De zakelijke markt is in Nederland de drijvende kracht achter de verkoop van nieuwe elektrische auto’s. Aangezien de fiscale regels voor de bijtelling voor privégebruik van leaseauto’s minder gunstig worden in 2026, kan dat van invloed zijn op de aantrekkelijkheid van een elektrische leaseauto voor werknemers. Voor werkgevers blijven er sowieso sterke prikkels om in te zetten op verduurzaming van zakelijk rijden.
Bij de verkoop van nieuwe elektrische auto’s neemt de zakelijke markt liefst 70 procent voor zijn rekening en het aandeel van de zakelijke markt bij de totale autoverkopen is iets meer dan 60 procent. Dit betekent dat veranderingen in de fiscale voordelen voor elektrische leaseauto’s van invloed kunnen zijn op het tempo van de verduurzaming van het wagenpark in Nederland.
Een leaseauto is een zogenoemde secundaire arbeidsvoorwaarde, waarbij de werkgever doorgaans de kosten van het leasecontract op zich neemt, inclusief verzekeringskosten, reparatiekosten, onderhoudskosten, afschrijvingen en de wegenbelasting. Ook brandstofkosten worden vaak vergoed via een tankpas.
Voor een werknemer die meer dan 500 kilometer per jaar privé rijdt in de leaseauto, geldt een fiscale bijtelling die het belastbare inkomen verhoogt. Daarnaast is er soms een eigen bijdrage, als een werknemer bijvoorbeeld een duurdere leaseauto wil dan past in het budget van de werkgever.
Bijtelling elektrische leaseauto naar 22% in 2026
De fiscale bijtelling bestaat uit een percentage van de cataloguswaarde van de leaseauto en wordt opgeteld bij het belastbare inkomen van de werknemer. Zo geldt er voor 2025 voor het deel van de catalogusprijs tot 30.000 euro een bijtellingspercentage van 17 procent. Daarboven geldt het reguliere bijtellingstarief van 22 procent. Vanaf 2026 verdwijnt de korting op het bijtellingspercentage en vallen elektrische leaseauto’s onder het standaard bijtellingstarief van 22 procent.
Aangezien het bijtellingspercentage vanaf de aanvang van de leaseperiode voor vijf jaar vaststaat, kan het uitmaken of je dit jaar een nieuwe elektrische leaseauto neemt of in 2026. Stel dat een werknemer in 2025 een Kia EV3 met een catalogusprijs van 44.719 euro als leaseauto neemt, dan is de bijtelling voor privégebruik 8.338 euro (17 procent over 30.000 euro plus 22 procent over 14.719 euro). Afhankelijk van of je meer of minder dan 76.817 euro bruto per jaar verdient, betaal je over het bijtellingsbedrag 37,58 procent of 49,50 procent belasting, dus 3.133 euro of 4.127 euro.
Doe je hetzelfde sommetje voor 2026 met een bijtelling van 22 procent over de gehele cataloguswaarde, dan komt de fiscale bijtelling op 9.838 euro, wat afhankelijk van het belastingpercentage neerkomt op een kostenpost van 3.697 euro of 4.870 euro op jaarbasis voor de werknemer. De fiscale druk voor de werknemer gaat in dit voorbeeld dus met 564 euro tot 743 euro omhoog, waardoor het relatief gezien aantrekkelijk wordt om nog voor het eind van dit jaar een nieuwe elektrische leaseauto te nemen. Analisten van ING verwachten voor dit jaar daarom nog een eindsprint bij de zakelijke autoverkopen.
Werkgever houdt prikkels om te sturen op duurzame mobiliteit
Relevant in het fiscale plaatje is verder dat de fiscale korting voor de motorrijtuigenbelasting (mrb) van elektrische auto’s in 2026 wordt afgebouwd. Dat heeft waarschijnlijk gevolgen voor de prijzen van leasecontracten van elektrische auto’s. Het hangt er dan vanaf of bijvoorbeeld hogere kosten in het leasecontract voor rekening van de werkgever komen, of dat werknemers een hogere eigen bijdrage moeten betalen.
Voor werkgevers blijven er op de langere termijn wel sterke prikkels om aan te sturen op vergroening van het wagenpark. Die liggen onder meer bij de duurzaamheidseisen in de vorm van een rapportageplicht voor bedrijven met meer dan honderd werknemers over de CO2-uitstoot die zakelijke reizen van werknemers veroorzaken. Op termijn kan de overheid dit gebruiken voor het stellen van eisen aan de maximale CO2-uitstoot per zakelijke kilometer voor bedrijven. Het is hiermee in het belang van ondernemingen om aan te sturen op vergroening van de zakelijke kilometers.
Daarnaast is er wetgeving in de maak die werkgevers naar verwachting vanaf 2027 extra belast, als gekozen wordt voor een fossiele of hybride leaseauto die ook privé wordt gebruikt. De heffing voor de werkgever wordt waarschijnlijk gebaseerd op 22 procent van de cataloguswaarde met belastingtarief van 52 procent.
Prijzen benzineauto’s stijgen harder vergeleken met elektrische auto’s
Een belangrijke factor is ook de ontwikkeling van de catalogusprijzen, zo benadrukt sales- en marketingdirecteur Willemijne de Wit van leasemaatschappij Athlon. ‘Als je kijkt naar de ontwikkeling van autoprijzen per brandstofsoort in de afgelopen zes jaar, dan zijn benzineauto’s gemiddeld 19,5 procent duurder geworden, terwijl elektrische auto’s gemiddeld genomen nauwelijks in prijs zijn gestegen. Dit heeft mede te maken met de forse concurrentie op de elektrische markt, waar bijvoorbeeld ook Chinese merken nu flink aan de weg timmeren.’
