André Oerlemans
20 juni 2025, 12:40

Nationale game moet houtbouw in Nederland versnellen

Overal in Nederland worden houten woningen en appartementencomplexen gebouwd, maar dat gaat volgens ‘de strijders voor de houtbouwtransitie’ nog lang niet snel genoeg. Daarom start in oktober de Nationale Houtbouwgame, bedoeld om projectontwikkelaars, woningbouwcorporaties en gemeenten spelenderwijs te stimuleren meer met hout te gaan bouwen. De Provada beleefde een voorproefje.

Ontwikkelaars beloofden tijdens de Provada meer met hout te gaan bouwen zoals bij SAWA in Rotterdam - Foto Building Balance/NICE Developers/ERA Contour Ontwikkelaars beloofden tijdens de Provada meer met hout te gaan bouwen zoals bij SAWA in Rotterdam - Foto Building Balance/NICE Developers/ERA Contour | Credits: Building Balance/NICE Developers/ERA Contour

Bouwen met natuurlijke materialen zoals hout en vezelgewassen is hot in Nederland. In 2023 trok het toenmalige kabinet 200 miljoen euro uit om biobased bouwen aantrekkelijker te maken. Het doel was om in 2030 minimaal 30 procent van de nieuwe woningen met minimaal 30 procent biobased materialen te bouwen.

Tijdens bouw- en vastgoedbeurs Provada deden acht van de tien grootste projectontwikkelaars in Nederland daar een schepje bovenop. AM, BAM, BPD, Dura Vermeer, Heijmans, Stebru, VORM en Waal spraken daar af dat ze al in 2028 bij minstens 30 procent van hun nieuwbouwprojecten minimaal 30 procent biobased materialen gaan gebruiken. Dat komt neer op 10.000 nieuwe biobased woningen in de komende 2,5 jaar. Daarmee slaan ze 350 kiloton CO2 op in hout en vezels.

Houtbouwgame moet koplopers en peloton verbinden

Daarnaast beloofden 31 van de 33 woningcorporaties in Noord-Brabant onlangs om hun huizen vaker te gaan isoleren met biobased materialen zoals hennep en graanstro. Begin deze maand beloofden tachtig architecten om biobased gebouwen te gaan ontwerpen, tenzij het niet anders kan.

Inmiddels worden of zijn overal in Nederland projecten met hout gebouwd. Van HAUT in Amsterdam tot SAWA en Valckensteyn in Rotterdam tot The Urban Woods in Delft. ‘Er is een brede beweging in de markt gaande over hout- en biobased bouw. Nu is het zaak om de koplopers te verbinden met het peloton. Dat doen we door de kennis die de koplopers in hun hoofd hebben in een game te stoppen’, zegt houtbouwaanjager Norbert Schotte van Gideons Tribe.

Tijdens de Provada in Amsterdam presenteerde hij samen met Bob van der Zande, Pablo van der Lugt en Yvette Watson hun plan voor de Nationale Houtbouwgame. Zij noemen zich ‘de strijders van de houtbouwtransitie’ en denken dat de game de transitie naar biobased kan versnellen en kan leiden tot meer grootschalige houtbouwprojecten.

Omslagpunt al bereikt als 25% mensen meedoet

Gamifacation is volgens de initiatiefnemers namelijk ontzettend doeltreffend om een social tipping point te bereiken. ‘Dat punt hoeft niet bereikt te worden door iedereen te overtuigen. Uit sociaal wetenschappelijk onderzoek blijkt dat we zo’n tipping point al kunnen bereiken als we 25 procent van de mensen de mindset kunnen geven dat houtbouw the way to go is. Bijvoorbeeld binnen een bouwbedrijf of een woningbouwcorporatie’, zegt ceo en oprichter Yvette Watson van  The 2B Collective, mede-ontwikkelaar van de game.

Het stimuleren van houtbouw vereist ook het wegnemen van fabels en mythes. Bijvoorbeeld dat houten huizen helemaal niet brandgevaarlijk zijn. Of dat houtbouw niet ten koste gaat van bossen. ‘Er is meer dan genoeg hout in de Europese bossen’, zegt Pablo van der Lugt, kwartiermaker biobased bouwen aan de TU Delft en auteur van het boek ‘De Houtbouw Revolutie’.

