André Oerlemans
26 september 2025, 11:00

Boltainer gaat batterijen verhuren als een service: groeit de batterijmarkt hierdoor nog sneller?

Boltainer, het bedrijf dat slim aangestuurde batterijen in containers verkoopt, heeft iets nieuws bedacht: de batterij als een service. Gaat het Nederlandse bedrijf dat de netcongestie oplost voor toonaangevende bedrijven als ASML, BP en Jumbo hierdoor nog harder groeien?

Orlando de Jonge (midden) helpt mee een batterij in een container plaatsen bij een klant. Orlando de Jonge (midden) helpt mee een batterij in een container te plaatsen bij een klant. | Credits: Boltainer

Vorig jaar groeide de omzet van Boltainer van ruim drie ton naar ruim vijf miljoen euro. Een groei van meer dan 1000 procent. In mei dit jaar werd bovendien de mijlpaal van 25 megawattuur aan geïnstalleerde batterijcapaciteit bereikt.

De komende twaalf maanden verwacht het bedrijf voor 40 megawattuur aan batterijcapaciteit te verkopen. Over 2025 voorspelt medeoprichter Orlando de Jonge daarmee opnieuw een omzetgroei van 100 procent. ‘We hebben inmiddels 120 grote en kleine projecten gedaan. Het is hard gegaan en het komend jaar zal het nog harder gaan’, verwacht hij.

Netcongestie oplossen voor bekende bedrijven

Boltainer heeft grote, bekende klanten in zijn portfolio. Van producent van chipmachines ASML tot supermarktketen Jumbo en melkrobot-producent Lely. Allemaal kampen ze met netcongestie. Doordat ze geen nieuwe of grotere aansluiting op het net krijgen, kunnen ze niet uitbreiden of kunnen ze hun zelfopgewekte stroom niet kwijt.

De naam Boltainer staat voor batterijopslag in een container. Die bestaat uit packs van lithium-ijzer-fosfaatbatterijen (LFP), die de stroom zo lang kunnen opslaan als gewenst. De batterij wordt slim aangestuurd door een energiemanagementsysteem, zodat de stroom op de juiste momenten wordt opgeslagen of teruggeleverd. Voor dat slimme aansturen en handelen in energie heeft het zusterbedrijf Battery Based Trading (BBT) opgericht, binnenkort omgedoopt tot BBolt.

‘We zijn in eerste instantie begonnen met optimalisatie achter de meter’, zegt De Jonge. ‘Hoe kunnen we ervoor zorgen dat de energierekening van onze klanten naar beneden gaat? Daarna zijn we begonnen met pieken afvangen. Netcongestie oplossen. Dat heeft de afgelopen anderhalf jaar een grote vlucht genomen.’

Batterij maakt meubelfabriek zelfvoorzienend

Eind augustus schafte het BP-tankstation in Woerden bijvoorbeeld een batterijcontainer van 1 megawattuur aan om de drie snelladers voor elektrische wagens van genoeg stroom te kunnen voorzien als de netcapaciteit is opgebruikt. Via slimme aansturing wordt het elektriciteitsnet minder belast, netcongestie voorkomen en wordt de stroom van zonnepanelen op de daken van het tankstation efficiënter opgeslagen en benut.

In juli plaatste meubelfabriek Van de Voorde in Hulst vijf industriële batterijen van Boltainer met in totaal 1,1 megawattuur aan capaciteit. Het bedrijf heeft al drieduizend zonnepanelen op het dak liggen en verbrandt in een eigen installatie houtafval voor energie. Door de batterij wordt Van de Voorde zelfvoorzienend qua energie en kan het ook nog geld verdienen door op de onbalansmarkt te handelen.

Boltainer heeft ook koffiebranders, transportbedrijven, bakkers, bouwbedrijven en kraanverhuurders als klant. Ook heeft het bedrijf batterijen geplaatst bij agrariërs die hun zelf opgewekte wind- of zonne-energie slimmer willen opslaan en verhandelen.

De Boltainers bij Van de Voorde in Hulst en BP in Woerden. | Credits: Boltainer

De Boltainers bij Van de Voorde in Hulst en BP in Woerden. | Credits: Boltainer

Batterij als een service

In oktober wil Boltainer samen met BBT een nieuwe oplossing voor batterijopslag lanceren: batterij as a service, kortweg BAAS. Daarbij betalen klanten voor het gebruik en niet voor eigendom. Een soort abonnement dus. Dat fenomeen is al bekend uit de ICT-sector, waar via het internet software (SAAS) of een compleet platform (PAAS) als een dienst wordt aangeboden. Ook bij auto’s, fietsen of scheermesjes wordt het al gedaan.

