André Oerlemans
22 juni 2023, 12:00

Amstel III: groene energie delen met de hele wijk

Bij de bouw van een nieuwe duurzame wijk kan iedere projectontwikkelaar, bewoner, elke winkel of elk bedrijf zelf aan de gang met zijn eigen groene energie, warmtenetten of zonnepanelen. Maar het kan ook anders. In het nieuwe Amstel III in Amsterdam worden alle duurzame energiebronnen gezamenlijk ingezet voor de hele wijk.

Amstel III gemeente Amsterdam Amstel III wordt een gemengde wijk met bedrijven, kantoren en 15.000 woningen | Credits: Gemeente Amsterdam

De gemeente heeft hierin de regie gepakt. In een publiek-private samenwerking met alle partijen die actief zijn in het gebied is eerst uitgerekend hoeveel petajoule aan energie Amstel III in totaal nodig heeft. Daarna is gekeken welke duurzame bronnen die kunnen leveren. Dat voorkomt bijvoorbeeld dat de eerste bouwers of bedrijven grote warmte- en koudebronnen in de bodem gaan aanboren en ontwikkelaars en partijen die daarna komen geen vergunning meer krijgen. “Als gemeente kunnen we ervoor zorgen dat het er eerlijk aan toegaat”, vertelt Richard Ruijtenbeek, senior adviseur energie en circulaire ontwikkeling bij de gemeente Amsterdam, tijdens de presentatie op vastgoedbeurs Provada.

Van saaie blokkendozen tot duurzame wijk

Gemeente Amsterdam heeft voor stadsdeel Zuidoost een energievisie opgesteld om in 2040 energieneutraal te zijn. Het startte vorig jaar met de bouw van Amstel III, dat tussen de Johan Cruijff ArenA, de A2 en het AMC ligt. Snelweg A9 loopt er dwars doorheen. Nu is het nog een bedrijventerrein met oude kantoorgebouwen – “saaie blokkendozen”, aldus Ruijtenbeek –, straks een duurzame stadswijk met veel groen, 15.000 kleinere woningen en extra werkgelegenheid. Met op de begane grond voorzieningen als scholen, gezondheids- en jongerencentra en buurtkamers. Langs het spoor en naast de ArenA komen parken om te sporten en te ontspannen. Bewoners en werknemers worden gestimuleerd om veel te lopen, te fietsen en het openbaar vervoer te gebruiken. De woningen komen op en rond de kantoren, op het bedrijventerrein komen alleen bedrijven.

Inspraak van bewoners

Bij zo’n groene wijk hoort een duurzame energievoorziening en daarin werken alle partijen samen. De gemeente regisseert, maar bedrijven en bewoners bepalen wat er komt. “Ik had bijvoorbeeld in het begin 25 windmolens ingetekend, maar dat wilde men niet”, vertelt Ruijtenbeek. “Wat dan wel?’, vroeg ik. We hebben de energie wel nodig. Jullie willen ook van het gas af, koken op elektra en misschien straks een elektrische auto rijden. Toen hebben de bewoners zelf gekozen voor grootschalige isolatie van de gevels, en zonnepanelen. Dat is tegelijk ook een sociale energietransitie, want we hebben uitgerekend dat windmolens minder werkgelegenheid opleveren dan zonnepanelen. We kunnen straks met duurzame energie 1.200 mensen een baan geven in dit gebied.”