Het materiaal is volgens hem oneindig te hergebruiken, zelfs als het hout honderden jaren oud is. Ook is bouwen met hout helemaal niet duurder dan met beton. ‘Om die mythes weg te krijgen hebben we champions nodig. Soms is dat de directie die zegt: we gaan dit gewoon doen. We geloven hierin. Maar ook vaak een paar medewerkers die intern het vuurtje aanwakkeren’, zegt Van der Lugt.

Yvette Watson legde op de Provada uit dat voor een omslagpunt slechts 25 procent van de mensen bereikt hoeft te worden – Foto André Oerlemans

Yvette Watson legde op de Provada uit dat voor een omslagpunt slechts 25 procent van de mensen bereikt hoeft te worden – Foto André Oerlemans

Game gebouwd met wetenschap om gedrag te veranderen

De Nationale Houtbouwgame wordt op 27 oktober officieel gelanceerd. Hij richt zich in eerste instantie op projectontwikkelaars, gemeenten en woningbouwcorporaties, maar ook architecten of adviseurs bij andere organisaties kunnen eraan deelnemen. Het platform deelt alle kennis over houtbouw en leert deelnemers in vier weken tijd hoe ze met houtbouw aan de slag kunnen binnen hun organisatie. Om mensen fanatiek te maken zijn er met de game prijzen te winnen. Tijdens de Provada konden bezoekers dat al met een proefversie.

Het is een digitaal platform, waar gebruikers en teams een eigen profiel en account krijgen. ‘We hebben het gemaakt met gedragswetenschappers, die iets vertelden hoe gedragsverandering werkt’, zegt Watson. ‘Het allerbelangrijkste is: met alleen kennis delen verander je gedrag niet. Mensen veranderen hun gedrag pas als ze iets hebben gedaan. Daarom wordt bijvoorbeeld alles wat mensen op het platform leren direct omgezet in een actie om het geleerde in praktijk te brengen. Dat motiveert mensen om op de langere termijn hun gedrag te veranderen. ’

Waarom is houtbouw zo belangrijk?

Houtbouw is enorm belangrijk om klimaatverandering tegen te gaan, stellen wetenschappers. Nu wordt er vooral gebouwd met beton en cement, wat veel energie kost. De bouw en de cementindustrie zijn daardoor verantwoordelijk voor 8 procent van de wereldwijde CO2-uitstoot. Het grote voordeel van hout is dat bomen juist CO2 opslaan. Als je hout verwerkt in gebouwen en woningen worden dat CO2-opslagplaatsen. ‘Daarnaast groeit hout terug. Met name in Europa worden productiebossen duurzaam beheerd. Je oogst een boom en plant weer een nieuwe’, zegt Van der Lugt.
Daarnaast kunnen houten gebouwen zo ontworpen worden, dat het hout in de sloopfase gedemonteerd en hergebruikt kan worden. Verder blijkt uit allerlei onderzoeken dat het binnenklimaat van houten woningen beter is. TNO-onderzoek toonde al in 2021 aan dat de bouwsector door houtbouw 50 procent minder bijdraagt aan klimaatverandering dan zonder.

Regio Amsterdam sluit Houtbouw Pact

Ook de Metropoolregio Amsterdam (MRA) gaat de komende jaren nog meer inzetten op houtbouw. Volgens directeur houtbouw Bob van der Zande van de MRA – ook bestuurslid bij Building by Nature, de financier van de houtbouwgame – is de hype nu voorbij en wordt er meer realistisch naar gekeken. ‘Het sentiment is goed, maar er is nog heel veel te doen’, zegt hij. Op de werkvloer van bouwers en ontwikkelaars moet nog echt een knop omgezet worden en dat gaat volgens hem niet zo makkelijk.

De metropoolregio sloot in 2021 met 140 partijen uit de bouw-, vastgoed- en andere sectoren een convenant voor vier jaar om een vijfde van alle woningen met hout te gaan bouwen. Dat leidde tot tien keer zoveel houtbouwprojecten, zoals Robin Wood en Stories, naast de bekende woontoren HAUT, die in 2022 werd opgeleverd.

Toch werd het doel om 20 procent met hout te bouwen niet gehaald. Daarom sloot de MRA tijdens de Provada met dezelfde partijen een nieuw Houtbouw Pact. ‘Een convenant gaat vaak in een lade. De term pact geeft aan dat we doorpakken’, zegt Van der Zande. ‘We moeten nog meer aandacht besteden aan industrialisering van de houtbouw. Het moet niet om één projectje gaan. Het moet mainstream worden.’

