soms ingewikkeld dat we wereldwijd opereren. Je kunt niet verwachten dat een klant in Oeganda dezelfde duurzaamheidswensen heeft als Noorwegen. Daarin moet je flexibel kunnen zijn. Overigens geldt datzelfde dichter bij huis. Laatst hebben we een elektrische sleepboot aan de haven van Antwerpen verkocht. Dat is mooi, maar liever zien we dat Nederlandse havenbedrijven ook inzetten op deze transitie.’

Recent werd een internationaal akkoord gesloten over een CO2-heffing voor de scheepvaart. Hoe kijk jij daarnaar?

‘Voor ons is dat een positieve ontwikkeling. Veel schepen gaan nu CO2-belasting betalen. Wij hebben een breed scala aan oplossingen om schepen te verduurzamen. Denk aan air lubrication, waarmee de weerstand van schepen in het water afneemt. Dat bespaart 5 tot 15 procent brandstof én kosten. En dus ook minder CO2-belasting. Subsidies werken vaak minder goed. Het beprijzen van negatieve effecten — de vervuiler betaalt — is bewezen effectief.’

Je hoort veel over verschillende brandstoffen voor schepen van de toekomst: methanol, batterijen, waterstof, kernenergie. Wat is volgens jou de oplossing?

‘In de scheepvaart bestaat niet één oplossing. Voor korte, voorspelbare afstanden zoals voor sleepboten geldt dat batterij-elektrisch een uitkomst biedt. Voor langeafstandsvaarten, zoals containerschepen van China naar Europa, kan kernenergie uitkomst bieden. Al vind ik het altijd opvallend dat niemand het meer over kernafval heeft, terwijl we daar in de jaren 80 nog zo tegen protesteerden.

De kernvraag bij de verduurzaming van scheepvaart is: hoeveel energie per volume kun je meenemen op een schip? Dat bepaalt je keuze voor een energiedrager. We zullen naar een mix van oplossingen gaan. Tegelijkertijd moeten we ons ook afvragen: willen we alles blijven transporteren over zulke grote afstanden? Transport is nu zo extreem goedkoop. Misschien moeten we dat systeem ook eens heroverwegen.’

Jullie spelen ook een belangrijke rol voor Defensie. Hoe houd je de focus op de duurzame missie als de mondiale actualiteit soms om andere prioriteiten vraagt?

‘In mijn ogen is dat geen tegenstelling. Vroeger werd Defensie als niet-duurzaam gezien. Maar geopolitieke dreigingen, droogte en klimaatvluchtelingen zijn juist voorbeelden waar Defensie op voorbereid moet zijn.

Ik begrijp ook dat Defensie een steeds grotere pleitbezorger is van het oplossen van klimaatproblemen om oorlog te voorkomen. Uiteindelijk werken bij Defensie mensen die de vrede moeten bewaren. Damen kan Defensie ondersteunen met duurzame technologieën waardoor ze minder afhankelijk zijn van andere, soms kwetsbare supply chains.’

Met wie zou je graag willen samenwerken?

‘Voor echte impact heb je samenwerking nodig tussen overheden, scheepsbouwers, motorenfabrikanten, brandstofproducenten, verzekeraars, banken en kennisinstellingen. Techniek is nooit het probleem. De uitdaging ligt bij het samenbrengen van partijen en het vormgeven van nieuwe businessmodellen. Ik zou dus niet één partij kunnen kiezen, want we moeten het echt samen doen.’

Eind april maakte het Openbaar Ministerie bekend Damen Shipyards te vervolgen voor corruptie en het overtreden van sancties tegen Rusland. Klein Woolthuis kan inhoudelijk niet ingaan op de zaak. ‘Als het bedrijf iets verkeerds heeft gedaan, dan moet dat uitgezocht worden. Onze duurzaamheidsstrategie gaat in ieder geval volop door.’

Lees ook:

AI-tool helpt vastgoed vergroenen zonder een euro te investeren

‘Door met deze tool je pand te verduurzamen kun je besparen op je energiekosten en tegelijk de waarde van je vastgoed verhogen’, zegt verduurzamingsexpert Joost de Jong van Eneco GroenGebouw, de joint venture die het energiebedrijf en zonnepaneelverhuurder Solease hebben opgericht om samen gebouwen te vergroenen. AI geeft advies op basis van satellietbeelden De AI-tool houdt rekening met de veranderde energiemarkt. Die wordt gekenmerkt door fluctuerende en soms zelfs negatieve stroomprijzen en groeiende netcongestie, waardoor bedrijven of kantoren niet altijd een aansluiting op het net krijgen. Dat terwijl er extra vraag naar stroom is vanwege elektrificatie, warmtepompen, e-boilers en laadpalen. De AI-tool brengt in kaart welke maatregelen binnen een pand het meeste opleveren, financieel en qua energiebesparing. En hij rekent uit op welk moment je de cv-ketel het beste kunt vervangen door een warmtepomp of wanneer je het beste een batterij kunt aanschaffen.Van de andere kant helpt AI om het hele energiesysteem binnen een gebouw of vastgoedportefeuille te optimaliseren. Bijvoorbeeld door te bepalen wanneer de batterij het beste oplaadt met zonnestroom. De tool kan op basis van postcode en huisnummer satellietbeelden bekijken en zien hoe goed een pand geïsoleerd is, wat voor energievoorziening een gebouw heeft en of er zonnepanelen op het dak liggen.‘We kunnen na een paar minuten al een concept verduurzamingskaartje creëren, waarin we de logische volgorde van verduurzaming in kaart brengen. Dus wat je op welk moment moet doen bij welk pand. Het is bijvoorbeeld logisch om eerst je energiebehoefte te verminderen door te isoleren. Dan kun je een kleinere warmtepomp nemen die veel voordeliger is in het verbruik. Daarna is de vraag hoeveel laadpalen je nodig hebt en hoeveel zonnepanelen om aan je stroomvraag te voldoen. Daar valt winst te behalen’, zegt De Jong. Voor nul euro je pand verduurzamen De AI-tool kan verschillende scenario’s uitrekenen. Bijvoorbeeld hoe een vastgoedeigenaar met een minimale investering energielabel A kan bereiken. Of welke groene investering het meeste rendement oplevert en de meeste waardevermeerdering van het gebouw of van een portefeuille van tientallen panden.Bij het isoleren, het aanschaffen van warmtepompen, zonnepanelen of laadpalen fungeert Eneco als hoofdaannemer van tal van partnerbedrijven die als onderaannemer aan de slag gaan. Dat scheelt met name MBK-bedrijven veel tijd. Eneco zelf is vooral geïnteresseerd in het groene energiecontract dat vastgoedeigenaren afsluiten en dat mikt op - hoe paradoxaal dat ook klinkt voor een energiebedrijf - steeds meer energiebesparing.Eneco kan die investering financieren met een groene lening. De rente die vastgoedeigenaren daar over betalen kost minder dan de besparing op de energierekening en de waardevermeerdering van het gebouw. Zo bedraagt het intern rendement (IRR) van groene investeringen zo rond de 8 procent en zijn panden met een hoog energielabel structureel 10 procent meer waard dan panden met een label D of E. ‘Zo kun je zonder initiële investering, dus voor nul euro, je pand verduurzamen’, zegt De Jong. Energievraagstuk slurpt steeds meer tijd op Hoewel vastgoedeigenaren verplicht zijn hun panden te verduurzamen en energiezuinig te maken had bij de laatste onderzoek van de RVO 22 procent van de kantoren in Nederland nog niet het sinds 2023 verplichte energielabel C of hoger. In 2030 moet dat waarschijnlijk al energielabel A zijn. Volgens onderzoek van Eneco weten negen op de tien vastgoedeigenaren ook niet hoe ze de CO2-uitstoot van hun gebouw efficiënt kunnen verminderen. Bijvoorbeeld hoeveel zonnepanelen of laadpalen ze nodig hebben. ‘Het vraagstuk wordt steeds breder. Er is steeds meer expertise nodig. Voor ondernemers die zestig of zeven uur per week met hun zaak bezig zijn, begint het vraagstuk energie steeds meer tijd op te slurpen’, stelt De Jong. Verduurzaming niet meer vrijblijvend Hij ziet dat panden of bedrijfsgebouwen die veel energie gebruiken een steeds groter risico vormen. Zo gingen bij de enorme prijsstijging na de inval van Rusland in Oekraïne sommige bedrijven, zoals bakkers, sportclubs of zorgpartijen bijna failliet door de hoge energierekening.Daarom is verduurzaming en energiebesparing niet meer vrijblijvend, stelt De Jong. Niet alleen stelt de overheid steeds strengere regels, ook huurders vragen erom. Bijvoorbeeld om hun eigen groene imago te kunnen promoten. Sommige banken geven korting op de financiering als een pand een A++-label heeft. Van de andere kant haken investeerders af als vastgoedportefeuilles niet duurzaam zijn. ‘Het is een must geworden’, zegt hij. Lees ook:Verduurzamen van je bedrijfspand: last of kansrijke investering? Duurzaamheid binnen de vastgoedsector: 'Eigenaren zijn ervoor verantwoordelijk hun gebouwen Paris Proof te maken' Vastgoed verduurzamen? Neem het werkelijke energieverbruik onder de loep De verborgen winst achter duurzaam vastgoed: meer dan alleen energiebesparing