Rianne Lachmeijer 08 juli 2022, 15:00

Bij BNP Paribas Arval draait niet alles meer om de leaseauto

Hebben we al die auto’s wel nodig? Dat vraagt Wesley van der Wal van Arval zich af. “Voor een groot deel van de mensen is het openbaar vervoer, de fiets of een deelauto een veel betere oplossing dan een leaseauto.”

Wesley van der wal colour bnp paribas arval “Hebben we al die auto's wel altijd nodig? Kunnen we het niet anders en slimmer doen?", vraagt Van de Wal zich af. | Credits: BNP Paribas Arval

Met dat soort uitspraken valt Wesley van de Wal op binnen het bedrijf. “Ik ben binnen Arval een van de weinigen die niet elke dag met auto’s bezig is. Als ik wel bezig ben met auto’s, dan gaat het om deelauto’s.” Arval (onderdeel van BNP Paribas) richt zich van oudsher op het aanbieden van leaseauto’s voor de zakelijke markt. Van het kopen van de auto’s tot alle service eromheen: Arval regelt het. Maar nu begint er wat te veranderen. “Afgelopen jaren zijn daar steeds meer producten bij gekomen. Dat gaat van huurauto’s tot deelauto’s en deelfietsen.”

Geen autoleasemaatschappij

Arval maakt de omslag van traditionele leasemaatschappij naar een mobiliteitspartner. Als head of mobility wil Van der Wal die ontwikkeling versnellen. “Dat gaat veel breder dan enkel de leaseauto’s en richt zich op alle medewerkers.”

Van der Wal maakt onderdeel uit van het managementteam. Vanuit die rol waakt hij ervoor dat het bij klantgesprekken nooit alleen over leaseauto’s gaat. “Hebben we al die auto’s wel altijd nodig? Kunnen we het niet anders en slimmer doen? En hoe zorgen we voor een goede mobiliteitsmix op basis van de behoefte van een klant?” Het zijn vragen die Van der Wal uitermate interesseren. “Het is leuk om mensen op die manier een beetje te kunnen prikkelen.”

Zakelijk leasen op zijn retour?

Is zakelijk leasen met de opkomst van thuiswerken en deelmobiliteitsoplossingen ten dode opgeschreven? Van der Wal denkt van niet: “Omdat het eigenlijk heel goed hand in hand gaat.” Ook de jaarcijfers laten geen aftocht van de leaseauto zien. In 2021 groeide de leasevloot juist. Toch wil Van der Wal echt af van de leaseauto als norm. “Voor een groot deel van de mensen is het openbaar vervoer, de fiets of een deelauto een veel betere oplossing dan zo’n leaseauto.”

Met klanten gaat Van der Wal het gesprek daarover aan. Het begint bij de vraag waar mensen werken. “Want door covid weten we dat dat niet altijd op kantoor hoeft te zijn.” Pas als mensen wel naar het kantoor of een klant gaan, ontstaat er een mobiliteitsbehoefte. “Dan is het afhankelijk van waar jij woont en waar je naartoe moet wat de beste oplossing is.” Voor mensen in buitengebieden zonder treinstation is een auto vaak de beste optie. In dat geval pleit Van der Wal voor een elektrische auto. “Zodat je de uitstoot vermindert.”

De uitstoot van mobiliteit meten en verminderen staat bij steeds meer werkgevers op de agenda. Daarnaast vinden ze medewerkerstevredenheid en kostenbeheersing belangrijk, merkt Van der Wal. Veel werkgevers herzien de laatste jaren hun mobiliteitsbeleid. Vroeger had je speciale regelingen voor de leaserijders en mensen met reiskostenvergoeding. Bedrijven voegen dit soort zaken steeds vaker samen. “Dat is ook het advies wat wij geven: zorg voor eenvormig beleid en neem iedereen daarin mee.”