Volgens hem kun je met hout sneller en schoner bouwen, met minder mensen, maar werkt het wel heel anders dan bouwen met beton. Daar moeten aannemers en ontwikkelaars aan wennen. ‘Je zou eigenlijk een aparte ploeg moeten hebben voor houtbouw. Daarom willen achter de voordeur met partijen meekijken en ze stimuleren om de implementatie van houtbouw echt op te pakken’, zegt Van der Zande.

Lees ook:

Waarom de 'rode broeken-brigade' plaats moet maken voor bestuurders op gympen

Welk leiderschap verdient Nederland? Die vraag stelde Mildred Hofkes, eigenaar van Bureau Hofkes Stakeholder Management & Research (BHRM) en oprichter van kennisplatform NieuwBestuur, onlangs op LinkedIn. Ze zet twee leiders tegenover elkaar die dat vraagstuk volgens haar ‘op indringende wijze’ belichamen.Aan de ene kant vinden we CDA-partijleider Henri Bontenbal. Een tobber en een piekeraar. Hij stelt vragen, durft te twijfelen – ook aan zijn eigen keuzes en integriteit, vertelt hij aan de Volkskrant. Staat zijn morele kompas nog goed afgesteld, zijn zijn motieven nog zuiver?Daar tegenover staat VVD-partijleider Dilan Yesilgöz, die juist enorm zelfverzekerd en stellig is. Eigenlijk de anti-Bontenbal, zegt Hofkes. ‘Ze slaat complexe zaken plat, haalt alle nuance eruit en zegt met alle oplossingen te komen. Ook voor zaken waar geen hapklare oplossing voor is.’ Waardenvrij versus waardengedreven Voor Hofkes vertegenwoordigen de politieke kopstukken twee uitersten: het ‘waardenvrije’ bestuur van Yesilgöz (‘Het is me volstrekt niet duidelijk waarvoor zij als leider staat’) tegenover het ‘waardengedreven’ leiderschap van Bontenbal.De CDA-leider is volgens een peiling van Ipsos de best gewaardeerde politicus van het land. Het is geen toeval dat zijn ster rijzende is. In een wereld waarin we met ‘300 kilometer per uur op een muur afrijden’ - Hofkes’ woorden – snakken kiezers naar een morele leider als Bontenbal.Hofkes is een van de hoofdsprekers tijdens de eerste editie van Transition2025, op 1 juli in Felix Meritis in Amsterdam. De behoefte aan moreel leiderschap is niet alleen voelbaar in de politiek, is haar boodschap, maar ook in het bedrijfsleven, waar financiële belangen steeds vaker met morele waarden botsen. Transition2025: ontmoet peers en pro's in de duurzame transitieMildred Hofkes is een van de hoofdsprekers tijdens de eerste editie van Transition 2025, het nieuwe event voor professionals die werken aan de duurzame transitie. Andere sprekers zijn onder meer Hans Stegeman (Chief economist Triodos Bank), Tom Peeters (ceo Crisp), Rinke Zonneveld (ceo Invest-NL), Marianne van Keep (Chief sustainability officer Verstegen Spices & Sauces) en Jacqueline van den Ende (oprichter Carbon Equity). Wil je erbij zijn? Bestel hier snel je tickets. Tekenend is de clash tussen Unilever en Ben & Jerry’s. Eigenaar Unilever beloofde bij de overname de bedrijfswaarden van het activistische ijsmerk te respecteren. Maar dat Ben & Jerry’s zich actief uitspreekt tegen Trump en voor een staakt-het-vuren in Gaza, wordt de gigant te politiek. Afgelopen maart werd Ben & Jerry’s-ceo David Stever uit zijn functie gezet, omdat hij weigerde in te binden. Klimaatbonussen opstrijken Zelfs klimaatdoelen lijken verworden tot een manier voor de top om hogere bonussen op te strijken. Naast financiële targets stellen rvc’s hun bestuurders steeds vaker ESG-doelen (environmental, social en governance). Op zich een positieve ontwikkeling, maar de lat ligt zo laag, blijkt uit onderzoek van het FD, dat die targets gemakkelijk worden gehaald. De ceo van Besi werd bijvoorbeeld beloond voor het afleveren van een duurzaamheidsverslag dat aan de CSRD-richtlijn voldeed en dus, met andere woorden, wettelijk verplicht was.Dat leverde de top het afgelopen jaar gemiddeld zeker een half miljoen