Teun Schröder
31 januari 2024, 12:02

Changemaker Johan Krijgsman (Waal) ontdekte dat houtbouw ook kan renderen: 'Ik ga dit groter maken'

Van betonbouw, naar houtbouw. Dat is de transitie die Changemaker Johan Krijgsman, directeur van Waal, voor zich ziet. Het wordt een gevecht van de lange adem, verwacht hij. Maar Krijgsman is ervan overtuigd dat het gaat lukken. “Schoner bouwen hoeft niet per definitie duurder te zijn.”

Johan Krijgsman Krijgsman: "We moeten niet vergeten dat de mensheid ook ooit begonnen is met hout."

Hoe zorg je voor duurzame verandering?

“Een schonere wereld gaat ook over een ander soort bouwwerken. Waal is groot geworden met beton, maar de komende jaren willen we ons portfolio houtbouw steeds groter maken. Van de 10 procent die het nu is, naar 50 tot 60 procent binnen tien jaar. De keuzes die de bouwsector maakt, kunnen bijdragen aan een betere wereld. Daarbij ben ik ervan overtuigd dat duurzamer bouwen niet per definitie duurder moet zijn. Dat aspect maakt het voor mij als ondernemer ook interessant. Als je van houtbouw geen rendabel businessmodel kunt maken, houdt het snel op. Maar mijns inziens kan het concurrerend zijn met traditionele betonbouw, met name door het opschalen van projecten zodat expertise en marktwerking ontstaat.”

Wat deed je inzien dat houtbouw de toekomst heeft?

“Dat is gaandeweg gebeurd. Ik zie mezelf niet als idealistisch. In eerste instantie werd ik getriggerd door een klant die aan me vroeg: ‘jij kan toch ook met hout bouwen?’ Ik heb met een beetje bluf geantwoord dat ik specialist was. Toen ben ik me gaan verdiepen. Ik ging naar congressen over houtbouw en hoorde Pablo van de Lugt (onderzoeker en groot pleiter van biobased bouwen, red.) spreken. Toen dacht ik: dit is gaaf. De milieuvoordelen zijn gigantisch. Maar ik ben ook aandeelhouder van mijn bedrijf. Ik vind het leuk om als ondernemer aan de knoppen te zitten en na te denken hoe ik dit winstgevend kan maken. Toen ik ontdekte dat houtbouw ook kan renderen, dacht ik: ik ga dit groter maken.”

Hoe pak je dat precies aan?

“De bouwsector is traditioneel georganiseerd. Het is altijd ‘u vraagt, wij draaien’. Bij houtbouw pakken we dat anders aan. We doen nu zelf aan productontwikkeling en presenteren dit als concept aan de klant. Het gaat om een volledig houten casco; vloeren en wanden. Een concept met vaste uitgangspunten verkopen is lastig, omdat de klant zijn eigen ideeën en wensen heeft. Maar zo’n concept toont wel ons geloof in houtbouw. Bovendien is de time-to-market veel korter. Houtbouw, zowel engineering als realisatie, kun je veel sneller uitvoeren.”

Waar zie je al dat jullie verschil maken?

“De eerste projecten lopen. In juli 2023 zijn we gestart met de bouw van ons eerste houten appartementencomplex Valckensteyn. Dit zijn 82 middenhuurwoningen voor een woningbouwcorporatie in Pendrecht, Rotterdam-Zuid. En in Binckhorst, Den Haag is de bouw gestart van 253 woningen voor een institutionele belegger en deels voor een projectontwikkelaar. Dertig van die woningen krijgen een houten casco. Daar moeten natuurlijk snel andere projecten bijkomen.”

Hoe zorg je dat je mensen mee krijgt in je missie?

“Het komt toch aan op heel veel zenden, dat vereist dat je zelf ook inzichten creëert en je kennis opdoet. In Nederland zijn de voordelen van houtbouw nog relatief onbekend. Dus die moet je blijven herhalen. Iedereen heeft er uiteindelijk belang bij dat we minder CO2 uitstoten. En met hout sla je CO2 op, terwijl je met nieuw aangeplante bossen meer CO2 uit de lucht haalt. Hout is lichter en neemt geen kou of warmte op. Dat zorgt voor een stabiel binnenklimaat. En uit onderzoek is gebleken dat mensen zich in een houten gebouw prettiger voelen. Dat heb ik zelf ook gemerkt. Dus op zich is de boodschap vrij helder. Verder is het belangrijk om fabels over houtbouw te blijven ontkrachten, bijvoorbeeld dat het kappen van bomen per definitie slecht is. Terwijl er met duurzaam beheerde bossen heel veel mogelijk is. Aandachtsgebieden zijn er zeker, zoals geluid en brandwerendheid, maar deze zijn prima op te lossen.”