WKO-bron voor hele wijk

Behalve zonnepanelen komen er warmtenetten die restwarmte gebruiken van datacenters en de lokale supermarkt. De belangrijkste bron voor energie en koeling wordt echter de installatie voor warmte-koudeopslag (WKO), die gebruikmaakt van diepe grondwaterbronnen.
Synchroon was de projectontwikkelaar van het gebiedsdeel, waar ook een oud kantoor stond van technisch dienstverlener Croonwolter&dros, net als de ontwikkelaar een dochter van TBI. “Omdat het een zeer dichtbebouwd gebied is, hebben we onderzocht of er samen met andere ontwikkelaars voordeel te behalen was met een gezamenlijk energieconcept, zowel financieel als vanuit duurzaamheid”, zegt Anne van Bergen, projectontwikkelaar bij Synchroon. De ontwikkelaar schreef een tender uit en die werd gewonnen door duurzaam warmtebedrijf Jord, toevallig ook een zusje van TBI. Dat maakte een ontwerp waarbij één WKO-installatie duurzame warmte en koeling opwekt en levert voor het hele gebied. Dat scheelt niet alleen veel kosten, maar zorgt ook voor meer CO2-reductie. Jord verzorgt de komende 30 jaar de levering.

Op gebiedsniveau aangepakt

Op dat systeem worden meerdere gebruikers aangesloten. Van woningen tot kantoren, van kinderopvang tot supermarkt. Maar ook de zonnepanelen, de warmtenetten en de laadpalen in het gebied. “We hebben niet alleen op gebouwniveau, maar op gebiedsniveau gekeken wat er precies nodig is aan energiestromen”, zegt projectontwikkelaar Mark Derksen van Jord. “We hebben het veel breder getrokken dan één gebouw.”

Waardering voor flexibiliteit

Zowel Jord als Synchroon noemen de aanpak van de gemeente Amsterdam uitzonderlijk. Vooral het beleid om de kaders te bepalen, maar partijen zelf te laten kiezen wat de beste duurzame energiesystemen zijn. “We waarderen die flexibiliteit”, besluit Derksen. “We maken ook wel eens mee dat gemeentes bepalen wat de beste energieoplossing is, terwijl ze zelf geen eigenaar zijn van het systeem. Het bodem,- en energieplan, in combinatie met het interferentieplan voor WKO’s, zorgt voor voldoende houvast. Dan kunnen partijen die eigenaar van het energiesysteem zijn dit het beste zelf bepalen.”

Lees ook:

Eerste waterstofvliegtuigen vertrekken in 2026 van Rotterdam naar Hamburg

De waterstofvliegtuigen worden geleverd door het Britse ZeroAvia. De vliegtuigbouwer wil hiervoor de bestaande Dornier Do 228 ombouwen zodat deze, in plaats van op kerosine, op waterstof vliegt. Dit type vliegtuig kan negentien passagiers vervoeren. Eerder kondigde ZeroAvia ook al aan samen te werken met Rotterdam The Hague Airport voor waterstofvluchten naar Londen. Toen werd 2024 genoemd als het jaar waarop de eerste proefvluchten zouden vliegen Infrastructuur voor waterstof De samenwerking tussen de luchthavens van Rotterdam en Hamburg gaat naast het opzetten van waterstofvluchten ook om de verdere verduurzaming van de vliegvelden, zoals digitalisering en het opwekken van duurzame energie. Ook verkennen de partijen hoe ze de waterstofinfrastructuur voor de vliegtuigen kunnen opzetten. “We hebben grote ambities”, zei luchthavendirecteur Wilma van Dijk tegen luchtvaartnieuws.nl. “Door onze expertise met elkaar te delen, werken we samen aan het versnellen van het verduurzamen van de luchtvaart. We zijn zeer trots op deze samenwerking, waarmee we binnen enkele jaren waterstofvluchten mogelijk kunnen maken.”Waterstofvliegtuigen steeds populairder Steeds meer vliegtuigbouwers zijn bezig met het ontwikkelen van waterstofvliegtuigen. Het Nederlandse Fokker Next Gen start in 2027 met proefvluchten en wil zijn model in 2035 op de markt brengen. Ook het studententeam van AeroDelft kondigde vorig jaar een samenwerking aan met de Europese luchtvaartmaatschappij Airbus om vliegen op waterstof te versnellen. Lees ook: Meer routes over zee voor vervoer groene waterstofMarkt voor groene waterstof gaat explosief groeienWaterstofexpert Michiel Hickey: 'Waterstof is niet de silver bullet van de energietransitie'