Het gevolg van deze ontwikkeling is dat de catalogusprijs van vergelijkbare modellen bij benzine vaak iets hoger ligt dan bij elektrische modellen. Als je bijvoorbeeld de elektrische Skoda Enyaq IV 85 Business Edition vergelijkt met het benzinemodel Kodiaq 1.5 TSI in de Business Edition, heeft eerstgenoemde een catalogusprijs van 47.850 euro, ruim 2.000 euro lager dan het benzinemodel. In dit geval is ook met de verhoging van de bijtelling naar 22 procent voor elektrische auto’s in 2026, de elektrische editie gunstiger voor de werknemer, blijkt uit berekeningen van Athlon.
‘Als je wat dieper inzoomt op de ‘total cost of ownership’, inclusief onder meer de brandstofkosten, is elektrisch rijden in veel gevallen nu al voordeliger vergeleken met benzine of hybride’, zegt De Wit. ‘Bedenk daarbij dat de basisversies van elektrische auto’s vaak wat completer zijn, terwijl je met benzine of diesel voor meer comfort meestal nog extra opties moet nemen.’
Werknemer met oud leasecontract merkt meest van hogere bijtelling
Volgens sectorspecialist transport Erik Slaaf van ING kan er door de fiscale wijzigingen wel spanning ontstaan tussen de relatieve aantrekkelijkheid van elektrische leaseauto’s voor werknemers en de aanhoudende prikkels voor werkgevers om het wagenpark te vergroenen. ‘Dat geldt zeker in een krappe arbeidsmarkt, waarin secundaire arbeidsvoorwaarden steeds zwaarder wegen.’
Slaaf wijst erop dat dit vooral kan spelen voor werknemers die uit een oud leasecontract van 2020 of 2021 komen. ‘Deze groep heeft vijf jaar lang genoten van een bijtelling voor privégebruik van respectievelijk 8 of 12 procent over de hele cataloguswaarde van een elektrische auto. Dan is de sprong naar 22 procent bijtelling fors. Voor grote bedrijven die de kracht hebben om werknemers aan zich te binden, valt dat waarschijnlijk nog te overzien, maar voor kleinere bedrijven ligt dat mogelijk anders. De vraag is dan of een elektrische auto zonder fiscale stimulans nog aantrekkelijk genoeg is.’
Een mogelijk alternatief is het zogenoemde mobiliteitsbudget, waarbij de werknemer voor een vast bedrag per maand zelf mag bepalen hoe hij of zij de zakelijke reiskosten invult. Vanuit duurzaamheidsoogpunt is er dan wel een risico dat werknemers voor de minder groene optie kiezen. ‘De ambitie van de overheid om het wagenpark te verduurzamen is duidelijk, maar de gekozen fiscale route kan averechts uitpakken‘, zegt Slaaf hierover.
Mobiliteitsbudget in combinatie met private lease
In theorie zijn er wel mogelijkheden voor werkgevers om keuzes van werknemers met een mobiliteitsbudget te sturen. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland stelt dat werkgevers voorwaarden kunnen inbouwen door de hoogte van de vergoeding te laten variëren met de mate waarin werknemers gebruik maken van duurzame opties zoals een elektrische auto of door deels gebruik te maken van het openbaar vervoer.
Met een mobiliteitsbudget kan een werknemer bijvoorbeeld ook kiezen voor private lease van een nieuwe elektrische auto of een elektrische occasion. Toch valt dit voor werkgevers niet heel makkelijk te sturen. ‘Bij een mobiliteitsbudget leg je de keuze bij werknemers. De vraag is dan bijvoorbeeld of je moet gaan controleren of werknemers die zeggen dat ze in privé elektrisch rijden, dat ook daadwerkelijk doen’, geeft sectorspecialist Slaaf van ING aan.
De Wit van Athlon merkt op dat een mobiliteitsbudget fiscaal gezien ook minder wordt begunstigd vergeleken met een leasecontract. ‘Bij een leaseauto neemt de werkgever de kosten van het contract op zich. Dan kun je voor bijvoorbeeld 800 euro per maand een behoorlijk aantrekkelijke auto kiezen. Bij een mobiliteitsbudget betaalt de werknemer daar belasting over en kan die vervolgens uit het nettobedrag voor private lease kiezen. Als de werknemer verhoudingsgewijs netto minder te besteden heeft met een mobiliteitsbudget, verandert dat het keuzeplaatje uiteraard.’
Per saldo verwacht De Wit dat werkgevers voor de langere termijn hoe dan ook blijven inzetten op verdere vergroening van de mobiliteit van werknemers. ‘Dat is niet alleen ingegeven door de wens om te verduurzamen, maar ook omdat de relatieve prijsontwikkeling elektrische auto’s aantrekkelijker maakt voor de werkgever.’
Grotere bedrijven lopen wel duidelijk voor in deze ontwikkeling: ‘Van onze corporate klanten bestelt momenteel 82 procent elektrisch bij leasecontracten’, geeft De Wit aan. ‘Bij het groot-mkb is dat 76 procent en voor het kleinere mkb 58 procent. Maar ook die laatste groep is in beweging en schuift steeds meer op richting elektrisch.’