‘We krijgen nu tien tot vijftien aanvragen per dag van bedrijven met netcongestieproblemen. Die hadden tot voor kort twee opties: een batterij huren (bij een andere partij, red.) of kopen. Kopen is voordeliger. Maar bij een bakker, die alleen in december meer vermogen nodig heeft om oliebollen te bakken, staat de batterij de andere maanden niets te doen. Bovendien heeft die bakker verstand van bakken en niet van batterijen. Die wil eigenlijk helemaal niet in een batterij investeren’, legt De Jonge uit.

Bij BAAS hoeft de klant niets te investeren. Boltainer zorgt voor installatie, service en onderhoud. De klant huurt per maand batterijcapaciteit, tegen een lager tarief dan wat het huren van een batterij kost. De ene maand meer of minder capaciteit, de andere maand niets. ‘Dit is uniek. Dit doet nog niemand’, stelt De Jonge.

Netcongestie zorgt voor groeiende batterijmarkt

Batterijen zijn onmisbaar voor een transitie naar groene energie uit wind en zon. Ze kunnen overtollige energie van windturbines en zonnepanelen – die op piekmomenten niets waard is – opslaan voor later, als de vraag groter is en de prijzen weer hoog. Maar ze kunnen ook een van de grootste, huidige energieproblemen in Nederland helpen oplossen: netcongestie.

De kaart van Nederland kleurt op dat gebied roder en roder. Recent berichtte De Telegraaf dat 11.900 bedrijven, instellingen en huishoudens op een aansluiting op het elektriciteitsnet wachten, waardoor ze niet kunnen starten of uitbreiden. Een kostenpost van 40 miljard euro. Zelfs wind- en zonneparken krijgen niet altijd meer een volledige aansluiting meer op het net. Genoeg reden om er een batterij bij te plaatsen.

Dat heeft de laatste jaren voor een enorme groei van de batterijmarkt gezorgd. Uit het nieuwste rapport van Dutch New Energy Research (DNE) blijkt dat de markt voor batterij-opslag eind 2024 opnieuw verdubbeld is, naar een opslagcapaciteit van 1,5 gigawattuur. Het jaar daarvoor was dat nog 621 megawattuur, een verdriedubbeling sinds het jaar ervoor.

Veel aanvragen, weinig verkopen

Zo rooskleurig als de toekomst er nu uitziet, zag het er in 2022, toen De Jonge met Boltainer begon, nog niet uit. Hij werkte destijds bij een bedrijf dat volledig elektrische hijskranen bouwt. Hij zag dat grote klanten als VolkerWessels en Heijmans die richting op wilden en dat batterijen in de toekomst lucratief konden worden. ‘Netcongestie kwam toen veel in het nieuws en er waren bijna geen spelers op de markt’, zegt hij. ‘Daarom dacht ik: dit is het moment.’

In tegenstelling tot sommige Nederlandse aanbieders koos hij er niet voor zelf batterijen te gaan bouwen. Hij liet ze in China produceren, volgens zijn eigen ontwerp. Dat scheelde veel in de prijs. Toch bleken de Boltainers nog niet zo in trek. Door de oorlog in Oekraïne explodeerden weliswaar de elektriciteitsprijzen, maar voor veel potentiële klanten was een batterij nog te onbekend.

De Jonge: ‘Ik kreeg heel veel aanvragen van agrariërs en bedrijven die veel energie gebruiken of opwekken. Maar ik verkocht weinig. De investering was hartstikke hoog. Ze wilden weten wat de terugverdientijd was, maar die businesscase kon ik nog niet maken.’

Binnen vijf tot zes jaar terug te verdienen

Toen liep hij zijn huidige businesspartner tegen het lijf: Kevin Dankers, afgestudeerd datawetenschapper aan de TU Delft. Hij had het idee om een grote batterij van ettelijke megawatturen achter de meter in te zetten, dus om eigen onbelaste stroom op te slaan en te gebruiken, en tegelijkertijd te handelen op verschillende energiemarkten. Bijvoorbeeld door stroom te verkopen op de EPEX-markt (de European Power Exchange) als de prijs hoog is, en opslaan als de prijs laag is. Of door op de onbalansmarkt geld te verdienen door batterijcapaciteit aan te bieden als er pieken of dalen op het net zijn. ‘Zo kon je de batterij binnen vijf of zes jaar terugverdienen. Daar werden mensen enthousiast van’, zegt De Jonge.

