Teun Schröder
07 februari 2024, 11:00

Changemaker Danny Benima (CFO bij Stedin): 'Hoe eerder we voorop lopen in de energietransitie, hoe meer uitstoot dat scheelt'

Als CFO van netbeheerder Stedin hoopt Danny Benima met rasse schreden de energietransitie tot wasdom te brengen. Daarbij opereert hij voortdurend op het snijvlak van investeringskosten, duurzaamheidswinst en snelheid van uitvoering. Maar voor treuzelen is geen tijd. “Hoe eerder we voorop lopen in de energietransitie, hoe meer uitstoot dat uiteindelijk scheelt.”

Danny Benima "Zo’n 99,7 procent van onze footprint zit in het transport van aardgas naar consumenten en bedrijven."

Hoe probeer je als CFO van Stedin bij te dragen aan verduurzaming?

“Voor mij ligt daar de waarom-vraag aan vooraf. Waarom zet ik me in voor de energietransitie? Het is belangrijk er eerst achter te komen wat je als persoon drijft. Als je dat weet, slaag je erin een organisatie mee te krijgen. Ik heb daarom lang over die vraag nagedacht. Voor mij zit die drive in invloed en verantwoordelijkheid. Beide heb je als CFO van Stedin. Ik merkte dat er veel passie en energie vrijkwam toen dat besef echt indaalde. Stedin is de spin in het web van de energietransitie. In de praktijk betekent het dat je continu op zoek bent naar onderdelen waar je duurzame stappen kunt zetten. Dat kan gaan om de verduurzaming van een kantoorpand of het contact zoeken met nieuwe leveranciers. Maar daar hoort ook het opzetten van een campagne bij waarin we medewerkers stimuleren hun huis te verduurzamen, bijvoorbeeld met renteloze leningen voor warmtepompen, zonnepanelen en thuisbatterijen. Naast de eigen bedrijfsvoering valt de grootste duurzaamheidswinst te behalen als Stedin erin slaagt de energietransitie te versnellen door het aanleggen van kabels en leidingen en het plaatsen van elektriciteitstations.”

Waarom koos je destijds voor de overstap naar Stedin?

“Toen ik in 2019 van ingenieursbureau Arcadis kwam wilde ik meer maatschappelijk bezig zijn. Ik heb destijds echt onderschat hoe groot de impact van de energietransitie is. Vaak wordt over de energietransitie gepraat alsof het iets is dat zich buiten afspeelt. Maar bij Stedin zit het echt in de organisatie. Toen Stedin ongeveer 125 jaar geleden werd opgericht was dat nooit vanuit een duurzaamheidsoogmerk. Er moest gewoon energie van A naar B getransporteerd worden. Nu zijn we een bedrijf dat jaarlijks met 20 procent groeit en telkens antwoorden moet vinden op nieuwe vragen. De organisatie is voortdurend in beweging, dat maakt het heel interessant.”

Hoe lukt het om intern draagvlak te creëren voor de energietransitie?

“We hebben bijvoorbeeld een One Planet Academy opgericht. Hierbinnen organiseren we inspiratiesessies en opleidingsprogramma’s over duurzaamheid voor onze mensen. En we hebben voor het eerst dit jaar ESG-awards uitgereikt, waarbij we medewerkers nomineren op de drie onderdelen (environmental, social, governance, red.). Zo heeft dit jaar iemand gewonnen van de IT-afdeling die zich had verdiept in het energieverbruik van datacenters. Door hier beter op te letten konden we energie, en uiteindelijk ook kosten besparen.”

Als CFO speel je waarschijnlijk vaker op het snijvlak van duurzaamheidswinst, snelheid en kosten. Heb je daar een voorbeeld van?

“Die afweging wordt heel concreet bij een thema als stikstof. Als wij ergens een elektriciteitsstation bouwen, dan komt daar door werkverkeer CO2- en stikstofuitstoot vrij. Tegelijkertijd maakt zo’n station het mogelijk dat een hele wijk kan verduurzamen. Gaan we dan vertraging oplopen met bouwen tot we voldoende elektrisch materieel hebben zonder uitstoot? Op dat soort vragen hebben we besloten dat onze maatschappelijke taak eerst komt, en die ligt bij de snelheid waarmee we ons werk doen. Want hoe eerder we voorop lopen in de energietransitie, hoe meer uitstoot dat in zijn geheel scheelt. Daarbij valt onze eigen uitstoot door de bouw van zo’n elektriciteitsstation in het niet.”