En lukt het om de mensen binnen Waal mee te krijgen?

“Ook dat is nog wel eens een uitdaging. Al onze mensen zijn klassiek opgeleid. Ze weten alles van beton en kalkzandsteen. Die worden dan het liefste projectleider op dat wat ze kennen. Hout vinden ze spannend. Ik heb een team dat werkt aan de projecten in hout meegenomen naar Oostenrijk, naar fabrieken en congressen, om met eigen ogen te aanschouwen wat er al mogelijk is. Dat wekt enthousiasme op. Zien is geloven.”

Welke uitdagingen zie je nog meer?

“Prijs blijft in de bouw een heikel punt. Uiteindelijk is een houten casco nu nog 5 tot 10 procent duurder. Zolang er niet een hogere prijs aan CO2 hangt, en de restwaarde van hout niet wordt meegewogen, blijft traditionele bouw financieel de aantrekkelijkere optie, althans zo lijkt het. Nog steeds komt het voor dat ik een klant spreek waarvan ik weet dat hun organisatie beleidsstukken schrijft over het belang van een duurzamere wereld. Maar als het erop aankomt, is er geen extra geld voor houtbouw. Gelukkig komt er steeds meer regelgeving aan die houtbouw gaat stimuleren, zoals een verhoging van de CO2-prijs. Ook geldt er een duurzaamheidsrapportageplicht vanaf 2025 voor grote bedrijven. Dat zijn ook onze opdrachtgevers. Zij moeten zich meer verantwoorden voor hun keuzes die impact hebben op de klimaatdoelstellingen.”

Wat zou je de komende jaren met Waal willen bereiken?

“Ik wil ons portfolio houtbouw veel groter maken. Die zal niet zo snel uit 100 procent hout moeten bestaan, maar toch zeker voor de helft of meer in de komende tien jaar. We zijn groot geworden met beton; beton was een wondermiddel in de wederopbouwperiode, de tweede helft van de vorige eeuw. Maar we moeten niet vergeten dat de mensheid ook ooit begonnen is met hout. We moeten nu dus eigenlijk weer terug naar hout.”

Met wie zou je het liefst willen samenwerken?

“De ideale partner voor mij is een opdrachtgever die zoekt naar een haalbare businesscase voor houtbouw. Dat kan een woningcoöperatie of projectontwikkelaar zijn die bereid is om op een andere manier te kijken naar zijn eigen projecten. En idealiter zijn dit natuurlijk klanten die iedere keer weer opnieuw projecten moeten opleveren. Ik zie een traject voor me van open innovatie, waarbij we samen voortdurend onderzoeken waar het schuurt en hoe we de uitdagingen kunnen oplossen. Zulke partners kunnen het opschalen van houtbouw versnellen. Uiteindelijk kunnen we door houtbouw onze klanten helpen hun eigen duurzaamheidsambities te halen.”

Lees ook:

De Changemaker-serie wordt mede mogelijk gemaakt door Vattenfall en Vlerick Business School.