Met een thuisbatterij in de garage van Dankers’ ouders testten de twee hun businesscase in de praktijk en ontwikkelden ze een simulatieprogramma om de terugverdientijd per klant op maat te berekenen. Om een handelaar op de energiemarkt te worden richtten ze een tweede bedrijf op: Battery Based Trading. Dat levert de software, de algoritmes en de app om de batterij slim aan te sturen en er geld mee te besparen of te verdienen.

Daarna ontdekten ze dat er nog veel meer flexibele energiecapaciteit achter de meter is om op te slaan in batterijen. Namelijk de stroom van zonnepanelen, laadpalen en elektrische boilers. ‘Dat zijn we ook mee gaan nemen en die businesscase hebben we gedeeld met potentiële klanten. Ook zijn we het simulatieprogramma gaan delen met andere partijen. Daarna is het hard gegaan’, zegt De Jonge.

Internationaal uitbreiden

Inmiddels telt het bedrijf twintig werknemers en heeft teams in Polen en India. De Jonge ziet ook groeimogelijkheden in het buitenland. ‘Netcongestie gaat verder dan alleen Nederland. Je ziet dat het nu ook in andere landen speelt’, zegt hij. ‘Optimalisatie van energieopwekking achter de meter speelt daar ook. Dankzij onze kennis over de hardware en de software van de batterij kunnen wij ook daar de problemen oplossen. Daarom gaan we in Europa uitbreiden, maar we zijn nog lang niet klaar in Nederland.’

Lees ook:

'Veel werknemers maken zich zorgen om klimaatverandering, maar willen niet als activist worden gezien'