Wat voor duurzaamheidswinst hoop je in de komende jaren te maken?

“Als doelstelling hebben we een CO2-reductie van 42 procent in 2030 ten opzichte van 2022. Het grootste en meest recente inzicht dat bij die doelstelling hoort, is dat de meeste milieu-impact zit in scope 2 (energieverbruik door ingekochte activiteiten) en scope 3 (energieverbruik van derden zoals klanten en leveranciers) en minder in scope 1 (eigen energieverbruik). Eigenlijk waren we onbewust onbekwaam. Stedin is hard bezig geweest met de elektrificering van het wagenpark en de aanleg van zonnepanelen op kantoren. Maar die impact is relatief klein. Zo’n 99,7 procent van onze footprint zit in het transport van aardgas naar consumenten en bedrijven. Van de 0,3 procent die overblijft, is 93 procent gerelateerd aan transportverlies; onder andere kleine gaslekkages die we voortdurend opsporen en dichten. Je kunt je dus voorstellen dat de footprint die daarna overblijft – zoals onze eigen mobiliteit en huisvesting – tot ver achter de komma ligt.”

Hoe zorg je dat je mensen meekrijgt in de energietransitie die zich zaken als thuisbatterijen en zonnepanelen niet kunnen permitteren?

“Veel van de gunstige regelingen om te verduurzamen zijn gericht op woningeigenaren. Dat kan niet iedereen zich permitteren. We komen voor iedereen op en proberen invloed uit te oefenen op de politiek. Zo moet de salderingsregeling er wat ons betreft zo snel mogelijk af. Nu zorgt deze regeling dat subsidie gaat naar de rijkere mensen die zonnepanelen kunnen betalen, terwijl iedereen voor de maatschappelijke kosten opdraait. Ook vraagt het om forse investeringen in netverzwaring omdat er sporadisch congestie ontstaat als mensen bij zon massaal energie terugleveren. Het is alsof je gratis auto’s uitdeelt en dan gek opkijkt dat er files ontstaan.”

Welke snelle slag kan volgens jou gemaakt worden om netcongestie tegen te gaan?

“We bouwen natuurlijk zo snel als we kunnen, maar dat gaat het probleem op korte termijn niet oplossen. Het meeste effect op de korte termijn sorteer je bij het gedrag van mensen. Uiteindelijk moeten we allemaal energie verbruiken als deze voorradig is. Zo hebben we de campagne zonwassen gelanceerd, waarbij we mensen vragen hun wasmachine te gebruiken als de zon schijnt. Dat is goed voor de portemonnee en werkt tegen netcongestie. En het is belangrijk dat we sturen op een systeem waarbij de vervuiler betaalt.”

Met wie zou je graag intensiever willen samenwerken?

“Voor Stedin zijn dat echt de aannemers met wie we werken. We hebben een enorme bak met werk te verzetten en kunnen autonoom niet sneller groeien dan we al doen. Jaarlijks groeit ons personeel met 20 procent. Neem daarbij het natuurlijk verloop en je werkt in feite elke vier jaar met een volledig nieuw bedrijf. Naast de eigen groei zijn de aannemers dus een belangrijke schakel om nog sneller te groeien. Een andere uitdaging zijn vergunningstrajecten bij bijvoorbeeld de bouw van een nieuw verdeelstation. Die doorlooptijd is nu veel te lang. Zelf kunnen we slimmer en sneller werken. Maar ook de samenwerking met provincies en gemeenten, die in feite ook onze aandeelhouders zijn, is cruciaal om de energietransitie te fixen.”

Lees ook:

De Changemaker-serie wordt mede mogelijk gemaakt door Vattenfall en Vlerick Business School.