Eigen fiets onderdeel van het platform

Van der Wal vindt het belangrijk dat klanten hun medewerkers maatwerk kunnen leveren zodat iedereen het vervoersmiddel kan gebruiken dat het beste bij zijn of haar behoefte past. Arval werkt samen met Ridecell om diensten op maat te leveren en allerlei mogelijkheden op één platform te combineren. Via het mobiliteitsplatform kunnen medewerkers een deelauto reserveren en deze via een app openen. Daarnaast kunnen ze er reiskosten declareren, een thuiswerkvergoeding innen en een werkplek op kantoor reserveren. Ook zijn er deeloplossingen van andere partijen te vinden. Zoals deelfietsen van Donkey Republic via Amber. Zelfs de eigen fiets van de werknemer is in het systeem in te voeren. “Wij willen zakelijk Nederland helpen in de transformatie richting nieuwe mobiliteit.”

Van der Wal verwacht dat deelmobiliteit een groot onderdeel gaat uitmaken van Arval’s activiteiten. Vooralsnog is dat aandeel echter beperkt. “We hebben in Nederland 60.000 auto’s in onze vloot waarbij ongeveer twee derde zakelijke lease is en grofweg een derde private lease. Het aantal deelauto’s zit nu rond de honderd dus dat is nog heel beperkt. We hebben dus nog wel even nodig voordat het echt een significant onderdeel uitmaakt van de totale stroom.” Toch is Van der Wal ervan overtuigd dat het gaat gebeuren. “Absoluut.”

Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.

IEA: Dominantie China in zonne-industrie groot risico voor energietransitie

In het rapport stelt de IEA dat 80 procent van alle stappen in de productie van zonnepanelen gedomineerd worden door China. Op cruciale onderdelen van de panelen zoals de grondstof silicium en de wafers waarvan de zonnecellen worden gemaakt, zal dit bovendien groeien tot 95 procent. Dit wordt veroorzaakt doordat de benodigde grondstoffen in China gedolven worden en arbeid daar goedkoop is. Aanvoer zonnepanelen verstoord Tijdens de coronacrisis werd al duidelijk dat deze enorme afhankelijkheid van China van de zonne-energie-industrie een groot risico vormt. Toen werd de aanvoer van zonnepanelen en onderdelen daarvan ernstig verstoord doordat het land af en aan in lockdowns ging. De prijs van de panelen steeg exponentieel omdat schaarste ontstond aan grondstoffen en de export werd begrensd. Zonne-energie is cruciaal als we in 2050 netto nul CO2 willen uitstoten. Tot 2030 zal de hoeveelheid zonne-energie die bijgeplaatst wordt moeten verviervoudigen om dit doel te halen. Volgens het IEA kunnen we ons niet nogmaals een afname in de aanvoer van zonnepanelen veroorloven. Productie zonnepanelen spreiden Gezien de groeiende vraag naar zonnepanelen is het volgens het IEA verstandig om de productie van zonnepanelen meer te spreiden. Want Europa en de Verenigde Staten hebben wel een inhaalslag te maken. China produceerde in 2020 400 gigawatt aan zonnepanelen. Europa en Noord-Amerika maakten samen maar 39 gigawatt, minder dan een tiende. Bovendien zou dit economische kansen opleveren voor andere landen. Zo zouden investeringen in de productie van zonnepanelen kunnen oplopen tot 120 miljard in 2030 en werk opleveren voor 1 miljoen mensen. Opschaling Europese zonnesector In verschillende landen zijn overheden al gestart met het bevorderen van de productie van zonnepanelen en de noodzakelijke grondstoffen. Zo werkt Noorwegen aan de productie van silicium, het hoofdbestanddeel van zonnecellen. De Europese Commissie riep het European Solar Initiative in het leven dat de opschaling van een Europese zonnesector wil versnellen. Ook in Nederland gaan steeds meer stemmen op om de productie van zonnepanelen naar Europa terug te halen. En dat is goed haalbaar. Zo becijferde het Frauenhofer Institute for solar Energy Sysytems vorig jaar dat de productie van zonnepanelen in Europa kansrijk is, ook zonder subsidie. Toch is het aantal bedrijven dat hier brood in ziet in Europa nog minimaal. Zonnepanelen uit Nederland In Nederland durft een handjevol ondernemers het wel aan. Zo maakt het bedrijf Energyra in het dorpje Westknollendam 200.000 zonnepanelen per jaar. Een fractie van de 10 miljoen panelen die we jaarlijks uit China importeren. Ook het Nederlandse Solarge bouwt in Weert een fabriek waar het in 2023 wil starten met de productie van zonnepanelen. Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.