Werknemers die zich zorgen maken over thema's als klimaatverandering en biodiversiteit vormen een stille meerderheid. Ze weten alleen vaak niet dat ze met een grote groep zijn die impact kan maken. Vanuit die gedachte heeft Arjan Keizer (ex-Shell) met onder anderen Hein Brekelmans (ABN AMRO) en Mathieu Baas (TNO) het initiatief Medewerkers voor onze Toekomst gelanceerd.Change Inc. sprak met het drietal over de beweegredenen om werknemers bij bedrijven te mobiliseren voor verandering, zonder het etiket van activisme. Werknemers als belangrijke stakeholder 'Klimaatverandering wordt steeds zichtbaarder, de urgentie neemt toe. Tegelijk lijken de politiek en delen van het bedrijfsleven, in ieder geval tijdelijk, een stapje terug te doen', zegt Keizer. Hij wijst erop dat er vooral veel aandacht is voor de rol van aandeelhouders bij bedrijven enerzijds, en klimaatactivisten die rechtszaken aanspannen aan de andere kant. 'De rol van werknemers als belangrijke stakeholder binnen organisaties wordt onderbelicht.''Werknemers hebben te weinig een eigen stem, terwijl juist zij vaak heel goed kunnen beoordelen wat wel en niet realistisch is en waar verandering mogelijk is', vervolgt Keizer. Datzelfde ziet ook Baas, die stelt dat velen zich zorgen maken en stappen willen zetten, maar niet goed weten hoe ze dat binnen hun organisatie voor elkaar kunnen krijgen.Keizer werkte zeven jaar bij Shell, onder meer als manager en strateeg op het gebied van emobility en de verduurzaming van bedrijfswagenparken. Afgelopen april gooide hij het roer radicaal om. Hij stopte bij de energiegigant en stortte zich op het opzetten van een nieuwe beweging voor werknemers die de klimaatcrisis serieus nemen.Hein Brekelmans is al ruim tien jaar duurzaamheidsexpert in diverse functies bij ABN AMRO en trad toe tot het bestuur van de stichting achter Medewerkers voor onze Toekomst. In de aanloopfase is een groep van ruim dertig professionals betrokken geweest. Ook Mathieu Baas van TNO stapte toen in. In zijn rol als corporate social responsibility officer is hij dagelijks met het thema bezig.Het drietal benadrukt op persoonlijke titel te spreken. Brekelmans: ‘Het gaat niet om kritiek op individuele bedrijven. Dat leidt de aandacht af van het feit dat elk bedrijf worstelt met de spanning tussen winst op de korte termijn en waardecreatie op de lange termijn. De uitdaging is dat we met z’n allen verantwoordelijkheid moeten durven nemen.’ Werknemers als motor achter duurzame verandering Medewerkers voor onze Toekomst wil een beweging zijn voor en door werknemers die zich binnen hun eigen organisatie hard maken voor positieve verandering op het gebied van duurzaamheid. Het platform is opgezet als een stichting, met voormalig Shell-manager Arjan Keizer als oprichter en voorzitter. De financiering komt van filantropische donateurs. Werknemers kunnen zich op persoonlijke titel aanmelden, zonder externe zichtbaarheid, om de vertrouwelijkheid van de community te waarborgen. Doel is om voor deelnemende leden zichtbaar te maken dat een grote groep werknemers zich bekommert om een duurzame toekomst, werknemers inspiratie te bieden met voorbeelden van wat anderen doen, en ze aan te sporen tot handelen. Daarnaast wil Medewerkers voor onze Toekomst bedrijven stimuleren om een veilige werkcultuur te garanderen, een langetermijnfocus voorop te zetten en de urgentie van duurzaamheid nadrukkelijker extern te agenderen.Normaliseren in plaats van polariseren Met Medewerkers voor onze Toekomst willen Keizer, Brekelmans en Baas werknemers een stem geven die zich bekommeren om klimaatverandering, maar zich niet noodzakelijk als activist willen profileren. ‘Klimaatactivisten hebben een duidelijke rol in de samenleving, maar niet iedereen voelt zich daartoe aangetrokken. Activisme heeft voor veel mensen een negatieve connotatie, terwijl de groep die zich zorgen maakt om het klimaat wel heel groot is’, geeft Brekelmans aan. Duurzaamheid is volgens hem een maatschappelijke uitdaging die iedereen raakt, ongeacht iemands politieke kleur.Keizer spreekt in dit verband van ‘normaliseren in plaats van polariseren’. Wat hem betreft gaat het niet om kritiek op individuele bedrijven over bijvoorbeeld specifieke investeringsbeslissingen. ‘Ondernemingen opereren nu eenmaal binnen bepaalde kaders, met geld van aandeelhouders, en hebben te maken met geopolitieke realiteiten.’Waar bedrijven volgens Keizer wel een meer zichtbare rol kunnen spelen is bij het verdedigen van de wetenschappelijke basis van klimaatverandering en de noodzaak tot actie op alle niveaus. ‘Bedrijven kunnen gezamenlijk de overheid ondersteunen bij het creëren van maatschappelijk draagvlak, als tegenwicht voor bepaalde vormen van populisme. Daar mag je je best collectief over uitspreken, want dat is ontzettend belangrijk als je begrip wilt kweken voor beleidsmaatregelen zoals het beprijzen van CO2-uitstoot en bijmengverplichtingen voor duurzame brandstoffen.’ Interne stem van werknemers bij bedrijven mobiliseren Keizer, Brekelmans en Baas stellen alle drie dat werknemers een positieve rol kunnen spelen bij dilemma’s rond duurzame keuzes en bredere kostenafwegingen van organisaties.Baas geeft als voorbeeld de opgave bij TNO om alle gebouwen te verduurzamen, waarbij er zonnepanelen op de daken moesten komen. ‘Daarbij speelde de vraag of we voor de goedkoopste zonnepanelen uit China zouden gaan, omdat dat het meest kostenefficiënt was. Of kies je voor kleinere, lokale producenten in Nederland met een meer duurzame aanpak? Na flink wat discussie is voor het laatste gekozen. Je accepteert dan een meerprijs met het besef dat dit andere financiële keuzes raakt.’Werknemers worden vaak wel geremd door angst om zich uit te spreken, zowel intern als publiekelijk. Zorgen over mogelijke repercussies zijn in veel gevallen echter niet terecht, zegt Brekelmans. ‘Als je intern zaken aankaart, blijkt vaak dat werkgevers ervoor open staan om te praten. Werknemers willen graag trots zijn op het bedrijf waar ze werken en omgekeerd is het voor werkgevers van groot belang dat ze gewaardeerd worden door hun werknemers. Dus daar kun je heel goed een gesprek over voeren.’ Lees ook:Werknemers als klimaatactivist op de barricade: mag de werkgever je terugfluiten? Diederik Samsom: ‘Het Europese bedrijfsleven moet waarmaken wat de politiek niet lukt’ Strafrecht biedt kansen voor klimaatzaken: ‘Het is bij uitstek geschikt om gedragsverandering af te dwingen’