euro extra op. Het is te makkelijk om individuele bestuurders op dat punt te veroordelen, vindt Hofkes, maar het zegt wel alles over het systeem waarin ze opereren. ‘Ons bestuursmodel beloont efficiency, organisaties die zo efficiënt mogelijk opereren. Dat systeem is amoreel, of waardenvrij. Voor waardengedreven thema’s als de ESG-doelen is in dit model eigenlijk geen plaats.’Onderwerpen als psychologische veiligheid of verduurzaming zijn immers niet in geld uit te drukken. Die worden nu wel door diezelfde efficiency-mal geperst en dat gaat schuren. Hofkes: ‘Het resultaat is ongemak. Met dit soort bonusconstructies proberen bedrijven dat ongemak zoveel mogelijk te dempen.’ Te weinig aandacht voor governance Wat verder opviel: bedrijven hadden wel targets geformuleerd met betrekking tot de E en S van ESG – ecologische en sociale doelstellingen – maar nauwelijks voor de G van governance, de manier waarop een organisatie wordt bestuurd en hoe het toezicht is ingericht.In plaats van het abstracte ‘governance’ gebruikt Hofkes liever de term ‘goed bestuur’. Specifieker: goed bestuur in roerige tijden. Want de complexiteit van de vraagstukken waarmee bestuurders te maken krijgen, neemt aan alle kanten toe. De polarisatie in de maatschappij, de schaarste aan grondstoffen en personeel, de regeldruk, de stikstofcrisis, het verlies aan biodiversiteit.Het is te veel en te ingewikkeld om in het efficiency-model te vatten, stelt ze. 'We hebben een compleet nieuw bestuursmodel nodig. Dat blijkt ook uit de praktijk: leiders die hun organisaties vanuit het bestaande systeem de goede kant op probeerden te sturen, liepen uiteindelijk vast. Paul Polman heeft dat als ceo van Unilever geprobeerd, maar hij is halverwege blijven steken.'Ze pakt er een grafiek bij: de Adoption Curve van Rogers, die laat zien hoe snel innovaties zich onder groepen verspreiden. ‘Verandering begint bij de innovatoren, daarna volgen de pioniers en de voorlopers, de vroege meerderheid. Vervolgens moest Polman de rest meekrijgen, de achterlopers en de achterblijvers. Mijn theorie is dat hij dat lastig vond. Hij heeft een sterke visie neergezet, maar ik denk dat hij onvoldoende naar zijn stakeholders heeft geluisterd.’Met als gevolg, ze volgt de grafiek met haar vinger, dat de lijn niet verder omhoog ging, maar juist weer omlaag. Alle belanghebbenden een stem Hofkes heeft zich over een periode van ruim twintig jaar gespecialiseerd in stakeholder governance. Een term waar mensen vaak wat glazig bij gaan kijken, is haar ervaring, maar eigenlijk is het vrij simpel: een bestuursmodel waar alle belanghebbenden een stem hebben, niet alleen de aandeelhouders. ‘Dat is een veel democratischer model’, zegt ze. ‘Iedereen levert immers een bijdrage. De financiers leggen kapitaal in, de medewerkers hun talent, de leveranciers hun producten en de aarde de grondstoffen voor die producten.’Hoe richt je dat in? Om te beginnen kom je volgens Hofkes alleen verder vanuit een gedeeld belang, iets dat alle stakeholders willen. Dat had Polman tien jaar geleden op de ceo’s van nu voor, zegt ze. De inkt van het Parijsakkoord was net droog, iedereen – overheden, bedrijven, burgers, ngo’s – schaarde zich achter hetzelfde doel: onder de anderhalve graad opwarming blijven en de aarde leefbaar houden. ‘De dag dat het akkoord werd getekend, heb ik alle kranten gekocht’, vertelt ze. ‘We maken iets revolutionairs mee, dacht ik.’Tien jaar later koersen we met huiveringwekkende snelheid op de kritieke grens van 2 graden af. Het ongemak wordt steeds groter, ziet Hofkes. 'Als bedrijven vandaag beginnen met dit model, is er misschien nog een kans dat ze hun doelen voor 2030 halen.’ Human intelligence ontsluiten Ze is ervan overtuigd dat organisaties en hun stakeholders alsnog tot een gedeeld belang kunnen komen. ‘Zoals gezonde of duurzame voeding voor zoveel mogelijk mensen, een leefomgeving met schoon water en schone lucht. Voor nog meer winst voor de aandeelhouders van Unilever gaat niemand harder lopen, maar dit zijn waarden die voor ons allemaal belangrijk zijn.’Om tot dat gedeelde belang te komen, organiseert Hofkes met NieuwBestuur 'cirkels van invloed’. Letterlijk een kring met stoelen, waarin elke stakeholder een plaats krijgt, en waar iedereen gelijkwaardig is. De directeur zit naast jong talent uit de organisatie, de aandeelhouder naast de persoon die de natuur vertegenwoordigt. Alle deelnemers krijgen één minuut spreektijd, de rest van de tijd luisteren ze.Human intelligence ontsluiten, noemt ze het. ‘Het is toch vreemd dat een handjevol bestuurders de beslissingen voor enorme groepen mensen neemt? Neem Unilever: de raad van bestuur bestaat uit veertien mensen, terwijl het bedrijf 125.000 medewerkers heeft. Er zit zoveel kennis in dat bedrijf.’ ‘Rode broeken-brigade' Het eerste dat bestuurders kunnen doen om die kennis op te halen, adviseert ze, is een young board instellen. Een constructie waarmee de jonge talenten een stem krijgen in de besluitvorming. NieuwBestuur begeleidt bedrijven bij de implementatie. Binnen vijf jaar moet 25 procent van de organisaties in Nederland zo’n jongerenraad hebben, is Hofkes’ doel. ‘Bedrijven, semi-publieke overheden, ministeries’, somt ze op. ‘We zetten in op de grootste bestuurlijke transitie van Nederland.’Ze noemt het ‘goed bestuur op gympen’. Het is haar antwoord op de ‘Rode broeken-brigade' die de boardrooms momenteel domineert. Namen wil ze niet noemen, maar iedereen zal zich een voorstelling bij de bestuurscultuur kunnen maken, zegt ze. ‘Ouwe jongens krentenbrood. I scratch your back, you scratch mine en laten we het vooral niet te ongemakkelijk maken voor elkaar.’Leiders die afwijken van de norm, hebben moeite om ertussen te komen. Hofkes: ‘Sommige ‘rode broeken’ vinden vrouwen in de boardroom al ingewikkeld. Het moet allemaal wel een beetje gemütlich blijven. Door die dynamiek blijft er in de boardroom veel ongezegd. Ik zou het die bestuurders enorm gunnen om daarvan los te komen. Om de vraag op tafel te gooien: jongens, vinden jullie eigenlijk dat we goed bezig zijn met elkaar?’ Leiders met imposter-syndroom Dat lijkt misschien spannend, maar volgens Hofkes is het precies andersom. ‘Juist het niet bevragen van het eigen leiderschap legt onnodig veel druk op leiders. Het geeft veel meer vrijheid om een zoekende leider te zijn, zoals Bontenbal, dan een leider die met veel bravoure verkondigt dat hij of zij het allemaal wel weet. Die hebben allemaal last van het imposter-syndroom, dat weet ik zeker. Omdat ze zich constant beter en sterker moeten voordoen dan ze eigenlijk zijn.’Neem Geert Wilders. Het is volgens Hofkes geen verrassing dat hij uit het kabinet is gestapt. ‘Wilders beloofde van alles, terwijl hij heus wel wist dat hij dat allemaal niet kon waarmaken. Bijna 2,5 miljoen Nederlanders hebben op hem gestemd met het idee dat hij het migratieprobleem wel even gaat oplossen. Ga er maar aan staan, straks komen die mensen erachter dat hij dat helemaal kan.’Want natuurlijk kan de PVV-leider het migratieprobleem niet oplossen. Zeker niet als eenmanspartij. Het idee van de sterke leider die alles kan fiksen is volgens Hofkes sowieso achterhaald. ‘Ik denk dat het voor Wilders een enorme opluchting zou zijn als hij dat gewoon toe zou kunnen geven. Dat gun ik onze bestuurders ook.’ Lees ook:Daan Remarque op Transition2025: ‘Pessimisme is besmettelijk, optimisme is aanstekelijk’ Kabinetsval vooral kans voor duurzaam bedrijfsleven: dit zijn de eerste reacties Paul Schenderling: ‘Als we de milieukosten in rekening brengen, gaat Ikea waarschijnlijk failliet’