Nederland nu ook wereldkampioen zonne-energie

Dat blijkt uit het Nationaal Solar Trendrapport 2024 van Dutch New Energy Research (DNE Research). Met dit gemiddelde is Nederland Australië gepasseerd op de wereldranglijst. De groei is volgens het rapport volledig te danken aan het eerste half jaar van 2023. In de tweede helft sloeg de groei om naar krimp. Brancheorganisatie SolarPower Europe meldde eerder nog dat er in Nederland vorig jaar 4,1 gigawatt aan zonne-energievermogen bijkwam. De groei blijkt dus nog groter te zijn geweest. Record zonnepanelen consumenten Burgers installeerden vorig jaar een recordvermogen van 2,55 gigawatt aan zonnepanelen op hun dak. Dat is 17 procent meer dan in 2022, het vorige recordjaar. Ook in het zakelijke segment was de groei met 2,25 gigawatt fors. Sinds 2019 zijn beide markten drie keer zo groot geworden. Daardoor behoort Nederland nu tot de absolute wereldtop. Meer zonnepanelen op woningen Ook de Nederlandse netbeheerders zagen het aantal zonnepanelen op woningen het afgelopen jaar met 30 procent toenemen. Het aantal huizen met zonnepanelen nam toe van 2 miljoen in 2022 tot 2,6 miljoen in 2023. Een derde van alle Nederlandse woningen heeft inmiddels zonnepanelen op het dak. Maar ook de netbeheerders zagen dat de groei in de tweede helft van het jaar afnam. Krimp dreigt Projecten voor het aanleggen van zonneparken en het leggen van zonnepanelen op bedrijfsdaken worden steeds lastiger, signaleert DNE Research. Dat komt door schommelende prijzen voor materiaal, de hoge rente en de problemen met netcongestie, die aansluitingen op het net verhinderen. Door de energiecrisis schaften particulieren in de eerste helft van 2023 meer zonnepanelen aan dan ooit. Door negatieve berichten en door de naderende afschaffing van de salderingsregeling voor consumenten (die regelt dat ze hun teruggeleverde zonnestroom van de energierekening mogen aftrekken), is de groeiende markt voor huishoudens in de tweede helft van het jaar omgeslagen. DNE Research verwacht dat die krimp zonder extra beleid en innovatie de komende drie jaar zal aanhouden in de gehele zonne-energiesector. Nieuw beleid nodig “De groei die de Nederlandse zonne-energiesector de afgelopen jaren heeft meegemaakt is niet vanzelfsprekend”, stelt Daan Jansen, hoofdonderzoeker van DNE Research. “In zowel het residentiële als zakelijke segment zijn dus slimme projecten en ontwikkelingen nodig die veel waarde kunnen leveren met weinig netcapaciteit. Om momentum te behouden zijn innovatieve projecten en bijpassend beleid nodig.” Meer groei nodig Verdere groei van zonne-energie is namelijk nodig om in 2050 klimaatneutraal te kunnen zijn. Volgens het Nationaal Plan Energiesysteem heeft Nederland in 2030 een vermogen van 59 gigawatt nodig, in 2035 al 98 gigawatt en in 2050 in totaal 172 gigawatt. Om dat te bereiken is een jaarlijkse groei van 5 tot 8 gigawatt aan zonne-energie nodig, meer dus dan in het afgelopen jaar. “We moeten ons energiesysteem verder verduurzamen, de energiekosten verder verlagen en we moeten onafhankelijker worden van landen waar we niet van afhankelijk willen zijn. Met slimme, innovatieve oplossingen gaan wij als sector ervoor zorgen dat ons energiesysteem echt schoon en goedkoop wordt. Ja, het wordt spannend, maar dat Nederland wereldkampioen zonne-energie zou worden, hadden ook weinig mensen voor mogelijk gehouden”, zegt Wijnand van Hooff, algemeen directeur van Holland Solar.Een record aantal Nederlanders legden in 2023 zonnepanelen op hun dakDuidelijkheid nodig “De potentie van zonnestroom is enorm, maar consumenten hebben duidelijkheid nodig over de salderingsregeling. Die discussie duurt al veel te lang en brengt onzekerheid met zich mee. Consumenten stellen nu totaal onnodig de aanschaf van zonnepanelen uit”, aldus Doekle Terpstra, voorzitter van Techniek Nederland. “Ook na afbouw van de regeling blijft zonnestroom een interessante investering.” Voor afschaffen salderingsregel Netbeheer Nederland is voor het afschaffen van de salderingsregeling. Hans-Peter Oskam, directeur Beleid en Energietransitie: “Afschaffen van de salderingsregel betekent dat er ruimte op de netten komt voor meer woningen met zonnepanelen. De huidige salderingsregeling stimuleert namelijk het terugleveren van stroom en draagt daardoor bij aan de volle netten en het regelmatig afschakelen van zonnepanelen. Inmiddels is het beter om te kijken naar een stimulans om meer stroom te gebruiken op de momenten dat er veel wordt opgewekt.” Batterijen nodig Een van de noodzakelijke slimme, innovatieve oplossingen is de koppeling met batterijen, ziet Maarten van den Heuvel, voorzitter van Energy Storage NL. “Als we echt werk willen maken van de energietransitie, hebben we een snelle opschaling nodig van het aantal opslagprojecten. Om opslagprojecten in Nederland te realiseren zijn een goede businesscase en een gelijk speelveld noodzakelijk. Als we onze energievraag aan het aanbod willen koppelen zijn vele vormen van energieopslag noodzakelijk. Zonder energieopslag vertraagt de energietransitie aan alle kanten.” Lees ook:2023 recordjaar aan nieuw zonvermogen in EU, maar groei neemt afProfessor Wim Sinke: 'Tien keer zoveel zonne-energie is mogelijk'Nederlandse start-up levert zonnepanelen als Ikea-pakketItaliaanse start-up komt met lichtgewicht zonnepaneel voor je balkon