Plantaardige gerechten bouwen als lego: ‘We benaderen duurzaam eten anders’

Een standaard maaltijdpakket is het niet, geeft oprichter Jef Cavens toe. “Mijn compagnon en ik hebben beide een achtergrond in tech, niet in food. Dat maakt dat we met een andere bril naar voedsel kijken.” Al zien de ondernemers de problemen in de voedingsindustrie maar al te goed. “We vinden dat het anders moet. Veel duurzamer. Maar ook: zonder gedoe.” Lego Cavens omschrijft de start-up als lego voor voeding. Het concept bestaat uit blokken ingrediënten waarmee diverse gerechten kunnen worden gekookt. De blokken bestaan uit groenten, sauzen, koolhydraten en proteïnen. “Met zestien foodblokken zijn zo’n 75 gerechten mogelijk. Die maaltijden hebben we in een app gegoten. Na verloop van tijd breiden we de recepten uit.” Trojaans paard Hoewel alle ingrediëntenblokken plantaardig zijn, schreeuwt de start-up dat niet van de daken. Een bewuste keuze, zegt Cavens. “Ik zie ons concept als het paard van Troje. We willen bij mensen thuis binnenkomen onder de noemer gemak. In maximaal 15 minuten staat een gerecht op tafel. Sommige recepten zijn zelfs in de helft van de tijd klaar. Op die manier willen we een probleem oplossen, namelijk dat ouders weinig tijd hebben om iedere dag weer een maaltijd te bedenken, boodschappen te doen en op tafel te krijgen. Met onze methode is het zo gepiept.” “In de buik zit de plantaardige keuken”, vervolgt hij. “In de bouwblokken zijn geen dierlijke producten verwerkt. Mensen kunnen dat zelf nog wel toevoegen als ze dat willen. Ik wil niks verbieden en ook niet polariseren. Maar de hoop is dat mensen met ons systeem gaandeweg meer plantaardig gaan eten en dat ook omarmen. Er hangt nu bijna een soort viezigheid om het plantaardige dieet. Ik snap niet goed waarom, want het is beter voor het milieu en er zijn superveel gerechten mogelijk. Plantaardig eten is heus niet zo moeilijk. Op deze manier kunnen mensen dat zelf gaan ervaren.” Diepvries De voedingsblokken van Winning Foods zijn ingevroren. “Het zijn letterlijk kleine, bevroren blokjes zodat het makkelijk te doseren is.” Zelf is Cavens zeer te spreken over diepvries. “Sauzen en groenten kun je vers bereiden en vervolgens invriezen. Het blijft dan lang houdbaar zonder allerlei bewaarmiddelen toe te voegen. Diepvries is de enige methode die dit bewerkstelligt. Bovendien blijven alle vitaminen, mineralen en nutriënten bewaard.” Stiekem gezond “We hebben zo onze manieren om lekker eten ook gezond te maken”, verklapt hij. “Neem onze bechamelsaus. Dat is lekker, maar qua voedingswaarde niet fantastisch. Onze bechamelsaus bestaat voor 80 procent uit bloemkool. Dat maakt het gezonder dan het reguliere product. In onze aardappelpuree verwerken we ook knolselderij en bloemkool. De tomatensaus bevat ook rode biet. Op die manier duwen we stiekem dus meer groente in de maaltijden.” Biologisch waar het kan Winning Foods gebruikt zoveel mogelijk biologische producten. “Niet alles is biologisch, maar we proberen het wel. We zitten nu tussen de 60 en 70 procent”, verduidelijkt Cavens. Informeren, niet beleren Naast maaltijden wil de start-up hun klanten ook van kennis voorzien. “Na mijn relatiebreuk ben ik 20 kilo kwijtgeraakt. Tijdens het afvallen dook ik de literatuur in. Ik kwam erachter hoe weinig ik eigenlijk wist van gezond eten en welke effecten diverse diëten hebben. Op de wereld, maar ook op de menselijke gezondheid. Dit soort relevante kennis willen we met Winning Foods verspreiden, omdat we geloven dat het belangrijk is. Al willen we niet belerend overkomen. De manier die we nu hebben gevonden is speels, een soort meme. Dit delen we via Instagram.” Verkooppunten De ingrediëntenblokken worden nu enkel nog verspreid via de eigen website. Cavens: “Gezinnen koken er al mee. We gaan nu opschalen zodat we klaar zijn om honderden huishoudens te voorzien van onze recepten. In de toekomst willen we ook samenwerkingen starten met retailers, denk aan Albert Heijn of Picnic. Hopelijk lukt dat snel.” Lees ook: Plantaardig eten duur? Dit onderzoek bewijst het tegendeelCirculair snacken met kroketten en bitterballen gemaakt met koffiedikHalf vlees, half plantaardig: Nederlands bedrijf zet in op hybride vlees